Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
hemzelf 1
hen 87
henen 2
here 45
heren 6
herkules 1
herwaarts 2
Frequency    [«  »]
48 dan
47 tegen
47 zich
45 here
45 ik
45 plaats
45 uit

Het tweede boek der Makkabeeën

IntraText - Concordances

here

   Chapter, Verse
1 1, 8 | vergoten hebben; en wij de Here baden, en verhoord zijn, 2 1, 24| geschiedde op deze wijze: Here, Here God, die een schepper 3 1, 24| geschiedde op deze wijze: Here, Here God, die een schepper zijt 4 2, 8 | 8 En dat de Here dan deze dingen zou tonen, 5 2, 10| 10 Hoe ook Mozes tot de Here een gebed heeft gedaan, 6 2, 23| opgericht zijn; dewijl de Here met alle goedertierenheid 7 3, 22| Dezen dan riepen tot de Here Almachtig, dat hij dit geld, 8 3, 30| 30 Maar dezen prezen de Here, dat hij deze zijn plaats 9 3, 30| beroerte was, doordat de Here Almachtig daar verschenen 10 3, 33| om zijnentwil heeft u de Here het leven geschonken.~ 11 4, 38| beroofd, en zo heeft de Here hem de verdiende straf vergolden.~ 12 5, 17| die in de stad woonden, de Here een kleine tijd vertoornd 13 5, 19| 19 Maar de Here heeft het volk niet om de 14 5, 20| verzoening met de grote Here, in alle heerlijkheid opgericht.~ 15 6, 14| 14 Want de Here doet hun niet gelijk de 16 6, 30| hij al zuchtende: Aan de Here, die een heilige wetenschap 17 7, 6 | Sprekende aldus: God de Here ziet het aan, en zal in 18 7, 20| hoop die zij hadden op de Here;~ 19 7, 33| 33 Indien onze Here, die daar leeft, om der 20 7, 40| gestorven, geheel op de Here vertrouwende.~ 21 8, 2 | 2 En riepen de Here aan, dat hij zou willen 22 8, 14| overgelaten was, en baden de Here, dat hij zou willen verlossen 23 8, 27| zij dankten en loofden de Here zeer, die hen behouden had 24 8, 29| en baden de barmhartige Here, dat hij tot het einde toe 25 9, 5 | 5 Doch de almachtige Here, de God van Israël, sloeg 26 9, 13| En deze booswicht bad de Here, die hem nu geen barmhartigheid 27 10, 1 | hem waren, hebben, daar de Here hen geleidde, de tempel 28 10, 4 | gedaan hebbende, baden zij de Here, op hun buik nedervallende, 29 10, 28| kloekmoedigheid, de toevlucht tot de Here, en genen stelden daartegen 30 10, 38| lofzangen en dankzeggingen de Here, die Israël zo grote weldaad 31 10, 45| met kermen en tranen de Here, dat hij een goede engel 32 11, 36| waren, zo riep Judas de Here aan, dat hij als een medestrijder 33 11, 41| hebben zij dan allen de Here, de rechtvaardige rechter, 34 12, 10| dat zij dag en nacht de Here zouden aanroepen, dat hij, 35 12, 12| deden, en de barmhartige Here baden, met klagen en vasten, 36 13, 35| 35 Gij, o Here van allen, die geen ding 37 13, 36| 36 Nu dan, o gij heilige Here aller heiligmaking, bewaar 38 13, 46| scharen; en aanroepende de Here van leven en geest, dat 39 14, 3 | schelmachtigste mens, of daar ook een Here in de hemel was, die geboden 40 14, 4 | antwoordden: Daar is een Here die leeft, deze is in de 41 14, 7 | hulp zou krijgen van de Here.~ 42 14, 21| handen naar de hemel, de Here aangeroepen, die wonderlijke 43 14, 22| hij deze woorden: Gij, o Here, hebt uw engel gezonden 44 14, 29| gemaakt zijnde, prezen zij de Here, in hun vaderlijke taal.~ 45 14, 34| dankten de doorluchtige Here, zeggende: Gezegend moet


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License