Chapter, Paragraph
1 Intro | op om zich steeds beter te voegen naar de wil van haar
2 Intro | besloten bijgaand rondschrijven te sturen aan de afzonderlijke
3 Intro | bemiddeling aan alle priesters te doen toekomen. In zijn toespraak
4 Intro | bedoelt dus een instrument te zijn om de individuele priester
5 Intro | in aanmerking genomen – te brengen tot een gewetensonderzoek,
6 Intro | opdracht tot evangelisatie te kunnen wijden.~Het antwoord
7 Intro | niet naar de Congregatie te worden gestuurd; de serie
8 Intro | alledaagse werkelijkheid te toetsen. De priesters kunnen
9 Inl | leer gelovig en vol hoop te bezinnen.~Van iedereen in
10 Inl | apostolische geest vooruit te zien, zich voor te bereiden
11 Inl | vooruit te zien, zich voor te bereiden om de eenentwintigste
12 Inl | eenentwintigste eeuw binnen te gaan, vol verlangen de poorten
13 Inl | de geschiedenis wijd open te zetten voor Jezus Christus,
14 Inl | gelovigen dienen zich geroepen te voelen ervoor te zorgen
15 Inl | geroepen te voelen ervoor te zorgen dat in het jaar 2000 "
16 Inl | dringende plicht hen binnen te voeren in de kerkelijke
17 Inl | plicht om het evangelie te brengen aan alle mensen
18 Inl | verbonden met de opdracht om te onderrichten, te heiligen
19 Inl | opdracht om te onderrichten, te heiligen en alle mensen
20 Inl | alle mensen tot de Vader te brengen. Ook vurige christenen –
21 Inl | aanhoudende bemoediging om te streven naar de heiligheid
22 Inl | aanwezigheid in deze tijd duidelijk te maken van Christus, wiens
23 Inl | evangelisatie"4 op zich te nemen, en om in het licht
24 Inl | van deze opgave opnieuw te ontdekken dat God van hen
25 Inl | deel van het volk van God te dienen als leraars van het
26 I | de taak gegeven eropuit te gaan" (Joh 15,16)~
27 I,1 | verlangen naar God tracht te stillen, maar daartoe niet
28 I,1 | een bevredigende vorm weet te vinden. "De zending van
29 I,1 | moeten inzetten om haar te dienen." 5 In onze tijd
30 I,1 | concrete leven schijnen te kennen en aanvaarden. Een
31 I,1 | apostolische arbeid verricht dient te worden. Krachtens hun aan
32 I,1 | eigen levenssituatie, mee te werken aan de evangelisatieopdracht
33 I (6)| godsdienst gevaar beschouwd te worden als één godsdienst
34 I (6)| godsdiensten of gereduceerd te worden tot een zuiver sociale
35 I (6)| vermogen om kinderen van God te worden’ (Joh 1,12) geeft."~
36 I,1 | geroepen de zorg voor de missie te delen".9 Men kan dus zeggen
37 I,1 | geheimnisvol blijft, grondig uiteen te zetten en haar voor te houden
38 I,1 | uiteen te zetten en haar voor te houden met dezelfde vriendelijkheid,
39 I,1 | deze beide positief uit te dragen in een houding van
40 I,1 | onontkoombare uitdaging de waarheid te durven uit te spreken.~Bij
41 I,1 | de waarheid te durven uit te spreken.~Bij de evangelisatiearbeid
42 I,1 | het besef verantwoordelijk te zijn voor de woordenschat
43 I,1 | geschikte woorden weten te vinden om hen in onze tijd
44 I,1 | vinden om hen in onze tijd te helpen weer de diepe zin
45 I,1 | helpen weer de diepe zin te ontdekken van deze menselijke
46 I,2 | uitsluitend op eigen schouders te nemen",13 vervullen zij
47 I,2 | het priesterambt een vorm te vinden die beantwoordt aan
48 I,2 | doeltreffend en krachtig in te gaan op de omstandigheden
49 I,2 | Om alle mensen tot zich te trekken (vgl. Joh 12,32),
50 I,2 | Kerk en haar bedienaren te betrekken bij het verlossingswerk),
51 I,2 | mensen van onze tijd moeilijk te aanvaarden is. Tegenwoordig
52 I,2 | dient hij onwrikbaar op te komen tegen het kwaad van
53 I,2 | inwendige nalaten om goed te zorgen voor de uitwendige
