1-500 | 501-777
Chapter, Paragraph
1 Intro | excellentie,~In een geest van boetvaardigheid maakt de
2 Intro | Kerk zich op voor het begin van het derde millennium sinds
3 Intro | millennium sinds de Menswording van het Woord; de voortdurende
4 Intro | liefdevolle apostolische zorg van Petrus’ opvolger wekt haar
5 Intro | beter te voegen naar de wil van haar goddelijke Stichter.~
6 Intro | haar voltallige vergadering van 13 tot 15 oktober 1998 besloten
7 Intro | staat duidelijk in het teken van de nieuwe evangelisatie.
8 Intro | betreffende de medewerking van lekengelovigen aan het dienstwerk
9 Intro | lekengelovigen aan het dienstwerk van de priesters, en datgene
10 Intro | wat het resultaat zal zijn van deze voltallige vergadering.
11 Intro | het besef dat in de gang van de tijd ‘trouw’ de naam
12 Intro | tijd ‘trouw’ de naam is van de liefde. Dit document
13 Intro | zijn immers documenten die van fundamenteel belang zijn
14 Intro | op de authentieke vragen van deze tijd, en om zich doeltreffend
15 Intro | op de vragen aan het eind van ieder hoofdstuk hoeft niet
16 Intro | en trachten, in het licht van genoemde documenten, de
17 Intro | priesters kunnen er gebruik van maken op de wijze die zij
18 Intro | zonder de enthousiaste inzet van de priesters die de eerste
19 Intro | belangrijkste medewerkers zijn van de bisschoppen. Met dit
20 Intro | bijeenkomsten die tijdens deze tijd van voorbereiding op het grote
21 Intro | georganiseerd.~Moge de koningin van de apostelen als een heldere
22 Intro | dierbare priesters, zonen van haar Zoon, voorgaan op de
23 Intro | Zoon, voorgaan op de wegen van daadwerkelijke verbondenheid,
24 Intro | daadwerkelijke verbondenheid, van trouw en van edelmoedig
25 Intro | verbondenheid, van trouw en van edelmoedig en onverkort
26 Intro | en onverkort uitoefenen van hun onmisbaar ambtswerk.
27 Intro | en geef u de verzekering van mijn meest hartelijke genegenheid
28 Inl | De op de vruchtbare bodem van de grote katholieke traditie
29 Inl | de priester als de leraar van het Woord, de bedienaar
30 Inl | het Woord, de bedienaar van de sacramenten en de leider
31 Inl | sacramenten en de leider van de hem toevertrouwde christelijke
32 Inl | binnen de Kerk. In het licht van de nieuwe evangelisatie
33 Inl | alle gelovigen bij monde van de persoon en het gezag
34 Inl | de persoon en het gezag van de paus oproept dient men
35 Inl | en vol hoop te bezinnen.~Van iedereen in de Kerk wordt
36 Inl | persoonlijke vlak als op dat van de gemeenschap een grotere,
37 Inl | en het helder onderricht van Johannes Paulus II moeten
38 Inl | vol verlangen de poorten van de geschiedenis wijd open
39 Inl | mundi".1~"In landen die van oudsher christelijk zijn,
40 Inl | zelfs niet meer als leden van de Kerk en leiden een bestaan
41 Inl | bestaan dat ver afstaat van Christus en zijn evangelie.
42 Inl | een moederlijke reactie van de Kerk op het verzwakt
43 Inl | en het in het bewustzijn van veel van haar zonen en dochters
44 Inl | het bewustzijn van veel van haar zonen en dochters vervagen
45 Inl | zonen en dochters vervagen van de zedelijke eisen van het
46 Inl | vervagen van de zedelijke eisen van het christelijk leven. Als
47 Inl | gedoopten feitelijk een bestaan van godsdienstige en morele
48 Inl | onverschilligheid, dat ver afstaat van het Woord en de sacramenten
49 Inl | maar de grondslagen missen van het geloof en in feite een
50 Inl | het geloof en in feite een van God vervreemd leven leiden.
51 Inl | waar zij door de genade van de heilige Geest weer Jezus
52 Inl | evangelisatie, die weer het licht van het geloof in het geweten
53 Inl | het geloof in het geweten van veel christenen tot leven
54 Inl | samenleving de blijde boodschap van het heil moet doen weerklinken,
55 Inl | Kerk zich heel sterk bewust van haar verantwoordelijkheid
56 Inl | gelovige christen, ieder lid van de Kerk zich aangesproken
57 Inl | tijd duidelijk te maken van Christus, wiens waarachtige
58 Inl | primaire pastorale taak van de nieuwe evangelisatie"4
59 Inl (3) | voor het ambt en het leven van de priesters (31 januari
60 Inl | nemen, en om in het licht van deze opgave opnieuw te ontdekken
61 Inl | opnieuw te ontdekken dat God van hen vraagt het hun toevertrouwde
62 Inl | het hun toevertrouwde deel van het volk van God te dienen
63 Inl | toevertrouwde deel van het volk van God te dienen als leraars
