Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
vaders 1
vallen 1
valstrik 1
van 970
vanaf 5
vandaag 19
vangen 1
Frequency    [«  »]
-----
-----
1472 de
970 van
729 het
528 en
467 in
Ioannes Paulus PP. II
Novo Millennio Ineunte

IntraText - Concordances

van

1-500 | 501-970

    Chapter,  Paragraph
1 Inl,1 | 1. BIJ DE AANVANG VAN HET NIEUWE MILLENNIUM, nu 2 Inl,1 | Jezus na zijn onderricht van de menigte, vanuit de boot 3 Inl,1 | menigte, vanuit de boot van Simon, tot deze apostel 4 Inl,1 | vertrouwden op het woord van Christus en wierpen de netten 5 Inl,1 | voorbije jaar het gelaat van haar bruidegom en Heer beschouwd. 6 Inl,1 | Hem die "de grote herder van de schapen" is (Heb 13,20). 7 Inl,1 | werden opgenomen, is het Volk van God in Rome, in Jeruzalem 8 Inl,1 | Hij is de eindbestemming van de geschiedenis en de enige 9 Inl,1 | geschiedenis en de enige Verlosser van de wereld; tot Hem hebben 10 Inl,1 | wat de genade in de loop van het jaar in de harten heeft 11 Inl,1 | staat vast dat "een stroom van leven", die voortdurend 12 Inl,1 | ontspringt aan de "troon van het Lam" (cf. Apk 22,1), 13 Inl,1 | doordrenkt. Het is het water van de Geest dat de dorst lest 14 Inl,1 | is de barmhartige liefde van de Vader die zich nogmaals 15 Inl,1 | in Christus. Aan het eind van dit jaar mogen we opnieuw 16 Inl,2 | lofzang voort te zetten. Van bij het begin van mijn pontificaat, 17 Inl,2 | zetten. Van bij het begin van mijn pontificaat, zag ik 18 Inl,2 | een nieuw elan haar taak van evangelisatie te vervullen. ~ 19 Inl,2 | zijn voor "wat de liefde van de Heer heeft gedaan". " 20 Inl,3 | niet enkel een herdenken van het verleden maar ook een 21 Inl,3 | Kerken wil uitnodigen. In elk van deze Kerken die, verzameld 22 Inl,3 | verenigd zijn in het "breken van het Brood" (cf. Hnd 2,42), 23 Inl,3 | elke Kerk dat het mysterie van het ene Godsvolk een gestalte 24 Inl,3 | culturen. ~Het geworteld zijn van de Kerk in tijd en ruimte 25 Inl,3 | instantie de beweging zelf van de Incarnatie. Daarom is 26 Inl,3 | ik, vanuit het dienstambt van Petrus, tot besluit van 27 Inl,3 | van Petrus, tot besluit van dit Jubeljaar met deze brief 28 Inl,3 | manifesteert in de verscheidenheid van haar gaven en de eenheid 29 Inl,3 | haar gaven en de eenheid van haar zending. ~ 30 Inl,3(1) | over het herderlijke ambt van de bisschoppen in de Kerk, 31 I | ONTMOETING MET CHRISTUS, ERFENIS VAN HET JUBELJAAR ~ 32 I,4 | In de Bul tot afkondiging van het Jubeljaar 2000 drukte 33 I,4 | wens uit dat de viering van tweeduizend jaar mysterie 34 I,4 | tweeduizend jaar mysterie van de Menswording beleefd zou 35 I,4 | verzoening en een teken van authentieke hoop voor hen 36 I,4 | zijn Kerk" (3). De ervaring van het jubeljaar heeft zich 37 I,4 | barmhartigheid liet aanvoelen, van wie "elke goede gave en 38 I,4 | en vooral aan de dimensie van de lofprijzing. Daar ligt 39 I,4 | Daar ligt de oorsprong van elk authentiek gelovig antwoord 40 I,4 | antwoord op de openbaring van God in Christus. Het christendom 41 I,4 | God niet enkel de schepper van de wereld en de mens is 42 I,4 | heeft Hij nu, op het einde van de dagen, tot ons gesproken 43 I,4 | is gedaan aan de frisheid van dit . heden. , waarmee de 44 I,4 | herders de wondere gebeurtenis van de geboorte van Jezus te 45 I,4 | gebeurtenis van de geboorte van Jezus te Betlehem hebben 46 I,4 | Vandaag is in de stad van David uw Redder geboren; 47 I,4 | zijn zending in de synagoge van Nazaret ten aanzien van 48 I,4 | van Nazaret ten aanzien van zijn verbaasde stadgenoten. 49 I,4 | stadgenoten. Hij paste de profetie van Jesaja toe op zichzelf: " 50 I,4 | steeds troost in dit . heden. van het heil dat op het Kruis 51 I,4 | dat op het Kruis de deuren van het Rijk Gods heeft geopend 52 I,5 | twijfel dat het samenvallen van dit Jubeljaar met het binnentreden 53 I,5 | tot een beter begrijpen van het mysterie van Christus 54 I,5 | begrijpen van het mysterie van Christus tegen de wijde 55 I,5 | Christus tegen de wijde horizon van de heilsgeschiedenis. Het 56 I,5 | Israël om zo de geboorte van zijn Zoon in de schoot van 57 I,5 | van zijn Zoon in de schoot van Maria voor te bereiden " 58 I,5 | bereiden "toen de volheid van de tijd gekomen was" (Gal 59 I,5 | Hij fundament en centrum van de geschiedenis. Hij is 60 I,5 | en het uiteindelijke doel van. Het is inderdaad door Hem, 61 I,5 | Hem, die Woord en Beeld van de Vader