Chapter, Verse
1 1, 4 | 4 De wijsheid is eer dan alle dingen geschapen, en
2 3, 25| meer dingen aangewezen, dan het verstand der mensen
3 4, 11| hij zal u meer beminnen dan uw moeder doet.~
4 8, 15| niemand die machtiger is dan gij, en indien gij hem wat
5 10, 9 | voorwaar niets onrechtvaardiger dan een geldgierige.~
6 10, 27| maar geen hunner is meerder dan die de Here vreest.~
7 10, 30| in alles overvloed heeft, dan dat iemand pocht en gebrek
8 11, 7 | verneem eerst en bestraf dan.~
9 12, 8 | Als het iemand wèl gaat, dan zijn zijn vijanden in droefheid,
10 12, 8 | als het hem kwalijk gaat, dan scheidt ook de vriend van
11 12, 17| hem aldaar eerder vinden dan uzelf, en zich stellende
12 13, 2 | die sterker en rijker is dan gij.~
13 14, 6 | Daar is geen bozer mens dan die zichzelf wangunstig
14 16, 3 | één rechtvaardige is beter dan duizend zulken.~
15 16, 4 | zonder kinderen te sterven, dan goddeloze kinderen te hebben.~
16 16, 6 | heeft sterker dingen gehoord dan deze.~
17 16, 11| slaande, genezende; indien dan een hardnekkige zou zijn
18 17, 19| 19 Bekeer u dan tot de Here, en verlaat
19 17, 27| 27 Wat is klaarder dan de zon, en nochtans bezwijkt
20 18, 2 | rechtvaardig, en daar is geen ander dan hij; hij heeft de wereld
21 18, 6 | mens zal hebben voleindigd, dan begint hij, en wanneer hij
22 18, 6 | hij zal opgehouden hebben, dan zal hem nog ontbreken.~
23 18, 16| ophouden? zo is een woord beter dan een gave.~
24 19, 22| bevreesd is, die is beter dan degene, die overvloedig
25 20, 1 | beter is het te bestraffen dan heimelijk gram te zijn;
26 20, 18| beter op een vloer te vallen dan door een tong; zo zal de
27 20, 31| dwaasheid verbergt, is beter dan een mens die zijn wijsheid
28 20, 31| degene, die de Here zoekt, dan zonder Here een bestuurder
29 21, 21| onverstandige niets anders dan woorden, die men niet onderzoeken
30 22, 17| 17 Wat is er zwaarder dan lood, en wat naam zal hij
31 22, 17| naam zal hij hebben anders dan lood.~
32 22, 18| zijn lichter om te dragen, dan een onverstandig mens.~
33 23, 34| bekennen, dat er niets beter is dan de vreze des Heren, en niets
34 23, 34| des Heren, en niets zoeter dan dat iemand acht neemt op
35 24, 23| mijn gedachtenis is zoeter dan honig, en mijn erfenis dan
36 24, 23| dan honig, en mijn erfenis dan honigraat.~
37 24, 31| 31 Want meer dan de zee zijn haar gedachten
38 24, 31| vermenigvuldigd, en haar raad dan een grote afgrond.~
39 24, 38| 38 Ziet gij dan, dat ik niet voor mij alleen
40 25, 20| bij een leeuw en draak, dan te wonen bij een boze vrouw.~
41 26, 6 | deze zijn bezwaarlijker dan de dood.~
42 28, 2 | gedaan heeft, en wanneer gij dan zult gebeden hebben, zullen
43 28, 24| en het graf is nuttiger dan zij.~
44 29, 6 | behoort weder te geven, dan stelt hij de tijd uit, en
45 29, 10| 10 Velen dan vanwege zulke boosheid,
46 29, 14| hij zal u voordeliger zijn dan goud.~
47 29, 16| 16 Zij zal meer dan een sterk schild, en meer
48 29, 16| een sterk schild, en meer dan een harde spies, tegen uw
49 29, 26| deksel van planken, is beter dan heerlijke spijs onder de
50 30, 14| en leden is, die is beter dan een rijke die aan zijn lichaam
51 30, 15| zijn van lichaam, is beter dan al het goud, en een goed
52 30, 15| en een goed sterk lichaam dan onmetelijke rijkdom.~
53 30, 16| Daar is geen rijkdom beter dan gezondheid des lichaams,
54 30, 17| 17 De dood is beter dan een bittere leven, of bijblijvende
55 31, 15| Is er wat bozer geschapen dan zulk een oog? daarom weent
56 31, 20| uw hand niet eerder uit dan zij.~
57 33, 4 | onderwijzing tezamen en antwoord dan.~
58 33, 21| dat de kinderen u smeken, dan dat gij naar de handen uwer
59 34, 25| afbreekt, wat winnen zij meer dan moeite?~
60 36, 20| toch is de ene spijs beter dan de andere.~
61 36, 23| de ene dochter is schoner dan de andere.~
62 36, 25| 25 Is dan op haar tong barmhartigheid,
63 37, 14| gij hebt niemand getrouwer dan hem.~
64 37, 15| wat beters te verkondigen, dan zeven wachters die op een
65 39, 15| een betere naam nalaten dan duizend anderen; en indien
66 39, 32| als de tijd voleindigd is, dan gieten zij hun sterkte uit,
67 39, 39| niet zeggen: Dit is bozer dan dat, want alle dingen zullen
68 40, 19| liefde tot wijsheid meer dan beide.~
69 40, 20| een liefelijke tong meer dan beide.~
70 40, 21| groente van het gezaaide meer dan in beide.~
71 40, 22| vrouw met haar man meer dan beide.~
72 40, 23| een aalmoes verlost meer dan beide.~
73 40, 24| maar raad wordt meer geacht dan beide.~
74 40, 25| de vreze des Heren meer dan beide.~
75 40, 28| bedelaarsleven; het is beter sterven dan bedelen.~
76 41, 15| die zal u bijblijven meer dan duizend grote schatten gouds.~
77 41, 19| dwaasheid verbergt, is beter dan een mens, die zijn wijsheid
78 41, 20| 20 Dat men zich dan ontzie voor, mijn woord,
79 42, 17| boosheid van een man is beter dan een goeddadige vrouw, namelijk
80 43, 35| vele verborgen dingen meer dan deze; wij hebben van zijn
81 46, 4 | 4 Wie heeft eer dan hij zo gestaan? want de
82 50, 18| 18 Dan haastte al het volk in het
83 50, 21| 21 Dan hief Simon, de Hogepriester,
|