Chapter, Verse
1 3, 17| Want indien zij al lang zouden leven, zo zullen zij toch
2 10, 8 | dwaasheid, opdat zij zich niet zouden kunnen verbergen, zelfs
3 11, 17| 17 Opdat zij zouden erkennen, dat waardoor iemand
4 12, 2 | zijnde in u, Here, geloven zouden.~
5 12, 10| en dat hun gedachten niet zouden veranderen in der eeuwigheid.~
6 12, 22| uw goedheid zorgvuldig zouden betrachten, maar geoordeeld
7 12, 22| geoordeeld zijnde, barmhartigheid zouden verwachten.~
8 14, 5 | werken uwer wijsheid ledig zouden zijn, daarom vertrouwen
9 14, 17| eerden; opdat zij met vlijt zouden mogen vleien de afwezige,
10 16, 3 | de noodwendige begeerte zouden afkeren, maar dezen, hebbende
11 16, 3 | geleden, ook de vreemde smaak zouden deelachtig zijn.~
12 16, 11| diepe vergetelheid, zulken zouden worden, die niet zouden
13 16, 11| zouden worden, die niet zouden kunnen aangehaald worden
14 16, 18| waren, maar daar zij klaar zouden zien, dat zij door Gods
15 16, 22| versmolt niet, opdat zij zouden erkennen dat het vuur brandende
16 16, 23| opdat de rechtvaardigen zouden gevoed worden.~
17 16, 26| gij lief hebt, Here, leren zouden, dat niet het gewas der
18 17, 21| beeld der duisternis die zij zouden ontvangen; doch zij waren
19 18, 6 | hadden, daarover goedsmoeds zouden zijn.~
20 18, 9 | gevaren tegelijk deelachtig zouden worden, zingende reeds tevoren
21 18, 19| gemaakt, opdat zij niet zouden vergaan, zonder te weten
22 19, 2 | toekomende dingen, dat zij hen zouden toelaten te vertrekken en
23 19, 2 | heengezonden hebbende, berouw zouden krijgen, en hen zouden vervolgen.~
24 19, 2 | berouw zouden krijgen, en hen zouden vervolgen.~
25 19, 4 | waren, opdat zij vervullen zouden de plaag die aan hun pijnen
26 19, 6 | geboden; en opdat uw kinderen zouden onbeschadigd bewaard zijn,
|