Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
zulk 1
zulks 4
zullen 52
zult 32
zwaard 7
zwaards 1
zwakken 2
Frequency    [«  »]
32 hebt
32 judith
32 waren
32 zult
31 wij
31 zeer
30 stad

boek Judith (Het)

IntraText - Concordances

zult

   Chapter, Verse
1 2, 5 | der ganse aarde: ziet gij zult van voor mijn aangezicht 2 2, 5 | aangezicht uitgaan, en gij zult met u nemen mannen die op 3 2, 5 | tot twaalfduizend; en gij zult uittrekken tegen het gehele 4 2, 5 | ongehoorzaam zijn geweest; en zult hen ontbieden, dat zij mij 5 2, 5 | Doch gij, uittrekkende zult tevoren al hun landpalen 6 2, 5 | aan u overgeven, en gij zult mij die bewaren tot de dag 7 2, 6 | uw oog niet sparen, gij zult hen overgeven tot de dood, 8 2, 6 | doen door mijn hand; en gij zult niet een der woorden uws 9 2, 6 | uws heren overtreden, maar zult het gans volbrengen, gelijk 10 2, 6 | ik u bevolen heb, en gij zult niet vertragen het te doen.~ 11 6, 5 | uwer ongerechtigheid, gij zult mijn aangezicht niet meer 12 6, 5 | tussen uw zijden gaan, en gij zult vallen onder hun gekwetsten, 13 6, 6 | van hun opgangen, en gij zult niet sterven totdat gij 14 7, 10| straten hunner woning. En gij zult hun zware vergelding doen, 15 8, 10| beloofd, dat gij de stad zult overgeven aan onze vijanden, 16 8, 12| Here, de Almachtige, maar zult in der eeuwigheid niets 17 8, 13| zijner bedenking, en hoe zult gij de God die al deze dingen 18 8, 28| 28 Gijlieden zult deze nacht aan de poort 19 8, 29| 29 Doch gijlieden zult niet onderzoeken wat ik 20 11, 3 | behoudenis; heb goede moed, gij zult deze nacht bij het leven 21 11, 4 | woorden uwer dienstmaagd zult volgen, zo zal God de zaak 22 11, 14| zulks aanbrengen, en gij zult met uw gehele macht uittrekken; 23 11, 16| midden van hen zetten, en gij zult hen drijven gelijk schapen, 24 11, 21| redenen, indien gij dan zult doen gelijk gij gezegd hebt, 25 11, 21| God mijn God zijn, en gij zult in het huis des konings 26 11, 21| Nabuchodonosor wonen, en gij zult vermaard zijn door het gehele 27 14, 2 | die kloeke mannen zijt, zult uitgaan buiten de stad, 28 14, 2 | uitgaan buiten de stad, en zult een overste stellen tegen 29 14, 2 | kinderen van Assur, maar gij zult niet henen afgaan.~ 30 14, 5 | 5 En gijlieden zult hen achtervolgen, mitsgaders 31 14, 5 | landpale Israëls wonen, en zult hen nedervellen in hun wegen.~ 32 16, 19| 19 Maar gij zult genadig zijn degenen die


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License