54 I,2 | van heiligheid van de Kerk te doen groeien en ons nieuwe
55 I,2 | groeien en ons nieuwe heiligen te zenden om de hedendaagse
56 I,2 | om de hedendaagse wereld te evangeliseren." 19 Men bedenke
57 I,2 | gewijde bedienaren; des te meer is dus hun echt evangelisch
58 I,2 | we twee niet van elkaar te scheiden doelstellingen
59 I,2 | openen om van God vergiffenis te ontvangen. Ook thans is
60 I,2 | wil bewogen om de zonde af te wijzen, bereikt het evangelisatiewerk
61 I,2 | toch zó tot het geloof op te voeden, dat de afzonderlijke
62 I,2 | gebracht de sacramenten te beleven als echte sacramenten
63 I,2 | niet om ze louter passief te ontvangen of te ondergaan. 22~
64 I,2 | passief te ontvangen of te ondergaan. 22~Evangelisatie
65 I,2 | gelovigen aan "ijverig deel te nemen aan de oecumenische
66 I,2 | aangetroffen met vreugde te erkennen en hoog te achten".26
67 I,2 | vreugde te erkennen en hoog te achten".26 Tegelijk moet
68 I,2 | kent.~Suggesties om zich te bezinnen op hoofdstuk I~
69 I,2 | Heer moet bidden roepingen te schenken tot het priesterschap
70 I,2 | moge ontbreken om daarop in te gaan?~5. Wordt bij de prediking
71 II | schepsel de goede boodschap te verkondigen" (Mc 16,15)~
72 II,1 | vgl. Bar 3,38) om hen uit te nodigen tot de gemeenschap
73 II,1 | met Hem en hen daarin op te nemen." 29 In de Heilige
74 II,1 | puur verstandelijke kennis te bereiken valt, maar waarvoor
75 II,1 | God aan iedereen bekend te maken; ... (zo) vormen zij
76 II,1 | evangelie van zijn Zoon te verkondigen" (Rom 1,9).
77 II,1 | leggen door doeleinden na te streven die niet met zijn
78 II,1 | die niet met zijn opdracht te maken hebben, of door zich
79 II,1 | maken hebben, of door zich te verlaten op menselijke wijsheid
80 II,1 | eerste zijn om in het woord te geloven, in het volle besef
81 II,1 | maar het woord van God te onderwijzen en iedereen
82 II,1 | en iedereen met klem op te roepen tot bekering en tot
83 II,1 | gelegenheid om zich steeds meer te verdiepen in het onderricht
84 II,1 | aan het volk Gods verder te geven.~
85 II,2 | doopsel voortvloeiende roeping te doen beseffen, dat zij namelijk
86 II,2 | worden om Christus van nabij te volgen, en persoonlijk mee
87 II,2 | volgen, en persoonlijk mee te werken aan de opdracht van
88 II,2 | door hem het heilsgeheim te tonen." 37 De rol van de
89 II,2 | Christus aan de mensen voor te houden want Hij alleen, "
90 II,2 | er ook maar iets aan af te doen wat de goedheid ervan
91 II,2 | ze stelt om er deel aan te krijgen. Tegelijk bedenke
92 II,2 | wederwaardigheden tegen het kwaad te strijden en om door het
93 II,2 | door het lijden van de dood te gaan; maar in verbondenheid
94 II,2 | gebeuren zonder gebruik te maken van gezonde theologie,
95 II,2 | om, de geopenbaarde leer te herhalen maar om door middel
96 II,2 | geweten van de gelovigen te vormen opdat ze consequent
97 II,2 | staat is oprecht zijn geloof te beleven en door zijn leven
98 II,2 | geloofwaardigheid ervan aan te tonen.~Evangeliseren betekent
99 II,2 | menselijke perfectie verricht te worden. Een vernieuwde leerstellige,
100 II,2 | geweten van de gedoopten te enthousiasmeren en te zuiveren –
101 II,2 | gedoopten te enthousiasmeren en te zuiveren – mag niet op gemakzuchtige
102 II,2 | de verkondiging op zich te nemen, met name met betrekking
103 II,2 | de opdracht het evangelie te verklaren: deze taak mag
104 II,2 | hoe die eventueel zijn op te lossen. "De priesters moeten,
105 II,2 | moeten, om een juist antwoord te kunnen geven op vragen die
106 II,2 | raadplegen," 41 en niet te vergeten de Katechismus
