Chapter, Paragraph
1 Inl | naar de heiligheid waartoe ze door God en de Kerk geroepen
2 I,1 | huidige omstandigheden krijgen ze een bijzondere betekenis.
3 I,1 | verloren is gegaan. Maar ze gebeurt ook in het bredere
4 I,1 | positieve betekenis verloren die ze bezaten in het christendom.
5 I,1 | grondgegevens. Daarbij mag ze niet afzien van de voor
6 I,2 | die nodig zijn en waarop ze berusten.~Zoals Christus’
7 I,2 | van het geloof en niet om ze louter passief te ontvangen
8 I,2 | dialoog en dienstbetoon; ze berust op drie onverbrekelijke
9 I,2 | aan de sacramenten, zou ze absoluut zinloos zijn, even
10 I,2 | gemeenschap, of beschouwen ze het louter als een organisatorische
11 II,1 | overdragen van een boodschap maar ze "goddelijke kracht is tot
12 II,1 | 16), en met Paulus kunnen ze zeggen: "Wij hebben niet
13 II,1 | persoonlijk gebed wordt ze heel indringend, niet alleen
14 II,1 | innerlijke logica, maar omdat ze voortkomt uit een oprecht
15 II,1 | doel bereiken, dan moet ze vast geworteld staan in
16 II,2 | betreft of de eisen die ze stelt om er deel aan te
17 II,2 | bediening van het Woord. Ze moet duidelijk theologisch,
18 II,2 | gelovigen te vormen opdat ze consequent kunnen leven
19 II,2 | morele vorming leert hoe ze deze waarheden door getuigenis
20 II,2 | allereerst af van Gods hulp, maar ze vraagt ook met zo groot
21 III,1| sacramenten centraal omdat ze de momenten bij uitstek
22 III,1| en te communie te gaan. Ze moeten gewezen worden op
23 III,1| van het heilig Offer, dat ze getuigen zijn van de liefde
24 III,1| waarmee hij celebreert, en dat ze van hem kunnen leren enige
25 III,1| makkelijk toegankelijk te maken. Ze moet zo lang mogelijk dagelijks
26 III,1| leven van de gedoopten; maar ze wordt gekenmerkt door de
27 III,1| priesters geven, wanneer ze inwendig en uitwendig trouw
28 III,1| biechten alleen al doordat ze eerst een biechtvader moeten
29 III,1| biechtvader moeten zoeken, terwijl ze "dit sacrament graag ontvangen
30 III,1| biechtstoelen bevinden: ze moeten schoon zijn, goed
31 III,1| reden om te verzwijgen dat ze doeltreffend zijn en dat
32 III,1| en dat het een weldaad is ze in ere te herstellen, mochten
33 III,1| ere te herstellen, mochten ze in onbruik zijn geraakt.
34 III,1| biechtstoel verrichten; ze zijn naar waarheid leermeesters
35 III,1| canon 284, 669) en houden ze zich bij de eredienst aan
36 III,1| priesters regelmatig en stellen ze zich van hun kant beschikbaar
37 IV | vergeving en heilsmiddel. Wil ze daadwerkelijk effect hebben
38 IV | vgl. Lc 15,11-32) – wordt ze heel in het bijzonder zichtbaar
39 IV,1 | echte barmhartigheid is dat ze een geschenk is. Ze moet
40 IV,1 | dat ze een geschenk is. Ze moet als een onverdiende
41 IV,1 | zichzelf genade schenken: ze moet steeds geschonken en
42 IV,1 | datgene doen en aanbieden wat ze uit zichzelf niet kunnen
43 IV,1 | kracht, maar alleen als ze verbonden blijft met de
44 IV,2 | secularisatie getekend is, hoe meer ze aan uiterlijke tekenen behoefte
45 IV,2 | persoon van de priester. Ze behoren alleen aan Christus
46 IV,2 | aandacht te schenken omdat hij ze moeilijker te aanvaarden
47 Slot | activiteiten deelnemen, zien, en ze nemen waar!, horen en ze
48 Slot | ze nemen waar!, horen en ze luisteren goed!, niet alleen
49 Slot | wordt opgedragen, wanneer ze naar de pastorie gaan waar
50 Slot | naar de pastorie gaan waar ze verwachten gastvrij en hartelijk
51 Slot | worden ontvangen, 113 wanneer ze de priester zien eten of
52 Slot | priester zien eten of rusten en ze gesticht worden door zijn
53 Slot | matigheid en eenvoud; wanneer ze bij hem thuis op bezoek
54 Slot | priester leeft; 114 wanneer ze zien dat hij op juiste,
55 Slot | voorschriften gekleed gaat; wanneer ze met hem spreken, zelfs over
56 Slot | Emmausgangers, die, toen ze de goddelijke Meester de
57 Slot | Christus voorgaan, opdat ze naar het voorbeeld van uw
|