Chapter, Verse
1 1, 32| nederlaag, en vernielde veel volk in Israël.~
2 1, 56| wet verliet, en zij deden veel kwaad in het land;~
3 3, 31| landen te ontvangen, en veel geld te vergaderen.~
4 3, 41| naam horende, namen zeer veel zilver en goud, en dienstknechten,
5 4, 23| het leger, en zij kregen veel goud en zilver, en vele
6 5, 6 | daar een grote macht, en veel volk, en Timotheüs, hun
7 5, 30| opsloegen, ziet daar was veel volk, dat men niet tellen
8 5, 40| kunnen bestaan, want hij zal veel machtiger zijn dan wij.~
9 5, 64| vergaderden bij ben, wensende hun veel geluk.~
10 6, 6 | wapenen, en krijgsvolk, en veel buit, die zij bekomen hadden
11 6, 18| besloten, en altijd zochten veel kwaad te doen, en een sterkte
12 6, 29| de eilanden der zee kwam veel krijgsvolk tot hem, dat
13 8, 6 | ruiterij, en wagens, en zeer veel krijgsvolk, en dat die ook
14 9, 35| dat zij hun bagage, die veel was, bij hen mochten zetten.~
15 9, 43| oever van de Jordaan, met veel krijgsvolk.~
16 10, 77| van drieduizend ruiters en veel krijgsvolk;~
17 11, 1 | koning van Egypte vergaderde veel krijgsvolk, gelijk daar
18 11, 57| 57 En hij zond hem veel goudwerk tot zijn dienst,
19 11, 62| Kades in Galilea waren, met veel krijgsvolk, willende hem
20 16, 7 | van de vijanden was zeer veel.~
21 16, 11| van Jericho, en hij had veel zilver en goud,~
|