Chapter, Paragraph
1 I (7) | priesters Presbyterorum ordinis, 2; Pastores dabo vobis, 13,
2 I (10) | Inleiding; Pastores dabo vobis, 2 en 14.~
3 I,2 | 2. De noodzakelijke en onvervangbare
4 I (21) | Reconciliatio et paenitentia (2 december 1984), 13.~
5 I,2 | een dringende noodzaak is?~2. Ziet men dit in de prediking?
6 II (29) | goddelijke openbaring Dei Verbum, 2.~
7 II,1 | Geest zijn geleerd" (1Kor 2,12-13).~De prediking is
8 II,2 | 2. Voor een doeltreffende
9 II (45) | Fides et ratio, 2.~
10 III (48) | Sacrosanctum Concilium, 2.~
11 III,1 | het die leeft in mij’ (Gal 2,20)." 53~De vieringen van
12 III,1 | waarnaar wij zoeken".56~2. Bedienaren van de eucharistie: ‘
13 III (56) | Sacrosanctum Concilium, 2.~
14 III (58) | Sacrosanctum Concilium, 2; 10.~
15 III,1 | verstoken, nu begenadigd" (1Pe 2,10).~De nieuwe evangelisatie
16 III (69) | in: Insegnamenti XVI, 2 (1993), 826.~
17 III (75) | Antwoord aangaande canon 964 §2 cic (7 juli 1998), in: aas
18 IV,1 | 2. Sacerdos et hostia’~Wezenlijk
19 IV,1 | was" te laten heersen (Fil 2,5). Van deze onverbrekelijke
20 IV (97) | audiëntie (19 mei 1993), 2, in: Insegnamenti XVI, 1 (
21 Slot (112)| van Nazianza, Orationes, 2, 71, in: pg 35, 480B.~
22 Slot | doet u het maar" (vgl. Joh 2,5). "‘Ecce natus est nobis
23 Slot (115)| 7, in: Insegnamenti XVI, 2 (1993), 38.
|