Chapter, Verse
1 4, 9 | 9 Verlos degene die onrecht lijdt uit de
2 6, 4 | boze ziel zal verderven degene die haar bezit, en zal maken
3 7, 29| uit geheel uw kracht lief degene die u gemaakt heeft, en
4 10, 13| en zijn hart afwijkt van degene die hem gemaakt heeft.~
5 10, 23| het midden der broeders is degene geëerd, die hun leidsman
6 12, 3 | het niet wèl gaan, noch degene, die geen aalmoezen ter
7 12, 4 | 4 Geef degene die God vreest, en neem
8 12, 6 | krachtige dag der wraak. Geef degene die vroom is, en neem u
9 13, 2 | heb geen gemeenschap met degene, die sterker en rijker is
10 13, 20| zo is een zondaar tegen degene, die de Here vreest.~
11 19, 6 | zijn tong bedwingt, zal met degene die niet twistig is, leven;
12 19, 19| daarna doet, ver toornt degene, die hem voedt.~
13 19, 22| bevreesd is, die is beter dan degene, die overvloedig is in kloekheid,
14 20, 7 | 7 Hoe fraai is het, dat degene die bestraft is geworden,
15 20, 31| onvermijdelijke verdraagzaamheid in degene, die de Here zoekt, dan
16 25, 11| struikelt, en die niet dient degene, die zijns niet waardig
17 25, 13| doch hij is niet boven degene, die de Here vreest.~
18 26, 8 | wie ze neemt, is gelijk degene, die een schorpioen aangrijpt.~
19 29, 20| zijn. gedachten verlaten degene, die hem verlost heeft.~
20 31, 26| 26 Degene die heerlijk is in spijs,
21 37, 12| met een vrouw, aangaande degene waartegen zij jaloers is;
22 37, 12| over de wissel; noch met degene, die koopt over de verkoop;
23 38, 15| 15 Wie tegen degene zondigt, die hem gemaakt
24 38, 41| niemand wordt wijs behalve degene die zijn ziel daartoe begeeft,
25 39, 6 | Here, om vroeg te komen tot degene die hem gemaakt heeft, en
26 40, 3 | heerlijkheid zit, als bij degene, die vernederd is, zittende
27 40, 4 | een kroon draagt, als bij degene, die met grof lijnwaad gekleed
28 41, 25| 25 Schaamt u ook voor degene, die u groet vanwege uw
29 47, 10| zong hij lofzangen, en had degene lief die hem gemaakt had.~
30 51, 23| 23 Degene die mij wijsheid geeft,
|