Chapter, Verse
1 2, 2 | 2 Want bij geval zijn wij geboren en
2 3, 9 | gelovigen zullen in liefde bij hem blijven, want genade
3 4, 1 | derzelve, dewijl zij beide bij God en bij de mensen gekend
4 4, 1 | dewijl zij beide bij God en bij de mensen gekend wordt.~
5 5, 16| eeuwigheid, en hun loon is bij de Here, en de Allerhoogste
6 6, 14| hebben, want hij zal haar bij zijn poorten vinden zitten.~
7 7, 9 | vergeleek geen edele steen bij haar, want al het goud ten
8 7, 14| gebruiken verkrijgen vriendschap bij God, en zijn aangenaam geworden
9 7, 28| bemint niets, dan degene, die bij de wijsheid woont.~
10 7, 29| verheven boven alle sterren, bij het licht vergeleken zijnde,
11 8, 10| en nog jong zijnde eer bij de ouden.~
12 8, 15| in mijn huis kom, zal ik bij haar rust hebben.~
13 8, 17| 17 Deze dingen bij mijzelf overlegd hebbende
14 9, 4 | Geef mij de wijsheid, die bij uw tronen zit, en verwerp
15 9, 6 | wijsheid, die van u komt, niet bij hem is.~
16 9, 9 | 9 Bij u is de wijsheid, die uw
17 9, 10| heerlijkheid, opdat zij bij mij tegenwoordig zijnde
18 10, 11| geweld aandeden, stond zij bij hem, en maakte hem rijk.~
19 10, 14| niet verlaten, maar bleef bij hem totdat zij hem de scepter
20 11, 21| alle dingen geordineerd bij maat, en getal, en gewicht.~
21 11, 22| groot vermogen is altijd bij u, en wie kan de kracht
22 12, 7 | Opdat het land, hetwelk bij u het dierbaarste is van
23 12, 18| met veel verschoning, want bij u is het vermogen wanneer
24 12, 24| dat zij ook de dieren, die bij hun vijanden ongeeerd waren,
25 13, 1 | mensen zijn van nature ijdel, bij welke geen kennis van God
26 14, 9 | 9 Want bij God zijn even hatelijk de
27 14, 31| Want niet de kracht dergene bij welke men zweert, maar de
28 15, 18| zijn; want verstandeloze, bij andere vergeleken, zijn
29 19, 3 | rouw in handen en klagende bij de graven der doden, namen
30 19, 21| tijde en in alle plaatsen bij te staan.~
|