Chapter, Verse
1 1, 4 | mens in de tent in zijn plaats gesteld, en het gebeurde,
2 1, 9 | en hetgeen voorts op die plaats placht te geschieden, gedaan
3 1, 10| als hij ook tot de heilige plaats kwam, en zich over de kunst
4 1, 19| en zij maakten aan die plaats een grote verbittering.~
5 1, 25| dan de besmetting van die plaats.~ ~
6 2, 8 | stad uitverkoren, en deze plaats geheiligd u ten naam, hoewel
7 2, 9 | aangrijpen, en wij in deze plaats kwamen, en aanbaden, gij
8 2, 12| onreine koning deze heilige plaats, die op de aarde uw heerlijke
9 2, 13| Israël zij, zo hebt gij deze plaats geheiligd.~
10 2, 24| onbeschroomd geld in de plaats biedende, poogden zij zichzelf
11 3, 1 | men zou haasten, en in één plaats alle Joden vergaderen, en
12 3, 22| 22 Voorts elke plaats, waar men enigszins zal
13 4, 3 | te spreken welke bewoonde plaats, of welke straten werden
14 4, 6 | begeven hadden, ontvingen, in plaats van vermaak, droefheid,
15 4, 6 | begonnen gezamenlijk in plaats van bruiloftsliederen, een
16 5, 15| en bewoog ze in die grote plaats; en het volk uit de ganse
17 5, 21| dienst) gij Hermon in hun plaats van uw leven nul behoort
18 6, 27| goedvindende dat zij in die plaats, in welke zij meenden het
19 6, 28| daarin gegaan waren), in plaats van een bittere en zeer
20 6, 28| blijdschap, deelden zij de plaats af, die hun ten val en ten
21 7, 6 | en dat niemand in enige plaats hun enigszins leed doe,
22 7, 15| Ptolomaïs, om de eigenschap der plaats genaamd Rhodoforos, waar
23 7, 17| gewijd hebben, die in de plaats van de maaltijd oprichtende,
|