Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
elkeen 1
elleboog 1
ellendig 1
en 1650
ene 11
ener 2
enerlei 1
Frequency    [«  »]
-----
-----
-----
1650 en
1476 de
828 een
692 zijn

Het boek Ecclesiasticus

IntraText - Concordances

en

1-500 | 501-1000 | 1001-1500 | 1501-1650

     Chapter, Verse
1501 47, 13| verbond des koninkrijks, en de troon der heerlijkheid 1502 47, 14| zoon zijnde een wijs man, en door hem heeft het volk 1503 47, 15| regeerde in de tijd des vredes, en is beroemd geworden, gelijk 1504 47, 15| een huis zou oprichten, en een heiligdom bereiden in 1505 47, 16| wijs was hij in zijn jeugd? en werd vervuld met verstand 1506 47, 17| heeft de ganse aarde bedekt, en met scherpzinnige spreuken 1507 47, 18| in de eilanden gekomen, en gij zijt bemind geweest 1508 47, 19| verwonderd over uw gezangen, en spreuken, en gelijkenissen, 1509 47, 19| uw gezangen, en spreuken, en gelijkenissen, en uitleggingen.~ 1510 47, 19| spreuken, en gelijkenissen, en uitleggingen.~ 1511 47, 20| goud tezamen gelijk tin, en gelijk lood vermenigvuldigdet 1512 47, 21| 21 En zijt met uw lichaam in haar 1513 47, 22| schandvlek aangehangen, en uw zaad ontheiligd, en over 1514 47, 22| en uw zaad ontheiligd, en over uw kinderen toorn gebracht, 1515 47, 22| kinderen toorn gebracht, en dat zij zijn gekweld geworden 1516 47, 22| in twee gescheurd werd, en uit Efraïm een on gehoorzaam 1517 47, 23| zijn barmhartigheid niet, en werd gans niet afgewend 1518 47, 24| uitverkorenen ook niet uit, en nam het zaad desgenen, die 1519 47, 25| 25 En gaf Jakob een overblijfsel, 1520 47, 25| Jakob een overblijfsel, en David een wortel uit hem 1521 47, 26| 26 En Salomo rustte met de vaderen, 1522 47, 26| Salomo rustte met de vaderen, en liet na van zijn zaad een 1523 47, 26| zeer dwaze onder het volk, en gering van verstand, namelijk 1524 47, 27| maakte Israël zondigende, en gaf Efraïm een weg der zonde, 1525 47, 27| Efraïm een weg der zonde, en hun zonden vermenigvuldigden 1526 47, 28| het land, totdat de toorn en wraak over hen zouden komen.~ ~ 1527 48, 1 | profeet op gelijk een vuur, en zijn woord brandde als een 1528 48, 2 | bracht een zware honger, en door zijn ijver maakte hij 1529 48, 3 | Heren hield hij de hemel op, en deed driemaal vuur uit de 1530 48, 4 | 4 En wie is u gelijk om te roemen!~ 1531 48, 5 | uit de dood hebt opgewekt, en een ziel uit het graf door 1532 48, 6 | afgevoerd in het verderf, en die verheven waren tot eer, 1533 48, 7 | de bestraffing des Heren, en op Horeb de oordelen der 1534 48, 8 | zij het zouden vergelden, en profeten die na u zouden 1535 48, 10| bestraffingen te zijner tijd, en te stillen de toorn van 1536 48, 10| van de vader tot de zoon, en te bestellen de stammen 1537 48, 11| zij die u gezien hebben, en die in liefde ontslapen 1538 48, 13| werd met een draaiwind; en Elisa werd vervuld met de 1539 48, 13| vervuld met de Heilige Geest; en in zijn dagen werd hij niet 1540 48, 13| bewogen door de oversten, en niemand heeft hem met geweld 1541 48, 14| ding ging hem te boven, en als hij ontslapen was profeteerde 1542 48, 15| 15 En in zijn leven deed hij wonderen, 1543 48, 15| leven deed hij wonderen, en in zijn dood waren zijn 1544 48, 16| bekeerde zich het volk niet, en stond van hun zonden niet 1545 48, 16| weggevoerd uit hun land, en verstrooid door de ganse 1546 48, 17| 17 En daar bleef een klein volk 1547 48, 17| bleef een klein volk over, en een overste in het huis 1548 48, 19| Hiskia maakte zijn stad vast, en leidde water in het midden 1549 48, 19| spitse rotssteen met ijzer, en bouwde fonteinen om water 1550 48, 20| dagen trok Sanherib op, en zond Rabsake van Lachis, 1551 48, 20| zond Rabsake van Lachis, en verhief zijn hand tegen 1552 48, 20| verhief zijn hand tegen Sion, en pochte zeer in zijn hoogmoed.