1-500 | 501-528
Chapter, Paragraph
1 Inl | bisschopsambt,de priesters en de diakens, de religieuzen
2 Inl | diakens, de religieuzen en alle christengelovigen~
3 Inl,1 | altum" (Lc 5,4). Petrus en zijn gezellen vertrouwden
4 Inl,1 | op het woord van Christus en wierpen de netten uit: "...
5 Inl,1 | wierpen de netten uit: "... en ze vingen zo'n massa vis
6 Inl,1 | vandaag tot ons gericht en nodigt ons uit om dankbaar
7 Inl,1 | geestdrift het heden te beleven en om met vertrouwen open te
8 Inl,1 | dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid" (Heb
9 Inl,1 | gelaat van haar bruidegom en Heer beschouwd. Meer dan
10 Inl,1 | God in Rome, in Jeruzalem en in alle lokale Kerken door '
11 Inl,1 | eindbestemming van de geschiedenis en de enige Verlosser van de
12 Inl,1 | tot Hem hebben de Kerk en de Geest geroepen "Marana
13 Inl,1 | Geest dat de dorst lest en ons nieuw maakt (cf. Joh
14 Inl,2 | Onze edelmoedige inzet en onze onvermijdelijke zwakheden
15 Inl,2 | gebeuren, opnieuw bekeken en, in zekere zin, ontcijferd
16 Inl,3 | Bovenal, geliefde broeders en zusters, moeten we ons richten
17 Inl,3 | omzetten in vaste voornemens en concrete daden. Het is een
18 Inl,3 | luisteren naar het Woord en broederlijk verenigd zijn
19 Inl,3 | ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk waarlijk
20 Inl,3 | apostolische Kerk waarlijk aanwezig en werkt ze zich uit" (1).
21 Inl,3 | de veranderende contexten en de verschillende culturen. ~
22 Inl,3 | zijn van de Kerk in tijd en ruimte weerspiegelt in laatste
23 Inl,3 | het Godsvolk heeft gezegd en ook in de langere periode
24 Inl,3 | Tweede Vaticaans Concilie en het grote Jubeljaar. Iedere
25 Inl,3 | vurigheid te onderzoeken en een nieuw elan voor een
26 Inl,3 | elan voor een spiritueel en pastoraal engagement te
27 Inl,3 | verscheidenheid van haar gaven en de eenheid van haar zending. ~
28 I,4 | tot de Drie-eenheid" (2) en tevens "een weg tot verzoening
29 I,4 | een weg tot verzoening en een teken van authentieke
30 I,4 | die opzien naar Christus en zijn Kerk" (3). De ervaring
31 I,4 | naar deze vitale dimensies en bereikte op sommige momenten
32 I,4 | van wie "elke goede gave en elk volmaakt geschenk" (
33 I,4 | uitgaat. ~Ik denk eerst en vooral aan de dimensie van
34 I,4 | de schepper van de wereld en de mens is willen zijn,
35 I,4 | nadat God vroeger vele malen en op velerlei wijze tot de
36 I,4 | hebben aan ontferming - en wie heeft dit niet? - vinden
37 I,5 | Christus ziet in zijn goddelijk en menselijk mysterie, is Hij
38 I,5 | mysterie, is Hij fundament en centrum van de geschiedenis.
39 I,5 | geschiedenis. Hij is er de zin en het uiteindelijke doel van.
40 I,5 | inderdaad door Hem, die Woord en Beeld van de Vader is, dat "
41 I,5 | vindt in het Paasmysterie en in de gave van de Geest,
42 I,5 | nabij komt (cf. Mc 1,15) en zich zelfs inplant in de
43 I,5 | vandaag, Christus morgen en immer voort, Gij zijt God" (4).
44 I,5 | voorstelt: "Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de
45 I,5 | alfa en de omega, de eerste en de laatste, de oorsprong
46 I,5 | de laatste, de oorsprong en het einde" (Apk 22,13).
47 I,5 | het einde" (Apk 22,13). En Christus beschouwend, hebben
48 I,5 | beschouwend, hebben we de Vader en de Geest aanbeden, de ene
49 I,5 | de Geest aanbeden, de ene en onverdeelde Drie-eenheid,
50 I,5 | waarin alles zijn oorsprong en voleinding heeft. ~
51 I,6 | barmhartigheid af te roepen en de bijzondere gave van de
52 I,6 | tezelfdertijd heilig is en steeds weer geroepen om
53 I,6 | heb gemaakt van de Kerk en vergiffenis heb gevraagd
