1-500 | 501-1000 | 1001-1203
Chapter, Paragraph
1 Intro | van boetvaardigheid maakt de gehele Kerk zich op voor
2 Intro | het derde millennium sinds de Menswording van het Woord;
3 Intro | Menswording van het Woord; de voortdurende liefdevolle
4 Intro | steeds beter te voegen naar de wil van haar goddelijke
5 Intro | aansluiting hierbij heeft de Congregatie voor de Clerus
6 Intro | heeft de Congregatie voor de Clerus in haar voltallige
7 Intro | rondschrijven te sturen aan de afzonderlijke ordinarissen,
8 Intro | bij die gelegenheid zei de paus: "De inzet voor het
9 Intro | gelegenheid zei de paus: "De inzet voor het grote Jubileum
10 Intro | duidelijk in het teken van de nieuwe evangelisatie. Op
11 Intro | providentiële wijze komen hier de wegen samen die geschetst
12 Intro | samen die geschetst zijn in de apostolische brief Tertio
13 Intro | millennio adveniente, in de directoria voor de priesters
14 Intro | adveniente, in de directoria voor de priesters en permanente
15 Intro | en permanente diakens, in de Instructie over enige vragen
16 Intro | enige vragen betreffende de medewerking van lekengelovigen
17 Intro | lekengelovigen aan het dienstwerk van de priesters, en datgene wat
18 Intro | gehoor wordt gegeven zal de ons vertrouwd geraakte term ‘
19 Intro | evangelisatie’ doeltreffender naar de praktijk vertaald kunnen
20 Intro | een instrument te zijn om de individuele priester en
21 Intro | individuele priester en de presbyteria – de huidige
22 Intro | priester en de presbyteria – de huidige omstandigheden in
23 Intro | gewetensonderzoek, in het besef dat in de gang van de tijd ‘trouw’
24 Intro | besef dat in de gang van de tijd ‘trouw’ de naam is
25 Intro | gang van de tijd ‘trouw’ de naam is van de liefde. Dit
26 Intro | tijd ‘trouw’ de naam is van de liefde. Dit document herhaalt
27 Intro | geleerd, en verwijst naar de andere door de paus genoemde
28 Intro | verwijst naar de andere door de paus genoemde documenten:
29 Intro | zijn voor het antwoord op de authentieke vragen van deze
30 Intro | om zich doeltreffend aan de opdracht tot evangelisatie
31 Intro | wijden.~Het antwoord op de vragen aan het eind van
32 Intro | hoofdstuk hoeft niet naar de Congregatie te worden gestuurd;
33 Intro | Congregatie te worden gestuurd; de serie vragen zijn veeleer
34 Intro | van genoemde documenten, de alledaagse werkelijkheid
35 Intro | werkelijkheid te toetsen. De priesters kunnen er gebruik
36 Intro | er gebruik van maken op de wijze die zij het nuttigst
37 Intro | kan worden gebracht zonder de enthousiaste inzet van de
38 Intro | de enthousiaste inzet van de priesters die de eerste
39 Intro | inzet van de priesters die de eerste en belangrijkste
40 Intro | belangrijkste medewerkers zijn van de bisschoppen. Met dit rondschrijven
41 Intro | worden georganiseerd.~Moge de koningin van de apostelen
42 Intro | georganiseerd.~Moge de koningin van de apostelen als een heldere
43 Intro | van haar Zoon, voorgaan op de wegen van daadwerkelijke
44 Intro | wens u alle goeds toe in de Heer en geef u de verzekering
45 Intro | toe in de Heer en geef u de verzekering van mijn meest
46 Inl | Inleiding~De op de vruchtbare bodem van
47 Inl | Inleiding~De op de vruchtbare bodem van de
48 Inl | de vruchtbare bodem van de grote katholieke traditie
49 Inl | gegroeide leer beschrijft de priester als de leraar van
50 Inl | beschrijft de priester als de leraar van het Woord, de
51 Inl | de leraar van het Woord, de bedienaar van de sacramenten
52 Inl | Woord, de bedienaar van de sacramenten en de leider
53 Inl | bedienaar van de sacramenten en de leider van de hem toevertrouwde
54 Inl | sacramenten en de leider van de hem toevertrouwde christelijke
55 Inl | identiteit en zending binnen de Kerk. In het licht van de
56 Inl | de Kerk. In het licht van de nieuwe evangelisatie waartoe
57 Inl | nieuwe evangelisatie waartoe de heilige Geest alle gelovigen
58 Inl | gelovigen bij monde van de persoon en het gezag van
59 Inl | persoon en het gezag van de paus oproept dient men zich
60 Inl | bezinnen.~Van iedereen in de Kerk wordt zowel op het
61 Inl | persoonlijke vlak als op dat van de gemeenschap een grotere,
62 Inl | zich voor te bereiden om de eenentwintigste eeuw binnen
63 Inl | binnen te gaan, vol verlangen de poorten van de geschiedenis
