Chapter, Verse
1 1, 2 | droppelen van de regen en de dagen der eeuwen tellen?~
2 1, 12| het welgaan in de laatste dagen, en in de dag van zijn dood
3 2, 3 | vermeerderd worden in uw laatste dagen.~
4 11, 26| 26 In de goede dagen vergeet men het kwade, en
5 11, 26| het kwade, en in de kwade dagen wordt aan het goede niet
6 17, 2 | heeft hun een getal van dagen, en een bestemde tijd gegeven,
7 18, 8 | 8 Het getal der dagen des mensen aangaande honderd
8 18, 9 | zijn duizend jaren tegen de dagen der eeuwigheid.~
9 18, 24| gramschap die komen zal in de dagen van de dood, en aan de tijd
10 18, 26| vreest altijd, en in de dagen der zonden wacht hij zichzelf
11 22, 13| over een dode duurt zeven dagen, maar over een dwaas en
12 22, 13| dwaas en goddeloze al de dagen zijns levens.~
13 23, 18| scheldwoorden, die zal al de dagen zijns levens niet onderwezen
14 24, 27| en gelijk de Tigris in de dagen der nieuwe vruchten.~
15 24, 28| gelijk de Jordaan in de dagen van de oogst.~
16 26, 1 | heeft; het getal zijner dagen wordt dubbel.~
17 30, 22| des mans verlengt hem zijn dagen.~
18 30, 25| gramschap verminderen de dagen, en bekommernis brengt ouderdom
19 33, 7 | zo toch al het licht der dagen in het jaar van de zon komt?~
20 33, 9 | tot het getal der gemene dagen.~
21 33, 23| dag van de voleinding der dagen van uw leven, en in de tijd
22 37, 26| man heeft een getal der dagen, maar de dagen van Israël
23 37, 26| getal der dagen, maar de dagen van Israël zijn ontelbaar.~
24 40, 6 | slaapt hij gelijk in de dagen der schildwacht.~
25 41, 16| heeft een. zeker getal der dagen, maar een goede naam blijft
26 44, 8 | verheerlijkt geweest en in hun dagen beroemd.~
27 45, 19| zijn zaad zolang de hemel dagen zal hebben; om tegelijk
28 47, 1 | Nathan, de profeet, op in de dagen van David.~
29 48, 13| Heilige Geest; en in zijn dagen werd hij niet bewogen door
30 48, 20| 20 In zijn dagen trok Sanherib op, en zond
31 48, 26| 26 In zijn dagen ging de zon achterwaarts,
32 49, 4 | hart tot de Here; in de dagen der onrecht vaardigen versterkte
33 49, 14| van Josadak, die in hun dagen het huis weder hebben gebouwd,
34 50, 1 | vermaakt, heeft ook in zijn dagen het volk bevestigd.~
35 50, 3 | 3 In zijn dagen waren de watervaten te klein,
36 50, 7 | spruit van Libanon in de dagen van de zomer;~
37 50, 23| dingen doet overal, die onze dagen verhoogt van moeders schoot
38 50, 24| het vrede worde in onze dagen in Israël, gelijk het in
39 50, 24| Israël, gelijk het in de dagen der vorige eeuw geweest
40 50, 24| en ons verlosse in onze dagen.~
|