is, dat "alles 62 I,5 | Paasmysterie en in de gave van de Geest, is het kloppend 63 I,5 | Geest, is het kloppend hart van de tijd, het mysterievolle 64 I,6 | De zuivering van het geheugen ~6. Opdat ons 65 I,6 | roepen en de bijzondere gave van de aflaat te bekomen, maar 66 I,6 | ontrouw willen herinneren van veel van haar kinderen die 67 I,6 | willen herinneren van veel van haar kinderen die in de 68 I,6 | kinderen die in de loop van de geschiedenis een schaduw 69 I,6 | hebben geworpen op het gelaat van Christus, haar Bruidegom. ~ 70 I,6 | onderkennen waar, in de loop van de twee eerste millennia, 71 I,6 | de ontroerende liturgie van 12 maart 2000 kunnen vergeten, 72 I,6 | mij tot tolk heb gemaakt van de Kerk en vergiffenis heb 73 I,6 | gevraagd voor de zonden van al haar kinderen? Deze . 74 I,6 | kinderen? Deze . zuivering van het geheugen. heeft ons 75 I,6 | heeft ons gesterkt op de weg van de toekomst. Ze heeft ons 76 I,7 | alles wat Hij in de loop van de eeuwen, bijzonder in 77 I,7 | het Jubeljaar ook het jaar van hun zaligverklaring of heiligverklaring. 78 I,7 | zijn of om nederige figuren van leken en religieuzen, van 79 I,7 | van leken en religieuzen, van het ene continent der aarde 80 I,7 | te zijn om het mysterie van de Kerk tot uitdrukking 81 I,7 | levende wijze het gelaat van Christus. ~Overigens hebben 82 I,7 | hebben we ter gelegenheid van het heilig jaar veel gedaan 83 I,7 | met de vertegenwoordigers van de andere Kerken en kerkelijke 84 I,7 | gemeenschappen, in het kader van het Colosseum, symbool van 85 I,7 | van het Colosseum, symbool van vervolgingen in de eerste 86 I,8 | Alsof ze in de voetsporen van de heiligen wilden treden, 87 I,8 | stroom talloze kinderen van de Kerk naar Rome getrokken, 88 I,8 | getrokken, om bij de graven van de apostelen hun geloof 89 I,8 | onder de indruk gekomen van de grote menigten op het 90 I,8 | Sint-Pietersplein ter gelegenheid van de talrijke vieringen. Vaak 91 I,8 | kijken naar de lange rijen van pelgrims die geduldig wachtten 92 I,8 | probeerde me een beeld te vormen van de levensgeschiedenis van 93 I,8 | van de levensgeschiedenis van ieder van hen. Een geschiedenis 94 I,8 | levensgeschiedenis van ieder van hen. Een geschiedenis met 95 I,8 | dialoog met Hem weer de weg van de hoop gaat. ~Bij het zien 96 I,8 | hoop gaat. ~Bij het zien van deze aanhoudende stroom 97 I,8 | deze aanhoudende stroom van groepen kwam mij concreet 98 I,8 | kwam mij concreet het beeld van de . Kerk op weg. voor ogen, 99 I,8 | Kerk die, naar het woord van Augustinus, haar pelgrimstocht 100 I,8 | begeleid door de vervolgingen van de wereld en de vertroostingen 101 I,8 | wereld en de vertroostingen van God" (6). Alleen de buitenkant 102 I,8 | Alleen de buitenkant van dit bijzondere gebeuren 103 I,8 | Maar wie kan het wonder van de genade peilen dat zich 104 I,8 | aan de geheimvolle werking van God en zijn eindeloze liefde 105 I,8(6) | Aurelius Agustinus, De Stad van God, (vertaald en ingeleid 106 I,8(6) | Wijdeveld), Ambo/Athenaeum-Polak&Van Gennep, Baarn/Amsterdam 107 I,9 | deelnemers heeft soms de krachten van organisatoren en animatoren, 108 I,9 | organisatoren en animatoren, zowel van de kant van de Kerk als 109 I,9 | animatoren, zowel van de kant van de Kerk als van de burgerlijke 110 I,9 | de kant van de Kerk als van de burgerlijke maatschappij, 111 I,9 | de proef gesteld. Ik zou van deze brief gebruik willen 112 I,9 | enthousiaste bijeenkomst van de jongeren. Als er van 113 I,9 | van de jongeren. Als er van dit jaar 2000 één beeld 114 I,9 | het zeker wel deze stroom van jongeren waarmee ik een 115 I,9 | richtte vanaf het plein van Sint-Jan van Lateranen en 116 I,9 | vanaf het plein van Sint-Jan van Lateranen en het Sint-Pietersplein. 