Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
afviel 1
afvielen 1
afzetten 1
al 126
alarm 1
alarmtrompetten 1
alcimus 12
Frequency    [«  »]
147 was
144 waren
134 ons
126 al
125 koning
124 der
118 naar

Het eerste boek der Makkabeeën

IntraText - Concordances

al

    Chapter, Verse
1 1, 26| grote rouw in Israël, in al hun plaatsen.~ 2 1, 34| kinderen gevangen, en verkregen al hun vee.~ 3 1, 52| gruwelijk zouden maken door al wat onrein en onheilig was, 4 1, 52| wet zouden vergeten, en al de rechten veranderen.~ 5 1, 54| 54 Naar al deze woorden heeft hij geschreven 6 1, 54| heeft opzieners gemaakt over al het volk.~ 7 1, 57| zich zette in holen, in al hun schuilplaatsen.~ 8 1, 62| deden zij aan Israël, aan al degenen, die gevonden werden 9 1, 62| werden van maand tot maand in al de steden.~ 10 2, 11| 11 Al haar sieraad is weggenomen, 11 2, 18| bevel des konings, gelijk al de volken gedaan hebben, 12 2, 19| zeide met een grote stem: Al ware het dat alle volken, 13 2, 28| naar de bergen, en lieten al wat zij hadden in de stad.~ 14 2, 46| zij besneden met kracht al de kinderkens die onbesneden 15 2, 61| geslacht tot geslacht, en dat al degenen die op hem hopen, 16 2, 65| man van raad is, hoort hem al uw dagen, hij zal u tot 17 3, 2 | 2 En hem hielpen al zijn broeders, en allen 18 3, 12| Apollonius, en hij streed daarmee al zijn dagen.~ 19 3, 27| zond heen en vergaderde al de krijgsmachten van zijn 20 3, 36| kinderen zou doen wonen in al hun landpalen, en dat hij 21 3, 40| 40 En zij trokken uit met al hun macht, en kwamen en 22 4, 11| 11 En al de volken zullen verstaan 23 4, 15| 15 Maar al de laatsten vielen voor 24 4, 26| boodschapten aan Lysias al wat er geschied was.~ 25 4, 51| voorhangsels op, en volbrachten al deze werken, die zij waren 26 4, 55| 55 En al het volk nedervallende op 27 5, 3 | en benauwde hen en kreeg al hun buit.~ 28 5, 12| van hun hand, want daar is al een menigte van ons gevallen;~ 29 5, 13| 13 En al onze broeders, die in de 30 5, 25| bejegenden, en hun vertelden al wat met hun broederen in 31 5, 26| Chaskor, te Maked, en Karnaïn; al deze steden waren sterk 32 5, 27| 27 En dat zijn ook in al die overige steden van Galaäditis 33 5, 28| nam de stad in, en doodde al wat mannelijk was door de 34 5, 28| des zwaards, en hij kreeg al hun roof en verbrandde deze 35 5, 35| en nam haar in, en doodde al wat mannelijk daarin was, 36 5, 38| boodschapten hem zeggende: Al de volken, die rondom ons 37 5, 43| beek tegen hen trok, en al zijn volk trok hem achterna. 38 5, 43| volk trok hem achterna. En al de heidenen werden vermorzeld 39 5, 45| 45 En Judas vergaderde al de Israëlieten, die in Galaäditis 40 5, 52| 52 En hij vernielde al wat mannelijk was door de 41 5, 63| voor het ganse Israël, en al de volken, waar hun naam 42 5, 66| haar sterkte vernield, en al haar torens rondom verbrand; 43 6, 10| 10 Waarom hij al zijn vrienden riep, en zeide 44 6, 12| Jeruzalem heb gedaan; en dat ik al de gouden en zilveren vaten, 45 6, 19| verdelgen, en verzamelde al het volk om hen te belegeren.~ 46 6, 24| 24 Ja ook al degenen van ons, die gevonden 47 6, 25| tegen ons, maar ook tegen al hun landpalen.~ 48 6, 28| dit hoorde, en vergaderde al zijn vrienden, de oversten 49 6, 43| het was uitstekende boven al de beesten, en hij dacht 50 6, 58| vrede met hen maken, en met al hun volk.~ 51 6, 59| toornig geworden, en hebben al deze dingen gedaan.~ 52 7, 6 | en zijn broeders hebben al uw vrienden vernield, en 53 7, 7 | daar heenreizende, beziet al de verderving, die hij aan 54 7, 23| 23 En Judas, als hij zag al de boosheid, die Alcimus 55 7, 24| 24 Trok uit in al de landpalen van Judea rondom, 56 7, 24| rondom, en deed wraak over al de mannen, die overgelopen 57 8, 1 | dat zij licht toestonden al hetgeen hun voorgesteld 58 8, 1 | vriendschap maakten met al degenen, die tot hen kwamen, 59 8, 16| jaar, en te heersen over al hun land; en dat zij allen 60 8, 30| hun eigen goedvinden; en al wat zij daarbij zullen doen 61 9, 11| voor het krijgsvolk, en al de machtigen waren gesteld 62 9, 14| de rechterhand waren, en al degenen, die kloek van harte 63 9, 28| 28 Waarom al de vrienden van Judas bijeenvergaderden, 64 9, 34| de dag des sabbats, met al zijn krijgsvolk over de 65 9, 36| en kregen Johannes, en al wat hij had, en dat hebbende, 66 9, 40| naar de berg; en zij kregen al hun buit.