64 Inl | verlangen de poorten van de geschiedenis wijd open te
65 Inl | 2000 "met nieuwe kracht de waarheid verkondigd wordt:
66 Inl | christelijk zijn, maar soms ook in de jongere Kerken, hebben hele
67 Inl | hebben hele groepen gedoopten de levende geloofszin verloren
68 Inl | niet meer als leden van de Kerk en leiden een bestaan
69 Inl | herevangelisatie’ nodig." 2 De nieuwe evangelisatie betekent
70 Inl | evangelisatie betekent dus op de eerste plaats een moederlijke
71 Inl | moederlijke reactie van de Kerk op het verzwakt geloof
72 Inl | en dochters vervagen van de zedelijke eisen van het
73 Inl | afstaat van het Woord en de sacramenten die voor het
74 Inl | zelfs gedoopt zijn, maar de grondslagen missen van het
75 Inl | Met grote genegenheid ziet de Kerk hen aan, en met name
76 Inl | name jegens hen gevoelt zij de dringende plicht hen binnen
77 Inl | hen binnen te voeren in de kerkelijke gemeenschap,
78 Inl | gemeenschap, waar zij door de genade van de heilige Geest
79 Inl | waar zij door de genade van de heilige Geest weer Jezus
80 Inl | Geest weer Jezus Christus en de Vader zullen ontdekken.~
81 Inl | leven moet wekken en in de samenleving de blijde boodschap
82 Inl | wekken en in de samenleving de blijde boodschap van het
83 Inl | moet doen weerklinken, is de Kerk zich heel sterk bewust
84 Inl | verantwoordelijkheid voor de permanente zending ad gentes,
85 Inl | wil zeggen het recht en de plicht om het evangelie
86 Inl | zijn in onze dagen voor de Kerk als moeder en lerares
87 Inl | Kerk als moeder en lerares de missio ad gentes en de nieuwe
88 Inl | lerares de missio ad gentes en de nieuwe evangelisatie onverbrekelijk
89 Inl | onverbrekelijk verbonden met de opdracht om te onderrichten,
90 Inl | heiligen en alle mensen tot de Vader te brengen. Ook vurige
91 Inl | bemoediging om te streven naar de heiligheid waartoe ze door
92 Inl | heiligheid waartoe ze door God en de Kerk geroepen worden. Dat
93 Inl | Dat is in wezen hetgeen de nieuwe evangelisatie beweegt.~
94 Inl | christen, ieder lid van de Kerk zich aangesproken zou
95 Inl | dit in het bijzonder voor de priesters die speciaal gekozen,
96 Inl | gewijd en uitgezonden zijn om de aanwezigheid in deze tijd
97 Inl | vertegenwoordiger en bode zij worden. 3 De priesters, wereldheren zowel
98 Inl | geholpen worden om persoonlijk de "primaire pastorale taak
99 Inl | primaire pastorale taak van de nieuwe evangelisatie"4 op
100 Inl (3) | Vgl. Congregatie voor de Clerus, Directorium voor
101 Inl (3) | het ambt en het leven van de priesters (31 januari 1994),
102 Inl | het Woord, bedienaars van de sacramenten en geestelijke
103 Inl | geestelijke herders van de kudde.~
104 I | Hoofdstuk I~In dienst van de nieuwe evangelisatie~"Ik
105 I | uitgekozen en Ik heb jullie de taak gegeven eropuit te
106 I,1 | 1. De nieuwe evangelisatie, opdracht
107 I,1 | evangelisatie, opdracht van de gehele Kerk~De roeping en
108 I,1 | opdracht van de gehele Kerk~De roeping en uitzending door
109 I,1 | roeping en uitzending door de Heer zijn altijd actueel,
110 I,1 | altijd actueel, maar in de huidige omstandigheden krijgen
111 I,1 | betekenis. Want het einde van de twintigste eeuw wordt in
112 I,1 | tegenstrijdige verschijnselen. Van de ene kant constateren we
113 I,1 | bevredigende vorm weet te vinden. "De zending van Christus de
114 I,1 | De zending van Christus de Verlosser, welke aan de
115 I,1 | de Verlosser, welke aan de Kerk is toevertrouwd, is
116 I,1 | Een blik op het geheel van de mensheid op het eind van
117 I,1 | uitgeoefend in het kader van de nieuwe evangelisatie van
118 I,1 | in het bredere geheel van de totale mensheid, overal
119 I,1 | totale mensheid, overal waar de mensen de boodschap van
120 I,1 | mensheid, overal waar de mensen de boodschap van het door Christus
121 I,1 | heeft zich afgewend van de navolging van Christus,
122 I,1 | voor hun stijl van leven. De rol van het christelijk
123 I,1 | culturele factor die zuiver tot de privésfeer beperkt blijft
124 I,1 | geroepen weten om, ieder naar de eigen levenssituatie, mee
125 I,1 | levenssituatie, mee te werken aan de evangelisatieopdracht welke
126 I,1 | verantwoordelijkheid is van de Kerk. 7 De verantwoordelijkheid
