bold = Main text
Chapter, Verse grey = Comment text
1 1, 2| 2 Wie zal het zand der zee
2 2 | 2~ ~
3 2, 2| 2 Richt uw hart en verdraag,
4 3, 2| 2 Want de Here heeft de vader
5 4, 2| 2 Bedroef de hongerige ziel
6 5, 2| 2 Volg uw ziel niet, noch
7 6, 2| 2 Verhef u niet in de raad
8 7, 2| 2 Wijk af van de ongerechtige,
9 8, 2| 2 Twist niet met een rijk
10 9, 2| 2 Geef uw ziel de vrouw niet,
11 10, 2| 2 Gelijk als de rechter des
12 11, 2| 2 Prijs niemand vanwege zijn
13 12, 2| 2 Doe wel aan de godvrezende,
14 13, 2| 2 Neem in uw leven geen last
15 14, 2| 2 Zalig is hij, die zijn ziel
16 15, 2| 2 En gelijk een moeder zal
17 16, 2| 2 Vertrouw op hun leven niet,
18 17, 2| 2 Hij heeft hun een getal
19 18, 2| 2 De Here is alleen rechtvaardig,
20 19, 2| 2 Wijn en vrouwen doen de
21 20, 2| 2 Gelijk de lust van een gesnedene
22 21, 2| 2 Vlied voor de zonde gelijk
23 22, 2| 2 Een luie is gelijk koedrek
24 23, 2| 2 Wie zal geselen bestellen
25 24, 2| 2 Zij doet haar mond open
26 25, 2| 2 Door eendracht der broederen
27 26, 2| 2 Een kloeke vrouw verheugt
28 27, 2| 2 Gelijk een nagel tussen
29 28, 2| 2 Vergeef uw naaste het onrecht
30 29, 2| 2 Leen uw naaste in de tijd
31 30, 2| 2 Wie zijn zoon tuchtigt,
32 31, 2| 2 Deze wakende bekommernis
33 32, 2| 2 Bezorg hen, en zet u zo
34 33, 2| 2 Een wijs man zal de wet
35 34, 2| 2 Gelijk een die naar de schaduw
36 35, 2| 2 Wie een weldaad vergeldt,
37 36, 2| 2 En zend uw vrees over al
38 37, 2| 2 Blijft de droefheid niet
39 38, 2| 2 Want de genezing is van
40 39, 2| 2 De vertelling der vermaarde
41 40, 2| 2 Aangaande hun gedachten,
42 41, 2| 2 Voor een man die goede rust
43 42, 2| 2 Vanwege de wet des Allerhoogsten
44 43, 2| 2 De zon wanneer men haar
45 44, 2| 2 De Here heeft door hen voor
46 45, 2| 2 Hij heeft hem der heiligen
47 46, 2| 2 Welke groot werd, volgens
48 47, 2| 2 Gelijk het vette is afgezonderd
49 48, 2| 2 Welke over hen bracht een
50 49, 2| 2 Zij is zoet in de mond van
51 50, 2| 2 Onder hem is het fundament
52 51, 2| 2 Ik belijd uw naam, dat gij
|