117 I,9 | om de eucharistieviering van Tor Vergata te vergeten. ~ 118 I,9 | Kerk een bijzondere gave van Gods Geest zijn. Als men 119 I,9 | overvallen. Het jubileum van de jongeren heeft ons de 120 I,9 | en een boodschap gebracht van een jeugd die, niettegenstaande 121 I,9 | Christus niet het geheim van de ware vrijheid en van 122 I,9 | van de ware vrijheid en van de diepe vreugde van het 123 I,9 | en van de diepe vreugde van het hart? Is Christus niet 124 I,9 | de jeugd het ware gelaat van Christus wordt voorgesteld, 125 I,9 | 21,11-12) bij de dageraad van dit nieuw millennium. ~ 126 I,10 | uitweiden over de details van elke gebeurtenis in dit 127 I,10 | aan de feestelijke sfeer van de eerste belangrijke samenkomst, 128 I,10 | hebben we de aansporing van Jezus ter harte genomen: " 129 I,10 | het tot het beeld maakte van de houding die we moeten 130 I,10 | 2-4). ~In het voetspoor van de kinderen zijn de meest 131 I,10 | verscheiden categorieën van volwassenen de barmhartigheid 132 I,10 | volwassenen de barmhartigheid van het jubileum komen vragen: 133 I,10 | het jubileum komen vragen: van bejaarde, zieke en gehandicapte 134 I,10 | gekomen om de betekenis van hun dienst uit te spreken: 135 I,10 | de vrede. ~De bijeenkomst van de arbeiders op 1 mei, de 136 I,10 | mei, de traditionele datum van het feest van de arbeid, 137 I,10 | traditionele datum van het feest van de arbeid, had een groot 138 I,10 | gevraagd de spiritualiteit van de arbeid te beleven, in 139 I,10 | te beleven, in navolging van de Heilige Jozef en van 140 I,10 | van de Heilige Jozef en van Jezus zelf. Hun jubileum 141 I,10 | dat bestaat in de wereld van de arbeid zou saneren en 142 I,10 | met beslistheid het proces van de economische mondialisering 143 I,10 | zou beheersen in functie van de solidariteit en het respect 144 I,10 | teruggekeerd voor het jubileum van de gezinnen, waar ze aan 145 I,10 | werden getoond als . de lente van gezin en maatschappij. . 146 I,10 | families, uit vele streken van de wereld, kwamen samen 147 I,10 | verbonden om de betekenis van huwelijk en gezin gestalte 148 I,10 | wijze, de betekenis zelf van het huwelijk en gezin als 149 I,10 | dreigt te verliezen. ~Een van de ontmoetingen die mij 150 I,10 | die met . de gevangenen van Regina Coeli. . In hun ogen 151 I,10 | bijzondere wijze . een jaar van barmhartigheid. geweest. ~ 152 I,10 | geweest. ~Op het einde van het jaar, was er de sympathieke 153 I,10 | ontmoeting met . de wereld van het spektakel. , die een 154 I,10 | aantrekkingskracht uitoefent op de geest van de mensen. Ik heb de personen 155 I,10 | zouden aanbieden, getuigend van morele gezondheid en in 156 I,11 | Congres ~11. In het geheel van dit Jubeljaar, moest het 157 I,11 | Eucharistie het offer is van Christus die onder ons aanwezig 158 I,11 | het centrum moest staan van dit Heilig Jaar, gewijd 159 I,11 | gewijd aan de Menswording van het Woord. Daarom werd dit 160 I,11 | beleven. ~Als men de geboorte van de Zoon viert, hoe zou men 161 I,11 | niet enkel ter gelegenheid van bijzonder betekenisvolle 162 I,11 | dat ik, in aanwezigheid van een groot deel van het wereldepiscopaat, 163 I,11 | aanwezigheid van een groot deel van het wereldepiscopaat, in 164 I,11 | een uitdrukkelijke daad van vertrouwen het leven van 165 I,11 | van vertrouwen het leven van mannen en vrouwen in dit 166 I,11(7) | brief over de voorbereiding van het jubileumjaar 2000, Tertio 167 I,12 | gezien vanuit de Stoel van Petrus. Daarbij vergeet 168 I,12 | heb gewild dat de viering van het Jubeljaar evenzeer in 169 I,12 | waar de rijkdom en de gaven van elke Kerk en zelfs van elk 170 I,12 | gaven van elke Kerk en zelfs van elk land en elke cultuur, 171 I,12 | katholiciteit. , opdat de enige Kerk van Christus op steeds welsprekender 172 I,12 | tonen: het sacrament te zijn van de eenheid (8). ~Ik had 173 I,12 | dat men in het programma van het Jubeljaar, een bijzondere 174 I,12 | gemeenschappelijke viering van Christus. geboorte? Er werden 175 I,12 | de lichtende gedachtenis van de oecumenische ontmoeting 176 I,12 | ontmoeting in de Basiliek van Sint-Paulus, op 18 januari 177 I,12 | opvolger, samen met de primaat van de Anglicaanse Communio 178 I,12 | Communio en een metropoliet van het Oecumenisch Patriarchaat 179 I,12 | Oecumenisch Patriarchaat van Constantinopel, in aanwezigheid 180 I,12 | Constantinopel, in aanwezigheid van vertegenwoordigers van Kerken 181 I,12 | aanwezigheid van vertegenwoordigers van Kerken en kerkelijke gemeenschappen 182 I,12 | kerkelijke gemeenschappen van overal ter wereld. In dezelfde 183 I,12 | orthodoxe patriarchen en hoofden van christelijke confessies. 184 I,12 | bijzonder aan het recente bezoek van Z.H. Karekin II, opperste 185 I,12 | patriarch en Katholicos van alle Armenië rs. ~Vele gelovigen 186 I,12 | Jubeljaar. Zeker, de weg van de oecumene blijft lastig, 187 I,12 | door de tegenwoordigheid van de Verrezene en door de 188 I,12 | de onuitputtelijke kracht van de Geest die altijd voor 189 I,13 | jubileum langs de wegen van het Heilig Land kunnen vergeten? 