54 I,6 | heeft ons nederiger gemaakt en waakzamer in onze gehechtheid
55 I,7 | Kerk zo een schare heiligen en martelaren te schenken.
56 I,7 | nederige figuren van leken en religieuzen, van het ene
57 I,7 | vertegenwoordigers van de andere Kerken en kerkelijke gemeenschappen,
58 I,7 | ononderbroken dankbaar stemmen en ons steeds opnieuw tot navolging
59 I,8 | hun zonden te bekennen en de verlossende barmhartigheid
60 I,8 | vreugde, onrust, lijden en het gedragen zijn door Christus,
61 I,8 | vervolgingen van de wereld en de vertroostingen van God" (6).
62 I,8 | past hierover te zwijgen en in aanbidding ons nederig
63 I,8 | geheimvolle werking van God en zijn eindeloze liefde te
64 I,8(6) | Stad van God, (vertaald en ingeleid door G. Wijdeveld),
65 I,9 | krachten van organisatoren en animatoren, zowel van de
66 I,9 | inzet voor gebed, bezinning en communio ontroerd die meestal
67 I,9 | terug aan de vreugdevolle en enthousiaste bijeenkomst
68 I,9 | op wederzijdse sympathie en diep onderling begrip. Zo
69 I,9 | van Sint-Jan van Lateranen en het Sint-Pietersplein. Daarna
70 I,9 | bezonnen, verlangend naar gebed en naar zingeving en naar oprechte
71 I,9 | gebed en naar zingeving en naar oprechte vriendschap.
72 I,9 | hoe de jongeren voor Rome en voor de Kerk een bijzondere
73 I,9 | kijkt, met de problemen en de broosheid die hen kenmerken
74 I,9 | de verrassing geschonken en een boodschap gebracht van
75 I,9 | geheim van de ware vrijheid en van de diepe vreugde van
76 I,9 | Christus niet de beste vriend en tevens degene die opvoedt
77 I,9 | een overtuigend antwoord en zijn ze bereid om zijn boodschap
78 I,9 | zelfs als ze veeleisend is en getekend door het Kruis.
79 I,9 | meeslepen door hun enthousiasme en heb ik niet geaarzeld te
80 I,9 | zouden ma ken voor geloof en leven. Ik heb ze een prachtige
81 I,10 | had zijn eigen karakter en gaf een boodschap mee, niet
82 I,10 | midden een kind plaatste" en het tot het beeld maakte
83 I,10 | vragen: van bejaarde, zieke en gehandicapte mensen, fabrieksarbeiders,
84 I,10 | fabrieksarbeiders, landbouwers en sportlui, kunstenaars en
85 I,10 | en sportlui, kunstenaars en universiteitsprofessoren,
86 I,10 | bisschoppen, priesters en Godgewijden, politici en
87 I,10 | en Godgewijden, politici en journalisten tot militairen.
88 I,10 | navolging van de Heilige Jozef en van Jezus zelf. Hun jubileum
89 I,10 | vragen dat men het economisch en sociaal onevenwicht dat
90 I,10 | van de arbeid zou saneren en met beslistheid het proces
91 I,10 | functie van de solidariteit en het respect dat aan elke
92 I,10 | als . de lente van gezin en maatschappij. . Deze jubileumbijeenkomst
93 I,10 | de betekenis van huwelijk en gezin gestalte te geven
94 I,10 | betekenis zelf van het huwelijk en gezin als instelling dreigt
95 I,10 | ik lijden maar ook berouw en hoop. Voor hen is het jubileum
96 I,10 | verantwoordelijkheid die ze dragen en gevraagd dat ze naast prettige
97 I,10 | getuigend van morele gezondheid en in staat om vertrouwen en
98 I,10 | en in staat om vertrouwen en liefde voor het leven in
99 I,11 | bijzondere betekenis hebben. En dat was ook zo! Als de Eucharistie
100 I,11 | eucharistisch jaar" (7) en zo hebben we het pogen te
101 I,11 | vertrouwen het leven van mannen en vrouwen in dit nieuw millennium,
102 I,12 | als plaats waar de rijkdom en de gaven van elke Kerk en
103 I,12 | en de gaven van elke Kerk en zelfs van elk land en elke
104 I,12 | Kerk en zelfs van elk land en elke cultuur, harmonisch
105 I,12 | veel inspanningen geleverd en er blijft de lichtende gedachtenis
