Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library

Het boek Ecclesiasticus

IntraText CT - Word list by length

5  =  456 words (2733 occurrences)
1  2  3  4  5  6  7  8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  



Frequency - Word Form
   5 aäron
  35 aarde
   1 afgod
   1 afsta
  18 allen
   9 aller
   8 alles
   4 alsof
   8 ander
   7 armen
   1 armoe
   1 avond
   1 baden
   3 baren
  11 begin
  14 beide
   1 benen
   1 beren
   2 beste
  21 beter
   1 beurs
   1 beval
   3 bevel
   1 bezet
   3 bezig
   6 bezit
   1 biedt
   1 bleef
   5 blijf
   9 bloed
   2 bloem
   2 blust
   1 borst
   3 bouwt
  17 boven
   3 bozer
   1 breek
   2 breng
  10 brood
   1 buigt
   3 buiks
   1 daags
   1 daalt
   1 daden
  40 dagen
   2 dankt
   7 david
   2 deden
   1 deelt
   2 delen
   1 denkt
   5 derde
   1 dezen
   1 dicht
   2 diens
   4 dient
   1 diepe
   2 doden
   7 doods
   1 doodt
   1 dorre
   1 draad
   3 draag
   1 draak
   1 drijf
   1 drink
   1 droeg
   1 droge
   1 druif
   1 duurt
   2 dwaal
  21 dwaas
   3 dwaze
   2 edele
   5 eerst
  12 eigen
  10 einde
   1 elisa
   1 engel
   1 enhij
   2 enige
   2 erven
   1 ezels
   1 faraö
   1 feest
   1 feilt
   1 fluit
   2 fraai
   9 ganse
   9 gaven
  12 gebed
   4 gebod
  13 geeft
   6 geest
   3 gehad
   1 gelag
   1 gelds
   3 genen
   3 gesel
  11 getal
   1 gevat
  18 geven
   3 gewas
   3 gewen
   2 gewis
   1 gezel
   2 gezet
   1 gihon
   2 ginds
  39 goede
   2 goeds
   2 gouds
   1 grafs
   1 groef
   1 groet
   1 grond
  19 groot
  25 grote
   3 gunst
   1 haard
   1 haars
   5 haast
   2 hamer
   2 hangt
   2 harde
   3 haren
   1 harer
   4 harte
   4 haten
   4 heden
 280 heeft
   1 heelt
   1 heils
   1 helft
   9 hemel
  74 heren
   2 hield
   1 hielp
   1 hijgt
   7 hitte
   2 hogen
   4 honig
  12 hoofd
   1 hoopt
   3 hoorn
   9 hoort
   1 hopen
   1 horeb
  10 horen
   9 houdt
   1 hunne
   1 hyëna
  18 ieder
   4 ijdel
   1 ijver
   3 ijzer
   2 inval
   1 inzet
   1 izaäk
   1 jaagt
   2 jacht
   8 jakob
   5 jaren
   1 jesua
  10 jeugd
   2 jezus
   3 jonge
   2 josia
   1 jozef
   1 jozua
   2 kaleb
   2 karig
   4 keert
   1 kende
   6 keren
   1 ketel
   1 klaag
   1 klaar
   1 klank
   6 kleed
   5 klein
   3 kloek
   1 klomp
   1 kolen
   9 komen
   3 koopt
   1 kopen
   1 koper
   1 korte
   1 koude
   1 kreeg
   2 krijg
   1 kring
   1 kromt
  10 kroon
   1 kudde
   1 kuise
   2 kunst
  21 kwaad
  13 kwade
   2 lagen
   3 lange
   3 laten
   1 leden
   3 ledig
  13 leeft
   1 leent
   5 leert
   1 leest
   5 leeuw
   1 leger
   1 lelie
   1 lenen
   3 leren
  63 leven
  13 licht
   1 liegt
   3 lijdt
   1 lijks
   1 lijmt
   6 loert
   2 looft
   1 loopt
   1 lopen
