Chapter, Verse
1 1, 19| giet de wetenschap en de kennis van het verstand uit als
2 3, 26| hebben, en als het u aan kennis ontbreekt, zo verkondig
3 11, 15| Wijsheid en wetenschap, en kennis der wet is van de Here;
4 13, 12| rede, opdat gij niet zonder kennis der zaak verstoten wordt,
5 15, 1 | zal zulks doen en die de kennis der wet verkregen heeft
6 15, 19| die hem vrezen, en hij zal kennis nemen van alle werken des
7 19, 18| hem komt verkrijgt liefde; kennis der geboden des Heren is
8 19, 19| onderhouding der wet, en kennis zijner almogendheid. Een
9 20, 17| goederen met geen rechte kennis ontvangen, en het ontberen
10 21, 15| 15 De kennis van een wijze zal vermeerderd
11 21, 16| gebroken vat, het zal geen kennis vatten, zo lang hij leeft.~
12 21, 21| vrijheid van de dwaas, en de kennis van de onverstandige niets
13 24, 20| liefde, en der vrees, en der kennis, en der heilige hoop;~
14 24, 29| 29 Die de leer der kennis doet uitschijnen gelijk
15 25, 6 | oordelen, en dat oude mannen kennis hebben tot raad?~
16 33, 8 | 8 Zij zijn in de kennis des Heren onderscheiden,
17 40, 5 | slaap van de nacht zijn kennis.~
|