Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
leeuw 2
leeuwen 1
legde 1
leger 71
legerde 15
legerden 9
legeren 3
Frequency    [«  »]
75 zou
74 als
72 gij
71 leger
71 werd
70 zich
66 hadden

Het eerste boek der Makkabeeën

IntraText - Concordances

leger

   Chapter, Verse
1 2, 32| achterhaald hadden, hebben zij hun leger tegen hen gelegd, en zij 2 3, 3 | leverde vele veldslagen, zijn leger met het zwaard beschermende.~ 3 3, 15| met hem trok op een sterk leger van goddelozen, om hem te 4 3, 17| 17 En toen zij het leger hun tegemoet zagen komen, 5 3, 23| hen aan, en Seron en zijn leger werd door hem vermorzeld.~ 6 3, 27| koninkrijk, een zeer sterk leger.~ 7 3, 41| dienstknechten, en zijn in hun leger gekomen, om de kinderen 8 3, 57| 57 En zo is het leger opgebroken, en zij legerden 9 4, 1 | uitgelezen ruiters, en dit leger brak op des nachts;~ 10 4, 2 | zij vallen zouden op het leger der Joden, en hen onvoorziens 11 4, 4 | nog verstrooid was van het leger.~ 12 4, 5 | 5 En Gorgias kwam in het leger van Judas des nachts, en 13 4, 7 | 7 En als zij nu het leger der heidenen zagen, dat 14 4, 10| hij zal op deze dag dit leger voor ons aangezicht vermorzelen.~ 15 4, 13| 13 En zij togen uit hun leger om te strijden, en die bij 16 4, 20| waren, en dat de Joden het leger in brand hadden gestoken, 17 4, 21| zeer, en ook ziende dat het leger van Judas in het vlakke 18 4, 23| tot de plundering van het leger, en zij kregen veel goud 19 4, 30| 30 En hun sterk leger ziende, bad hij God, en 20 4, 30| David gebroken hebt, en het leger der vreemdelingen gegeven 21 4, 31| 31 Besluit dit leger in de hand van uw volk Israël, 22 4, 34| en daar bleven van het leger van Lysias tot vijfduizend 23 4, 35| de stoutheid van Judas' leger, die getoond was, en hoe 24 4, 35| vreemd volk aan, en zijn leger, dat hij had, vermeerd hebbende, 25 4, 37| 37 En het ganse leger werd vergaderd, en zij gingen 26 5, 11| en Timotheüs voert hun leger aan.~ 27 5, 28| keerde Judas weder met zijn leger de weg naar de woestijn 28 5, 34| 34 En het leger van Timotheüs ontdekte dat 29 5, 37| vergaderde Timotheüs een ander leger, en legerde zich tegenover 30 5, 38| 38 En Judas zond om het leger te verspieden; en zij boodschapten 31 5, 39| helpen, en zij hebben hun leger opgeslagen over de beek, 32 5, 40| toen Judas naderde, en zijn leger bij de beek des waters: 33 5, 41| hij zal vrezen, en zijn leger opslaan over de rivier, 34 5, 45| huisraad, een zeer groot leger, om te komen in het land 35 5, 51| Judas gebood dat men in het leger zou uitroepen, dat een ieder 36 6, 26| zij hebben op deze dag hun leger geslagen tegen de burcht 37 6, 32| Bethzacharia tegenover het leger des konings.~ 38 6, 33| vroeg, en verplaatste het leger; het in grote haast brengende 39 6, 33| van Bethzacharia, en het leger verdeeld zijnde om te vechten, 40 6, 38| aan de twee delen van het leger, ter weerszijden, bewegende 41 6, 40| een deel van des konings leger werd uitgebreid tot de hoge 42 6, 41| wapenen hoorden, want het leger was zeer groot en sterk.~ 43 6, 42| 42 En Judas en zijn leger naderden om te slaan, en 44 6, 42| daar vielen van des konings leger zeshonderd mannen.~ 45 6, 48| 48 En die van des konings leger waren, trokken hen tegemoet 46 6, 48| en de koning sloeg zijn leger in Judea, en op de berg 47 6, 51| 51 En hij sloeg zijn leger tegen het heiligdom vele 48 7, 35| zeggende: Indien Judas en zijn leger nu niet wordt overgeleverd 49 7, 38| deze mens, en over zijn leger, en laat hen door het zwaard 50 7, 42| 42 Vermorzel dan alzo dit leger heden voor ons, opdat de 51 7, 43| dag der maand Adar, en het leger van Nicanor werd vermorzeld, 52 7, 44| 44 Als nu zijn leger zag dat Nicanor dood was, 53 9, 3 | honderdtweeënvijftigste jaar sloegen zij hun leger bij Jeruzalem op.~ 54 9, 6 | velen liepen weg uit het leger, zodat er uit hen maar achthonderd 55 9, 7 | Judas dan, ziende dat zijn leger verlopen was, en dat de 56 9, 11| van Bacchides op uit hun leger, en stond tegen hen, en 57 9, 14| en het sterkste van het leger aan de rechterhand waren, 58 10, 49| begonnen te strijden, en het leger van Demetrius nam de vlucht, 59 10, 53| gestreden, en hij en zijn leger door ons verslagen is, en 60 10, 77| dit horende, kwam met een leger van drieduizend ruiters 61 10, 81| en zij omsingelden zijn leger, en zij schoten hun pijlen 62 11, 66| Jonathan legerde zich met zijn leger tegen het meer Gennesareth, 63 11, 67| 67 En ziet, het leger der vreemden ontmoette hem 64 11, 72| hem tot Kades toe, tot hun leger toe, en zij legerden zich 65 12, 26| zond verspieders in zijn leger, die, wedergekeerd zijnde, 66 12, 27| buitenwachten rondom het leger.~ 67 12, 28| en ontstaken vuren in hun leger, en vertrokken.~ 68 13, 20| Adora; en Simon en zijn leger trokken hem tegen in alle 69 13, 43| dagen bracht Simon zijn leger voor Gaza, en hij belegerde 70 14, 3 | Deze trok heen en sloeg het leger van Demetrius, en hij kreeg 71 16, 8 | blazen, en Cendebeüs met zijn leger werd op de vlucht geslagen,


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License