Chapter, Verse
1 1, 8 | 8 Als nu de Joden enigen uit de raad en uit
2 2, 20| zou ingaan, maar dat al de Joden, onder het volk beschreven,
3 2, 22| niet zou schijnen op alle Joden verstoord te zijn, zo liet
4 3, 1 | haasten, en in één plaats alle Joden vergaderen, en hen met de
5 3, 2 | oorzaak gegeven, alsof de Joden hen verhinderden in het
6 3, 3 | 3 Maar de Joden onderhielden wel tot de
7 3, 3 | wandelden, zo hebben zij enige Joden afgezonderd, en van hun
8 3, 20| En zo wie iemand van de Joden beschermen zal, van de oudste
9 4, 2 | 2 Maar de Joden waren in een gedurige droefheid,
10 4, 10| de koning hoorde, dat der Joden landslieden heimelijk en
11 4, 10| men het ganse geslacht der Joden met hun namen zou beschrijven.~
12 4, 14| zij de beschrijving der Joden niet langer konden doen,
13 4, 15| giften omgekocht waren om de Joden te doen ontvluchten, zo
14 4, 16| Gods, die uit de hemel de Joden hulp bood.~ ~
15 5, 1 | zouden zijn, dat men hen de Joden tegemoet zou voeren om hen
16 5, 2 | krijgsoversten, die tegen de Joden vijandig gezind waren; de
17 5, 3 | de handen der ellendige Joden, en bedachten voorts wat
18 5, 4 | 4 Doch de Joden, die voor de heidenen van
19 5, 8 | 8 Als nu de Joden die tevoren betekende ure
20 5, 11| dreigement, waarom men de Joden die dag nog in het leven
21 5, 13| het verderf der gruwelijke Joden.~
22 5, 16| 16 Maar de Joden waren die ganse tijd in
23 5, 21| inplaats van de onschuldige Joden, die hun gestadige en standvastige
24 5, 23| 23 En de Joden, deze dingen van de koning
25 5, 24| olifanten tot het verderf der Joden.~
26 5, 27| God, tot verschoning der Joden, waren geschied,~
27 5, 32| 32 Als nu de Joden het stof van de olifanten,
28 6, 16| 16 En de Joden, dat aanschouwende, hieven
29 6, 17| gezien werden, nevens de Joden.~
30 6, 32| 32 Maar de Joden gelijkerwijs wij tevoren
31 7, 2 | ook overreed, dat wij de Joden die in ons koninkrijk zijn,
32 7, 5 | de hemelse God zeker de Joden beschermde, en te allen
33 7, 8 | 8 Als de Joden deze brief ontvangen hadden,
34 7, 8 | die uit het geslacht der Joden willens en wetens de heilige
|