64 Inl | God te dienen als leraars van het Woord, bedienaars van
65 Inl | van het Woord, bedienaars van de sacramenten en geestelijke
66 Inl | sacramenten en geestelijke herders van de kudde.~
67 I | Hoofdstuk I~In dienst van de nieuwe evangelisatie~"
68 I,1 | evangelisatie, opdracht van de gehele Kerk~De roeping
69 I,1 | betekenis. Want het einde van de twintigste eeuw wordt
70 I,1 | tegenstrijdige verschijnselen. Van de ene kant constateren
71 I,1 | constateren we een hoge graad van secularisatie in een maatschappij
72 I,1 | een maatschappij die zich van God afkeert en van geen
73 I,1 | zich van God afkeert en van geen transcendentie weten
74 I,1 | weet te vinden. "De zending van Christus de Verlosser, welke
75 I,1 | Een blik op het geheel van de mensheid op het eind
76 I,1 | de mensheid op het eind van het tweede millennium na
77 I,1 | uitgeoefend in het kader van de nieuwe evangelisatie
78 I,1 | de nieuwe evangelisatie van veel landen met een lang
79 I,1 | het christelijk verstaan van het leven voor een groot
80 I,1 | ook in het bredere geheel van de totale mensheid, overal
81 I,1 | waar de mensen de boodschap van het door Christus gebrachte
82 I,1 | kringen mensen weliswaar van Jezus Christus gehoord hebben,
83 I,1 | leer eerder als een stelsel van algemene ethische normen
84 I,1 | gedoopten heeft zich afgewend van de navolging van Christus,
85 I,1 | afgewend van de navolging van Christus, en relativisme
86 I,1 | kenmerkend voor hun stijl van leven. De rol van het christelijk
87 I,1 | stijl van leven. De rol van het christelijk geloof is
88 I,1 | het maatschappelijk leven van individuen en volken. 6~
89 I,1 | verantwoordelijkheid is van de Kerk. 7 De verantwoordelijkheid
90 I (6) | sociale ethiek ten dienste van de mens, zodat haar revolutionaire
91 I (6) | mysterie’, het gebeuren van Gods Zoon die mens wordt
92 I (6) | het vermogen om kinderen van God te worden’ (Joh 1,12)
93 I,1 | rust vooral op het college van de bisschoppen met de opvolger
94 I,1 | bisschoppen met de opvolger van Petrus als hoofd".8 Als "
95 I (7) | over het ambt en het leven van de priesters Presbyterorum
96 I (7) | voor het ambt en het leven van de priesters, 1, 3, 6; Congregatie
97 I (7) | betreffende de medewerking van lekengelovigen aan het dienstwerk
98 I (7) | lekengelovigen aan het dienstwerk van de priesters (15 augustus
99 I,1 | hoofd".8 Als "medewerkers van de bisschoppen, worden de
100 I,1 | krachtens het sacrament van de wijding geroepen de zorg
101 I,1 | deze nieuwe evangelisatie van het derde millennium".10~
102 I,1 | millennium".10~Onder invloed van de grote vooruitgang op
103 I,1 | vooruitgang op het gebied van wetenschap en techniek heeft
104 I,1 | samenleving een sterk gevoel van kritische onafhankelijkheid
105 I,1 | onafhankelijkheid ontwikkeld ten aanzien van ieder soort seculier en
106 I,1 | wijze gebruik worden gemaakt van de middelen van de moderne
107 I,1 | gemaakt van de middelen van de moderne techniek, maar
108 I,1 | nooit het directe getuigenis van een heilig leven kunnen
109 I,1 | uitdragen in alle lagen van het maatschappelijk leven.
110 I (10) | voor het ambt en het leven van de priesters, Inleiding;
111 I,1 | rekenschap kunnen geven van hun geloof en hun hoop,
112 I,1 | te dragen in een houding van dialoog en begrip. Maar
113 I,1 | begrip. Maar de verkondiging van het evangelie mag niet tot
114 I,1 | blijven. Tegenover de bekoring van conformisme, het zoeken
115 I,1 | zich bij de evangelisatie van oudsher bedient, voor een
116 I,1 | verlossing, kruis, noodzaak van gebed, vrijwillig offer,
117 I,1 | de constante geloofsleer van de Kerk en in het besef
118 I,1 | zijn voor de woordenschat van de christelijke leer, ook
119 I,1 | de diepe zin te ontdekken van deze menselijke en christelijke
120 I,1 | Daarbij mag ze niet afzien van de voor eens en altijd vastgestelde
121 I (12) | Vgl. Katechismus van de Katholieke Kerk, 171.~
122 I,2 | noodzakelijke en onvervangbare rol van de priester~Hoewel de geestelijke
123 I,2 | om de gehele heilszending van de Kerk tegenover de wereld
124 I,2 | dringend, voor de uitoefening van het priesterambt een vorm
125 I,2 | ons door de omstandigheden van onze tijd laten afleiden
126 I,2 | onze tijd laten afleiden van het uiteindelijke doel.
127 I,2 | Christus en zijn Kerk.~Het doel van heel ons streven is het
