Chapter, Paragraph
1 Inl | toevertrouwde christelijke gemeenschap. Deze leer vormt een uitgangspunt
2 Inl | persoonlijke vlak als op dat van de gemeenschap een grotere, hernieuwde
3 Inl | voeren in de kerkelijke gemeenschap, waar zij door de genade
4 I,2 | het ontvangt als voor de gemeenschap, of beschouwen ze het louter
5 II,1 | hen uit te nodigen tot de gemeenschap met Hem en hen daarin op
6 III,1| gezonden om het mysterie van de gemeenschap van de heilige Drie-eenheid
7 III,1| structuur van de kerkelijke gemeenschap delen in het drievoudig
8 III,1| geen enkele christelijke gemeenschap opgebouwd wordt als zij
9 III,1| spoedig onder lijden en ook de gemeenschap waarvan hij herder is, zal
10 III,1| de priesters is bovenal gemeenschap en verantwoordelijke en
11 IV,2 | is "de hun toevertrouwde gemeenschap te brengen tot volledige
12 IV,2 | Kerk moet het zicht op de gemeenschap samengaan met het zicht
13 IV,2 | dimensie tot die van de gemeenschap. In zijn omgang met ieder
14 IV,2 | ieder individu en met de gemeenschap doet de priester zijn best
15 IV,2 | van de hem toevertrouwde gemeenschap. Uit herderlijke liefde
16 IV,2 | hartelijk en broederlijk in de gemeenschap worden opgenomen. In verband
17 IV,2 | van de hun toevertrouwde gemeenschap en oefenen zij deze taak
18 Slot | sacramenten en leiders van de gemeenschap. We vragen de koningin van
|