107 II,2 | dit betreft is het goed te blijven benadrukken hoe
108 II,2 | zorgvuldig een schema voor te bereiden van wat men wil
109 II,2 | vaklui op televisie en radio te luisteren en te kijken.
110 II,2 | en radio te luisteren en te kijken. In zekere zin moet
111 II,2 | deskundig gebruik weten te maken van deze ‘nieuwe leerstoelen’,
112 II,2 | aspect van hun ambtswerk te vergroten. In verschillende
113 II,2 | der wereld uitgetrokken om te verkondigen dat Jezus Christus ‘
114 II,2 | dient men een heldere taal te gebruiken die voor mensen
115 II,2 | worden vermeden. 46 Men dient te spreken vanuit een waarachtige
116 II,2 | hij wil zeggen en hoe het te zeggen, en die zich op lange
117 II,2 | sterker benadrukt dienen te worden, en voor zover mogelijk
118 II,2 | een aangenaam stemgeluid te hebben. Men dient te weten
119 II,2 | stemgeluid te hebben. Men dient te weten wat men wil bereiken
120 II,2 | bereiken en goed op de hoogte te zijn van de levensomstandigheden
121 II,2 | theorieën en algemeenheden te vervallen moet men zijn
122 II,2 | opbouwende wijze van spreken te hebben, mensen niet te kwetsen
123 II,2 | spreken te hebben, mensen niet te kwetsen ook als men hun
124 II,2 | geweten raakt, en niet bang te zijn om de dingen bij hun
125 II,2 | om de dingen bij hun naam te noemen.~Priesters die in
126 II,2 | lengte – de preek mag nooit te lang zijn –, de wijze van
127 II,2 | nederigheid nodig om zich te willen laten helpen door
128 II,2 | samenwerken.~Suggesties om zich te bezinnen op hoofdstuk II~
129 II,2 | over instrumenten om na te gaan wat voor werkelijke
130 II,2 | essentieel evangelisatiemiddel te gebruiken met zo groot mogelijk
131 II,2 | priesters gestimuleerd om tijd te besteden aan het bestuderen
132 II,2 | meesters van de spiritualiteit te leren kennen en bekend te
133 II,2 | te leren kennen en bekend te maken?~9. Wordt met praktische
134 II,2 | mogelijkheden om zich aan te sluiten bij bibliotheken
135 II,2 | die uitstekend weten om te gaan met de media, hetgeen
136 III,1 | de heilige Drie-eenheid te verkondigen en ervan te
137 III,1 | te verkondigen en ervan te getuigen, het te actualiseren
138 III,1 | en ervan te getuigen, het te actualiseren en te verbreiden." 47
139 III,1 | het te actualiseren en te verbreiden." 47 Deze sacramen-tele
140 III,1 | zijn met Gods handelen mee te werken door te delen in
141 III,1 | handelen mee te werken door te delen in de werkzaamheid
142 III,1 | drievoudig munus Christi. Door te handelen in persona Christi
143 III,1 | gesproken zijn wonderwerken te tonen door hen die, ontvankelijker
144 III,1 | inhoud van het geloof over te dragen. Een geloofwaardige
145 III,1 | brengen dan door ons toe te staan om als priesters van
146 III,1 | priesters van het Nieuwe Verbond te handelen in Zijn naam, in
147 III,1 | werk. Om er vruchten van te plukken moeten de gelovigen
148 III,1 | absoluut noodzakelijk hen ervan te doordringen dat zij op die
149 III,1 | geschapene samen met Hem op te dragen. (Daarom) is de eucharistie
150 III,1 | belang de gelovigen duidelijk te maken wat het wezen is van
151 III,1 | heilig Altaaroffer en hen aan te sporen tot vruchtbare deelname
152 III,1 | mogelijk zelfs dagelijks, deel te nemen aan de eucharistieviering
153 III,1 | de eucharistieviering en te communie te gaan. Ze moeten
154 III,1 | eucharistieviering en te communie te gaan. Ze moeten gewezen
155 III,1 | worden op de strenge plicht te voldoen aan de geestelijke
156 III,1 | Lichaam van Christus, en dus te beginnen met een persoonlijke
157 III,1 | niet in staat van genade te zijn. De bloei van het christelijk
