Chapter, Paragraph
1 Inl,1 | de eindbestemming van de geschiedenis en de enige Verlosser van
2 I,4 | ook na tweeduizend jaar geschiedenis geen afbreuk is gedaan aan
3 I,5 | godsdienst die zich invoegt in de geschiedenis! Het is inderdaad doorheen
4 I,5 | is inderdaad doorheen de geschiedenis dat God een verbond heeft
5 I,5 | fundament en centrum van de geschiedenis. Hij is er de zin en het
6 I,5 | zich zelfs inplant in de geschiedenis, als zaad bestemd om uit
7 I,6 | kinderen die in de loop van de geschiedenis een schaduw hebben geworpen
8 I,7 | ging om pausen die door de geschiedenis goed gekend zijn of om nederige
9 I,8 | levensgeschiedenis van ieder van hen. Een geschiedenis met haar vreugde, onrust,
10 I,8 | zijn door Christus, een geschiedenis die in dialoog met Hem weer
11 I,12 | voor de eerste maal in de geschiedenis, de heilige deur werd geopend
12 I,15 | verkondigd ook als de zin van de geschiedenis en het licht op onze weg. ~
13 II,16 | schijnen in elk tijdperk van de geschiedenis en zijn gelaat ook te laten
14 II,19 | de mannen van God die de geschiedenis van Israël hebben bepaald.
15 III,29| beleven en om met Hem de geschiedenis om te vormen tot aan de
16 III,33| broeders en stelt het in staat geschiedenis te schrijven volgens Gods
17 III,35| zien wat de spil van de geschiedenis is, waaraan het mysterie
18 III,37| kent en die Heer van de geschiedenis is. ~
19 III,41| Tertullianus verwoord, is door de geschiedenis bevestigd. Zal het ook niet
20 IV,42 | tocht van de Kerk in de geschiedenis; maar als de liefde (agapè)
21 IV,47 | oorspronkelijke plan van God dat in de geschiedenis werd verduisterd door de "
22 IV,48 | af op het terrein van de geschiedenis, in de betrekkingen tussen
23 IV,48 | vertrouwen om ook in de geschiedenis ooit de volle en zichtbare
24 IV,49 | barmhartigheid. Zo zaait men in de geschiedenis het zaad van het Godsrijk
25 IV,52 | relatieve karakter van de geschiedenis, maar het mag ons op geen
26 IV,52 | engageren in de uitbouw van de geschiedenis. In dit opzicht blijft de
27 IV,53 | caritas uitmonden die door de geschiedenis loopt. Een kleine, maar
28 IV,55 | die zovele perioden van de geschiedenis met bloed getekend hebben,
29 IV,56 | implicaties voor het leven en de geschiedenis van de mens, de Kerk zelf
30 IV,56 | heeft "ontvangen van de geschiedenis en van de ontwikkeling van
|