Chapter, Verse
1 1, 8 | geschenken te brengen, en over hetgeen geschied was hem
2 1, 10| heilige plaats kwam, en zich over de kunst en sierlijkheid
3 1, 10| sierlijkheid ontzette, ja ook over de schone orde van de tempel
4 2, 4 | stoutheid vertrouwden) vernield, over hen brengende een onmetelijk
5 2, 23| haatten, gaven zich licht over, alsof zij enige grote eer
6 4, 2 | brandde alleszins, en zuchtte over dat onverwacht verderf,
7 5, 4 | almachtige Here, en de heerser over alle macht, hun barmhartige
8 5, 18| krachtige werking Gods, die over alles heerst, die in het
9 5, 25| die daar mede aanzaten, over zijn ongestadig gemoed zich
10 5, 35| schepselen, dat hij zich over hen met een heerlijke verschijning
11 6, 12| verwonderen, gij die macht hebt over het behouden van het geslacht
12 6, 21| ons leven beroofd heidenen over uw on~
13 6, 30| ophouden en zeer heerlijk, over die onverwachte verlossing,
14 6, 37| met hem gesproken hebben over hun vertrek; en de koning
15 7, 1 | in Egypte, en allen die over des lands zaken gesteld
16 7, 5 | 5 En wij, hoewel hen over deze zaken zeer hard dreigende,
17 7, 6 | doe, noch iets verwijte over hetgeen hun buiten recht
18 7, 10| hen ook, en gaf hun macht over alle zodanigen dat zij degenen,
19 7, 13| En op die dag sloegen zij over de driehonderd mannen dood,
20 7, 17| zij te land en ter zee, en over de rivieren, een ieder naar
|