127 I (6) | vobis, 46: "Dikwijls loopt de christelijke godsdienst
128 I (6) | sociale ethiek ten dienste van de mens, zodat haar revolutionaire
129 I (6) | revolutionaire nieuwheid in de geschiedenis niet altijd
130 I,1 | verantwoordelijkheid is van de Kerk. 7 De verantwoordelijkheid voor
131 I,1 | verantwoordelijkheid voor de missionaire arbeid "rust
132 I,1 | vooral op het college van de bisschoppen met de opvolger
133 I,1 | college van de bisschoppen met de opvolger van Petrus als
134 I (7) | het ambt en het leven van de priesters Presbyterorum
135 I (7) | het ambt en het leven van de priesters, 1, 3, 6; Congregatie
136 I (7) | 3, 6; Congregatie voor de Clerus, Pauselijke Raad
137 I (7) | Clerus, Pauselijke Raad voor de Leken, e.a., Instructie
138 I (7) | enige vragen betreffende de medewerking van lekengelovigen
139 I (7) | lekengelovigen aan het dienstwerk van de priesters (15 augustus 1997),
140 I,1 | Als "medewerkers van de bisschoppen, worden de priesters
141 I,1 | van de bisschoppen, worden de priesters krachtens het
142 I,1 | krachtens het sacrament van de wijding geroepen de zorg
143 I,1 | van de wijding geroepen de zorg voor de missie te delen".9
144 I,1 | wijding geroepen de zorg voor de missie te delen".9 Men kan
145 I,1 | zeggen dat in een zekere zin de priesters "de eerst verantwoordelijken
146 I,1 | zekere zin de priesters "de eerst verantwoordelijken
147 I,1 | millennium".10~Onder invloed van de grote vooruitgang op het
148 I,1 | wetenschap en techniek heeft de moderne samenleving een
149 I,1 | situatie maakt het noodzakelijk de christelijke heilsboodschap,
150 I,1 | aantrekkelijkheid als bij de eerste evangelisatie; daarbij
151 I,1 | gebruik worden gemaakt van de middelen van de moderne
152 I,1 | gemaakt van de middelen van de moderne techniek, maar altijd
153 I,1 | leven kunnen vervangen. De Kerk heeft echte getuigen
154 I,1 | leven. Daaruit volgt dat de christenen in het algemeen,
155 I,1 | christenen in het algemeen, en de priesters in het bijzonder,
156 I (10) | het ambt en het leven van de priesters, Inleiding; Pastores
157 I,1 | dialoog en begrip. Maar de verkondiging van het evangelie
158 I,1 | beperkt blijven. Tegenover de bekoring van conformisme,
159 I,1 | onontkoombare uitdaging de waarheid te durven uit te
160 I,1 | durven uit te spreken.~Bij de evangelisatiearbeid moet
161 I,1 | begrippen waarvan men zich bij de evangelisatie van oudsher
162 I,1 | een groot aantal mensen in de hedendaagse cultuur praktisch
163 I,1 | enzovoorts hebben voor hen de positieve betekenis verloren
164 I,1 | christendom. Daarom moet de nieuwe evangelisatie, in
165 I,1 | evangelisatie, in grote trouw aan de constante geloofsleer van
166 I,1 | constante geloofsleer van de Kerk en in het besef verantwoordelijk
167 I,1 | verantwoordelijk te zijn voor de woordenschat van de christelijke
168 I,1 | voor de woordenschat van de christelijke leer, ook de
169 I,1 | de christelijke leer, ook de geschikte woorden weten
170 I,1 | onze tijd te helpen weer de diepe zin te ontdekken van
171 I,1 | Daarbij mag ze niet afzien van de voor eens en altijd vastgestelde
172 I,1 | geloofsformuleringen die samengevat zijn in de geloofsbelijdenis. 12~
173 I (12) | Vgl. Katechismus van de Katholieke Kerk, 171.~
174 I,2 | 2. De noodzakelijke en onvervangbare
175 I,2 | en onvervangbare rol van de priester~Hoewel de geestelijke
176 I,2 | rol van de priester~Hoewel de geestelijke herders zich
177 I,2 | niet werden aangesteld om de gehele heilszending van
178 I,2 | gehele heilszending van de Kerk tegenover de wereld
179 I,2 | heilszending van de Kerk tegenover de wereld uitsluitend op eigen
180 I,2 | nemen",13 vervullen zij bij de evangelisatie een absoluut
181 I,2 | absoluut onvervangbare rol. De nieuwe evangelisatie vraagt
182 I,2 | vraagt dus dringend, voor de uitoefening van het priesterambt
183 I,2 | vinden die beantwoordt aan de huidige situatie, en die
184 I,2 | en krachtig in te gaan op de omstandigheden waarin het
185 I,2 | zonder dat we ons door de omstandigheden van onze
186 I,2 | vernieuwing brengen, maar vooral de vurige liefde voor Christus
187 I,2 | Koninkrijk van Christus en de eenwording in Hem van al
188 I,2 | is dit Rijk aanwezig door de levenmakende Geest door
189 I,2 | Jezus Christus zijn Lichaam, de Kerk, gemaakt heeft tot