   4 maagd
  21 maakt
   1 maand
  15 macht
   1 maden
  18 maken
   1 malen
   1 manen
   2 matig
   1 menen
   1 mengt
   5 menig
   3 merkt
   2 mijns
   1 mirre
   2 mocht
   1 moede
   8 mogen
   1 monds
   5 moogt
   5 mozes
   3 muren
   1 naakt
   7 nabij
   2 nacht
   4 nadat
   1 nagel
   1 nauwe
   1 nebat
   5 neder
  16 neemt
   1 negen
   1 neigt
   8 nemen
   2 nevel
  15 niets
   1 noach
   1 noden
   7 nodig
   1 noemt
   1 nooit
   3 oefen
   1 oever
   7 omdat
   2 omvat
   1 omzet
  47 onder
   9 oneer
   1 onias
   1 onnut
   1 onzes
   1 oogst
  52 opdat
   1 opent
   2 ossen
   6 ouden
   2 ovens
   1 paard
   1 paden
   2 palen
   1 pekel
   1 pison
   2 plaag
   3 plant
   1 pleeg
   2 ploeg
   1 pocht
   1 prees
   2 prijs
   1 pronk
   1 raads
   1 raken
  22 recht
   1 reden
   6 regen
   1 reken
   3 richt
   1 riekt
  13 rijke
   1 roemt
   1 rooft
   1 rozen
   1 satan
   5 schat
   1 schip
   2 simon
   1 sinaï
   8 slaap
   2 slaat
   3 slang
   1 sloeg
   2 sluit
   3 smart
   1 smeek
   1 snijd
   2 soort
   2 speel
   1 speur
   1 spies
  12 spijs
   1 spuwt
   4 staan
   9 staat
   4 steek
   7 steen
   4 stelt
  11 sterk
   1 steun
   1 stier
   1 stoel
   6 stond
   1 stoot
   2 storm
   1 stort
   3 stout
   2 strek
   4 strik
   4 tafel
  58 tegen
   4 teken
   4 tijde
   3 tijds
   1 tombe
  24 toorn
   1 toren
   2 traag
   2 trage
   1 trekt
   1 treur
   5 troon
   1 trots
   1 trouw
   5 tucht
   8 twist
  23 uzelf
  24 vader
   1 vaker
   2 valle
   2 valse
   1 varen
   2 vaste
   1 vaten
  27 velen
   9 verre
   2 vette
   7 vindt
  19 vlees
   1 vlied
   2 vloed
   2 vloek
   2 vloer
   2 voedt
   3 voegt
   1 vogel
   7 volks
   2 volle
   3 voort
   2 voren
   1 vorst
   1 vraag
  13 vrede
  18 vrees
  22 vreze
   7 vroeg
   1 vroom
  59 vrouw
   2 vurig
   3 vuurs
   3 waakt
   1 waard
   2 waart
  13 wacht
   3 wagen
   4 waken
  12 waren
  21 water
  20 weder
   1 weent
   1 weest
  18 wegen
   1 weide
  25 welke
   1 wendt
   2 wenen
   1 wenkt
   2 werkt
   1 werpe
   6 werpt
   1 weten
   5 wezen
   3 wiens
   1 wijkt
   8 wijze
   4 wilde
   2 woest
   1 wonde
  10 wonen
   4 woont
  27 woord
   8 worde
 110 wordt
  15 wraak
   1 wrijf
   4 zaken
  13 zalig
   1 zamen
   1 zeden
   6 zegel
  11 zegen
   2 zegge
   1 zeide
   6 zeker
   4 zelfs
   1 zelve
   1 zesde
   2 zeven
   4 zijde
  16 zijns
   1 zingt
   1 zodat
   1 zoeke
   4 zoekt
   4 zoete
   1 zomer
  22 zonde
   9 zonen
  10 zoudt
   2 zucht
   2 zulke
   3 zulks
   4 zwaar
   4 zware


5  =  456 words (2733 occurrences)
1  2  3  4  5  6  7  8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  



Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License