128 I,2 | uiteindelijke Koninkrijk van Christus en de eenwording
129 I,2 | en de eenwording in Hem van al het geschapene. Dit doel
130 I,2 | heilssacrament. 14~Als Hoofd van de Kerk en Heer van de gehele
131 I,2 | Hoofd van de Kerk en Heer van de gehele schepping blijft
132 I,2 | met name de betrokkenheid van de priesters. Wij zien hier
133 I,2 | maar dat voor de mensen van onze tijd moeilijk te aanvaarden
134 I,2 | hiërarchische structuur van de Kerk aanvechten; men
135 I,2 | Christus’ leven moet ook dat van de priester een leven zijn
136 I,2 | waarachtige verkondiging van de liefdevolle wil van de
137 I,2 | verkondiging van de liefdevolle wil van de Vader (vgl. Joh 17,4;
138 I,2 | god-zijn, maar in de ogen van de mensen ook aan zijn oprechte,
139 I,2 | heilige en volmaakte wijze van handelen. Zo moet ook bij
140 I,2 | genegenheid die een openbaring is van Christus’ liefde. 17 Wat
141 I,2 | discreet in zijn zwijgen, van nut in zijn woord; hij moet
142 I,2 | nederig bijstaan, maar omwille van zijn vurig ijveren voor
143 I,2 | te komen tegen het kwaad van de zondaars. Bij zijn uitwendige
144 I (17) | voor het ambt en het leven van de priesters, 43.~
145 I,2 | ook in onze tijd "herauten van het evangelie als deskundigen
146 I,2 | menselijkheid nodig, die het hart van de hedendaagse mens grondig
147 I,2 | liefdevolle beschouwers van God zijn". "Daarvoor zijn
148 I,2 | sprekend over de herkerstening van Europa, maar in termen die
149 I,2 | grote evangelieverkondigers van Europa waren heiligen. Wij
150 I,2 | de Heer smeken de geest van heiligheid van de Kerk te
151 I,2 | de geest van heiligheid van de Kerk te doen groeien
152 I,2 | Men bedenke dat veel van onze tijdgenoten zich allereerst
153 I,2 | zich allereerst een beeld van Christus en van zijn Kerk
154 I,2 | een beeld van Christus en van zijn Kerk vormen aan de
155 I,2 | Kerk vormen aan de hand van haar gewijde bedienaren;
156 I,2 | levend en transparant beeld van Christus, de Priester".20~
157 I (19) | aan het zesde symposium van de bisschoppen van Europa
158 I (19) | symposium van de bisschoppen van Europa Eenheid, getuigenis
159 I (19) | een nieuwe evangelisatie van het Europees continent (
160 I,2 | Priester".20~In het kader van Christus’ heilswerk kunnen
161 I,2 | heilswerk kunnen we twee niet van elkaar te scheiden doelstellingen
162 I,2 | Anderzijds in het hart van de luisteraars het verlangen
163 I,2 | en hun de weg openen om van God vergiffenis te ontvangen.
164 I,2 | bekering;" 21 als het Woord van God het verstand van de
165 I,2 | Woord van God het verstand van de mens heeft onderricht
166 I,2 | en vooral in de viering van de eucharistie. Paus Paulus
167 I,2 | schreef: "De eigen taak van het evangeliseren is toch
168 I,2 | beleven als echte sacramenten van het geloof en niet om ze
169 I (21) | IVe Algemene Vergadering van Latijnsamerikaanse Bisschoppen
170 I (21) | evangelisatie, bevordering van de menselijke waardigheid
171 I,2 | elementen: verkondiging van het Woord, bediening van
172 I,2 | van het Woord, bediening van de sacramenten en leiding
173 I,2 | de sacramenten en leiding van de gelovigen. 23 Als de
174 I,2 | zonder oprechte bekering van hart en zonder volledige
175 I,2 | zonder volledige aanvaarding van het geloof en van de zedelijke
176 I,2 | aanvaarding van het geloof en van de zedelijke beginselen.
177 I,2 | betreft moet het vieren van de sacramenten, met name
178 I,2 | de sacramenten, met name van het boetesacrament en van
179 I,2 | van het boetesacrament en van de eucharistie, als voornaamste
180 I,2 | als voornaamste element van de evangelisatie gezien
181 I,2 | harmonisch doen samengaan van deze twee functies is de
182 I,2 | functies is de volheid gelegen van de priesterlijke pastorale
183 I,2 | pastorale arbeid ten dienste van de nieuwe evangelisatie.~
184 I,2 | evangelisatie.~Een aspect van de nieuwe evangelisatie
185 I,2 | oecumenische vorming namelijk van de gelovigen. Het Tweede
186 I (25) | voor het ambt en het leven van de priesters, 48.~
187 I,2 | dat "niets zo ver af staat van de oecumenische beweging
188 I,2 | irenisme, dat de zuiverheid van de katholieke leer schaadt
189 I,2 | aangegeven door het leergezag van de Kerk die geen verbrokkeling
190 I,2 | besteed in de vergaderingen van het presbyterium, in de
191 I,2 | ad intra en ad extra van de Kerk?~4. Beschouwen de
