Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
10 52
11 52
12 52
13 52
14 52
15 52
16 52
Frequency    [«  »]
52 10
52 11
52 12
52 13
52 14
52 15
52 16

Het boek Ecclesiasticus

IntraText - Concordances

13

                                bold = Main text
   Chapter, Verse               grey = Comment text
1 1, 13| 13 Het begin der wijsheid is 2 2, 13| 13 Want de Here is een ontfermer 3 3, 13| 13 Mijn kind, verzorg uw vader 4 4, 13| 13 Wie haar liefheeft, die 5 5, 13| 13 Zijt ras om wat goeds te 6 6, 13| 13 Scheid u af van uw vijanden, 7 7, 13| 13 Wil niet liegen enigerlei 8 8, 13| 13 Ontsteek de kolen des zondaars 9 9, 13| 13 Een nieuwe vriend is gelijk 10 10, 13| 13 Het beginsel der hovaardigheid 11 11, 13| 13 En verheft zijn hoofd van 12 12, 13| 13 Wie zal zich ontfermen over 13 13 | 13~ ~ 14 13, 13| 13 Tracht niet met hem te spreken, 15 14, 13| 13 Doe uw vriend goed, eer 16 15, 13| 13 De Here haat allerlei gruwel, 17 16, 13| 13 Gelijk zijn barmhartigheid 18 17, 13| 13 Hun wegen zullen niet verborgen 19 18, 13| 13 Hij bestraft, en onderwijst, 20 19, 13| 13 Bestraf uw vriend, misschien 21 20, 13| 13 De gave van een onwijze 22 21, 13| 13 Maar de voleinding van de 23 22, 13| 13 De rouw over een dode duurt 24 23, 13| 13 Het is een wijze van spreken 25 24, 13| 13 Ik ben verhoogd geworden 26 25, 13| 13 Hoe groot is bij die wijsheid 27 26, 13| 13 Gelijk een reizende man 28 27, 13| 13 Het verhaal der zotten is 29 28, 13| 13 Indien gij in een vonk blaast, 30 29, 13| 13 Verlies uw geld om uws vriends 31 30, 13| 13 Onderwijs uw zoon, en maak 32 31, 13| 13 En zeg niet: Daar is veel 33 32, 13| 13 Speel aldaar, en doe wat 34 33, 13| 13 Zij zijn in zijn hand gelijk 35 34, 13| 13 De geest dergenen, die de 36 35, 13| 13 Want de Here is een rechter, 37 36, 13| 13 Vergader alle stammen Jakobs, 38 37, 13| 13 Acht op deze niet in een 39 38, 13| 13 Daar is mischien een tijd, 40 39, 13| 13 Zijn gedachtenis zal niet 41 40, 13| 13 Als hij de handen opendoet, 42 41, 13| 13 Al wat uit de aarde is, 43 42, 13| 13 Is zij maagd, dat zij niet 44 43, 13| 13 Hij omvat de hemel met een 45 44, 13| 13 Hun zaad is in de verbonden, 46 45, 13| 13 Gemaakt van getweernd scharlaken 47 46, 13| 13 En de richters, elk met 48 47, 13| 13 De Here heeft zijn zonden 49 48, 13| 13 Elia is het, die bedekt 50 49, 13| 13 Hoe zullen wij Zerubbabel 51 50, 13| 13 Rondom hem was een omstaande 52 51, 13| 13 Ik riep de Here de vader


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License