Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
zien 11
ziet 3
zij 51
zijn 217
zijne 1
zin 9
zinloos 2
Frequency    [«  »]
496 en
329 in
313 te
217 zijn
200 een
169 voor
159 is
Congregatie voor de Clerus
Priester en derde millennium

IntraText - Concordances

zijn

    Chapter, Paragraph
1 Intro | priesters te doen toekomen. In zijn toespraak bij die gelegenheid 2 Intro | wegen samen die geschetst zijn in de apostolische brief 3 Intro | datgene wat het resultaat zal zijn van deze voltallige vergadering. 4 Intro | bedoelt dus een instrument te zijn om de individuele priester 5 Intro | genoemde documenten: het zijn immers documenten die van 6 Intro | van fundamenteel belang zijn voor het antwoord op de 7 Intro | gestuurd; de serie vragen zijn veeleer een hulpmiddel, 8 Intro | belangrijkste medewerkers zijn van de bisschoppen. Met 9 Inl | uitgangspunt voor bezinning op zijn identiteit en zending binnen 10 Inl | van oudsher christelijk zijn, maar soms ook in de jongere 11 Inl | afstaat van Christus en zijn evangelie. In dit geval 12 Inl | leven als christen wezenlijk zijn. Maar daarnaast zijn er 13 Inl | wezenlijk zijn. Maar daarnaast zijn er vele anderen die weliswaar 14 Inl | misschien zelfs gedoopt zijn, maar de grondslagen missen 15 Inl | en geen deel hebben aan zijn heilbrengende gaven. Meer 16 Inl | heilbrengende gaven. Meer dan ooit zijn in onze dagen voor de Kerk 17 Inl | vurige christenenhet zijn er velenhebben behoefte 18 Inl | gekozen, gewijd en uitgezonden zijn om de aanwezigheid in deze 19 I,1 | uitzending door de Heer zijn altijd actueel, maar in 20 I,1 | het tweede millennium na Zijn komst toont aan dat die 21 I,1 | Christus gehoord hebben, maar zijn leer eerder als een stelsel 22 I,1 | twintig eeuwen christendom zijn er nog heel wat gebieden 23 I,1 | eerst verantwoordelijken zijn voor deze nieuwe evangelisatie 24 I,1 | praktisch onverstaanbaar zijn geworden. Begrippen als 25 I,1 | besef verantwoordelijk te zijn voor de woordenschat van 26 I,1 | geloofsformuleringen die samengevat zijn in de geloofsbelijdenis. 12~ 27 I,2 | herders zich ervan bewust zijn dat "zij door Christus niet 28 I,2 | liefde voor Christus en zijn Kerk.~Het doel van heel 29 I,2 | door wie Jezus Christus zijn Lichaam, de Kerk, gemaakt 30 I,2 | Christus onder de mensen zijn heilswerk verrichten, en 31 I,2 | ambtelijk priesterschap zijn plaats. Om alle mensen tot 32 I,2 | zich af waartoe die nodig zijn en waarop ze berusten.~Zoals 33 I,2 | van de priester een leven zijn dat in zijn naam gewijd 34 I,2 | priester een leven zijn dat in zijn naam gewijd is aan de waarachtige 35 I,2 | Hnd 1,1) wijdde de Messias zijn openbaar leven aan de prediking 36 I,2 | natuurlijk allereerst aan zijn god-zijn, maar in de ogen 37 I,2 | ogen van de mensen ook aan zijn oprechte, heilige en volmaakte 38 I,2 | gezag dat hij krachtens zijn wijding bezit15 gepaard 39 I,2 | gezag dat hij ontleent aan zijn oprechte en geheiligde leven, 16 40 I,2 | geheiligde leven, 16 aan zijn pastorale genegenheid die 41 I,2 | de H. Gregorius de Grote zijn priesters voorhield is nog 42 I,2 | geestelijke herder) moet zuiver