190 I (13) | dogmatische Constitutie over de Kerk Lumen gentium, 30.~
191 I,2 | heilssacrament. 14~Als Hoofd van de Kerk en Heer van de gehele
192 I,2 | van de Kerk en Heer van de gehele schepping blijft
193 I,2 | schepping blijft Christus onder de mensen zijn heilswerk verrichten,
194 I,2 | wil Christus met name de betrokkenheid van de priesters.
195 I,2 | name de betrokkenheid van de priesters. Wij zien hier
196 I,2 | plan (Gods wil namelijk om de Kerk en haar bedienaren
197 I,2 | verlossingswerk), dat vanuit de geloofsleer en de theologie
198 I,2 | vanuit de geloofsleer en de theologie zeer duidelijk
199 I,2 | aangetoond, maar dat voor de mensen van onze tijd moeilijk
200 I,2 | Tegenwoordig ziet men velen de sacramentele bemiddeling
201 I,2 | sacramentele bemiddeling en de hiërarchische structuur
202 I,2 | hiërarchische structuur van de Kerk aanvechten; men vraagt
203 I,2 | leven moet ook dat van de priester een leven zijn
204 I,2 | zijn naam gewijd is aan de waarachtige verkondiging
205 I,2 | waarachtige verkondiging van de liefdevolle wil van de Vader (
206 I,2 | van de liefdevolle wil van de Vader (vgl. Joh 17,4; Heb
207 I,2 | daad" (vgl. Hnd 1,1) wijdde de Messias zijn openbaar leven
208 I,2 | zijn openbaar leven aan de prediking als man die met
209 I,2 | aan zijn god-zijn, maar in de ogen van de mensen ook aan
210 I,2 | god-zijn, maar in de ogen van de mensen ook aan zijn oprechte,
211 I,2 | handelen. Zo moet ook bij de priester het objectieve
212 I,2 | Christus’ liefde. 17 Wat de H. Gregorius de Grote zijn
213 I,2 | Wat de H. Gregorius de Grote zijn priesters voorhield
214 I,2 | nog steeds geldig: "Hij (de geestelijke herder) moet
215 I,2 | beschouwend gebed wijden; de mens die het goede doet
216 I,2 | zijn vurig ijveren voor de gerechtigheid dient hij
217 I,2 | komen tegen het kwaad van de zondaars. Bij zijn uitwendige
218 I,2 | uitwendige bezigheden mag hij de zorg voor zijn inwendig
219 I,2 | nalaten om goed te zorgen voor de uitwendige noodwendigheden." 18~
220 I (17) | het ambt en het leven van de priesters, 43.~
221 I,2 | noodwendigheden." 18~Zoals immer heeft de Kerk ook in onze tijd "herauten
222 I,2 | nodig, die het hart van de hedendaagse mens grondig
223 I,2 | heiligen nodig," zo zei de paus, weliswaar sprekend
224 I,2 | weliswaar sprekend over de herkerstening van Europa,
225 I,2 | algemene geldigheid hebben. "De grote evangelieverkondigers
226 I,2 | waren heiligen. Wij moeten de Heer smeken de geest van
227 I,2 | Wij moeten de Heer smeken de geest van heiligheid van
228 I,2 | geest van heiligheid van de Kerk te doen groeien en
229 I,2 | nieuwe heiligen te zenden om de hedendaagse wereld te evangeliseren." 19
230 I (18) | H. Gregorius de Grote, Herderlijke regel,
231 I,2 | van zijn Kerk vormen aan de hand van haar gewijde bedienaren;
232 I,2 | transparant beeld van Christus, de Priester".20~In het kader
233 I (19) | Paulus II, Toespraak tot de deelnemers aan het zesde
234 I (19) | het zesde symposium van de bisschoppen van Europa Eenheid,
235 I,2 | aanduiden: het onderricht aan de menigten die als schapen
236 I,2 | Anderzijds in het hart van de luisteraars het verlangen
237 I,2 | voor hun zonden, en hun de weg openen om van God vergiffenis
238 I,2 | Ook thans is dat nog zo: "De oproep tot een nieuwe evangelisatie
239 I,2 | van God het verstand van de mens heeft onderricht en
240 I,2 | onderricht en zijn wil bewogen om de zonde af te wijzen, bereikt
241 I,2 | evangelisatiewerk zijn hoogtepunt in de vruchtbare deelname aan
242 I,2 | vruchtbare deelname aan de sacramenten, en vooral in
243 I,2 | sacramenten, en vooral in de viering van de eucharistie.
244 I,2 | vooral in de viering van de eucharistie. Paus Paulus
245 I,2 | Paus Paulus VI schreef: "De eigen taak van het evangeliseren
246 I,2 | geloof op te voeden, dat de afzonderlijke christenen
247 I,2 | geloof ertoe worden gebracht de sacramenten te beleven als
248 I (21) | II, Openingstoespraak tot de IVe Algemene Vergadering
249 I (21) | evangelisatie, bevordering van de menselijke waardigheid en
250 I (21) | menselijke waardigheid en de christelijke cultuur (Santo
251 I,2 | het Woord, bediening van de sacramenten en leiding van
252 I,2 | sacramenten en leiding van de gelovigen. 23 Als de prediking