190 I,13 | die willen beginnen in Ur van de Chaldeeërs, om me bijna 191 I,13 | begeven in de voetstappen van Abraham "onze vader in het 192 I,13 | bedevaart plaats, de weg volgend van de heilsgeschiedenis. Zo 193 I,13 | op de Sinaï waar de gave van de Decaloog en het Eerste 194 I,13 | ik de plaatsen vereerde van Christus. geboorte en van 195 I,13 | van Christus. geboorte en van zijn leven te Betlehem en 196 I,13 | ingesteld. Ik heb het mysterie van het kruis opnieuw mogen 197 I,13 | ook nu nog plaatsen zijn van pijn en rouw omwille van 198 I,13 | van pijn en rouw omwille van het heersende geweld, heb 199 I,13 | door de zonen en dochters van de Kerk, maar ook door de 200 I,13 | bezoek aan het memoriaal van Yad Vachem, vreselijke herinnering 201 I,13 | herinnering aan de slachtoffers van de uitroeiingskampen van 202 I,13 | van de uitroeiingskampen van de nazi's. Deze bedevaart, 203 I,13 | bedevaart, een gebeuren van broederlijkheid en vrede, 204 I,13 | vrede, beschouw ik als een van de mooiste gaven van het 205 I,13 | een van de mooiste gaven van het Jubeljaar. Als ik terugdenk 206 I,14 | aandacht voor de problemen van de armoede die de wereld 207 I,14 | dit vlak krijgt de kwestie van de internationale schuld 208 I,14 | de internationale schuld van de arme landen een bijzondere 209 I,14 | landen toe, lag in de lijn van het Jubeljaar, dat in zijn 210 I,14 | de mensen in de teruggave van de materiële goederen die 211 I,14 | vaststellen dat de parlementen van meerdere Staten-schuldeisers 212 I,14 | vermindering hebben goedgekeurd van de bilaterale schuld die 213 I,14 | Daarentegen is de kwestie van de multilaterale schuldenlast 214 I,14 | multilaterale schuldenlast van de armste landen ten aanzien 215 I,14 | armste landen ten aanzien van de financiële internationale 216 I,14 | dat de staten die lid zijn van deze organisaties, vooral 217 I,14 | het ontwikkelingsproces van talrijke landen afhangt, 218 I,14 | en existentiële situatie van ontelbare mensen. ~ 219 I,15 | situeren in de contemplatie van het Gelaat van Christus, 220 I,15 | contemplatie van het Gelaat van Christus, beschouwd in zijn 221 I,15 | verkondigd ook als de zin van de geschiedenis en het licht 222 I,15 | wettigt geenszins een gevoel van verzadiging, nog minder 223 I,15 | ons leiden tot een houding van gelatenheid. Wat we hebben 224 I,15 | niet voor het koninkrijk van God" (Lc 9,62). Wanneer 225 I,15 | gebed. Onze tijd is een tijd van . altijd in beweging zijn. 226 I,15 | doen. . Laat ons het woord van Jezus tot Marta in herinnering 227 I,15 | je bezorgd en druk over van alles, maar slechts één 228 I,15 | bezinnen over het mysterie van Christus die het absolute 229 I,15 | het absolute fundament is van heel ons pastoraal handelen. ~ 230 II,16 | Grieken die ter gelegenheid van het Paasfeest op bedevaart 231 II,16 | opdracht gekregen het licht van Christus te laten schijnen 232 II,16 | schijnen in elk tijdperk van de geschiedenis en zijn 233 II,16 | oplichten voor de generaties van het nieuwe millennium? ~ 234 II,16 | uitdrukkelijker te doen. Bij het einde van het Jubeljaar gaan we ons 235 II,16 | gevestigd op het gelaat van de Heer. ~ 236 II,17 | Het getuigenis van de evangelies ~17. Wanneer 237 II,17 | 17. Wanneer we het gelaat van Christus contempleren, worden 238 II,17 | Hem zegt; zij is immers van het begin tot het einde 239 II,17 | begin tot het einde vervuld van zijn mysterie. In het Oude 240 II,17 | openstellen voor de werking van de Geest (cf. Joh 15,26), 241 II,17 | die aan de oorsprong ligt van de Heilige Schrift; we willen 242 II,17 | luisteren naar het getuigenis van de apostelen (cf. ibid., 243 II,17 | hebben ervaren. Het Woord van leven hebben ze met eigen 244 II,17 | ondanks de complexiteit van hun redactie en hun oorspronkelijke 245 II,18 | een volledige biografie van Jezus te geven die zou beantwoorden 246 II,18 | beantwoorden aan de wetten van de moderne historische wetenschap. 