Chapter, Verse
1 1, 21| hij Egypte geslagen had, keerde weder in het honderdendrieënveertigste
2 3, 8 | uit haar de goddelozen en keerde de toorn Gods van Israël
3 4, 23| 23 En Judas keerde zich tot de plundering van
4 5, 8 | vlekken ingenomen hebbende, keerde hij weder in Judea.~
5 5, 28| 28 Daarom keerde Judas weder met zijn leger
6 5, 68| plunderde de roof der steden, en keerde weder naar het land Juda.~ ~
7 6, 4 | met grote droefheid, en keerde weder naar Babylon.~
8 6, 63| is haastig vertrokken, en keerde weder naar Antiochië, en
9 7, 25| zou kunnen tegenstaan, zo keerde hij weder tot de koning,
10 9, 49| omtrent duizend man, en hij keerde weder naar Jeruzalem.~
11 9, 57| dat Alcimus gestorven was, keerde hij weder tot de koning,
12 10, 66| 66 En Jonathan keerde weder naar Jeruzalem met
13 10, 68| werd zeer bedroefd, en keerde weder naar Antiochië.~
14 10, 87| 87 En Jonathan keerde weder naar Jeruzalem, met
15 11, 7 | genoemd Eleutherus, en keerde weder naar Jeruzalem.~
16 11, 71| 71 En hij keerde weder tot hen, en streed,
17 11, 73| drieduizend man, en Jonathan keerde weder naar Jeruzalem.~ ~
18 12, 35| 35 En Jonathan keerde weder, en riep de ouderlingen
19 13, 24| 24 En Tryfon keerde weder, en trok naar zijn
20 15, 36| 36 En hij keerde weder tot de koning met
21 16, 10| tweeduizend man, en hij keerde weder naar het land Juda
|