253 I,2 | van de gelovigen. 23 Als de prediking de gelovigen niet
254 I,2 | gelovigen. 23 Als de prediking de gelovigen niet zou blijven
255 I,2 | leiden tot deelname aan de sacramenten, zou ze absoluut
256 I,2 | zinloos als een deelname aan de sacramenten zonder oprechte
257 I,2 | aanvaarding van het geloof en van de zedelijke beginselen. Pastoraal
258 I,2 | gezien staat logischerwijze de prediking voorop; 24 maar
259 I,2 | prediking voorop; 24 maar wat de doelstelling betreft moet
260 I,2 | betreft moet het vieren van de sacramenten, met name van
261 I,2 | het boetesacrament en van de eucharistie, als voornaamste
262 I,2 | voornaamste element van de evangelisatie gezien worden. 25
263 I,2 | van deze twee functies is de volheid gelegen van de priesterlijke
264 I,2 | is de volheid gelegen van de priesterlijke pastorale
265 I,2 | pastorale arbeid ten dienste van de nieuwe evangelisatie.~Een
266 I,2 | evangelisatie.~Een aspect van de nieuwe evangelisatie wordt
267 I,2 | wordt steeds belangrijker, de oecumenische vorming namelijk
268 I,2 | oecumenische vorming namelijk van de gelovigen. Het Tweede Vaticaans
269 I,2 | ijverig deel te nemen aan de oecumenische beweging" en "
270 I,2 | oecumenische beweging" en "de echt christelijke waarden
271 I (25) | het ambt en het leven van de priesters, 48.~
272 I,2 | niets zo ver af staat van de oecumenische beweging als
273 I,2 | als een vals irenisme, dat de zuiverheid van de katholieke
274 I,2 | irenisme, dat de zuiverheid van de katholieke leer schaadt
275 I,2 | katholieke leer schaadt en de authentieke, vaststaande
276 I (26) | Vaticaans Concilie, Decreet over de katholieke deelneming aan
277 I (26) | katholieke deelneming aan de oecumenische beweging Unitatis
278 I,2 | zin ervan verduistert".27 De priesters moeten er dus
279 I,2 | dus voor zorgen dat bij de oecumenische beweging steeds
280 I,2 | oecumenische beweging steeds trouw de beginselen in acht worden
281 I,2 | aangegeven door het leergezag van de Kerk die geen verbrokkeling
282 I,2 | gemeenschappen, met name onder de priesters, het besef dat
283 I,2 | priesters, het besef dat de nieuwe evangelisatie een
284 I,2 | noodzaak is?~2. Ziet men dit in de prediking? Wordt er aandacht
285 I,2 | aandacht aan besteed in de vergaderingen van het presbyterium,
286 I,2 | van het presbyterium, in de pastorale programma’s, bij
287 I,2 | pastorale programma’s, bij de permanente vorming?~3. Zetten
288 I,2 | permanente vorming?~3. Zetten de priesters zich bijzonder
289 I,2 | ad intra en ad extra van de Kerk?~4. Beschouwen de gelovigen
290 I,2 | van de Kerk?~4. Beschouwen de gelovigen het priesterschap
291 I,2 | die het ontvangt als voor de gemeenschap, of beschouwen
292 I,2 | Wordt erop gewezen dat men de Heer moet bidden roepingen
293 I,2 | in te gaan?~5. Wordt bij de prediking van Gods Woord
294 I,2 | prediking van Gods Woord en in de catechese een juist evenwicht
295 I,2 | het evangelisatiewerk van de priesters gekenmerkt doordat
296 I (28) | Paulus II, Toespraak tot de bisschoppen van het celam (
297 II | van het Woord~"Trek heel de wereld door om aan elk schepsel
298 II | door om aan elk schepsel de goede boodschap te verkondigen" (
299 II,1 | 1. De priester, leraar van het
300 II,1 | Een juist verstaan van de pastorale bediening van
301 II,1 | van het Woord begint met de beschouwing van Gods Openbaring
302 II,1 | deze openbaring spreekt dus de onzichtbare God (vgl. Kol
303 II,1 | Kol 1,15; 1 Tim 1,17) uit de overvloed van zijn liefde
304 II,1 | overvloed van zijn liefde de mensen aan als zijn vrienden (
305 II,1 | om hen uit te nodigen tot de gemeenschap met Hem en hen
306 II,1 | daarin op te nemen." 29 In de Heilige Schrift spreekt
307 II,1 | Heilige Schrift spreekt de verkondiging van het Godsrijk
308 II,1 | verkondiging zichtbaar. Het in de Kerk gepredikte evangelie
309 II,1 | ervaring voor hen die geloven, de boodschap aanhoren en aanvaarden
310 II,1 | gehoorzamen.~Vandaar dat de openbaring ons niet alleen
311 II,1 | alleen maar onderricht over de natuur van deze God die
312 II,1 | wat God voor ons doet door de genade. "In" en "door" de
313 II,1 | de genade. "In" en "door" de Kerk tegenwoordig gesteld
314 II,1 | luisteren naar het Woord doet de actuele confrontatie met