158 III,1 | slaagt het verband duidelijk te maken tussen het alledaagse
159 III,1 | enige tijd na de communie te besteden aan de dankzegging.~
160 III,1 | Kerk erin bestaat de mensen te leren bidden tot de Vader
161 III,1 | heeft tot taak de verering te stimuleren van de eucharistische
162 III,1 | het misoffer, en ernaar te streven zijn Kerk tot een ‘
163 III,1 | huis van christelijk gebed’ te maken." 65 Vóór alles dienen
164 III,1 | gelovigen grondig op de hoogte te zijn van de noodzakelijke
165 III,1 | om met vrucht de communie te ontvangen. Hun devotie voor
166 III,1 | eeuwenoude traditie in de Kerk te zorgen voor de stilte die
167 III,1 | en makkelijk toegankelijk te maken. Ze moet zo lang mogelijk
168 III,1 | Gods genade zal weten af te roepen over hen voor wie
169 III,1 | brengen, roepingen weten te wekken tot het priesterschap
170 III,1 | om een werkelijke impuls te geven aan een waarachtige
171 III,1 | zondebesef veelal dreigt te verdwijnen67 moet er nadrukkelijk
172 III,1 | heel haar boosaardigheid te onderkennen. De eerste aanzet
173 III,1 | inspant om de gelovigen weer te doen gaan tot het boetesacrament69
174 III,1 | sacramentele praktijk van harte aan te moedigen, terwijl we op
175 III,1 | uit een ver verleden weten te vernieuwen en nieuw leven
176 III,1 | vernieuwen en nieuw leven in te blazen. Men moet allereerst
177 III,1 | toediening van het sacrament te verwarren met de geestelijke
178 III,1 | de gelegenheid weten aan te grijpen om te komen tot
179 III,1 | weten aan te grijpen om te komen tot een gesprek waarin
180 III,1 | deze tijd." 71 Als men zo te werk gaat zal dit ertoe
181 III,1 | crisis waarin het verkeert te overwinnen. Persoonlijke
182 III,1 | de burgermaatschappij uit te dragen. Voor een diepgaande
183 III,1 | dit in de meeste gevallen te danken is aan de geestelijke
184 III,1 | dient een bijzondere zorg te besteden aan de roepingenpastoraal. ...
185 III,1 | contact mensen hun talenten te doen ontdekken, en hen te
186 III,1 | te doen ontdekken, en hen te leren inzien dat God van
187 III,1 | iemand met priesterroeping te vinden die zijn priesterlijk
188 III,1 | werkelijk gelegenheid bieden om te gaan biechten, dan vraagt
189 III,1 | besteedt. 73 Het is zeer aan te bevelen bepaalde tijden
190 III,1 | bevelen bepaalde tijden vast te stellen voor het biechthoren;
191 III,1 | gelovigen ervan afgehouden om te gaan biechten alleen al
192 III,1 | gunstig gelegen biechtkapel te hebben; de priesters dienen
193 III,1 | priesters dienen ervoor te zorgen dat aan de vastgestelde
194 III,1 | de gelovigen gemakkelijk te maken te gaan biechten dient
195 III,1 | gelovigen gemakkelijk te maken te gaan biechten dient ook
196 III,1 | biechten dient ook zorg besteed te worden aan de plaatsen waar
197 III,1 | deze zielzorgpraktijken te houden, maar dat is geen
198 III,1 | maar dat is geen reden om te verzwijgen dat ze doeltreffend
199 III,1 | een weldaad is ze in ere te herstellen, mochten ze in
200 III,1 | beschikbaarheid dient men te stimuleren dat wereldheren
201 III,1 | verzoening van harte uit te oefenen is het noodzakelijk
202 III,1 | materieel en geestelijk te ondersteunen, hun met tact
203 III,1 | hun met tact gelegenheid te geven tot biecht en geestelijke
204 III,1 | leiding, hen in hun dienstwerk te stimuleren, hen bij iedere
205 III,1 | stimuleren, hen bij iedere nood te helpen, en hen broederlijk
206 III,1 | ouderdom en bij ziekte bij te staan. Juist op dit gebied
207 III,1 | met Christus in contact te brengen en hem met grote
208 III,1 | deze genadevolle ontmoeting te begeleiden. Dit betekent