106 I,12 | de Anglicaanse Communio en een metropoliet van het
107 I,12 | vertegenwoordigers van Kerken en kerkelijke gemeenschappen
108 I,12 | de orthodoxe patriarchen en hoofden van christelijke
109 I,12 | Karekin II, opperste patriarch en Katholicos van alle Armenië
110 I,12 | gelovigen uit andere Kerken en kerkelijke gemeenschappen
111 I,12 | tegenwoordigheid van de Verrezene en door de onuitputtelijke
112 I,13 | de gave van de Decaloog en het Eerste Verbond plaatsvond.
113 I,13 | te bezoeken die bewoond en geheiligd werden door de
114 I,13 | vereerde van Christus. geboorte en van zijn leven te Betlehem
115 I,13 | van zijn leven te Betlehem en te Nazaret, en toen ik de
116 I,13 | Betlehem en te Nazaret, en toen ik de Eucharistie heb
117 I,13 | nog plaatsen zijn van pijn en rouw omwille van het heersende
118 I,13 | niet enkel door de zonen en dochters van de Kerk, maar
119 I,13 | ook door de Israëlitische en Palestijnse gemeenschappen.
120 I,13 | het gebed aan de Klaagmuur en bij het bezoek aan het memoriaal
121 I,13 | gebeuren van broederlijkheid en vrede, beschouw ik als een
122 I,13 | zijn voor joden, christenen en moslims. ~
123 I,14 | een oproep tot een grotere en actievere aandacht voor
124 I,14 | opnam om de rechtvaardigheid en de solidariteit te herstellen
125 I,14 | talrijke landen afhangt, en dat zware consequenties
126 I,14 | heeft voor de economische en existentiële situatie van
127 I,15 | zijn historische trekken en in zijn mysterie, ontvangen
128 I,15 | aanwezigheid in de Kerk en in de wereld, verkondigd
129 I,15 | zin van de geschiedenis en het licht op onze weg. ~
130 I,15 | moeten nu vooruitkijken en . naar het diepe varen. ,
131 I,15 | hand aan de ploeg slaat en dan nog eens omkijkt, deugt
132 I,15 | tijd om achterom te kijken en nog minder om zich over
133 I,15 | wat dingen wachten op ons en daarom moeten we een efficiënt
134 I,15 | wordt in de contemplatie en het gebed. Onze tijd is
135 I,15 | vaak uitloopt op activisme en het risico inhoudt . te
136 I,15 | brengen: "Je maakt je bezorgd en druk over van alles, maar
137 II,16 | tijdperk van de geschiedenis en zijn gelaat ook te laten
138 II,16 | dagelijks leven hernemen en bewaren we al de ervaringen
139 II,16 | periode mochten meemaken en blijft onze blik meer dan
140 II,17 | gezien, ze hebben Hem gehoord en met eigen handen aangeraakt (
141 II,17 | complexiteit van hun redactie en hun oorspronkelijke catechetische
142 II,18 | de timmerman" (Mt 13,55) en dat van "de timmerman" zelf,
143 II,18 | van Jeruzalem (cf. Lc 2,4) en die Hem er toe bracht regelmatig
144 II,18 | groeien tot een systematisch en gedetailleerd verslag. Gesterkt
145 II,18 | getuigenis "uit den hoge" en zich ervan bewust "de geliefde
146 II,18 | nabij is, door er in woorden en in tekenen van genade en
147 II,18 | en in tekenen van genade en barmhartigheid de eisen
148 II,18 | barmhartigheid de eisen en de kracht van aan te geven.
149 II,18 | steeds op weg langs steden en dorpen, vergezeld van twaalf
150 II,18 | mensen die Hem aanspreken en die naar Hem luisteren,
151 II,18 | die ontstaat tussen Jezus en de toonaangevende groepen
152 II,18 | nieuwe dageraad, stralend en definitief. Bij het einde
153 II,18 | nadruk op het lege graf en ze volgen Hem verder in
154 II,18 | leerlingen, eerst verbijsterd en verstomd, daarna vervuld
155 II,18 | onzegbare vreugde, Hem levend en stralend herkennen en hoe
156 II,18 | levend en stralend herkennen en hoe ze van Hem de gave van
157 II,18 | ontvangen (cf. Joh 20,22) en de zending krijgen het evangelie "