zijn in zijn gedachten, voorbeeldig 43 I,2 | herder) moet zuiver zijn in zijn gedachten, voorbeeldig in 44 I,2 | gedachten, voorbeeldig in zijn handelen, discreet in zijn 45 I,2 | zijn handelen, discreet in zijn zwijgen, van nut in zijn 46 I,2 | zijn zwijgen, van nut in zijn woord; hij moet allen nabij 47 I,2 | woord; hij moet allen nabij zijn door zijn meeleven en meer 48 I,2 | moet allen nabij zijn door zijn meeleven en meer dan allen 49 I,2 | bijstaan, maar omwille van zijn vurig ijveren voor de gerechtigheid 50 I,2 | kwaad van de zondaars. Bij zijn uitwendige bezigheden mag 51 I,2 | bezigheden mag hij de zorg voor zijn inwendig leven niet verwaarlozen, 52 I,2 | hedendaagse mens grondig kennen, zijn vreugde en verwachtingen, 53 I,2 | liefdevolle beschouwers van God zijn". "Daarvoor zijn nieuwe 54 I,2 | van God zijn". "Daarvoor zijn nieuwe heiligen nodig," 55 I,2 | beeld van Christus en van zijn Kerk vormen aan de hand 56 I,2 | mens heeft onderricht en zijn wil bewogen om de zonde 57 I,2 | bereikt het evangelisatiewerk zijn hoogtepunt in de vruchtbare 58 I,2 | zou ze absoluut zinloos zijn, even zinloos als een deelname 59 II,1 | 17) uit de overvloed van zijn liefde de mensen aan als 60 II,1 | liefde de mensen aan als zijn vrienden (vgl. Ex 33,11; 61 II,1 | werktuig waarmee Christus door zijn Geest in ons werkzaam is. 62 II,1 | wij alles wat God ons in zijn genade gegeven heeft. En 63 II,1 | wijsheid maar door de Geest zijn geleerd" (1Kor 2,12-13).~ 64 II,1 | prediking is een ambtswerk dat zijn oorsprong vindt in het wijdingssacrament 65 II,1 | de vrucht van de genade, zijn er veel andere handelingen 66 II,1 | zowel gunstig als schadelijk zijn voor de apostolische vruchtbaarheid 67 II,1 | ervan, kan dit Woord beter zijn heilbrengende kracht uitoefenen.~ 68 II,1 | dien door het evangelie van zijn Zoon te verkondigen" (Rom 69 II,1 | te streven die niet met zijn opdracht te maken hebben, 70 II,1 | ontwikkelen ... en de eerste zijn om in het woord te geloven, 71 II,1 | besef dat de woorden van zijn dienstwerk niet de ‘zijne’ 72 II,1 | dienstwerk niet de ‘zijne’ zijn, maar de woorden van Degene 73 II,1 | liefde zichtbaar maakt en aan zijn woord de overtuigingskracht 74 II,2 | en geeft hem inzicht in zijn zeer hoge roeping".38~Voor 75 II,2 | liturgisch en moreel van inhoud zijn, en oog hebben voor de concrete 76 II,2 | christen in staat is oprecht zijn geloof te beleven en door 77 II,2 | geloof te beleven en door zijn leven de geloofwaardigheid 78 II,2 | omstandigheden opgewassen zijn. Het resultaat ervan hangt 79 II,2 | lezen en het richten van zijn belangstelling op hetgeen 80 II,2 | gewijde ambtsdrager bij zijn voorbereiding dienstig kan 81 II,2 | voorbereiding dienstig kan zijn. De predikant moet voortdurend 82 II,2 | nagaan hoe die eventueel zijn op te lossen. "De priesters 83 II,2 | kennisoverdracht, en we zijn gewend naar bekende vaklui 84 II,2 | wijze contact heeft met zijn publiek) met hen ten overstaan 85 II,2 | vreedzaam concurreren; hij moet zijn boodschap dus op aantrekkelijke 86 II,2 | zorgen dat het niveau van zijn boodschap beantwoordt aan 87 II,2 | positief en stimulerend zijn, en de mensen brengen tot 88 II,2 | betreurenswaardige vorm van irenisme zijn als men de kracht van de 89 II,2 | verhullen. Men moet dus met zorg zijn woorden, stijl en voordracht 90 II,2 | en goed op de hoogte te zijn van de levensomstandigheden 91 II,2 | levensomstandigheden en cultuur van zijn gehoor; om niet in abstracte 92 II,2 | algemeenheden te vervallen moet men zijn schaapjes kennen. Men dient 93 II,2 | geweten raakt, en niet bang te zijn om de dingen bij hun naam 94 II,2 | preek mag nooit te lang zijn –, de wijze van spreken, 95 II,2 | stemgebruik dat normaal moet zijn maar dat kan wisselen zonder 96 II,2 | willen laten helpen door zijn collegas en zelfs indirect 97 II,2 | van onze gemeenschappen? Zijn we erop gespannen dit essentieel 98 III,1 | de momenten bij uitstek zijn waarop het goddelijk leven 99 III,1 | zij levende instrumenten zijn van Christus, de Hogepriester. 100 III,1 | sacramenteel karakter gemachtigd zijn met Gods handelen mee te 101 III,1 | noodzaak dat de priester van zijn geloof getuigenis aflegt 102 III,1 | getuigenis aflegt door heel zijn wijze van leven, maar vooral 103 III,1 | aan om normaal gesproken zijn wonderwerken te tonen door 104 III,1 | en op speciale wijze door zijn Geest delen in zijn priesterschap, 54 105 III,1 | door zijn Geest delen in zijn priesterschap, 54 zijn buitengewoon 106 III,1 | in zijn priesterschap, 54 zijn buitengewoon belangrijke 107 III,1 | enige effectieve momenten zijn geworden om de inhoud van 108 III,1 | de wijding deelhebben aan Zijn priesterschap. ... Kon Jezus 109 III,1 | priesterschap. ... Kon Jezus Zijn vriendschap op een welsprekender 110 III,1 | Nieuwe Verbond te handelen in Zijn naam, in persona Christi 111 III,1 | uitdrukking van vriendschap zijn dan dit? Zij staat precies 112 III,1 | niet in staat van genade te zijn. De bloei van het christelijk 113 III,1 | heilig Offer, dat ze getuigen zijn van de liefde en godsvrucht 114 III,1 | misoffer, en ernaar te streven zijn Kerk tot een ‘huis van christelijk 115 III,1 | grondig op de hoogte te zijn van de noodzakelijke voorwaarden 116 III,1 | mogelijk dagelijks open zijn, en met ware zorg worden 117 III,1 | devotiealleen mogelijk zijn op voorwaarde dat de priester 118 III,1 | vriendschap met Christus, in staat zijn om een werkelijke impuls 119 III,1 | echte apostelen die in staat zijn de nieuwe evangelisatie 120 III,1 | die van de Kerk vervreemd zijn, is een degelijke vorming 121 III,1 | inwendig en uitwendig trouw zijn aan hun leven als priester. " 122 III,1 | priesterroeping te vinden die zijn priesterlijk werk kan voortzetten." 72~ 123 III,1 | moet ervan op de hoogte zijn, en de priester mag niet 124 III,1 | maar in theorie beschikbaar zijn. Soms worden gelovigen ervan 125 III,1 | er priesters beschikbaar zijn".74 Parochiekerken en in 126 III,1 | bevinden: ze moeten schoon zijn, goed zichtbaar, er moet 127 III,1 | verzwijgen dat ze doeltreffend zijn en dat het een weldaad is 128 III,1 | herstellen, mochten ze in onbruik zijn geraakt. Voor deze zeer 129 III,1 | biechtstoel verrichten; ze zijn naar waarheid leermeesters 130 III,1 | of slecht biecht, zullen zijn priester-zijn en zijn optreden 131 III,1 | zullen zijn priester-zijn en zijn optreden als priester er 132 III,1 | Onder de deugden die vereist zijn voor een vruchtbaar uitoefenen 133 III,1 | kwaliteit bij het uitoefenen van zijn ambt als biechtvader afneemt. 