Chapter, Verse
1 1, 1 | plaatsen, die hij bezet had, hem door Antiochus ontnomen
2 1, 4 | die daarna de wet verlaten had, en vervreemd was geworden
3 1, 4 | vaderlijke inzettingen, had hem weggevoerd, en een onbeduidend
4 1, 7 | bedriegelijke aanslag overwonnen had, zo nam hij voor tot de
5 1, 7 | tempelen met gaven beschonken had, zo heeft hij zijn onderdanen
6 1, 9 | kwam, en de hoogste God had geofferd en gedankt, en
7 1, 9 | placht te geschieden, gedaan had;~
8 1, 12| tegenwoordig waren hem verhinderd had, in de gehele tempel in
9 2, 6 | dienstbaarheid gebracht had, met verscheidene en vele
10 2, 16| trotsheid grotelijks verheven had, hem aan alle zijden slingerende
11 2, 17| snelle straf zagen, die hem had aangegrepen, met zeer grote
12 5, 2 | 2 En als hij dit gelast had, begaf hij zich weder tot
13 5, 5 | wrede olifanten drinken had gegeven, en met het geven
14 5, 5 | en met wierook verzadigd had, kwam des morgens vroeg
15 5, 11| die dag nog in het leven had gelaten.~
16 5, 12| diezelfde nacht het bevel had volbracht, en zijn vrienden
17 5, 12| hij, die meerder wreedheid had dan Falaris, dat zij dit
18 5, 14| nu de koning dit gezegd had, prezen allen die daar tegenwoordig
19 5, 18| zulk een haast verricht had; doch dit was de krachtige
20 5, 18| een vergetelheid gelegd had van hetgeen tevoren bij
21 5, 24| een maaltijd aangericht had, zo vermaande hij dat men
22 6, 3 | hebt Farao, die vele wagens had, en in vorige tijden heer
23 6, 4 | onder zijn gebied gekregen had, en zich verhief tegen uw
24 6, 20| tevoren tegen hen bedacht had.~
25 7, 18| daden tot hun behoud gedaan had.~
|