~ 1553 48, 21| 21 Toen werden hun harten en handen bewogen, en kregen 1554 48, 21| harten en handen bewogen, en kregen weedom gelijk de 1555 48, 22| 22 En zij riepen de Here, de ontfermer, 1556 48, 22| Here, de ontfermer, aan, en breidden hun handen tot 1557 48, 23| 23 En de heilige uit de hemel 1558 48, 23| de hemel verhoorde hen, en verloste hen door de hand 1559 48, 24| het leger der Assyriërs, en zijn engel vermorzelde hen.~ 1560 48, 25| deed wat de Here behaagde, en hield vast aan de wegen 1561 48, 25| gelijk Jesaja die grote en eerwaardige profeet in zijn 1562 48, 26| ging de zon achterwaarts, en de Here verlengde de koning 1563 48, 27| geest de laatste dingen, en troostte degenen die treurden 1564 48, 28| dingen tot in eeuwigheid, en de verborgen dingen eer 1565 49, 2 | van een ieder als honig, en als een muziekspel op een 1566 49, 3 | in de bekering des volks, en heeft weggenomen de gruwelen 1567 49, 5 | 5 Uitgezonderd David en Hiskia, en Josia, hebben 1568 49, 5 | Uitgezonderd David en Hiskia, en Josia, hebben zij allen 1569 49, 7 | hun troon anderen gegeven, en hun heerlijkheid aan een 1570 49, 8 | heilige stad verbrand, en haar wegen woest gemaakt 1571 49, 9 | profeet, om uit te roeien, en kwalijk te handelen, en 1572 49, 9 | en kwalijk te handelen, en te verderven; van gelijken 1573 49, 9 | van gelijken om te bouwen en te planten.~ 1574 49, 11| vijanden in de plasregen, en bracht terecht die hun wegen 1575 49, 14| huis weder hebben gebouwd, en de heilige tempel opgericht, 1576 49, 15| vervallen muren heeft opgericht, en de poorten en richelen heeft 1577 49, 15| opgericht, en de poorten en richelen heeft gesteld, 1578 49, 15| richelen heeft gesteld, en de vloe ren van onze huizen 1579 49, 17| 17 En daar is geen man geweest 1580 49, 18| Een steunsel des volks, en zijn gebeenten zijn bezocht 1581 49, 19| 19 Sem en Seth zijn verheerlijkt geweest 1582 49, 19| geweest onder de mensen, en Adam boven alles in de schepping.~ ~ 1583 50, 3 | de watervaten te klein, en werd gemaakt een metalen 1584 50, 5 | hebt de stad sterk gemaakt en omgekeerd, gij zijt verheerlijkt 1585 50, 5 | uw verkeer met het volk, en door de uitgang uit het 1586 50, 6 | zij vol is op haar tijd, en gelijk de regen boog de 1587 50, 8 | 8 Gelijk vuur en wierook op een vuurpan;~ 1588 50, 9 | de hamer dicht geslagen, en met allerlei kostelijk gesteente 1589 50, 10| die vruchten voortspruit; en gelijk een cypresseboom, 1590 50, 10| kleed der heerlijkheid nam, en als hij de volmaakte roem 1591 50, 12| 12 En als hij de gedeelten der 1592 50, 13| cederbomen op de Libanon, en omsingelden hem gelijk scheuten 1593 50, 13| Aäron in hun heerlijkheid, en de offerande des Heren was 1594 50, 14| 14 En voleindigende de diensten 1595 50, 14| offerande des Allerhoogsten en des almachtigen,~ 1596 50, 15| handen uit tot de offerbeker, en offerde van het druivenbloed,~ 1597 50, 17| trompetten een weerklank gevende; en maakten dat er gehoord werd 1598 50, 18| het volk in het gemeen, en viel op hun aangezicht ter 1599 50, 18| hun Here, de almachtige en Allerhoogste God, aan te 1600 50, 19| 19 En de zangers prezen God met 1601 50, 19| prezen God met hun stemmen, en in het meeste geluid was 1602 50, 20| 20 En het volk van de Here, des 1603 50, 20| het versiersel des Heren, en zij zijn dienst geëindigd 1604 50, 21| des Heren met zijn lippen, en om in zijn naam te roemen.