Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
heb 60
hebben 65
hebbende 6
hebt 47
heden 4
heeft 280
heelt 1
Frequency    [«  »]
49 20
48 21
48 22
47 hebt
47 onder
47 ze
45 23

Het boek Ecclesiasticus

IntraText - Concordances

hebt

   Chapter, Verse
1 1, 26| 26 Hebt gij lust tot wijsheid, zo 2 2, 16| de lijdzaamheid verloren hebt.~ 3 3, 26| als gij geen oogappelen hebt zult gij aan het licht gebrek 4 5, 5 | wanneer gij de volheid hebt, dat gij zonden op zonden 5 5, 14| 14 Indien gij verstand hebt, zo antwoord uw naasten; 6 7, 22| 22 Hebt gij vee, zo heb opzicht 7 7, 23| 23 Hebt gij kinderen, onderwijs 8 7, 24| 24 Hebt gij dochters, neem acht 9 7, 26| 26 Hebt gij een vrouw naar uw hart, 10 8, 15| als een die het verloren hebt.~ 11 11, 7 | niet eer gij onderzocht hebt, verneem eerst en bestraf 12 11, 8 | Antwoord niet eer gij gehoord hebt, en in het midden der woorden 13 13, 7 | spreken, en zeggen: Wat hebt gij nodig?~ 14 13, 17| 17 Hebt de Here lief al uw leven 15 18, 33| ontleend geld, daar gij niets hebt in de beurs, want anders 16 19, 10| 10 Hebt gij wat gehoord, laat het 17 20, 13| zal u, die ze ontvangen hebt niet bevorderlijk zijn, 18 21, 1 | 1 MIJN kind, hebt gij gezondigd, doe daar 19 22, 15| hem, opdat gij geen moeite hebt, en niet bezoedeld wordt, 20 22, 25| gij het zwaard getrokken hebt tegen uw vriend, zo wanhoop 21 22, 26| tegen uw vriend opengedaan hebt, zo vrees niet, want daar 22 25, 5 | 5 In uw jeugd hebt gij niet vergaderd, en hoe 23 27, 20| hand losgelaten hadt, zo hebt gij uw naaste verlaten, 24 29, 30| de tafel, en zo gij wat hebt, spijs mij.~ 25 32, 13| doe wat gij voorgenomen hebt, maar niet met zonden en 26 32, 20| raad, en als gij het gedaan hebt, laat het u niet berouwen.~ 27 33, 30| 30 Hebt gij een huisknecht, dat 28 33, 30| hem door bloed verkregen hebt; zo gij een huisknecht hebt, 29 33, 30| hebt; zo gij een huisknecht hebt, behandel hem gelijk een 30 36, 14| uw eerstgeborene genoemd hebt.~ 31 37, 6 | vergetelheid, wanneer gij geld hebt.~ 32 37, 12| die gij een jaar gehuurd hebt over de voleinding van het 33 37, 14| raadslag uws harten, want gij hebt niemand getrouwer dan hem.~ 34 38, 16| die zware dingen geleden hebt; doch omwind zijn lichaam 35 41, 11| des Allerhoogsten verlaten hebt.~ 36 41, 28| als gij hem wat gegeven hebt verwijt hem dat niet.~ 37 41, 29| zeggen hetgeen gij gehoord hebt, en te openbaren verborgen 38 47, 20| gij, het zilver; maar gij hebt uw hart geneigd tot de vrouwen;~ 39 47, 22| 22 Zo hebt gij uw heerlijkheid een 40 48, 5 | die een dode uit de dood hebt opgewekt, en een ziel uit 41 48, 6 | 6 Gij hebt koningen afgevoerd in het 42 48, 7 | Gij, die op Sinaï gehoord hebt de bestraffing des Heren, 43 48, 8 | 8 Gij, die koningen hebt gezalfd, dat zij het zouden 44 50, 5 | 5 Gij hebt de stad sterk gemaakt en 45 51, 2 | helper geweest zijt, en hebt mijn lichaam uit de verderfenis 46 51, 4 | 4 Gij hebt mij verlost naar de menigte 47 51, 15| 15 Want gij hebt ons verlost uit het verderf,


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License