315 II,1 | een beroep op het hart van de mens, en vraagt om een beslissing
316 II,1 | ommekeer nodig is.~"Het is de eerste taak van de priesters
317 II,1 | Het is de eerste taak van de priesters als medewerkers
318 II,1 | priesters als medewerkers van de bisschoppen om de blijde
319 II,1 | medewerkers van de bisschoppen om de blijde boodschap van God
320 II (29) | dogmatische Constitutie over de goddelijke openbaring Dei
321 II,1 | groeien." 30 Juist omdat de prediking van het Woord
322 II,1 | van hen die dit Woord in de Kerk verkondigen een bovennatuurlijke
323 II,1 | en doeltreffend overkomt. De prediking van het Woord
324 II,1 | prediking van het Woord door de gewijde ambtsdragers deelt
325 II,1 | evangelie verkondigen met de kracht die zij ontlenen
326 II,1 | het feit dat zij delen in de wijding en zending van het
327 II,1 | mensgeworden Woord van God. In de oren van de ambtsdragers
328 II,1 | van God. In de oren van de ambtsdragers klinken de
329 II,1 | de ambtsdragers klinken de woorden van de Heer: "Wie
330 II,1 | ambtsdragers klinken de woorden van de Heer: "Wie naar jullie luistert,
331 II,1 | zeggen: "Wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen,
332 II,1 | hebben niet de geest van de wereld ontvangen, maar de
333 II,1 | de wereld ontvangen, maar de Geest die van God komt.
334 II,1 | menselijke wijsheid maar door de Geest zijn geleerd" (1Kor
335 II,1 | geleerd" (1Kor 2,12-13).~De prediking is een ambtswerk
336 II,1 | van Christus. Toch staat de kracht van de heilige Geest
337 II,1 | Toch staat de kracht van de heilige Geest niet op gelijke
338 II,1 | wijze borg voor alles wat de ambtsdragers doen. Terwijl
339 II,1 | waarborg wel wordt gegeven voor de bediening van de sacramenten,
340 II,1 | gegeven voor de bediening van de sacramenten, zodat zelfs
341 II,1 | sacramenten, zodat zelfs de zondigheid van de bedienaar
342 II,1 | zelfs de zondigheid van de bedienaar geen belemmering
343 II,1 | geen belemmering is voor de vrucht van de genade, zijn
344 II,1 | belemmering is voor de vrucht van de genade, zijn er veel andere
345 II,1 | sterk het stempel dragen van de ambtsdrager. Dit stempel
346 II,1 | als schadelijk zijn voor de apostolische vruchtbaarheid
347 II,1 | apostolische vruchtbaarheid van de Kerk.31 Hoewel heel het
348 II,1 | met name noodzakelijk bij de prediking, want naarmate
349 II,1 | prediking, want naarmate de ambtsdrager meer in waarheid
350 II,1 | wordt van het Woord en niet de meester ervan, kan dit Woord
351 II,1 | Dienstbetoon vraagt van de ambtsdrager persoonlijke
352 II,1 | verkondigen" (Rom 1,9). De priester mag hieraan geen
353 II,1 | hieraan geen hinderpalen in de weg leggen door doeleinden
354 II,1 | manipuleren! Integendeel, de priester "moet zelf als
355 II,1 | van God ontwikkelen ... en de eerste zijn om in het woord
356 II,1 | in het volle besef dat de woorden van zijn dienstwerk
357 II,1 | van zijn dienstwerk niet de ‘zijne’ zijn, maar de woorden
358 II,1 | niet de ‘zijne’ zijn, maar de woorden van Degene die hem
359 II (31) | Vgl. Katechismus van de Katholieke Kerk, 1550.~
360 II,1 | persoonlijk gebed en prediking. De overweging van Gods Woord
361 II,1 | leidt er spontaan toe "dat de priester allereerst getuigt
362 II,1 | maakt en aan zijn woord de overtuigingskracht geeft".33
363 II,1 | hart dat beseft dat het de taak van de ambtsdragers
364 II,1 | beseft dat het de taak van de ambtsdragers is "om niet
365 II (33) | het ambt en het leven van de priesters, 45.~
366 II,1 | en tot heiligheid".34 Wil de prediking van de dienaren
367 II,1 | Wil de prediking van de dienaren van Christus haar
368 II,1 | gebedsleven betekent voor de priesters een steun; het
369 II,1 | dag opnieuw hun ijver voor de evangelisatie gevoed. Deze
370 II,1 | dan een openbaar gebed van de Kerk: het is ook pastoraal
371 II (35) | Augustinus, De doctrina christiana, 4,
372 II,1 | verdiepen in het onderricht van de bijbel, de kerkvaders, de
373 II,1 | onderricht van de bijbel, de kerkvaders, de theologie
374 II,1 | de bijbel, de kerkvaders, de theologie en het leergezag,
375 II,1 | en om dit onderricht in de prediking aan het volk Gods
376 II,2 | het Woord~In verband met de nieuwe evangelisatie moet
377 II,2 | worden hoe belangrijk het is de gelovigen dieper de betekenis
