Chapter, Verse
1 1, 1 | Antiochus ontnomen waren, zo heeft hij al zijn krijgsvolk,
2 1, 5 | de zijde van Antiochus, zo ging Arsinoë naarstig toe,
3 1, 6 | 6 En zo is het geschied, dat de
4 1, 7 | aanslag overwonnen had, zo nam hij voor tot de naastgelegene
5 1, 7 | met gaven beschonken had, zo heeft hij zijn onderdanen
6 1, 10| van de tempel verwonderde, zo nam hij voor en was van
7 1, 11| maar eenmaal in het jaar, zo liet hij zich nochtans geenszins
8 1, 12| van de eer beroofd zijn, zo behoort het nochtans mij
9 1, 20| de oudsten gestild waren, zo begaven zij zich weder tot
10 2, 6 | beproefd, en uw mogendheid zo bekend gemaakt.~
11 2, 13| onder het volk Israël zij, zo hebt gij deze plaats geheiligd.~
12 2, 19| gerechtigheid afgezonderd waren, zo heeft hij niet alleen zichzelf
13 2, 19| verzadigd, maar hij is ook tot zo grote vermetelheid voortgegaan,
14 2, 20| weggevoerd zouden worden; en zo wie zou mogen tegenspreken,
15 2, 22| Joden verstoord te zijn, zo liet hij daaronder schrijven,
16 2, 22| daaronder schrijven, dat zo enigen onder hen verkozen
17 3, 1 | tiran dit vernam, werd hij zo toornig, dat hij niet alleen
18 3, 2 | dingen geordineerd waren, zo werd een gruwelijk gerucht
19 3, 3 | en in zijn wet wandelden, zo hebben zij enige Joden afgezonderd,
20 3, 3 | gerechtigheid versierden, zo waren zij bij alle mensen
21 3, 4 | welvaren van het koninkrijk; zo bezwaarden zij hen rondom
22 3, 6 | een zodanig besluit niet zo gedogen.~
23 3, 10| wil ten einde gebracht is, zo hebben wij gedacht, niet
24 3, 11| renten uitgedeeld hadden, zo zijn wij ook te Jeruzalem
25 3, 12| schone geschenken te vereren, zo hebben zij, gedreven zijnde
26 3, 18| 18 Zo gelasten wij, zodra deze
27 3, 19| tegelijk gestraft zullen zijn, zo achten wij, dat in toekomende
28 3, 20| 20 En zo wie iemand van de Joden
29 4, 2 | verderf, hetwelk jegens hen zo schielijk besloten was.~
30 4, 4 | 4 Want zo werden zij met een bitter
31 4, 9 | door de koning was geboden, zo heeft hij gelast dat zij
32 4, 10| ellende hunner broederen, zo werd hij zeer verstoord,
33 4, 11| de gedreigde straffen, en zo eindelijk op een bestemde
34 4, 12| 12 Zo geschiedde dan hun beschrijving
35 4, 15| Joden te doen ontvluchten, zo gebeurde het dat zij hem
36 5, 11| meer en meer voortging, zo riep de koning Hermon tot
37 5, 14| bespottingen tegen deze, zo men meende, ellendige te
38 5, 18| terneder geslagen werd, zo vroeg hij (als die in alles
39 5, 21| 21 Zo vele ouders, of kindskinderen
40 5, 22| 22 Zo verdroeg Hermon zulk een
41 5, 24| maaltijd aangericht had, zo vermaande hij dat men zich
42 5, 25| roeien, en weder op de daad zo herroept gij, uit verandering,
43 5, 27| 27 Zo heeft de koning, die in
44 5, 28| dezer wrede beesten, en zo ten grave zenden, maar ook
45 5, 30| wierook gemengd, bijna om zo te zeggen in een razende
46 5, 32| geluid en getuimel hoorden, zo meenden zij, dat dit voor
47 6, 14| vijanden, niet veracht hebt, zo volbreng het, o Here.~
48 6, 21| verderve voorover vielen, zo weende hij en dreigde met
49 6, 23| land getrouw bewaarden, zo onredelijk een ieder van
50 7, 2 | bestierde gelijk wij wensten, zo hebben sommigen onzer vrienden,
51 7, 5 | goedwilligheid bewijzen, zo hebben wij hen met recht
52 7, 12| 12 En zo straften zij hun medeburgers,
53 7, 16| behoorlijke dankzegging, zo hebben zij daar ook besloten,
54 7, 17| het gebed zegenende. En zo vertrokken zij te land en
|