Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
werkten 1
werp 1
werpen 2
wet 31
wetende 2
wetgeleerde 1
wetten 9
Frequency    [«  »]
32 nam
32 wapenen
31 plaats
31 wet
31 zeide
30 onder
30 woorden

Het eerste boek der Makkabeeën

IntraText - Concordances

wet

   Chapter, Verse
1 1, 36| zondig volk, mannen die de wet niet hielden, en werden 2 1, 52| onheilig was, zodat zij de wet zouden vergeten, en al de 3 1, 56| tot hen, een ieder die de wet verliet, en zij deden veel 4 1, 60| verbrandden de boeken der wet, die zij vonden, nadat zij 5 1, 61| verbonds, en zo iemand de wet toestond, die doodden zij 6 2, 21| dat wij niet verlaten de wet en de rechten.~ 7 2, 26| 26 En hij ijverde voor de wet, gelijk eertijds Pinehas 8 2, 27| ieder die ijvert voor de wet, en het verbond vasthoudt, 9 2, 42| een ieder die gewillig de wet hield.~ 10 2, 48| 48 Zij bevrijdden de wet uit de hand der heidenen, 11 2, 50| kinderen, ijvert voor de wet en stelt uw zielen voor 12 2, 58| hij met een ijver voor de wet heeft geijverd, is opgenomen 13 2, 64| houdt u als mannen in de wet, want gij zult in deze verheerlijkt 14 2, 67| tot u brengen allen die de wet doen, en zult de wraak uws 15 2, 68| houdt u aan de geboden der wet.~ 16 3, 48| En breidden de boeken der wet uit, waarnaar de heidenen 17 3, 56| naar zijn huis, volgens de wet.~ 18 4, 42| onberispelijke priesters, die de wet liefhadden.~ 19 4, 47| namen gehele stenen naar de wet, en zij bouwden een nieuw 20 4, 53| En zij offerden, naar de wet, op het nieuwe altaar der 21 7, 5 | kwamen alle verbrekers der wet, en goddeloze mannen in 22 9, 23| dat alle verbrekers der wet in de landpalen van Israël 23 9, 58| En al de verbrekers der wet hielden raad, en zeiden: 24 10, 14| overgebleven van degenen, die de wet en de geboden verlaten hadden, 25 10, 61| uit Israël, verbrekers der wet, om hem te beschuldigen. 26 11, 21| haatten, mannen, die de wet verbraken, reisden heen 27 13, 48| te wonen mannen, die de wet onderhielden, en hij versterkte 28 14, 14| hij onderzocht naarstig de wet, en nam weg alle verbrekers 29 14, 14| weg alle verbrekers der wet en alle bozen.~ 30 14, 29| opdat hun heiligdom en de wet zouden staande gehouden 31 15, 21| hij hen straffe naar hun wet.~


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License