Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
kwam 2
kwel 1
kwellen 2
laat 33
laatst 1
laatste 13
laatsten 1
Frequency    [«  »]
33 geweest
33 hand
33 hetgeen
33 laat
33 noch
33 zijner
32 heerlijkheid

Het boek Ecclesiasticus

IntraText - Concordances

laat

   Chapter, Verse
1 2, 22| 22 Zeggende, laat ons in de handen Gods vallen, 2 4, 1 | 1 MIJN kind, laat het leven des armen geen 3 4, 36| 36 Laat uw hand niet uitgestrekt 4 5, 16| 16 Laat u geen oorblazer noemen, 5 6, 28| machtig geworden zijt, zo laat haar niet van u.~ 6 6, 35| Goddelijke verklaring horen, en laat u de spreuken van het verstand 7 7, 21| 21 Laat uw ziel een verstandige 8 7, 22| daarop, en zo het u nut is, laat het bij u blijven.~ 9 8, 22| niet aan ieder mens, en laat u geen valse dank vergelden.~ ~ 10 9, 20| 20 Laat rechtvaardige mannen uw 11 9, 20| uw tafelgenoten zijn, en laat uw roem zijn in de vreze 12 11, 35| 35 Laat een vreemde in uw huis wonen, 13 14, 14| niet van de goede dag, en laat het deel der goede begeerte 14 18, 22| 22 Laat u niet hinderen uw belofte 15 19, 10| 10 Hebt gij wat gehoord, laat het bij u sterven, en zijt 16 19, 16| 16 Laat uw hart niet elk woord geloven; 17 23, 1 | mij niet in hun raad, en laat mij niet vallen onder hen.~ 18 23, 5 | die u altijd wil dienen; laat mij de begeerte des buiks, 19 23, 13| rondom met de dood bekleed; laat die niet gevonden worden 20 24, 37| gelijk een profetie, en laat ze, na tot eeuwige geslachten.~ 21 25, 31| geef een scheidbrief en laat haar gaan.~ ~ 22 32, 20| als gij het gedaan hebt, laat het u niet berouwen.~ 23 33, 18| die de gemeente regeert, laat het tot uw oren ingaan.~ 24 33, 25| en hij zal rust zoeken; laat hem de handen ledig zijn, 25 35, 18| hij nabij gekomen is, en laat niet af totdat de Allerhoogste 26 36, 3 | over de vreemde volken, laat hun uw vermogen zien.~ 27 36, 10| gedenk aan de toorn, en laat uw wonderen verteld worden.~ 28 36, 11| en die uw volk kwellen, laat die het verderf vinden.~ 29 38, 12| heeft hem geschapen, en laat hem niet van u, want gij 30 38, 16| Mijn kind over een dode laat tranen vallen, en begin 31 38, 24| 24 Als de dode rust, zo laat ook zijn gedachtenis rusten, 32 40, 17| desgenen, die zich genoegen laat, en des arbeiders, is zoet, 33 44, 1 | 1 LAAT ons nu de heerlijke mannen


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License