192 I,2 | Wordt bij de prediking van Gods Woord en in de catechese
193 I,2 | Wordt het evangelisatiewerk van de priesters gekenmerkt
194 I (28) | Toespraak tot de bisschoppen van het celam (9 maart 1983),
195 II | Hoofdstuk II~Leraren van het Woord~"Trek heel de
196 II,1 | 1. De priester, leraar van het Woord "nomine Christi
197 II,1 | Ecclesiae"~Een juist verstaan van de pastorale bediening van
198 II,1 | van de pastorale bediening van het Woord begint met de
199 II,1 | begint met de beschouwing van Gods Openbaring op zich. "
200 II,1 | Tim 1,17) uit de overvloed van zijn liefde de mensen aan
201 II,1 | spreekt de verkondiging van het Godsrijk niet alleen
202 II,1 | het Godsrijk niet alleen van Gods heerlijkheid, maar
203 II,1 | onderricht over de natuur van deze God die in een ontoegankelijk
204 II,1 | God een beroep op het hart van de mens, en vraagt om een
205 II,1 | Het is de eerste taak van de priesters als medewerkers
206 II,1 | priesters als medewerkers van de bisschoppen om de blijde
207 II,1 | bisschoppen om de blijde boodschap van God aan iedereen bekend
208 II,1 | zo) vormen zij het volk van God en doen het groeien." 30
209 II,1 | Juist omdat de prediking van het Woord niet alleen maar
210 II,1 | verstandelijke weg overdragen van een boodschap maar ze "goddelijke
211 II,1 | goddelijke kracht is tot redding van ieder die erin gelooft" (
212 II,1 | verwerkelijkt is, wordt van hen die dit Woord in de
213 II,1 | doeltreffend overkomt. De prediking van het Woord door de gewijde
214 II,1 | zin in het heilskarakter van het Woord zelf, niet alleen
215 II,1 | in de wijding en zending van het mensgeworden Woord van
216 II,1 | van het mensgeworden Woord van God. In de oren van de ambtsdragers
217 II,1 | Woord van God. In de oren van de ambtsdragers klinken
218 II,1 | ambtsdragers klinken de woorden van de Heer: "Wie naar jullie
219 II,1 | Wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen, maar
220 II,1 | ontvangen, maar de Geest die van God komt. Zo weten wij alles
221 II,1 | wordt krachtens het gezag van Christus. Toch staat de
222 II,1 | Christus. Toch staat de kracht van de heilige Geest niet op
223 II,1 | gegeven voor de bediening van de sacramenten, zodat zelfs
224 II,1 | zodat zelfs de zondigheid van de bedienaar geen belemmering
225 II,1 | belemmering is voor de vrucht van de genade, zijn er veel
226 II,1 | sterk het stempel dragen van de ambtsdrager. Dit stempel
227 II,1 | apostolische vruchtbaarheid van de Kerk.31 Hoewel heel het
228 II,1 | in het teken moet staan van dienstbetoon, is dit met
229 II,1 | in waarheid dienaar wordt van het Woord en niet de meester
230 II,1 | uitoefenen.~Dienstbetoon vraagt van de ambtsdrager persoonlijke
231 II,1 | God zelf, die God "die ik van harte dien door het evangelie
232 II,1 | dien door het evangelie van zijn Zoon te verkondigen" (
233 II,1 | dus nooit met het Woord van God manipuleren! Integendeel,
234 II,1 | vertrouwdheid met het woord van God ontwikkelen ... en de
235 II,1 | volle besef dat de woorden van zijn dienstwerk niet de ‘
236 II,1 | zijne’ zijn, maar de woorden van Degene die hem gezonden
237 II (31) | Vgl. Katechismus van de Katholieke Kerk, 1550.~
238 II,1 | prediking. De overweging van Gods Woord in persoonlijk
239 II,1 | Wanneer prediking vrucht is van persoonlijk gebed wordt
240 II,1 | dat beseft dat het de taak van de ambtsdragers is "om niet
241 II,1 | wijsheid, maar het woord van God te onderwijzen en iedereen
242 II (33) | voor het ambt en het leven van de priesters, 45.~
243 II,1 | heiligheid".34 Wil de prediking van de dienaren van Christus
244 II,1 | prediking van de dienaren van Christus haar doel bereiken,
245 II,1 | geworteld staan in hun geest van vertrouwvol gebed: "sit
246 II,1 | consequente en overtuigende wijze van prediking. Zo is het getijdengebed
247 II,1 | getijdengebed niet alleen een zaak van persoonlijke vroomheid en
248 II,1 | méér dan een openbaar gebed van de Kerk: het is ook pastoraal
249 II,1 | is ook pastoraal gezien van groot belang, 36 want het
250 II,1 | verdiepen in het onderricht van de bijbel, de kerkvaders,
251 II,2 | doeltreffende verkondiging van het Woord~In verband met
252 II,2 | gelovigen dieper de betekenis van de uit het doopsel voortvloeiende
253 II,2 | geroepen worden om Christus van nabij te volgen, en persoonlijk
