Chapter, Verse
1 1, 11| honderdenzevenendertigste jaar van het rijk der Grieken.~
2 1, 21| honderdendrieënveertigste jaar;~
3 1, 58| honderdenvijfenveertigste jaar, bouwden zij een gruwel
4 2, 70| honderdenzesenveertigste jaar, en zijn zonen begroeven
5 3, 28| krijgsmachten bezoldigingen voor een jaar, en gebood hun dat zij gereed
6 3, 28| zij gereed zouden zijn een jaar lang tot alle noden.~
7 3, 37| koninklijke stad, in het jaar honderdenzevenenveertig;
8 4, 28| vergaderde in het volgende jaar zestigduizend uitgelezen
9 4, 52| honderdenachtenveertigste jaar;~
10 4, 59| het altaar, op hun tijden, jaar na jaar, acht dagen lang,
11 4, 59| op hun tijden, jaar na jaar, acht dagen lang, van de
12 6, 16| honderdnegenenveertigste jaar.~
13 6, 20| het honderdenvijftigste jaar, en bij maakte tegen hen
14 6, 49| blijven, en het een sabbats jaar des lands was.~
15 6, 53| vaten, omdat het het zevende jaar was, en die behouden en
16 7, 1 | het honderdeenenvijftigste jaar kwam Demetrius, Seleucus'
17 8, 16| hen te regeren voor een jaar, en te heersen over al hun
18 9, 3 | honderdtweeënvijftigste jaar sloegen zij hun leger bij
19 9, 54| honderdendrieënvijftigste jaar, in de tweede maand, gebood
20 10, 1 | in het honderdenzestigste jaar trok Alexander de zoon van
21 10, 21| van het honderdenzestigste jaar, op het feest der Loofhutten,
22 10, 57| honderdentweeënzestigste jaar.~
23 10, 67| honderdenvijfenzestigste jaar kwam Demetrius, de zoon
24 11, 19| honderdenzevenenzestigste jaar.~
25 13, 41| het honderdenzeventigste jaar is het juk der heidenen
26 13, 42| koophandelingen: In het eerste jaar dat Simon de grote hogepriester
27 13, 51| honderdeenenzeventigste jaar, met lofzegging en palmtakken,
28 14, 1 | honderdtweeënzeventigste jaar vergaderde de koning Demetrius
29 14, 27| honderdtweeënzeventigste jaar, zijnde dit het derde jaar
30 14, 27| jaar, zijnde dit het derde jaar dat Simon hogepriester was.~
31 15, 10| honderdvierenzeventigste jaar is Antiochus opgetrokken
32 16, 14| honderdenzevenenzeventigste jaar, in de elfde maand, deze
|