209 III,1 | blijkt er een reëel gevaar te bestaan dat de theologische
210 III,1 | Paracleet vragen hem in staat te stellen aan dit heilbrengend
211 III,1 | overvloedige bovennatuurlijke zin te geven, 80 en het te maken
212 III,1 | zin te geven, 80 en het te maken tot een ware ontmoeting
213 III,1 | geweten van de penitent te vormen – een zeer belangrijke
214 III,1 | door hem tactvol de vragen te stellen waardoor hij er
215 III,1 | het diepst van zijn hart te danken voor de hem bewezen
216 III,1 | en het vaste voornemen te maken zijn leven te beteren.
217 III,1 | voornemen te maken zijn leven te beteren. Steeds zal hij
218 III,1 | werken van boetvaardigheid te verrichten waarmee hij niet
219 III,1 | groeien.~Suggesties om zich te bezinnen op hoofdstuk III~
220 III,1 | bij het heilig Sacrament te gaan bidden?~16. Wordt in
221 III,1 | geestelijkheid permanent te vormen op het gebied van
222 III,1 | onvervangbare ambtswerk te blijven bijscholen?~19.
223 IV | barmhartigheid van de Vader zichtbaar te maken en te verbreiden~"
224 IV | Vader zichtbaar te maken en te verbreiden~"De Kerk leidt
225 IV | van de liefde van de Vader te ontsluieren en tegelijk
226 IV | ontsluieren en tegelijk te effectueren door middel
227 IV | Messias een gemakkelijk te lezen teken van God, die
228 IV | waartoe mensen in staat zijn te boven gaan – zoals duidelijk
229 IV | daarom leren zich intiem te verenigen met de offergave,
230 IV | de mensen het getuigenis te brengen van Gods eindeloze
231 IV,1 | niet aan eigen verdiensten te danken is. Een dergelijke
232 IV,1 | gezonden om onze zonden uit te wissen" (1Joh 4,10). En
233 IV,1 | barmhartigheid. Het verlangen om te dienen is een wezenlijk
234 IV,1 | niet gekomen is om gediend te worden maar om te dienen" (
235 IV,1 | gediend te worden maar om te dienen" (Mt 20,28). De priester
236 IV,1 | vergoten om onze zonden af te wassen: Pontifex qui dilexisti
237 IV,1 | constante uitnodiging ook hostia te worden, en "de gezindheid
238 IV,1 | ook in Christus Jezus was" te laten heersen (Fil 2,5).
239 IV,1 | aansporing om met Jezus hostia te worden ligt ook ten grondslag
240 IV,1 | overgeleverd om haar heilig en rein te maken (Ef 5,25-26). De priester
241 IV,1 | geroepen om een "levend beeld te zijn van Jezus Christus,
242 IV,1 | zijn leven een offergave te maken aan haar. "Het priesterlijk
243 IV,2 | in liefde en met kracht te leiden~"Terwijl de priesters
244 IV,2 | geheiligd om het evangelie te preken, de herders van hun
245 IV,2 | herders van hun gelovigen te zijn en de goddelijke eredienst
246 IV,2 | de goddelijke eredienst te vieren als waarachtige priesters
247 IV,2 | Jezus de Goede Herder na te volgen, en maakt de herderlijke
248 IV,2 | toevertrouwde gemeenschap te brengen tot volledige geestelijke
249 IV,2 | met "eximia humanitate"99 te bejegenen; steeds weigert
250 IV,2 | steeds weigert hij in dienst te staan van een bepaalde ideologie
251 IV,2 | wijze waarop men pastoraal te werk gaat aan te passen
252 IV,2 | pastoraal te werk gaat aan te passen aan de situatie van
253 IV,2 | dient de priester zich te houden bij het uitoefenen
254 IV,2 | consequent in praktijk te brengen. 102~Met de bisschop
255 IV,2 | daarom niet vrezen zijn gezag te doen gelden op al de gebieden
256 IV,2 | niet zozeer om de baas te zijn als wel om te dienen). 103
257 IV,2 | baas te zijn als wel om te dienen). 103 Wie gezag moet
258 IV,2 | zijn verantwoordelijkheid te onttrekken. Want als hij
259 IV,2 | zijn verantwoordelijkheden te nemen, zich te vergissen,
260 IV,2 | verantwoordelijkheden te nemen, zich te vergissen, niet gewaardeerd