247 II,18 | betrouwbaar zicht op de Man van Nazaret. De evangelisten 248 II,18 | moeite gedaan om de trekken van dit gelaat vast te leggen, 249 II,18 | onderscheidingsvermogen van de Kerk. Op basis van deze 250 II,18 | onderscheidingsvermogen van de Kerk. Op basis van deze getuigenissen van het 251 II,18 | basis van deze getuigenissen van het eerste uur hebben ze, 252 II,18 | onthutsende feit vernomen van de maagdelijke geboorte 253 II,18 | de maagdelijke geboorte van Jezus, zoon van Maria, de 254 II,18 | geboorte van Jezus, zoon van Maria, de echtgenote van 255 II,18 | van Maria, de echtgenote van Jozef. Van de mensen die 256 II,18 | de echtgenote van Jozef. Van de mensen die Hem gekend 257 II,18 | gedurende de dertig jaren van zijn leven te Nazaret (cf. 258 II,18 | vernomen over het leven van "de zoon van de timmerman" ( 259 II,18 | over het leven van "de zoon van de timmerman" (Mt 13,55) 260 II,18 | timmerman" (Mt 13,55) en dat van "de timmerman" zelf, behorend 261 II,18 | bedevaart te gaan naar de tempel van Jeruzalem (cf. Lc 2,4) en 262 II,18 | bracht regelmatig de synagoge van zijn stad te bezoeken (cf. 263 II,18 | 4,16). ~Voor de periode van zijn openbaar leven, die 264 II,18 | te prediken dat de komst van het Rijk Gods nabij is, 265 II,18 | in woorden en in tekenen van genade en barmhartigheid 266 II,18 | barmhartigheid de eisen en de kracht van aan te geven. De evangelies 267 II,18 | steden en dorpen, vergezeld van twaalf apostelen, door Hem 268 II,18 | uitgekozen (cf. Mc 3,13-19), van een groep vrouwen die voor 269 II,18 | zorgden (cf. Lc 8,2-3), van een menigte mensen die Hem 270 II,18 | Hem zoeken of Hem volgen, van zieken die beroep doen op 271 II,18 | op zijn genezende kracht, van mensen die Hem aanspreken 272 II,18 | de toonaangevende groepen van de religieuze samenleving 273 II,18 | de religieuze samenleving van zijn tijd. Dit mondt uit 274 II,18 | Golgota. Dat is het uur van de duisternis; maar daarop 275 II,18 | definitief. Bij het einde van hun verhaal tonen de evangelies 276 II,18 | de evangelies ons de Man van Nazaret, die de dood heeft 277 II,18 | stralend herkennen en hoe ze van Hem de gave van de Geest 278 II,18 | en hoe ze van Hem de gave van de Geest ontvangen (cf. 279 II,19 | De weg van het geloof ~19. "Vreugde 280 II,19 | Joh 20,20). Het gelaat van Christus dat de apostelen 281 II,19 | aanschouwde was hetzelfde als dit van Jezus, met wie ze gedurende 282 II,19 | hadden geleefd. In het tonen van "zijn handen en zijn zijde" ( 283 II,19 | ibid.) verzekerde hij hen van de overweldigende realiteit 284 II,19 | overweldigende realiteit van zijn nieuw leven. Gemakkelijk 285 II,19 | zoektocht zijn de leerlingen van Emmaüs tot geloof gekomen ( 286 II,19 | binnentreden in het mysterie van dit gelaat. Dit was trouwens 287 II,19 | tijdens het historische leven van Jezus; dit blijkt uit de 288 II,19 | met de daden of de woorden van de Heer. We kunnen maar 289 II,19 | Jezus komen langs de weg van het geloof, een weg waarvan 290 II,19 | bekende tafereel in de streek van Caesarea van Filippus (cf. 291 II,19 | in de streek van Caesarea van Filippus (cf. Mt 16,13-20). 292 II,19 | balans te willen opmaken van zijn zending en ondervraagt 293 II,19 | weer anderen Jeremia of een van de profeten" (Mt 16,14). 294 II,19 | hoever is dit nog verwijderd van de waarheid. Het volk zal 295 II,19 | uitzonderlijke religieuze dimensie van die "Rabbi", wiens uitspraken 296 II,19 | plaatsen boven de mannen van God die de geschiedenis 297 II,19 | God die de geschiedenis van Israël hebben bepaald. In 298 II,19 | Jezus heel anders! Wat Hij van de zijnen verwacht, is juist 299 II,19 | met de diepste realiteit van zijn persoon te maken heeft: " 300 II,19 | Enkel de geloofsbelijdenis van Petrus, en met hem van de 301 II,19 | geloofsbelijdenis van Petrus, en met hem van de Kerk van alle tijden, 302 II,19 | en met hem van de Kerk van alle tijden, brengt ons 303 II,19 | tot de kern die de diepte van het mysterie raakt: "U bent 304 II,19 | bent de Messias, de Zoon van de levende God" (Mt 16,16). ~ 305 II,20 | geloof gekomen? Wat wordt er van ons gevraagd indien we met 306 II,20 | mens en zijn gewone manier van kennen. Maar sprekend over 307 II,20 | Jezus volstaat deze manier van kennen niet. Een "openbaringsgenade" 308 II,20 | Een "openbaringsgenade" van de Vader is daartoe vereist ( 309 II,20 | de volmaakte contemplatie van Jezus' gelaat zullen komen, 310 II,20 | trouwe en c oherente kennis van het myst erie rijpen en 311 II,20 | verwoord in de plechtige aanhef van het evangelie van Johannes: " 312 II,20 | aanhef van het evangelie van Johannes: "Ja, het Woord 313 II,20 | ontleende, vervuld als Hij was van genade en waarheid" (Joh 314 II,21 | en onlosmakelijke eenheid van deze twee polen is de identiteit 315 II,21 | twee polen is de identiteit van