254 II,2 | te werken aan de opdracht van de Kerk. "Het geloof overdragen
255 II,2 | overdragen betekent de roeping van de christen aan het licht
256 II,2 | en verdiepen; de roeping van de christen, dat wil zeggen
257 II,2 | heilsgeheim te tonen." 37 De rol van de prediking is dus Christus
258 II,2 | juist door de openbaring van het mysterie van de Vader
259 II,2 | openbaring van het mysterie van de Vader en diens liefde
260 II (37) | voor het ambt en het leven van de priesters, 45.~
261 II,2 | evangelisatie en het roepingsaspect van het leven hand in hand.
262 II,2 | strijden en om door het lijden van de dood te gaan; maar in
263 II,2 | gelijkvormig aan de dood van Christus en sterk in de
264 II (38) | over de Kerk in de wereld van deze tijd Gaudium et spes,
265 II,2 | goed onderbouwde bediening van het Woord. Ze moet duidelijk
266 II,2 | geestelijk, liturgisch en moreel van inhoud zijn, en oog hebben
267 II,2 | voor de concrete behoeften van de mensen die men wil bereiken.
268 II,2 | constructies die het verstand van de christenen eerder verwarren
269 II,2 | maar men moet gebruik maken van een ware ‘verstandelijke
270 II,2 | verstandelijke liefde’ door middel van geduldige en constante catechese
271 II,2 | catechese over de grondwaarheden van het katholieke geloof en
272 II,2 | tot de geestelijke werken van barmhartigheid: het heil
273 II,2 | heil komt door de kennis van Christus, "want er is onder
274 II,2 | zonder gebruik te maken van gezonde theologie, want
275 II,2 | daarvan verstand en geweten van de gelovigen te vormen opdat
276 II,2 | kunnen leven naar de eisen van de bij het doopsel ontvangen
277 II,2 | verkondigen en verspreiden van de inhoud van de geopenbaarde
278 II,2 | verspreiden van de inhoud van de geopenbaarde waarheden (
279 II,2 | christologisch geloof, de betekenis van het scheppingsdogma, de
280 II,2 | men de mensen door middel van geestelijke en morele vorming
281 II,2 | kunnen vertalen.~Het geven van theologische en spirituele
282 II,2 | opdracht (permanente vorming van priesters en diakens, vorming
283 II,2 | priesters en diakens, vorming van alle gelovigen). De bediening
284 II,2 | gelovigen). De bediening van het Woord, en vooral de
285 II,2 | en vooral de bedienaars van het Woord, moeten daarom
286 II,2 | ervan hangt allereerst af van Gods hulp, maar ze vraagt
287 II,2 | spirituele verkondiging van de christelijke boodschap, –
288 II,2 | om allereerst het geweten van de gedoopten te enthousiasmeren
289 II,2 | verantwoordelijkheid om persoonlijk de taak van de verkondiging op zich
290 II,2 | het lezen en het richten van zijn belangstelling op hetgeen
291 II,2 | op vragen die de mensen van onze tijd bezighouden, goed
292 II,2 | bezighouden, goed kennis nemen van de documenten van het kerkelijk
293 II,2 | nemen van de documenten van het kerkelijk leergezag
294 II,2 | kerkelijk leergezag en vooral van concilies en pausen en zij
295 II (40) | betreffende de medewerking van lekengelovigen aan het dienstwerk
296 II (40) | lekengelovigen aan het dienstwerk van de priesters, artikel 3.~
297 II,2 | vergeten de Katechismus van de Katholieke Kerk. Wat
298 II,2 | belangrijk de permanente vorming van de geestelijkheid is, waarbij
299 II,2 | voor het ambt en het leven van de priesters als leidraad
300 II,2 | voorbereiding op de prediking van het woord Gods van groot
301 II,2 | prediking van het woord Gods van groot belang. Afgezien van
302 II,2 | van groot belang. Afgezien van enkele uitzonderlijke gevallen
303 II,2 | schema voor te bereiden van wat men wil gaan zeggen.~
304 II,2 | zeggen.~De voornaamste bron van de prediking is natuurlijk
305 II,2 | het lezen en bestuderen van geschikte boeken vertrouwd
306 II (42) | voor het ambt en het leven van de priesters, 69 e.v.~
307 II,2 | kracht en welsprekendheid van de gewijde tekst diepe indruk
308 II,2 | toehoorders. De geschriften van de kerkvaders en andere
309 II,2 | ons hoe we in de betekenis van het geopenbaarde Woord kunnen
310 II (43) | voor het ambt en het leven van de priesters, 46.~
311 II,2 | anders dan welke vorm ook van ‘bijbels fundamentalisme’
312 II,2 | fundamentalisme’ of verminking van de goddelijke boodschap.
313 II,2 | pedagogie waarmee de liturgie van de Kerk het Woord van God
314 II,2 | liturgie van de Kerk het Woord van God in de verschillende
315 II,2 | in de verschillende delen van het liturgisch jaar leest,