158 II,19 | het tonen van "zijn handen en zijn zijde" (ibid.) verzekerde
159 II,19 | hij Jezus' lichaam gezien en aangeraakt had, was het
160 II,19 | opmaken van zijn zending en ondervraagt zijn leerlingen
161 II,19 | persoon te maken heeft: "En jullie, wie ben Ik volgens
162 II,19 | geloofsbelijdenis van Petrus, en met hem van de Kerk van
163 II,20 | geloofsbelijdenis reageerde: "Niet vlees en bloed hebben jou dit onthuld,
164 II,20 | De uitdrukking "vlees en bloed" verwijst naar de
165 II,20 | bloed" verwijst naar de mens en zijn gewone manier van kennen.
166 II,20 | genade. Enkel in stilte en gebed kan in ons een waarachtige,
167 II,20 | een waarachtige, trouwe en c oherente kennis van het
168 II,20 | van het myst erie rijpen en zich ontwikkelen. Dit mysterie
169 II,20 | zijn tent komen opslaan en we hebben zijn heerlijkheid
170 II,20 | vervuld als Hij was van genade en waarheid" (Joh 1,14). ~
171 II,21 | mysterie ~21. Het Woord en het vlees, de goddelijke
172 II,21 | goddelijke heerlijkheid en zijn woontent onder de mensen!
173 II,21 | de mensen! In de intieme en onlosmakelijke eenheid van
174 II,21 | zijn de goddelijke natuur en de menselijke natuur, zonder
175 II,21 | weten wel dat onze begrippen en woorden erg beperkt zijn.
176 II,21 | Jezus is waarachtig God en waarachtig mens! Zoals de
177 II,21 | zijn wonden aan te raken, en zo de volwaardige en waarachtige
178 II,21 | raken, en zo de volwaardige en waarachtige menselijkheid
179 II,21 | verrijzenis werd omgevormd en verheerlijkt. "Kijk maar,
180 II,21 | kom nu maar met je vinger. En kom met je hand om de opening
181 II,21 | Thomas knielt de Kerk neer en aanbidt ze de verrezen Heer
182 II,21(11)| Christ, le même parfait en divinité et parfait en humanité,
183 II,21(11)| parfait en divinité et parfait en humanité, le même vraiment
184 II,21(11)| nous devons reconnaître en deux natures, sans confusion,
185 II,21(11)| est ni partagé ni divisé en deux personnes, mais il
186 II,22 | probleem; in andere historische en culturele omstandigheden
187 II,22 | Maar het behoort wezenlijk en onbetwistbaar tot het geloof
188 II,22 | waarlijk "vlees geworden is" en dat Hij in alles het menselijk
189 II,22 | heeft God Hem hoog verheven; en Hem de naam verleend die
190 II,22 | buigen in de hemel, op aarde en onder de aarde, en iedere
191 II,22 | aarde en onder de aarde, en iedere tong zou belijden
192 II,23 | psalmist kon niet beter en mooier verhoord worden dan
193 II,23 | ons waarachtig gezegend en laat God "zijn aanschijn
194 II,23 | ons lichten" (Ps 67,2). En omdat Hij tezelfdertijd
195 II,23 | omdat Hij tezelfdertijd God en mens was heeft Hij ons ook
196 II,23 | grenzen kan overstijgen en die haar eigen contradicties
197 II,23 | mens in Christus opgenomen en deelt hij in de intimiteit
198 II,23 | mens in staat is in Hem en door Hem werkelijk kind
199 II,24 | wezen van de goddelijke en de menselijke natuur komt
200 II,24 | zijn persoon te erkennen en het bewustzijn dat Hij zelf
201 II,24 | moeder Hem wijst op de angst en de pijn, waarmede zij en
202 II,24 | en de pijn, waarmede zij en Jozef Hem hebben gezocht,
203 II,24 | zichzelf: "De Vader is in mij en ik ben in de Vader" (Joh
204 II,24 | dat terwijl "Hij een wijs en volwassen man werd, die
205 II,24 | in de gunst kwam bij God en de mensen" (Lc 2,52), stilaan
206 II,24 | God. Johannes bevestigt en benadrukt zelfs dat Jezus
207 II,24 | Jezus juist daarom verworpen en veroordeeld werd: men zocht
208 II,24 | noemde ook nog God zijn Vader en stelde zo zichzelf met God
209 II,24 | Joh 5,18). In Getsemane en Golgota zal Jezus' menselijk
