Chapter, Paragraph
1 I,5 | de alfa en de omega, de eerste en de laatste, de oorsprong
2 I,6 | in de loop van de twee eerste millennia, de evangelische
3 I,7 | symbool van vervolgingen in de eerste eeuwen. Dit is een erfenis
4 I,9 | Zo was het reeds vanaf de eerste welkomstgroet die ik tot
5 I,10 | feestelijke sfeer van de eerste belangrijke samenkomst,
6 I,12 | januari 2000, toen voor de eerste maal in de geschiedenis,
7 I,13 | gave van de Decaloog en het Eerste Verbond plaatsvond. Een
8 II,18 | deze getuigenissen van het eerste uur hebben ze, verlicht
9 II,19 | Jezus geeft de indruk een eerste balans te willen opmaken
10 II,24 | verduidelijken wanneer hij de eerste woorden van Jezus vermeldt,
11 II,25 | maakt Hij gebruik van de eerste verzen van psalm 22; die
12 III,31 | nieuw millennium, kan op het eerste zicht de schijn wekken weinig
13 III,32 | christendom nodig dat zich in de eerste plaats onderscheidt door
14 III,32 | moeten we leren en net als de eerste leerlingen moeten we telkens
15 III,35 | de herinnering aan die "eerste dag na de sabbat" (cf. Mc
16 III,40 | uit om het elan van het eerste begin te versterken en u
17 III,41 | vooral verbonden met de eerste eeuwen van de christelijke
18 IV,48 | gaven die de Kerk van het eerste millennium heeft verrijkt
19 IV,50 | het evangelie die toch de eerste vorm van de liefde is, gevaar
20 Besl,58| die de christenen van het eerste uur kenmerkte: wij kunnen
21 Besl,58| Cenakel verscheen Hij "de eerste dag van de week" (Joh 20,
|