378 II,2 | het is de gelovigen dieper de betekenis van de uit het
379 II,2 | dieper de betekenis van de uit het doopsel voortvloeiende
380 II,2 | persoonlijk mee te werken aan de opdracht van de Kerk. "Het
381 II,2 | werken aan de opdracht van de Kerk. "Het geloof overdragen
382 II,2 | geloof overdragen betekent de roeping van de christen
383 II,2 | betekent de roeping van de christen aan het licht brengen,
384 II,2 | verkondigen en verdiepen; de roeping van de christen,
385 II,2 | verdiepen; de roeping van de christen, dat wil zeggen
386 II,2 | christen, dat wil zeggen de roep die God tot iedere
387 II,2 | heilsgeheim te tonen." 37 De rol van de prediking is
388 II,2 | te tonen." 37 De rol van de prediking is dus Christus
389 II,2 | prediking is dus Christus aan de mensen voor te houden want
390 II,2 | houden want Hij alleen, "de laatste Adam, maakt juist
391 II,2 | laatste Adam, maakt juist door de openbaring van het mysterie
392 II,2 | openbaring van het mysterie van de Vader en diens liefde de
393 II,2 | de Vader en diens liefde de mens voor zichzelf duidelijk
394 II (37) | het ambt en het leven van de priesters, 45.~
395 II,2 | zeer hoge roeping".38~Voor de christen gaan de nieuwe
396 II,2 | Voor de christen gaan de nieuwe evangelisatie en
397 II,2 | leven hand in hand. Dat is ‘de blijde boodschap’ die aan
398 II,2 | blijde boodschap’ die aan de gelovigen verkondigd moet
399 II,2 | iets aan af te doen wat de goedheid ervan betreft of
400 II,2 | goedheid ervan betreft of de eisen die ze stelt om er
401 II,2 | Tegelijk bedenke men dat "op de christen de noodzaak en
402 II,2 | men dat "op de christen de noodzaak en taak wegen om
403 II,2 | en om door het lijden van de dood te gaan; maar in verbondenheid
404 II,2 | paasmysterie, gelijkvormig aan de dood van Christus en sterk
405 II,2 | van Christus en sterk in de hoop snelt hij de verrijzenis
406 II,2 | sterk in de hoop snelt hij de verrijzenis tegemoet".39~
407 II (38) | pastorale Constitutie over de Kerk in de wereld van deze
408 II (38) | Constitutie over de Kerk in de wereld van deze tijd Gaudium
409 II,2 | verrijzenis tegemoet".39~De nieuwe evangelisatie vraagt
410 II,2 | zijn, en oog hebben voor de concrete behoeften van de
411 II,2 | de concrete behoeften van de mensen die men wil bereiken.
412 II,2 | constructies die het verstand van de christenen eerder verwarren
413 II,2 | constante catechese over de grondwaarheden van het katholieke
414 II,2 | het katholieke geloof en de katholieke moraal, en over
415 II,2 | op bijzondere wijze tot de geestelijke werken van barmhartigheid:
416 II,2 | barmhartigheid: het heil komt door de kennis van Christus, "want
417 II,2 | Christus, "want er is onder de hemel geen andere naam aan
418 II,2 | natuurlijk niet alleen om, de geopenbaarde leer te herhalen
419 II,2 | verstand en geweten van de gelovigen te vormen opdat
420 II,2 | consequent kunnen leven naar de eisen van de bij het doopsel
421 II,2 | leven naar de eisen van de bij het doopsel ontvangen
422 II,2 | doopsel ontvangen roeping. De nieuwe evangelisatie zal
423 II,2 | evangelisatie zal tot stand komen in de mate waarin niet alleen
424 II,2 | mate waarin niet alleen de Kerk in haar geheel of haar
425 II,2 | beleven en door zijn leven de geloofwaardigheid ervan
426 II,2 | verkondigen en verspreiden van de inhoud van de geopenbaarde
427 II,2 | verspreiden van de inhoud van de geopenbaarde waarheden (
428 II,2 | en christologisch geloof, de betekenis van het scheppingsdogma,
429 II,2 | van het scheppingsdogma, de eschatologische waarheden,
430 II,2 | eschatologische waarheden, de leer over Kerk, mens, sacramenten
431 II,2 | Dat betekent ook dat men de mensen door middel van geestelijke
432 II,2 | en missionaire inzet naar de dagelijkse praktijk kunnen
433 II,2 | vorming van alle gelovigen). De bediening van het Woord,
434 II,2 | van het Woord, en vooral de bedienaars van het Woord,
435 II,2 | Woord, moeten daarom tegen de omstandigheden opgewassen
436 II,2 | spirituele verkondiging van de christelijke boodschap, –
437 II,2 | allereerst het geweten van de gedoopten te enthousiasmeren
438 II,2 | worden. Nog minder mogen de priesters tekort schieten
439 II,2 | verantwoordelijkheid om persoonlijk de taak van de verkondiging
