Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
makende 1
male 2
malen 1
man 66
manen 1
manieren 1
mannelijke 1
Frequency    [«  »]
68 wat
67 indien
67 ook
66 man
65 hebben
63 daar
63 leven

Het boek Ecclesiasticus

IntraText - Concordances

man

   Chapter, Verse
1 1, 22| 22 Een toornig man zal niet kunnen gerechtvaardigd 2 1, 23| 23 Een lankmoedig man zal een tijdlang verdragen, 3 4, 10| moeder in plaats van een man.~ 4 6, 36| Indien gij een verstandig man ziet, zo maak u des morgens 5 7, 25| haar aan een verstandig man.~ 6 9, 22| 22 Een klapachtig man is verschrikkelijk in zijn 7 10, 28| de vrijen dienen; en een man van wetenschap zal niet 8 11, 29| zijn kinderen wordt een man gekend.~ 9 13, 19| naar zijn geslacht, en een man hangt zijns gelijke aan.~ 10 14, 1 | 1 ZALIG is de man die niet feilt met zijn 11 14, 21| 21 Zalig is de man die met wijsheid betracht 12 16, 23| deze dingen, maar een dwaas man, verdwaald zijnde, overlegt 13 17, 17| barmhartigheid tegen de man is gelijk een zegel bij 14 21, 23| het lachen, maar een kloek man zal nauwelijks stilletjes 15 21, 24| tucht is de voorzichtige man gelijk een gulden versiersel, 16 21, 26| het huis kijken, maar een man die wel opgevoed is, zal 17 22, 4 | erfgenaam zijn van haar man, maar een die beschaamd 18 22, 5 | stoute dochter maakt vader en man beschaamd, en van beiden 19 23, 10| 10 Een man die veel zweert, is vol 20 23, 29| ook een vrouw, die haar man verlaat, en een erve van 21 23, 30| kwalijk gehandeld jegens haar man, en ten derde heeft zij 22 23, 30| bedreven, en uit een andere man kinderen voortgebracht.~ 23 25, 2 | des naasten, en wanneer man en vrouw zich tezamen verdragen.~ 24 25, 22| van zijn naasten zal haar man aanzitten en zal ongaarne 25 25, 24| voor de voeten van een oud man, alzo is een klapachtige 26 25, 24| klapachtige vrouw voor een stil man.~ 27 25, 26| een vrouw, indien zij haar man toereikt dat hij van node 28 25, 28| 28 Welke haar man niet troost in zijn benauwdheid, 29 26, 1 | 1 GELUKKIG is de man, die een goede vrouw heeft; 30 26, 2 | kloeke vrouw verheugt haar man, en vervult de jaren zijns 31 26, 4 | 4 En het hart van zo'n man is goed tot de Here. hetzij 32 26, 13| 13 Gelijk een reizende man dorstende, de mond opent 33 26, 14| der vrouw vermaakt haar man, en haar wetenschap maakt 34 26, 23| gelijk geacht, maar die een man heeft, zal een toren des 35 26, 25| schandelijke vrouw wrijft haar man oneer aan; maar een eerbare 36 26, 25| eerbare dochter zal ook de man ontzien.~ 37 26, 27| Een vrouw, die haar eigen man eert, zal door allen voor 38 26, 27| gehouden worden, maar die de man onteert, zal van allen gekend 39 26, 28| 28 Gelukzalig is de man die een goede vrouw heeft, 40 29, 17| 17 Een goed man zal voor zijn naaste borg 41 31, 28| 28 Toon u geen man in de wijn, want de wijn 42 32, 19| 19 Een welberaden man veracht de bedenking niet, 43 33, 2 | 2 Een wijs man zal de wet niet haten maar 44 33, 15| zondaar tegen de godvrezende man; en ingelijks, aanschouw 45 34, 1 | hoop van een onverstandige man is ijdel en leugenachtig, 46 34, 9 | 9 Een man, die gedwaald heeft, weet 47 36, 23| 23 Een vrouw neemt iedere man aan, maar de ene dochter 48 36, 25| en genezing, zo is haar man niet gelijk andere mensenkinderen.~ 49 36, 27| geen vrouw is, daar zal de man zuchten en dwalen.~ 50 37, 13| steeds bij een godvrezende man, van wie gij weet dat hij 51 37, 15| 15 Want de ziel van de man pleegt somtijds wat beters 52 37, 20| Daar is menig arglistig man, een onderwijzer van velen, 53 37, 24| 24 Een wijs man onderwijst zijn eigen volk, 54 37, 25| 25 Een wijs man zal vervuld worden met zegen, 55 37, 26| 26 Het leven van een man heeft een getal der dagen, 56 38, 4 | geschapen, en een voorzichtig man verontwaardigt ze niet.~ 57 40, 22| maar een vrouw met haar man meer dan beide.~ 58 40, 29| 29 Een man die naar een vreemde tafel 59 40, 30| 30 Maar een verstandig man. en die onderwezen is, wacht 60 41, 2 | 2 Voor een man die goede rust heeft, en 61 41, 26| letten op een vrouw die een man heeft.~ 62 42, 13| zwanger worde, en hebbende een man, dat zij niet misschien 63 42, 17| 17 De boosheid van een man is beter dan een goeddadige 64 44, 26| uit hem voortgebracht een man der barmhartigheid, die 65 47, 14| zijn zoon zijnde een wijs man, en door hem heeft het volk 66 49, 17| 17 En daar is geen man geweest als Jozef, een leidsman


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License