Chapter, Paragraph
1 Inl | inzien dat men niet langer mag dralen, dat het nu tijd
2 I,1 | verkondiging van het evangelie mag niet tot dialoog beperkt
3 I,1 | christelijke grondgegevens. Daarbij mag ze niet afzien van de voor
4 I,2 | zijn uitwendige bezigheden mag hij de zorg voor zijn inwendig
5 II,1 | Rom 1,9). De priester mag hieraan geen hinderpalen
6 II,1 | kunnen verduisteren. Men mag dus nooit met het Woord
7 II,2 | die men wil bereiken. Men mag natuurlijk niet vervallen
8 II,2 | enthousiasmeren en te zuiveren – mag niet op gemakzuchtige en
9 II,2 | te verklaren: deze taak mag niet worden toevertrouwd
10 II,2 | stijl, de lengte – de preek mag nooit te lang zijn –, de
11 III,1| liturgische plechtigheid":55 er mag in geen geval ge-zocht worden
12 III,1| hoogte zijn, en de priester mag niet alleen maar in theorie
13 IV,2 | regendi door de priester mag beslist niet gezien worden
14 IV,2 | niet tot het misverstand mag leiden dat deze bedienaar
15 IV,2 | gemeenschapsaspect van de pastoraal ... mag de behoeften van iedere
16 IV,2 | zin groter betekenis, en mag niet verward worden met
17 IV,2 | Uit herderlijke liefde mag hij daarom niet vrezen zijn
18 IV,2 | waaraan de priester zich niet mag onttrekken; want het dient
19 IV,2 | verantwoordelijkheden uit de weg gaat. Ook mag men niet te licht denken
20 IV,2 | in de permanente vorming, mag absoluut nooit het gevoel
21 Slot | huidige Kerk weer de wegen mag ontdekken die de barmhartigheid
|