~ 1605 50, 22| 22 En zij baden ten tweeden male 1606 50, 23| 23 En nu dankt de God aller dingen, 1607 50, 23| verhoogt van moeders schoot af, en die riet ons handelt naar 1608 50, 24| 24 En bidt dat het vrede worde 1609 50, 24| bewijze zijn barmhartigheid, en ons verlosse in onze dagen.~ 1610 50, 25| is mijn ziel verstoord, en het derde is geen volk:~ 1611 50, 26| op de berg van Samaria, en lieden die in der Filistijnen 1612 50, 26| Filistijnen land wonen, en het dwaze volk dat te Sichem 1613 50, 27| onderwijzing van het verstand en der wetenschap; welke de 1614 50, 28| deze dingen. oefenen zal, en die ze ter harte neemt, 1615 50, 29| Heren zijn voetstap is, en hij geeft de godvrezenden 1616 51, 1 | u belijden Here, Koning, en ik zal u prijzen, o God, 1617 51, 2 | dat gij mij een beschermer en helper geweest zijt, en 1618 51, 2 | en helper geweest zijt, en hebt mijn lichaam uit de 1619 51, 3 | 3 En van de strik der lasterende 1620 51, 3 | dergenen die leugens oefenen; en tegen degenen die zich tegen 1621 51, 7 | Uit de diepte des buiks, en van de onreine tong, van 1622 51, 7 | lastering bij de koning, en van een onrechtvaardige 1623 51, 8 | was nabij de dood gekomen; en mijn leven was nabij het 1624 51, 9 | mij van alle zijden omzet, en daar was geen helper; ik 1625 51, 9 | naar bijstand der mensen, en daar was geen.~ 1626 51, 10| uw barmhartigheid, Here, en aan uw werken van alle tijden.~ 1627 51, 11| lijdzaam verbeiden uithelpt, en hen verlost uit de hand 1628 51, 12| 12 En heb van de aarde mijn ootmoedig 1629 51, 12| ootmoedig gebed opgeheven, en gesmeekt om verlossing van 1630 51, 14| prijzen zonder ophouden, en u lofzingen met dankzegging, 1631 51, 14| lofzingen met dankzegging, en mijn smeking is verhoord 1632 51, 15| verlost uit het verderf, en mij getrokken uit de boze 1633 51, 16| zal ik u belijden, Here, en zal u prijzen, en zal uw 1634 51, 16| Here, en zal u prijzen, en zal uw naam danken.~ 1635 51, 18| heb ik om haar gebeden, en tot het uiterste toe zal 1636 51, 21| oor een weinig geneigd, en heb haar aangenomen;~ 1637 51, 22| 22 En heb voor mijzelf veel onderwijzing 1638 51, 24| in het werk te stellen, en te beijveren het goede, 1639 51, 24| te beijveren het goede, en zal geenszins te schande 1640 51, 25| om haar zeer gestreden, en in mij honger verwekt hebbende, 1641 51, 26| uitgerekt tot de hoogte, en mijn onwetendheden van haar 1642 51, 27| ziel naar haar gericht, en in reiniging heb ik haar 1643 51, 30| tong gegeven tot mijn loon, en met deze zal ik hem prijzen.~ 1644 51, 31| die niet onderwezen zijt, en overnacht in het huis der 1645 51, 33| Ik heb mijn mond geopend en heb gesproken, koopt u wijsheid 1646 51, 34| Legt uw hals onder het juk, en uw ziel neme onderwijzing 1647 51, 35| weinig moeite gehad heb, en heb voor mijzelf veel rust 1648 51, 36| met een groot getal gelds, en veel goud zult gij in haar 1649 51, 37| barmhartigheid des Heren, en schaamt u niet hem te prijzen.~ 1650 51, 38| Werkt uw werk voor de tijd, en hij zal u te zijner tijd


1-500 | 501-1000 | 1001-1500 | 1501-1650

Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License