Christus te vinden. Dit 316 II,21 | de klassieke formulering van het Concilie van Chalcedon ( 317 II,21 | formulering van het Concilie van Chalcedon (451): "Eén persoon 318 II,21 | het eeuwige Woord, Zoon van de Vader. De twee naturen 319 II,21 | menselijk ook - is wat de inhoud van de leer betreft, zorgvuldig 320 II,21 | om het ondoorgrondelijke van dit mysterie enigszins te 321 II,21 | waarachtige menselijkheid van Jezus te erkennen. Van zijn 322 II,21 | menselijkheid van Jezus te erkennen. Van zijn moeder Maria ontving 323 II,21 | verrezen Heer in de volheid van zijn goddelijke heerlijkheid 324 II,21(11) | Christ": Oecumenisch Concilie van Chalcedon, Denzinger-Hünermann, 325 II,22 | schitterende uitdrukking van het Christusmysterie door 326 II,22 | dezelfde lijn dat de Zoon van God, "naar het vlees, [..] 327 II,22 | geboren is uit het geslacht van David" (Rom 1,3; cf. 9,5). ~ 328 II,22 | rationalisme talrijke kringen van de hedendaagse cultuur doordringt, 329 II,22 | geloof in de goddelijkheid van Christus een probleem; in 330 II,22 | het historisch karakter van Jezus' mens-zijn af te zwakken 331 II,22 | onbetwistbaar tot het geloof van de Kerk dat het Woord waarlijk " 332 II,22 | oogpunt is de menswording van de Zoon van God een echte 333 II,22 | menswording van de Zoon van God een echte kenosis, een " 334 II,22 | kenosis, een "ontlediging" van de heerlijkheid die Hij 335 II,22 | heerlijkheid die Hij bezit van alle eeuwigheid (cf. Fil 336 II,22 | Anderzijds is deze ontlediging van de Zoon van God geen doel 337 II,22 | ontlediging van de Zoon van God geen doel op zichzelf, 338 II,22 | de totale verheerlijking van Christus tot in zijn menselijkheid 339 II,22 | staat, opdat in de Naam van Jezus iedere knie zich zou 340 II,22 | tong zou belijden tot eer van God, de Vader: de Heer, 341 II,23 | De aloude verzuchting van de psalmist kon niet beter 342 II,23 | worden dan in het aanschouwen van het gelaat van Christus. 343 II,23 | aanschouwen van het gelaat van Christus. In Hem heeft God 344 II,23 | ons ook het ware gelaat van de mens laten zien, "Hij 345 II,23 | goddelijk leven. In het mysterie van de menswording werd de grondslag 346 II,23 | deelt hij in de intimiteit van het leven binnen de Drie-eenheid. 347 II,23 | soteriologische dimensie van het mysterie van de menswording. 348 II,23 | dimensie van het mysterie van de menswording. Het is enkel 349 II,23 | Het is enkel omdat de Zoon van God waarachtig mens geworden 350 II,23 | door Hem werkelijk kind van God te worden (13). ~ 351 II,23(12) | over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et spes, 352 II,23(13) | Athanasius van Alexandrie, Redevoeringen 353 II,24 | Het gelaat van de Zoon ~24. Het wezen van 354 II,24 | van de Zoon ~24. Het wezen van de goddelijke en de menselijke 355 II,24 | helpen om het 'grensgebied' van het mysterie van Jezus' 356 II,24 | grensgebied' van het mysterie van Jezus' zelfbewustzijn te 357 II,24 | woorden de ware betekenis van zijn persoon te erkennen 358 II,24 | wanneer hij de eerste woorden van Jezus vermeldt, die Hij, 359 II,24 | twaalf jaar was, in de tempel van Jeruzalem heeft uitgesproken? 360 II,24 | Jezus is er zich duidelijk van bewust, zo blijkt het, dat 361 II,24 | duidelijke manier over de diepte van dit mysterie spreekt. In 362 II,24 | vooral in het evangelie van Johannes. Jezus twijfelt 363 II,24 | bewustzijn dat Hij heeft van zichzelf: "De Vader is in 364 II,24 | Hem het bewustzijn groeide van het goddelijk mysterie dat 365 II,24 | bestaan zich reeds bewust was van zijn identiteit als Zoon 366 II,24 | zijn identiteit als Zoon van God. Johannes bevestigt 367 II,24 | worden. Maar zelfs het drama van zijn lijden en zijn dood 368 II,24 | Hij bezit: de Zoon te zijn van de hemelse Vader. ~ 369 II,25 | Het gelaat van een lijdende ~25. Wanneer 370 II,25 | meest paradoxale aspect van zijn mysterie durven onder 371 II,25 | zoals het zich in het uur van zijn dood op het kruis manifesteert. 372 II,25 | Voor dit dubbel aspect van het mysterie kan de mens 373 II,25 | neerknielen. ~De doodstrijd van Jezus in de Olijfhof kunnen 374 II,25 | overweldigd door het vooruitzicht van de beproeving die Hem wacht 375 II,25 | mogelijk is, deze beker van Hem weg te nemen (cf. Mc 376 II,25 | de Vader schijnt de kreet van zijn Zoon niet te willen 377 II,25 | aan de mensheid het gelaat van de Vader terug te schenken, 378 II,25 | Jezus niet alleen het gelaat van de mens aannemen, maar ook 379 II,25 | aannemen, maar ook het "gelaat" van de zonde op zich nemen: " 380 II,25 | ondoorgrondelijke diepte van dit mysterie kunnen peilen. 