316 II,2 | toepast. Bovendien heeft van oudsher de beschouwing van
317 II,2 | van oudsher de beschouwing van het leven van de heiligen –
318 II,2 | beschouwing van het leven van de heiligen – met hun strijd
319 II,2 | heldhaftigheid – in het hart van de christenen rijke vruchten
320 II,2 | hard het voorbeeld nodig van die heldhaftige levens die
321 II,2 | God en die zich omwille van God aan de mensen uitleverden.
322 II,2 | liefde voor God bijbrengen van solidariteitsbesef, geest
323 II,2 | solidariteitsbesef, geest van dienstbaarheid, edelmoedige
324 II,2 | edelmoedige zelfgave. Het geweten van de christen komt tot wasdom
325 II,2 | Ook aan de formele kanten van de prediking moet de priester
326 II,2 | We leven in het tijdperk van informatie en snelle kennisoverdracht,
327 II,2 | publiek) met hen ten overstaan van de gelovigen vreedzaam concurreren;
328 II,2 | deskundig gebruik weten te maken van deze ‘nieuwe leerstoelen’,
329 II,2 | ervoor zorgen dat het niveau van zijn boodschap beantwoordt
330 II,2 | professionele’ kwaliteit van dit aspect van hun ambtswerk
331 II,2 | kwaliteit van dit aspect van hun ambtswerk te vergroten.
332 II,2 | eenvoudige en waardige wijze van optreden.~Zoals de prediking
333 II,2 | optreden.~Zoals de prediking van Christus moet ook die van
334 II,2 | van Christus moet ook die van de priester positief en
335 II,2 | schoonheid en waarheid van God. De christenen moeten "
336 II,2 | de kennis laten stralen van Gods heerlijkheid die ligt
337 II,2 | die ligt over het gelaat van Jezus Christus" (2Kor 4,
338 II,2 | tegelijk sterke en serene eisen van het christelijk leven? Er
339 II,2 | de gave heeft ontvangen van de uiteindelijke waarheid
340 II,2 | waarheid over het leven van de mens, is zij (de Kerk)
341 II,2 | verantwoordelijk is: de diaconie van de waarheid." 45~Voor de
342 II (44) | Instructie over de bestudering van de kerkvaders bij de priesteropleiding (
343 II,2 | dus nooit in de vaktaal van specialisten, en evenmin
344 II,2 | concessies aan de geest van de wereld. Het menselijk ‘
345 II,2 | een vruchtbare prediking van het Woord is voor een groot
346 II,2 | gelegen in ‘de vakkennis’ van de predikant, die weet wat
347 II,2 | betreurenswaardige vorm van irenisme zijn als men de
348 II,2 | irenisme zijn als men de kracht van de volledige waarheid zou
349 II,2 | goed op de hoogte te zijn van de levensomstandigheden
350 II,2 | levensomstandigheden en cultuur van zijn gehoor; om niet in
351 II,2 | vriendelijke en opbouwende wijze van spreken te hebben, mensen
352 II,2 | raad over bepaalde aspecten van de prediking zoals de inhoud
353 II,2 | te lang zijn –, de wijze van spreken, hoe men zich achter
354 II,2 | verschillende onderdelen van de preek, enzovoorts. Wij
355 II,2 | predikambt heeft op het leven van onze gemeenschappen? Zijn
356 II,2 | voor permanente vorming van de geestelijkheid aandacht
357 II,2 | aan verdere verbetering van de verschillende vormen
358 II,2 | de verschillende vormen van de verkondiging van het
359 II,2 | vormen van de verkondiging van het Woord?~8. Worden de
360 II,2 | besteden aan het bestuderen van theologie, kerkvaders, kerkleraars
361 II,2 | best om de grote meesters van de spiritualiteit te leren
362 II,2 | gezorgd voor het inrichten van bibliotheken voor priesters?~
363 II,2 | 10. Is men op de hoogte van eventuele mogelijkheden
364 II,2 | Maken de priesters gebruik van de catechese en het onderricht
365 II,2 | catechese en het onderricht van de Heilige Vader en van
366 II,2 | van de Heilige Vader en van de verschillende documenten
367 II,2 | verschillende documenten van de Heilige Stoel?~12. Beseft
368 II,2 | 12. Beseft men het belang van een professionele vorming
369 II,2 | een professionele vorming van mensen (priesters, permanent
370 II,2 | een wezenlijk aspect vormt van de evangelisatie van de
371 II,2 | vormt van de evangelisatie van de eigentijdse cultuur?~
372 II (46) | voor het ambt en het leven van de priesters, 46.~
373 III | Hoofdstuk III~Bedienaren van de sacramenten~"Helpers
374 III | de sacramenten~"Helpers van Christus, belast met het
375 III | Christus, belast met het beheer van Gods geheimen" (1Kor 4,1)~
376 III,1 | Christi Capitis"~"De zending van de Kerk is geen toevoeging
377 III,1 | geen toevoeging aan die van Christus en de heilige Geest,
378 III,1 | zij is er het sacrament van: in heel haar wezen en in
