Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
doet 3
dood 5
doods 1
door 33
doorgangen 2
doorgegaan 1
doorgronden 1
Frequency    [«  »]
36 nu
35 zeide
34 dagen
33 door
32 had
32 hebt
32 judith

boek Judith (Het)

IntraText - Concordances

door

   Chapter, Verse
1 2, 6 | heb, dat zal ik ook doen door mijn hand; en gij zult niet 2 2, 13| over de Eufraat, en trok door Mesopotamië,~ 3 5, 10| gebruikte listigheid tegen hen door arbeid, en door maken van 4 5, 10| tegen hen door arbeid, en door maken van tichelstenen, 5 5, 15| de Esebonieten uitgeroeid door hun sterkte.~ 6 5, 16| 16 En door de Jordaan getrokken zijnde,~ 7 5, 20| had voorgesteld, zijn zij door vele oorlogen zeer verwoest 8 5, 21| hun steden zijn ingenomen door hun vijanden.~ 9 7, 10| en zij zullen versmelten door honger, zij en hun vrouwen 10 7, 14| moeten neergeveld worden door dorst en groot verderf.~ 11 8, 24| 24 Want gelijk hij hen door vuur beproefd heeft tot 12 8, 28| geven, zal de Here Israël door mijn hand bezoeken.~ 13 9, 14| 14 Breek hun hoogmoed door de hand ener vrouw.~ 14 10, 16| en daar kwam een oploop door het gehele leger, want haar 15 10, 16| aankomst werd ruchtbaar door de tenten. En zij kwamen 16 10, 16| overgelaten zijnde het gehele land door listigheid zou kunnen bedriegen.~ 17 11, 5 | zullen niet alleen de mensen door u hem dienen, maar ook de 18 11, 5 | vogelen des hemels zullen door uw geweld onder Nabuchodonosor 19 11, 15| 15 En ik zal u leiden door het midden van Judea, totdat 20 11, 21| en gij zult vermaard zijn door het gehele land.~ 21 12, 4 | mij heb, of de Here zal door mijn hand gedaan hebben, 22 12, 12| tot mijn heer te komen, om door zijn aanschijn verheerlijkt 23 13, 12| naar haar gewoonte, en door het leger gegaan zijnde, 24 13, 18| heeft onze vijanden verwond door mijn hand, in deze nacht.~ 25 13, 19| Here heeft hem geslagen door de hand ener vrouw.~ 26 15, 11| Gij hebt dit alles gedaan door uw hand. Gij hebt aan Israël 27 16, 6 | jonge mannen zou ombrengen door het zwaard, en mijn zuigelingen 28 16, 7 | heeft hen teniet gemaakt, door de hand ener vrouw.~ 29 16, 8 | machtige is niet gevallen door jonge mannen, en de kinderen 30 16, 8 | hem machteloos gemaakt, door de schoonheid van haar aangezicht.~ 31 16, 11| genomen, en de sabel is door zijn hals gegaan.~ 32 16, 14| gewond, zij zijn vergaan door het heer des Heren, mijns 33 16, 21| vlees geven, en zij zullen door de pijn tot in eeuwigheid


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License