134 III,1 | helpen God uit het diepst van zijn hart te danken voor de hem 135 III,1 | vaste voornemen te maken zijn leven te beteren. Steeds 136 III,1 | alleen voldoening geeft voor zijn zonden maar ook in deugd 137 III,1 | heilsbetekenis van de sacramenten zijn onveranderbaar. Met deze 138 III,1 | nieuwe evangelisatie.~14. Zijn onze gemeenschappen een ‘ 139 IV | Een goede herder geeft zijn leven voor zijn schapen" ( 140 IV | herder geeft zijn leven voor zijn schapen" (Joh 10,11)~1. 141 IV | mens, dan moet hij over zijn wezen, handelen en schuld 142 IV | heel eigen wijze geroepen zijn om het mysterie van de liefde 143 IV | het eigen moment dat Hij zijn messiaanse opdracht bekend 144 IV | Vader door het offer van zijn Zoon betrokken willen worden 145 IV | waartoe mensen in staat zijn te boven gaanzoals duidelijk 146 IV | het bijzonder zichtbaar in zijn zelfopoffering op het kruis. 147 IV | de eeuwige Hogepriester, zijn verstand, wil, stem en handen 148 IV | en handen aan, opdat door zijn bediening Christus aan de 149 IV | leren denken en doen als zijn Meester en, zoals Hij, als 150 IV | zoals Hij, als gave voor zijn broeders en zusters leven. 151 IV | met de offergave, en heel zijn leven op het offeraltaar 152 IV | hun wijding en ambtswerk zijn de priesters ook een levend 153 IV,1 | liefgehad, en Hij heeft zijn Zoon gezonden om onze zonden 154 IV,1 | kader vindt het gewijde ambt zijn bestaansrecht. Niemand kan 155 IV,1 | gevolmachtigde bedienaren zijn van de genade. Het gewijde 156 IV,1 | aanbieden. Sterker nog, zij zijn dienaren van Gods liefde 157 IV,1 | heeft ons lief, en Hij heeft zijn bloed vergoten om onze zonden 158 IV,1 | Sacerdos en Hostia is, is zijn bedienaar, die deel heeft 159 IV,1 | Geesttussen Christus en zijn bedienaar, zonder dat deze 160 IV,1 | zonder dat deze zich in Zijn plaats wil stellen, maar 161 IV,1 | om een "levend beeld te zijn van Jezus Christus, de Bruidegom 162 IV,1 | de Kerk",92 door van heel zijn leven een offergave te maken 163 IV,2 | herders van hun gelovigen te zijn en de goddelijke eredienst 164 IV,2 | bedienaar nu niet onderhevig zou zijn aan menselijke zwakheid, 165 IV,2 | de Goede Herder, roept ‘zijn schapen ieder bij zijn naam’ ( 166 IV,2 | zijn schapen ieder bij zijn naam’ (Joh 10,3-4). Door 167 IV,2 | naam’ (Joh 10,3-4). Door zijn voorbeeld heeft Hij de eerste 168 IV,2 | die van de gemeenschap. In zijn omgang met ieder individu 169 IV,2 | gemeenschap doet de priester zijn best om iedereen met "eximia 170 IV,2 | maar sterk geseculariseerd zijn. Zo gezien krijgt het munus 171 IV,2 | krijgt het munus regendi in zijn ware missionaire zin groter 172 IV,2 | nooit terug voor de met zijn messiaans gezag samenhangende 173 IV,2 | liefde en kracht. Vandaar dat zijn gezag nooit benauwende heerszucht 174 IV,2 | hij ernaar moeten streven zijn delen in het leven van Christus, 175 IV,2 | Christus, Leider en Herder van zijn kudde, consequent in praktijk 176 IV,2 | Met de bisschop en onder zijn gezag is ook de priester 177 IV,2 | mag hij daarom niet vrezen zijn gezag te doen gelden op 178 IV,2 | niet zozeer om de baas te zijn als wel om te dienen). 