Chapter, Verse
1 1, 3 | Ptolomeüs, opdat hij alleen hem zou ombrengen, en op die wijze
2 1, 13| koning, om welke oorzaak zou ik dan niet geheel ingaan,
3 1, 19| de vaderlijke wet sterven zou, en zij maakten aan die
4 2, 9 | en ons enige benauwdheid zou mogen aangrijpen, en wij
5 2, 17| vrezende, dat hij ook het leven zou verliezen, trokken zij hem
6 2, 20| offerde, in hun tempels zou ingaan, maar dat al de Joden,
7 2, 20| zouden worden; en zo wie zou mogen tegenspreken, dat
8 2, 20| dat men die met geweld zou aantasten, en van het leven
9 2, 21| die opgeschreven werden, zou tekenen, en dat met vuur
10 2, 21| van Bacchus, die men ook zou afzonderen tot de vrijheid,
11 2, 22| 22 En opdat hij niet zou schijnen op alle Joden verstoord
12 3, 1 | dat hij gelastte dat men zou haasten, en in één plaats
13 3, 8 | bij hetzelfde voornemen zou blijven, ja schreef tegen
14 4, 10| dezelfde wijze zorgvuldig zou behandelen, gelijk als de
15 4, 10| der Joden met hun namen zou beschrijven.~
16 5, 1 | vele handen vol wierook zou te drinken geven en veel
17 5, 1 | men hen de Joden tegemoet zou voeren om hen te doden.~
18 5, 3 | tegelijk des morgens een einde zou nemen en uitgeroeid worden.~
19 5, 24| vermaande hij dat men zich zou begeven tot vrolijkheid,
20 6, 33| voornoemde dagen, in vreugde zou houden, niet om enige drinkerij
21 7, 3 | volken hebben, totdat dit zou volbracht zijn.~
|