381 II,25 | De gruwelijke scherpte van deze paradox komt tot uiting 382 II,25 | in die smartelijke kreet van schijnbare wanhoop, wanneer 383 II,25 | zeker niet de werkelijkheid van die onnoembare smart ontkennen, 384 II,25 | richt, maakt Hij gebruik van de eerste verzen van psalm 385 II,25 | gebruik van de eerste verzen van psalm 22; die woorden moeten 386 II,25 | we begrijpen in het licht van het hele gebed waarin de 387 II,25 | een ontroerende vermenging van gevoelens, lijden en vertrouwen 388 II,25 | hen gered; Blijf niet ver van mij, want ongeluk nadert, 389 II,26 | broeders en zusters, de kreet van Jezus op het kruis is geen 390 II,26 | het kruis is geen kreet van wanhoop maar wel het gebed 391 II,26 | wanhoop maar wel het gebed van de Zoon die in liefde zijn 392 II,26 | Vader aanbiedt voor het heil van allen. Op het ogenblik dat 393 II,26 | zich over" in de handen van zijn Vader. Zijn ogen blijven 394 II,26 | gevestigd. Juist omwille van de unieke kennis en ervaring 395 II,26 | ervaring die alleen Hij van God bezat, ziet Hij, zelfs 396 II,26 | ziet Hij, zelfs in dit uur van duisternis, op een heldere 397 II,26 | heldere manier, het gewicht van de zonde en Hij lijdt er 398 II,26 | verzetten tegen de liefde van de Vader. Zijn lijden is 399 II,26 | verbondenheid met zijn Vader, die van nature de bron is van vreugde 400 II,26 | die van nature de bron is van vreugde en zaligheid, en 401 II,26 | die uitmondt in een kreet van verlatenheid. De gelijktijdige 402 II,26 | gelijktijdige aanwezigheid van twee schijnbaar onverenigbare 403 II,26 | in de onpeilbare diepte van de hypostatische vereniging. ~ 404 II,27 | onderzoek ook het patrimonium van wat we de "beleefde theologie" 405 II,27 | de "beleefde theologie" van de heiligen zouden kunnen 406 II,27 | gemakkelijker op de intuïtie van het geloof in te gaan, vooral 407 II,27 | sommigen hebben ontvangen van de Heilige Geest of zelfs 408 II,27 | zelfs doorheen de ervaring van de vreselijke beproeving 409 II,27 | beleefd als de ervaring van Jezus op het kruis, in een 410 II,27 | een paradoxaal samengaan van zaligheid en lijden. In 411 II,27 | Divine Providence” (Dialoog van de Goddelijke Voorzienigheid), 412 II,27 | God de Vader aan Catharina van Siëna dat in de ziel van 413 II,27 | van Siëna dat in de ziel van de heiligen tegelijkertijd 414 II,27 | En de ziel is vervuld van zaligheid en van lijden; 415 II,27 | vervuld van zaligheid en van lijden; van lijden omwille 416 II,27 | zaligheid en van lijden; van lijden omwille van de zonde 417 II,27 | lijden; van lijden omwille van de zonde van de mensen, 418 II,27 | lijden omwille van de zonde van de mensen, van zaligheid 419 II,27 | de zonde van de mensen, van zaligheid door de vereniging 420 II,27 | vereniging en de tederheid van de liefde die haar geschonk 421 II,27 | heeft gekend" (14). Theresia van Lisieux beleeft op een gelijkaardige 422 II,27 | schijnbare tegenstrijdigheid van zaligheid en lijden die 423 II,27 | Jezus deel aan alle vreugden van de Drie-eenheid, maar zijn 424 II,27 | verzekeren dat ik er toch iets van begrijp, omdat ikzelf iets 425 II,27(14) | N. 78 Catharina van Siënna, Dialogue de la Divine 426 II,27 | evangelies ondersteunt de visie van de Kerk over Jezus' zelfbewustzijn, 427 II,28 | Het gelaat van de verrezen Heer ~28. Weliswaar 428 II,28 | Zaterdag, het bebloede gelaat van Jezus voor ogen te houden, 429 II,28 | Maar bij het beschouwen van Christus' gelaat mogen we 430 II,28 | stilstaan bij het beeld van de gekruisigde. Hij is verrezen! " 431 II,28 | verrijzenis was het antwoord van de Vader op zijn gehoorzaamheid, 432 II,28 | de Hebreeën: "In de dagen van zijn sterfelijk leven heeft 433 II,28 | heeft Hij in de school van het lijden gehoorzaamheid 434 II,28 | gehoorzamen, oorzaak geworden van eeuwige redding" (Heb 5, 435 II,28 | doet dit in het voetspoor van Petrus, die na zijn verloochening 436 II,28 | een begrijpelijk gevoel van schaamte toen hij zei "Heer, 437 II,28 | Bruid, haar schat, haar bron van vreugde. "Dulcis Jesu memoria, 438 II,28 | herinnering aan Jezus, de bron van de ware vreugde van het 439 II,28 | bron van de ware vreugde van het hart! Deze ervaring 440 II,28 | zetten, om