~ 67 9, 58| 58 En al de verbrekers der wet hielden 68 9, 60| zond heimelijk brieven aan al zijn medekrijgers in Judea, 69 9, 63| vernam, zo vergaderde hij al zijn menigte, en ontbood 70 9, 71| zoeken enig kwaad te doen al de dagen van zijn leven.~ 71 10, 5 | Want hij zal gedachtig zijn al het kwaad, dat wij tegen 72 10, 7 | brieven voor de oren van al het volk, en van degenen, 73 10, 29| ik ontsla, u ten gevalle, al de Joden, van de tollen, 74 10, 34| drie dagen na het feest, al deze dagen zullen al de 75 10, 34| feest, al deze dagen zullen al de Joden, die in mijn rijk 76 10, 41| 41 En al dat nog overschiet, dat 77 10, 43| zullen vluchten, en die in al de landpalen daarvan het 78 10, 43| zullen losgelaten worden; en al wat zij in mijn koninkrijk 79 10, 47| zij hielden het met hem al die tijd.~ 80 10, 84| Jonathan verbrandde Azote en al de steden rondom haar, en 81 10, 84| steden rondom haar, en nam al haar roof en verbrandde 82 10, 89| hem de stad Accaron met al haar landpalen tot een erfgift.~ ~ 83 11, 26| in tegenwoordigheid van al zijn vrienden.~ 84 11, 29| aan Jonathan brieven over al deze dingen, zijnde van 85 11, 33| gevoegd zijn bij Judea; en al hetgeen wat daaraan behoort, 86 11, 34| 34 En al de andere inkomsten, die 87 11, 34| kroongelden die ons toebehoren, al deze dingen vergunnen wij 88 11, 37| hem stelde, zo heeft hij al zijn krijgsvolk laten gaan, 89 11, 37| volken had aangenomen; daarom al het krijgsvolk, dat hij 90 11, 38| waren, welke ziende dat al het krijgsvolk tegen Demetrius 91 11, 42| mij helpen strijden, omdat al mijn krijgsvolk mij is afgevallen.~ 92 11, 54| 54 En tot hem vergaderden al de krijgsknechten, die Demetrius 93 11, 59| rivier, door de steden, en al de krijgsmachten van Syrië 94 12, 13| oorlogen omringen ons, en al de koningen, die rondom 95 12, 23| schrijven u weder, uw vee en al wat gij hebt, is ons, en 96 12, 23| wat gij hebt, is ons, en al wat wij hebben, is uw. Wij 97 12, 30| hen niet, want zij waren al over de rivier Eleutherus 98 12, 43| grote eer, en beval hem aan al zijn vrienden, en gaf hem 99 12, 43| geschenken, en gelastte al zijn vrienden, dat zij hem 100 12, 44| aldus aan: Waarom hebt gij al dit volk zo gekweld, daar 101 12, 45| u overgeven die stad en al de andere sterkten, en de 102 13, 4 | 4 Daarom zijn al mijn broeders omgekomen, 103 13, 5 | want ik ben niet beter dan al mijn broeders.~ 104 13, 6 | vrouwen en kinderen; daar al de heidenen tezamen gekomen 105 13, 22| 22 Tryfon dan maakte al zijn ruiterij gereed, om 106 13, 34| zou willen geven, omdat al de handelingen van Tryfon 107 13, 38| 38 Al wat wij u beloofd hebben, 108 13, 53| hij ging daar wonen met al de zijnen.~ 109 13, 54| tot een veldoverste over al het krijgsvolk, en hij woonde 110 14, 4 | 4 Het land was in rust al de dagen van Simon, want 111 14, 4 | heerlijkheid was hun aangenaam al de dagen.~ 112 14, 5 | 5 En hij kreeg, boven al zijn heerlijkheid, Joppe 113 14, 14| 14 Hij versterkte al de nederigen zijns volks; 114 14, 34| daar Joden om te wonen, en al wat dienstig was tot hun 115 14, 35| hogepriester, omdat hij al deze dingen had gedaan, 116 14, 46| het werd goedgevonden door al het volk, te bepalen dat 117 14, 46| bepalen dat men Simon naar al deze woorden zou doen.~ 118 15, 1 | overste der Joden, en aan al het volk;~ 119 15, 5 | 5 Nu dan ik bevestig u al de vrijdommen, die u vrijgelaten 120 15, 5 | voor mij geweest zijn, en al de andere geschenken, die 121 15, 7 | heiligdom zullen vrij zijn, en al de wapenen, die gij bereid 122 15, 8 | 8 En al wat gij de koning schuldig 123 15, 8 | koning schuldig zijt, en al wat de koning zal toebehoren, 124 15, 10| land zijner vaderen, en al de krijgsmachten kwamen 125 15, 27| ontvangen, maar verbrak al hetgeen dat hij met hem 126 15, 36| heerlijkheid van Simon, en al wat hij gezien had; en de


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License