Chapter, Verse
1 4, 33| waarheid tot in de dood, en God de Here zal voor u strijden.~
2 7, 9 | mijner gaven zien, en als ik God de Allerhoogste ofer, zo
3 10, 7 | Hovaardigheid is hatelijk voor God en de mensen, en bij beide
4 12, 4 | 4 Geef degene die God vreest, en neem u de zondaar
5 23, 4 | 4 O Here, Vader en God mijns levens, geef mij geen
6 23, 35| is een grote heerlijkheid God te volgen, en een lang leven,
7 24, 26| het boek des verbonds van God de Allerhoogste, de wet,
8 24, 26| Almachtige Here is alleen God, en daar is geen Zaligmaker
9 34, 19| gaven der goddelozen behagen God niet.~
10 35, 17| 17 Die God dient met welbehagen zal
11 36, 1 | ONTFERM u over ons Here, gij God aller dingen, en zie ons
12 36, 5 | kennen, want daar is geen God behalve gij, o Here.~
13 39, 32| hun gramschap bevestigt God hun geselen, als de tijd
14 40, 12| grote donder met regen zal God geluid daartegen geven.~
15 43, 2 | haar aanschouwt, verkondigt God in haar opgang; zij is een
16 43, 36| dingen gemaakt, en heeft de god vrezende wijsheid gegeven.~ ~
17 44, 17| 17 Henoch behaagde God de Here, en werd weggenomen,
18 45, 1 | 1 NAMELIJK Mozes, door God en de mensen bemind, wiens
19 46, 6 | Hij riep de Allerhoogste God aan als hij de vijanden
20 47, 9 | al wat hij deed gaf hij God, de heilige en Allerhoogste,
21 47, 11| toon te maken, en dagelijks God te prijzen met hun gezangen,~
22 47, 15| beroemd geworden, gelijk God rondom hem rust gegeven
23 47, 20| In de naam des Heren, de God der ganse aarde, die bij
24 47, 20| die bij genaamd wordt de God van Israël, bracht gij goud
25 48, 18| hunner deden wel hetgeen, God behagelijk was, maar enigen
26 50, 18| almachtige en Allerhoogste God, aan te bidden.~
27 50, 19| 19 En de zangers prezen God met hun stemmen, en in het
28 50, 23| 23 En nu dankt de God aller dingen, die alleen
29 51, 1 | en ik zal u prijzen, o God, die mijn zaligmaker zijt.~
|