440 II,2 | persoonlijk de taak van de verkondiging op zich te
441 II,2 | name met betrekking tot de opdracht het evangelie te
442 II,2 | voorbereid.~Als we denken aan de prediking door de priester
443 II,2 | denken aan de prediking door de priester moet worden benadrukt,
444 II,2 | gebeurd, hoe belangrijk de verwijderde voorbereiding
445 II,2 | belangstelling op hetgeen voor de gewijde ambtsdrager bij
446 II,2 | voorbereiding dienstig kan zijn. De predikant moet voortdurend
447 II,2 | pastorale voeling houden met de vraagstukken waarmee de
448 II,2 | de vraagstukken waarmee de mensen in onze tijd worstelen,
449 II,2 | eventueel zijn op te lossen. "De priesters moeten, om een
450 II,2 | kunnen geven op vragen die de mensen van onze tijd bezighouden,
451 II,2 | bezighouden, goed kennis nemen van de documenten van het kerkelijk
452 II,2 | en pausen en zij moeten de beste en beproefde theolo-gische
453 II (40) | enige vragen betreffende de medewerking van lekengelovigen
454 II (40) | lekengelovigen aan het dienstwerk van de priesters, artikel 3.~
455 II,2 | en niet te vergeten de Katechismus van de Katholieke
456 II,2 | vergeten de Katechismus van de Katholieke Kerk. Wat dit
457 II,2 | benadrukken hoe belangrijk de permanente vorming van de
458 II,2 | de permanente vorming van de geestelijkheid is, waarbij
459 II,2 | het ambt en het leven van de priesters als leidraad dient. 42
460 II,2 | onmiddellijke voorbereiding op de prediking van het woord
461 II,2 | wat men wil gaan zeggen.~De voornaamste bron van de
462 II,2 | De voornaamste bron van de prediking is natuurlijk
463 II,2 | prediking is natuurlijk de Heilige Schrift die men
464 II (42) | het ambt en het leven van de priesters, 69 e.v.~
465 II,2 | pastorale ervaring blijkt dat de kracht en welsprekendheid
466 II,2 | kracht en welsprekendheid van de gewijde tekst diepe indruk
467 II,2 | tekst diepe indruk maakt op de toehoorders. De geschriften
468 II,2 | maakt op de toehoorders. De geschriften van de kerkvaders
469 II,2 | toehoorders. De geschriften van de kerkvaders en andere grote
470 II,2 | andere grote schrijvers uit de traditie leren ons hoe we
471 II,2 | traditie leren ons hoe we in de betekenis van het geopenbaarde
472 II (43) | het ambt en het leven van de priesters, 46.~
473 II,2 | fundamentalisme’ of verminking van de goddelijke boodschap. Ook
474 II,2 | boodschap. Ook kan men zich bij de voorbereiding op de prediking
475 II,2 | bij de voorbereiding op de prediking laten leiden door
476 II,2 | prediking laten leiden door de pedagogie waarmee de liturgie
477 II,2 | door de pedagogie waarmee de liturgie van de Kerk het
478 II,2 | waarmee de liturgie van de Kerk het Woord van God in
479 II,2 | Kerk het Woord van God in de verschillende delen van
480 II,2 | Bovendien heeft van oudsher de beschouwing van het leven
481 II,2 | beschouwing van het leven van de heiligen – met hun strijd
482 II,2 | heldhaftigheid – in het hart van de christenen rijke vruchten
483 II,2 | vruchten voortgebracht. De gelovigen worden vaak belaagd
484 II,2 | zich geheel overgaven aan de liefde voor God en die zich
485 II,2 | zich omwille van God aan de mensen uitleverden. Dat
486 II,2 | Dat alles is nuttig voor de evangelisatie; zo ook het
487 II,2 | evangelisatie; zo ook het aan de gelovigen uit liefde voor
488 II,2 | zelfgave. Het geweten van de christen komt tot wasdom
489 II,2 | steeds nauwer verband met de liefde.~Ook aan de formele
490 II,2 | verband met de liefde.~Ook aan de formele kanten van de prediking
491 II,2 | aan de formele kanten van de prediking moet de priester
492 II,2 | kanten van de prediking moet de priester veel zorg besteden.
493 II,2 | kijken. In zekere zin moet de priester (die op eigen wijze
494 II,2 | met hen ten overstaan van de gelovigen vreedzaam concurreren;
495 II,2 | deze ‘nieuwe leerstoelen’, de massamedia, maar vooral
496 II,2 | Woord dat hij predikt. Bij de media bereiden de vaklui
497 II,2 | predikt. Bij de media bereiden de vaklui zich zorgvuldig voor
498 II,2 | verstandig ervoor zorgen de ‘professionele’ kwaliteit
499 II,2 | belangstelling moet ook onder de priesters gewekt worden,
500 II,2 | wijze van optreden.~Zoals de prediking van Christus moet
1-500 | 501-1000 | 1001-1203 |