379 III,1 | gezonden om het mysterie van de gemeenschap van de heilige
380 III,1 | mysterie van de gemeenschap van de heilige Drie-eenheid
381 III,1 | Deze sacramen-tele dimensie van haar gehele zending spruit
382 III,1 | voort uit het eigen wezen van de Kerk, "die tegelijk menselijk
383 III,1 | is, zichtbaar en vervuld van onzichtbare werkelijkheden,
384 III (47) | Katechismus van de Katholieke Kerk, 738.~
385 III,1 | Binnen de samenhang van de Kerk, "universeel sacrament
386 III,1 | Kerk, "universeel sacrament van het heil"49 waarin Christus "
387 III,1 | waarin Christus "het geheim van de liefde van God voor de
388 III,1 | het geheim van de liefde van God voor de mens tegelijk
389 III,1 | staan in het dienstwerk van de priesters de sacramenten
390 III,1 | levende instrumenten zijn van Christus, de Hogepriester.
391 III,1 | Hogepriester. Het is de functie van mannen die krachtens haar
392 III,1 | delen in de werkzaamheid van het instrument.~Door het
393 III,1 | de priester in het hart van het volk van God. Deze gelijkvormigheid
394 III,1 | in het hart van het volk van God. Deze gelijkvormigheid
395 III,1 | de organische structuur van de kerkelijke gemeenschap
396 III,1 | gaat de priester het volk van God voor op de weg naar
397 III,1 | noodzaak dat de priester van zijn geloof getuigenis aflegt
398 III,1 | aflegt door heel zijn wijze van leven, maar vooral door
399 III (51) | voor het ambt en het leven van de priesters, 7b-c.~
400 III,1 | zegt: "Ofschoon de genade van God het heilswerk ook door
401 III,1 | de ingeving en de leiding van de heilige Geest, omwille
402 III,1 | de heilige Geest, omwille van hun nauwe band met Christus
403 III,1 | Christus en de heiligheid van leven met de apostel kunnen
404 III,1 | 2,20)." 53~De vieringen van de sacramenten waarbij de
405 III,1 | priesters handelen als dienaren van Christus en op speciale
406 III,1 | buitengewoon belangrijke momenten van eredienst voor de nieuwe
407 III,1 | maar toch bij gelegenheid van gebeurtenissen in de familie
408 III,1 | zijn geworden om de inhoud van het geloof over te dragen.
409 III,1 | geloofwaardige levensstijl van de ambtsdrager moet gepaard
410 III,1 | met "een hoge kwaliteit van de liturgische plechtigheid":55
411 III,1 | zoeken".56~2. Bedienaren van de eucharistie: ‘het ware
412 III,1 | eucharistie: ‘het ware centrum van het priesterambt’~"‘Vrienden’:
413 III,1 | die dankzij het sacrament van de wijding deelhebben aan
414 III,1 | te staan om als priesters van het Nieuwe Verbond te handelen
415 III,1 | de wijn, en door middel van ons dienstwerk wordt dezelfde
416 III,1 | meer volledige uitdrukking van vriendschap zijn dan dit?
417 III,1 | precies in het middelpunt van ons priesterlijk dienstwerk." 57~
418 III,1 | betekenen in de centrale plaats van het sacrament van de eucharistie
419 III,1 | plaats van het sacrament van de eucharistie als bron
420 III,1 | eucharistie als bron en hoogtepunt van heel het christelijk leven. 58
421 III,1 | middelpunt heeft in de viering van de heilige eucharistie",59
422 III,1 | heel het geestelijk goed van de Kerk vervat." 60~Ook
423 III,1 | eucharistie een doelstelling van het pastoraal werk. Om er
424 III,1 | pastoraal werk. Om er vruchten van te plukken moeten de gelovigen
425 III,1 | deelname aan de liturgie, maar van de andere kant is het absoluut
426 III,1 | de bron en het hoogtepunt van heel de prediking." 61 Deze
427 III,1 | voor de pastoraal.~Het is van wezenlijk belang de gelovigen
428 III,1 | te maken wat het wezen is van het heilig Altaaroffer en
429 III,1 | worden op het vervullen van de zondagsplicht, 63 en
430 III,1 | voorwaarden voor het ontvangen van het Lichaam van Christus,
431 III,1 | ontvangen van het Lichaam van Christus, en dus te beginnen
432 III,1 | persoonlijke biecht indien iemand van zichzelf weet niet in staat
433 III,1 | zichzelf weet niet in staat van genade te zijn. De bloei
434 III,1 | genade te zijn. De bloei van het christelijk leven in
435 III,1 | hangt voor een groot deel af van de herontdekking in geloof
436 III,1 | in geloof en aanbidding van de grote gave van de eucharistie.
437 III,1 | aanbidding van de grote gave van de eucharistie. Wanneer
438 III,1 | is het voorbeeldig gedrag van de celebrant van wezenlijke
439 III,1 | gedrag van de celebrant van wezenlijke betekenis. "Een
