Chapter, Verse
1 4, 11| zijn gelijk een zoon des Allerhoogsten, en hij zal u meer beminnen
2 9, 19| vertelt, zij naar de wet des Allerhoogsten.~
3 19, 17| dreigt, en geef de wet des Allerhoogsten plaats, en word niet toornig.~
4 19, 22| kloekheid, en de wet des Allerhoogsten overtreedt.~
5 23, 30| vooreerst is zij de wet des Allerhoogsten ongehoorzaam geweest, en
6 24, 2 | open in de gemeente des Allerhoogsten, en beroemt zich in tegenwoordigheid
7 24, 3 | 3 Ik ben van de mond des Allerhoogsten uitgegaan, en gelijk een
8 28, 8 | en aan het verbond des Allerhoogsten, en overzie zijn onwetendheid.~
9 29, 14| schat naar de geboden des Allerhoogsten, en hij zal u voordeliger
10 33, 15| aanschouw al de werken des Allerhoogsten, zij zijn alle twee, het
11 38, 41| betrachting heeft in de wet des Allerhoogsten.~c~
12 41, 11| mannen, gij die de wet des Allerhoogsten verlaten hebt.~
13 42, 2 | 2 Vanwege de wet des Allerhoogsten en het verbond, en vanwege
14 43, 2 | instrument, een werk des Allerhoogsten.~
15 43, 13| heerlijke kring, de handen des Allerhoogsten spannen hem uit.~
16 44, 20| heerlijkheid, welke de wet des Allerhoogsten bewaard heeft, en met hem
17 48, 5 | graf door het woord des Allerhoogsten.~
18 49, 6 | Want zij hebben de wet des Allerhoogsten verlaten; de koningen van
19 50, 7 | uitschijnende op de tempel des Allerhoogsten; gelijk de bloem der rozen
20 50, 14| versieren de offerande des Allerhoogsten en des almachtigen,~
21 50, 20| het volk van de Here, des Allerhoogsten, smeekte in hun gebed, voor
|