Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
onreine 1
onreinheid 1
onreinste 1
ons 42
onschuldig 2
onschuldige 1
onschuldigen 1
Frequency    [«  »]
43 dit
43 stad
42 hadden
42 ons
42 tempel
41 des
40 god

Het tweede boek der Makkabeeën

IntraText - Concordances

ons

   Chapter, Verse
1 1, 7 | verdrukking en uiterste nood, die ons overkomen is in deze jaren, 2 1, 12| die in de heilige stad ons bestreden, van ons uitgedreven.~ 3 1, 12| stad ons bestreden, van ons uitgedreven.~ 4 1, 20| naar dat vuur; en als zij ons hadden te kennen gegeven 5 1, 28| 28 Pijnig hen, die ons overheersen, en die ons 6 1, 28| ons overheersen, en die ons in hovaardigheid smaadheid 7 2, 14| die door de oorlog, welke ons aangedaan was, vervallen 8 2, 14| bijeenvergaderd; en die zijn bij ons.~ 9 2, 15| nodig hebt, zendt lieden aan ons, die ze u mogen brengen.~ 10 2, 18| op hem, dat hij zich over ons zal ontfermen, en dat hij 11 2, 18| zal ontfermen, en dat hij ons van alle landen, die onder 12 2, 19| 19 Want hij heeft ons uit grote ellenden verlost 13 2, 27| 27 Het is voor ons, die de moeite hebben genomen 14 2, 33| 33 Laat ons dan van hier ons verhaal 15 2, 33| 33 Laat ons dan van hier ons verhaal beginnen, zo veel 16 6, 12| maar tot kastijding van ons geslacht.~ 17 6, 15| hij ook goedgevonden tegen ons te zijn; opdat niet, wanneer 18 6, 15| hij ten laatste wraak over ons doe.~ 19 6, 16| barmhartigheid nimmer van ons weg, en zijn eigen volk 20 6, 17| 17 Doch dit zij door ons gezegd tot vermaning, en 21 6, 17| weinige woorden wederkomen tot ons verhaal.~ 22 7, 2 | zeide aldus: Wat wilt gij ons vragen, en van ons weten? 23 7, 2 | wilt gij ons vragen, en van ons weten? want wij zijn bereid 24 7, 6 | zal in de waarheid over ons vertroost worden; gelijk 25 7, 9 | Gij booswicht, gij beneemt ons wel het tegenwoordige leven, 26 7, 9 | de koning der wereld zal ons, die voor zijn wetten sterven, 27 7, 16| wilt, maar denkt niet dat ons geslacht van God verlaten 28 7, 18| wij lijden deze dingen om ons zelfs wil, omdat wij tegen 29 7, 18| hebben; want daar zijn aan ons dingen geschied die verwondering 30 7, 37| aanroepende God, dat Hij haast ons volk wil genadig zijn, en 31 7, 38| des Almachtigen, die op al ons geslacht rechtvaardig gebracht 32 8, 18| machtig is dezen, die tegen ons komen, en ook de gehele 33 9, 20| naar uw zin gaan, dat is ons aangenaam.~ 34 10, 62| willende dat degenen, die in ons koninkrijk zijn, buiten 35 10, 65| de rechterhand, opdat zij ons goedvinden wetende, goedsmoeds 36 10, 68| 29 Menelaüs heeft ons verklaard, dat gij begeert, 37 10, 69| 30 Degenen dan, die tot ons afgekomen zijn tot de dertigste 38 13, 8 | tevoren gesproken is, lijdt ons ganse geslacht geen kleine 39 13, 9 | zowel voor het land als voor ons geslacht dat rondom bezet 40 13, 34| was een voorvechter van ons volk, dit zeggende:~ 41 13, 35| de tempel uwer woning bij ons zou zijn.~ 42 14, 23| wil uw goede engel voor ons heenzenden, tot vrees en


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License