440 III,1 | betekenis. "Een goede wijze van celebreren is een eerste
441 III,1 | natuurlijk niet de bedoeling is van de priester, is het van
442 III,1 | van de priester, is het van belang dat de gelovigen
443 III,1 | voorbereiden op het opdragen van het heilig Offer, dat ze
444 III,1 | Offer, dat ze getuigen zijn van de liefde en godsvrucht
445 III,1 | hij celebreert, en dat ze van hem kunnen leren enige tijd
446 III,1 | een wezenlijk onderdeel van het evangelisatiewerk van
447 III,1 | van het evangelisatiewerk van de Kerk erin bestaat de
448 III,1 | versterken met zich mee van bepaalde pastorale praktijken
449 III,1 | werkelijke tegenwoordigheid van de Heer onder de eucharistische
450 III,1 | de verering te stimuleren van de eucharistische tegenwoordigheid,
451 III,1 | tegenwoordigheid, ook buiten de viering van het misoffer, en ernaar
452 III,1 | zijn Kerk tot een ‘huis van christelijk gebed’ te maken." 65
453 III (64) | voor het ambt en het leven van de priesters, 49.~
454 III,1 | grondig op de hoogte te zijn van de noodzakelijke voorwaarden
455 III,1 | en doeltreffende manier van eucharistische catechese
456 III,1 | besteed wordt aan het vieren van de liturgische ceremonies, 66
457 III,1 | ceremonies, 66 het verrichten van kniebuigingen enzovoorts.
458 III,1 | en aanbeden, is het hart van onze godshuizen. Als zodanig
459 III,1 | priester werkelijk een man van gebed is en ware liefde
460 III,1 | leven in het teken staat van vriendschap met Christus,
461 III,1 | evangelisatie.~3. Bedienaren van de verzoening met God en
462 III,1 | dat juist het ontbreken van liefde voor God verhindert
463 III,1 | voort uit de ware kennis van de barmhartige liefde van
464 III,1 | van de barmhartige liefde van God. "Wie God op die manier
465 III,1 | leven derhalve in een staat van bekering." 68 Boetvaardigheid
466 III,1 | Boetvaardigheid is zo een vast erfgoed van het kerkelijk leven van
467 III,1 | van het kerkelijk leven van de gedoopten; maar ze wordt
468 III,1 | hoop op vergeving: "Vroeger van genade verstoken, nu begenadigd" (
469 III,1 | deze sacramentele praktijk van harte aan te moedigen, terwijl
470 III,1 | de gelovigen met de hulp van de heilige Geest brengen
471 III,1 | bekering die vergezeld gaat van de berouwvolle en oprechte
472 III,1 | berouwvolle en oprechte erkenning van de zedelijke tekortkomingen
473 III,1 | gewezen worden op het belang van de veelvuldige persoonlijke
474 III,1 | leiding.~Zonder het moment van de toediening van het sacrament
475 III,1 | moment van de toediening van het sacrament te verwarren
476 III,1 | priesters, juist uitgaande van de viering van het sacrament,
477 III,1 | uitgaande van de viering van het sacrament, de gelegenheid
478 III,1 | herontdekking en verspreiding van deze praktijk, ook buiten
479 III,1 | weer de betekenis en kracht van dit sacrament gaat ontdekken,
480 III,1 | maakt de vorming mogelijk van echte apostelen die in staat
481 III,1 | diepgaande herevangelisatie van de talrijke gedoopten die
482 III,1 | de talrijke gedoopten die van de Kerk vervreemd zijn,
483 III,1 | degelijke vorming noodzakelijk van hen die haar trouw bleven.~
484 III,1 | aantal priesters: de ervaring van vele eeuwen leert ons dat
485 III,1 | te leren inzien dat God van hen een moedige keuze tot
486 III,1 | moedige keuze tot navolging van Christus vraagt. ... Het
487 III,1 | natuurlijke consequentie van de herderlijke liefde dat
488 III,1 | iedere priester – met hulp van de heilige Geest – zich
489 III (71) | voor het ambt en het leven van de priesters, 54; vgl. Reconciliatio
490 III (72) | voor het ambt en het leven van de priesters, 32.~
491 III (73) | voor het ambt en het leven van de priesters, 52.~
492 III,1 | goed zichtbaar, er moet van een crates gebruikt gemaakt
493 III (74) | voor het ambt en het leven van de priesters, 52; vgl. Presbyterorum
494 III,1 | in het geestelijk leven van de verschillende christelijke
495 III (75) | Raad voor de Interpretatie van Wets-teksten, Antwoord aangaande
496 III,1 | biechten. 76 Om de bediening van de verzoening van harte
497 III,1 | bediening van de verzoening van harte uit te oefenen is
498 III (76) | voor het ambt en het leven van de priesters, 53.~
499 III,1 | bemerken." 77~"Het dienstwerk van de priesters is bovenal
500 III,1 | samenwerking met het dienstwerk van de bisschop, in de zorg
1-500 | 501-777 |