103 179 IV,2 | uitoefenen moet veeleer op zijn hoede zijn voor de bekoring 180 IV,2 | moet veeleer op zijn hoede zijn voor de bekoring om zich 181 IV,2 | de bekoring om zich aan zijn verantwoordelijkheid te 182 IV,2 | onttrekken. Want als hij zijn gezag niet uitoefent schiet 183 IV,2 | hij in de uitoefening van zijn pastoraal dienstwerk alle 184 IV,2 | vaak de angst schuil om zijn verantwoordelijkheden te 185 IV,2 | de vrees niet populair te zijn, het terugdeinzen om het 186 IV,2 | voor iedereen beschikbaar zijn. Daarom is het ook van belang 187 IV,2 | dient om openlijk teken te zijn van zijn door tijd noch 188 IV,2 | openlijk teken te zijn van zijn door tijd noch plaats beperkte 189 IV,2 | heeft.~De priester moet op zijn hoede zijn voor de tegenstrijdigheid 190 IV,2 | priester moet op zijn hoede zijn voor de tegenstrijdigheid 191 IV,2 | de tegenstrijdigheid in zijn wijze van doen waarbij hij 192 IV,2 | niet over zaken die onder zijn directe bevoegdheid vallen 193 IV,2 | tot eer van de Vader door zijn kostbaar bloed vrijgekocht. 194 IV,2 | het niet dragen van de bij zijn staat behorende kleding 195 IV,2 | nieuwe beschikbaarheid om zijn herderlijk ambt uit te oefenen 196 IV,2 | zending die door Christus aan zijn apostelen is toevertrouwd’." 109 197 IV,2 | op priesters die bereid zijn niet alleen een andere pastorale 198 IV,2 | geest doordrongen en bezield zijn envan die waarlijk katholieke 199 IV,2 | moeilijkheden verkeren? Zijn er vormen van gemeenschappelijk 200 IV,2 | gaat dat in concreto in zijn werk?~25. Wordt in de geestelijke 201 Slot | evangelieverkondigers nodig. Dat zijn de priesters die zich inspannen 202 Slot | alle omstandigheden van zijn bestaan tracht als een andere 203 Slot | als een andere Christus te zijn en zo te leven.~De gelovigen 204 Slot | ze gesticht worden door zijn voorbeeld van matigheid 205 Slot | voelen bij het zien van zijn bovennatuurlijke kijk op 206 Slot | bovennatuurlijke kijk op de dingen, zijn fijngevoeligheid, de menselijke 207 Slot | Overal kan de priester zijn taak als geestelijke herder 208 Slot | van die gevallen is het zijn mis die zich uitbreidt, 209 Slot | mis die zich uitbreidt, zijn persoonlijke verbondenheid 210 Slot | ertoe brengt de tarwe te zijn van God om te worden tot ‘ 211 Slot | Romanos IV, 1) tot heil van zijn broeders en zusters." 115~ 212 Slot | eersten verantwoordelijk zijn voor de nieuwe evangelisatie.~ 213 Slot | die gelijkvormig geworden zijn aan uw Zoon, Christus de 214 Slot | stellen, zodat dit Woord zijn heilbrengend werk kan blijven 215 Slot | worden om medewerkers te zijn van de heilige Geest die 216 Slot | hen trouwe bedienaren te zijn van Gods geheimnissen: zo 217 Slot | geestelijke herders weten te zijn, en alle mensen weten te


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License