261 IV,2 | vergissen, niet gewaardeerd te worden, de vrees niet populair
262 IV,2 | de vrees niet populair te zijn, het terugdeinzen om
263 IV,2 | terugdeinzen om het kruis te aanvaarden enzovoorts; uiteindelijk
264 IV,2 | dient om openlijk teken te zijn van zijn door tijd
265 IV,2 | burgerlijk gezag, dient hij wel te beseffen dat hij er nederig
266 IV,2 | waarbij vermeden dient te worden dat zij zich hechten
267 IV,2 | hij niet het recht om deze te verwaarlozen, te vervreemden
268 IV,2 | om deze te verwaarlozen, te vervreemden of naar eigen
269 IV,2 | eigen goeddunken gestalte te geven. 107 Hij heeft bijvoorbeeld
270 IV,2 | christelijk geloof voor te houden en aan andere geen
271 IV,2 | aan andere geen aandacht te schenken omdat hij ze moeilijker
272 IV,2 | omdat hij ze moeilijker te aanvaarden of ‘minder ter
273 IV,2 | getracht worden hen allen te helpen om te komen tot zorgvuldig
274 IV,2 | worden hen allen te helpen om te komen tot zorgvuldig en
275 IV,2 | weg gaat. Ook mag men niet te licht denken over eventuele
276 IV,2 | heeft pastorale liefde niets te betekenen. Eigenliefde en
277 IV,2 | onbewust verlangen om op te vallen kunnen schuil gaan
278 IV,2 | zijn herderlijk ambt uit te oefenen daar waar de nood
279 IV,2 | is het bijzonder nodig te kunnen rekenen op priesters
280 IV,2 | andere pastorale taak op zich te nemen, maar ook naar een
281 IV,2 | andere stad, streek of land te trekken naargelang de beschikbare
282 IV,2 | de noodzakelijke zending te vervullen, en daarbij hun
283 IV,2 | uit liefde voor God opzij te zetten. "Door de natuur
284 IV,2 | eigen bisdom, volk of ritus te overschrijden en de noden
285 IV,2 | noden van de gehele Kerk te lenigen, in hun hart bereid
286 IV,2 | om het evangelie overal te prediken’." 110 Een juist
287 IV,2 | samengaan.~Suggesties om zich te bezinnen op hoofdstuk IV~
288 IV,2 | middelen om als christen te rijpen en te evangeliseren?~
289 IV,2 | als christen te rijpen en te evangeliseren?~22. Vormt
290 IV,2 | oprechte broederlijkheid te bekommeren om al hun collega’
291 Slot | inspannen om hun priesterschap te beleven als een specifieke
292 Slot | persoonlijk een heilig leven te leiden. "Alvorens anderen
293 Slot | leiden. "Alvorens anderen te reinigen moet men eerst
294 Slot | eerst zichzelf reinigen; om te kunnen onderrichten moet
295 Slot | moet licht worden om licht te schenken; men dient naar
296 Slot | schenken; men dient naar God te gaan om anderen tot God
297 Slot | gaan om anderen tot God te brengen, geheiligd te worden
298 Slot | God te brengen, geheiligd te worden om anderen te heiligen." 112
299 Slot | geheiligd te worden om anderen te heiligen." 112 Dit streven
300 Slot | als een andere Christus te zijn en zo te leven.~De
301 Slot | andere Christus te zijn en zo te leven.~De gelovigen uit
302 Slot | verwachten gastvrij en hartelijk te worden ontvangen, 113 wanneer
303 Slot | ertoe brengt de tarwe te zijn van God om te worden
304 Slot | tarwe te zijn van God om te worden tot ‘zuiver brood
305 Slot | Christus nieuwe wegen weten te vinden om bij alle priesters
306 Slot | Kerk een oprecht verlangen te wekken naar vernieuwing
307 Slot | de mensen van onze tijd te brengen tot verbondenheid
308 Slot | door het gebed vertrouwd te worden met dat Woord en
309 Slot | vurig in dienst daarvan te stellen, zodat dit Woord
310 Slot | geroepen worden om medewerkers te zijn van de heilige Geest
311 Slot | leer hen trouwe bedienaren te zijn van Gods geheimnissen:
312 Slot | geestelijke herders weten te zijn, en alle mensen weten
313 Slot | zijn, en alle mensen weten te leiden naar uw Zoon, het
|