bij het begin van dit derde millennium Christus 441 III,29 | dagen, tot aan de voleinding van de wereld" (Mt 28,20). Deze 442 III,29 | verlevendigd door de viering van het Jubeljaar. We dienen 443 III,29 | een inspirerende kracht van te maken voor ons verder 444 III,29 | verder op weg zijn. Bewust van de tegenwoordigheid van 445 III,29 | van de tegenwoordigheid van de Verrezen Heer onder ons, 446 III,29 | tegenover de grote uitdagingen van onze tijd. Neen, geen formule 447 III,29 | verandert met de wisseling van de tijden en culturen, zelfs 448 III,29 | communicatie. Dit programma van oudsher is ons programma 449 III,29 | aangepast zijn aan de situatie van elke gemeenschap. Het Jubeljaar 450 III,29 | Kerk te bewandelen: een weg van uitdrukkelijke catechese 451 III,29 | catechese rond het thema van de Drie-eenheid, samen met 452 III,29 | brede en veeleisende horizon van de gewone pastoraal. Midden 453 III,29 | dat het unieke programma van het Evangelie gestalte krijgt 454 III,29 | kunnen de concrete elementen van een programma vastgelegd 455 III,29 | werkmethodes, vorming en waardering van het personeel, het zoeken 456 III,29 | maken om bij de verkondiging van Christus mensen te bereiken, 457 III,29 | handelen door te getuigen van de evangelische waarden 458 III,29 | dus met klem de herders van de lokale Kerken op, om 459 III,29 | verschillende geledingen van het godsvolk, met vertrouwen 460 III,29 | met vertrouwen de etappes van de komende weg uit te tekenen 461 III,29 | tekenen en hierbij de opties van elke diocesane gemeenschap 462 III,29 | harmonie te brengen met deze van de naburige Kerken en met 463 III,29 | naburige Kerken en met deze van de universele Kerk. ~Deze 464 III,29 | hierin ook niet de betekenis van de continentale bijeenkomsten 465 III,29 | continentale bijeenkomsten van de Bisschoppensynode, die 466 III,29 | Bisschoppensynode, die de voorbereiding van het Jubeljaar gestalte gaven, 467 III,29 | de actuele verkondiging van het Evangelie in een veelvoudige 468 III,29 | dus voor het heropnemen van een bezielend pastoraal 469 III,29 | Vanuit de ondervinding van het Jubeljaar zijn ze voor 470 III,30 | gebeuren in het perspectief van de heiligheid. Is dit niet 471 III,30 | uiteindelijke betekenis van de jubileumaflaat als een 472 III,30 | aangeboden, opdat het leven van elke gedoopte in de diepte 473 III,30 | hebben, in het bewustzijn van haar veeleisend karakter. 474 III,30 | Daartoe dienen we hoofdstuk V van de dogmatische Constitutie 475 III,30 | stellen. De herontdekking van de Kerk als "mysterie", 476 III,30 | deel heeft aan de eenheid van Vader, Zoon en de heilige 477 III,30 | leiden tot de herontdekking van haar "heiligheid". Heiligheid, 478 III,30 | in de fundamentele zin van het woord als het toebehoren 479 III,30 | we haar gezicht als Bruid van Christus tonen, voor wie 480 III,30 | bepalen "want dit is de wil van God: dat u zich heiligt" ( 481 III,30 | geroepen tot de volheid van het christelijk leven en 482 III,30 | leven en de volmaaktheid van de liefde". (17) ~ 483 III,31 | brengen en er het fundament van de pastorale programmatie 484 III,31 | de pastorale programmatie van maken bij het begin van 485 III,31 | van maken bij het begin van het nieuw millennium, kan 486 III,31 | programmatie in het teken van de heiligheid stellen, is 487 III,31 | binnenvoert in de heiligheid van God, door de opname in Christus 488 III,31 | Christus en de inwoning van zijn Geest, het een misvatting 489 III,31 | hem het radicaal karakter van de Bergrede voorhouden. " 490 III,31 | een uitzonderlijke manier van leven zou veronderstellen 491 III,31 | veelvuldig en op de maat van ieders roeping. Ik dank 492 III,31 | vastberaden de 'hoge waarde' van het dagdagelijkse christelijke 493 III,31 | te houden: heel het leven van de kerkelijke gemeenschap 494 III,31 | kerkelijke gemeenschap en van christelijke families moet 495 III,31 | het een echte pedagogie van de heiligheid vereist, die 496 III,31 | te passen aan het ritme van elke persoon. In deze pedagogie 497 III,31 | de tra diti onele vormen van persoonlijke - en groepszorg 498 III,32 | 32. Voor deze pedagogie van de heiligheid is er een 499 III,32 | onderscheidt door de kunst van het gebed. Het Jubeljaar 500 III,32 | Jubeljaar is een jaar geweest van meer intens persoonlijk


1-500 | 501-970

Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License