Chapter, Verse
1 1, 2 | Want hij wordt gevonden door degenen die hem niet verzoeken,
2 1, 12| Staat niet naar de dood door dwaling uws levens, en trekt
3 1, 12| het verderf niet over u door werken uwer handen.~
4 2, 2 | is een vonk voortkomende door de beweging van ons hart.~
5 2, 24| 24 Maar door des duivels nijdigheid is
6 4, 10| Die God behaagd heeft, is door Hem bemind; en levende onder
7 5, 3 | onder elkander zeggen, en door angst des geestes zuchten,
8 5, 10| Gelijk een schip varende door de baren des waters, waarvan,
9 5, 10| de rechte weg zijner reis door de baren.~
10 5, 11| de reis des vogels, die door de lucht vliegt, maar als
11 5, 11| gaat de slag der wieken door de lichte geslagen wind,
12 5, 11| lichte geslagen wind, die door de kracht des suizens gespleten
13 5, 15| gelijk een dunne rijm, die door een wervelwind gejaagd wordt;
14 5, 15| wordt; en als een rook, die door de wind verwaaid wordt,
15 6, 3 | Want de heerschappij is u door de Here gegeven, en de macht
16 6, 3 | Here gegeven, en de macht door de Allerhoogste; die naar
17 6, 6 | minsten is het te vergeven door barmhartigheid, maar de
18 6, 12| wijsheid, en wordt licht gezien door degenen die haar liefhebben,
19 6, 12| liefhebben, en gevonden door die haar zoeken.~
20 6, 25| 25 Laat u dan onderwijzen door mijn woorden, en het zal
21 7, 11| haar, en ontelbare rijkdom door haar handen.~
22 7, 23| die op alles ziet, en die door alle verstandige, reine,
23 7, 24| dan alle beweging, vaart door, en gaat door alle dingen
24 7, 24| beweging, vaart door, en gaat door alle dingen vanwege haar
25 8, 10| 10 Ik zal door haar heerlijkheid hebben
26 8, 13| 13 Ik zal door haar de onsterfelijkheid
27 9, 1 | alle dingen gemaakt hebt door uw woord,~
28 9, 2 | 2 En de mens door uw wijsheid hebt bereid,
29 9, 11| handelingen, en mij bewaren door haar heerlijkheid.~
30 9, 19| 19 En door de wijsheid zijn zij behouden
31 10, 3 | afvallig geworden zijnde door zijn toorn, is verloren
32 10, 4 | regerende de rechtvaardige door een verachtelijk hout.~
33 10, 5 | Deze ook, als de volken door boze eigenzinnigheid onder
34 10, 17| moeite, en heeft hen geleid door een wonderlijke weg, en
35 10, 18| Zij heeft hen doen gaan door de Rode zee, en heeft hen
36 10, 18| en heeft hen overgebracht door veel water.~
37 11, 1 | werken voorspoedig gemaakt door de hand van de heilige profeet.~
38 11, 7 | altijd vlietende stroom, zij door etterachtig bloed zijn ontroerd
39 11, 9 | 9 Aanwijzende door de dorst, die zij toen leden,
40 11, 14| toen zij hoorden dat deze door hun eigen plagen weldaden
41 11, 21| hadden ook zonder deze dingen door een enig aanblazen kunnen
42 11, 21| vallen, vervolgd zijnde door de wraak, en verstrooid
43 11, 21| de wraak, en verstrooid door de geest uwer kracht, als
44 11, 21| de geest uwer kracht, als door een wan, maar gij hebt alle
45 11, 26| onderhouden geweest zijn hetgeen door u niet geroepen werd?~
46 12, 6 | hebt gij willen uitdelgen door de handen onzer vaderen.~
47 12, 9 | onderdanig te maken, of door vreselijke dienren, of met
48 12, 19| 19 Maar door zulke werken hebt Gij uw
49 12, 23| onrechtvaardig geleefd hebben, door hun eigen gruwelen gepijnigd
50 12, 26| 26 Maar zij, die door de bespottelijke bestraffing
51 12, 27| goden waren, ziende dat zij door deze gestraft werden, hebben
52 13, 1 | degene die is; noch hebben door de opmerking zijner werken
53 13, 7 | onderzoeken zij deze, en worden door het gezicht bewogen, omdat
54 13, 13| maakt daar een beeld van door de ervarenheid zijns verstands,
55 14, 5 | gering hout, en varende door de baren, worden door een
56 14, 5 | varende door de baren, worden door een schip behouden.~
57 14, 6 | voortteling na, zijnde bestuurd door uw hand.~
58 14, 7 | Want gezegend is het hout, door hetwelk gerechtigheid geschiedt.~
59 14, 15| 15 Want een vader, door ontijdige rouw over zijn
60 14, 16| de gesneden beelden zijn door de geboden der tirannen
61 14, 19| heeft zijn best gedaan, om door zijn kunst, de gelijkheid
62 14, 20| 20 En het gemene volk, door de aangenaamheid van het
63 14, 24| de een brengt de ander om door list, òf doet hem smart
64 14, 24| list, òf doet hem smart aan door overspel.~
65 16, 1 | 1 DAAROM zijn zij door dergelijke billijk geplaagd,
66 16, 1 | dergelijke billijk geplaagd, en door een menigte der beesten
67 16, 5 | dieren over hen kwam, en zij door de beten der schadelijke
68 16, 7 | keerde, werd niet behouden door hetgeen hij aanschouwd had,
69 16, 7 | hij aanschouwd had, maar door u de behouder van allen.~
70 16, 11| kunnen aangehaald worden door uw weldadigheid.~
71 16, 14| mens doodt wel een ander door zijn boosheid maar de geest
72 16, 16| weigerende u te kennen, zijn door uw sterke arm gegeseld geworden,
73 16, 16| sterke arm gegeseld geworden, door ongewone regen, hagel en
74 16, 16| onvermijdelijk vervolgd, en door het vuur verteerd wordende.~
75 16, 18| klaar zouden zien, dat zij door Gods oordeel aangedreven
76 16, 27| ganselijk, zijnde verwarmd door een kleine straal der zon.~
77 17, 3 | schrikkelijk verbaasd, door spokerijen zeer beroerd
78 17, 9 | bevende, zijnde vervaard door het ontmoeten der beesten
79 17, 11| vervaard ding, veroordeeld door haar eigen getuige, en benauwd
80 17, 11| getuige, en benauwd zijnde door de conscientie vermoedt
81 17, 15| 15 Werden eensdeels door de wonderlijke spokerijen
82 17, 15| anderdeels bezweken zij door begeven hunner ziel: want
83 18, 4 | gevankelijk ingesloten hielden door welke het onverderfelijke
84 18, 21| het gebed en de verzoening door het reukwerk, en stelde
85 18, 22| overwon de verderver niet door sterkte des lichaams, niet
86 18, 22| sterkte des lichaams, niet door kracht van wapenen, maar
87 18, 22| kracht van wapenen, maar door het woord bracht hij de
88 19, 11| geboorte van vogelen, toen zij door lust gedreven zijnde lekkere
89 19, 17| elementen worden gevoegelijk door zichzelf veranderd, gelijk
|