210 II,24 | het drama van zijn lijden en zijn dood zal niet in staat
211 II,25 | beproeving die Hem wacht en, heel alleen met God, roept
212 II,25 | vermenging van gevoelens, lijden en vertrouwen samen onder woorden
213 II,25 | op U, vertrouwden op U, en U hebt hen gered; Blijf
214 II,25 | mij, want ongeluk nadert, en er is geen mens die mij
215 II,26 | 26. Dierbare broeders en zusters, de kreet van Jezus
216 II,26 | omwille van de unieke kennis en ervaring die alleen Hij
217 II,26 | het gewicht van de zonde en Hij lijdt er onder. Alleen
218 II,26 | Hij, die zijn Vader ziet en er ook intens mee verbonden
219 II,26 | lichamelijk lijden; het is eerst en vooral, en dat in veel hogere
220 II,26 | het is eerst en vooral, en dat in veel hogere mate,
221 II,26 | erva ringen kon beleven en verwerken: enerzijds de
222 II,26 | enerzijds de diepe eenheid en verbondenheid met zijn Vader,
223 II,26 | nature de bron is van vreugde en zaligheid, en anderzijds
224 II,26 | van vreugde en zaligheid, en anderzijds een doodstrijd
225 II,27 | samengaan van zaligheid en lijden. In haar “Dialogue
226 II,27 | heiligen tegelijkertijd vreugde en lijden aanwezig kan zijn: "
227 II,27 | lijden aanwezig kan zijn: "En de ziel is vervuld van zaligheid
228 II,27 | is vervuld van zaligheid en van lijden; van lijden omwille
229 II,27 | zaligheid door de vereniging en de tederheid van de liefde
230 II,27 | liefde die haar geschonk en wordt. Zo volgen ze het
231 II,27 | tegenstrijdigheid van zaligheid en lijden die Jezus ook beleefd
232 II,28 | gebeurt op Goede Vrijdag en Stille Zaterdag, het bebloede
233 II,28 | leven verborgen aanwezig en is het heil aan de wereld
234 II,28 | gekruisigde. Hij is verrezen! "En als Christus niet is opgestaan,
235 II,28 | prediking zonder inhoud en uw geloof leeg (1 Kor 15,
236 II,28 | heeft Hij onder luid geroep en onder tranen gebeden en
237 II,28 | en onder tranen gebeden en gesmeekt tot God, die Hem
238 II,28 | gehoorzaamheid geleerd; en toen Hij tot de voleinding
239 II,28 | Voor mij is leven Christus en sterven winst" (Fil 1,21). ~
240 II,28 | dezelfde gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid" (Heb
241 III,29 | zekerheid, geliefde broeders en zusters, heeft de Kerk gedurende
242 III,29 | tweeduizend jaar begeleid en zij werd weer in onze harten
243 III,29 | christelijk leven uit te putten en er zelfs een inspirerende
244 III,29 | hebben ons met optimisme en vertrouwen die vraag gesteld
245 III,29 | redden, maar een Persoon en de zekerheid die ze in ons
246 III,29 | gebaseerd is op het evangelie en de levende Traditie. Uiteindelijk
247 III,29 | trinitaire leven te beleven en om met Hem de geschiedenis
248 III,29 | wisseling van de tijden en culturen, zelfs al houdt
249 III,29 | houdt het rekening met tijd en cultuur om te komen tot
250 III,29 | een waarachtige dialoog en daadwerkelijke communicatie.
251 III,29 | staan we voor de brede en veeleisende horizon van
252 III,29 | pastoraal. Midden de universele en onvervreemdbare gegevens,
253 III,29 | worden - doelstellingen en werkmethodes, vorming en
254 III,29 | en werkmethodes, vorming en waardering van het personeel,
255 III,29 | gemeenschappen te vormen en naar de diepte toe te handelen
256 III,29 | waarden over maatschappij en cultuur. ~Ik roep dus met
257 III,29 | komende weg uit te tekenen en hierbij de opties van elke
258 III,29 | deze van de naburige Kerken en met deze van de universele
259 III,29 | Bisschoppenconferenties en in de Synodes. Ligt hierin
260 III,29 | een veelvoudige context en in verschillende culturen?
261 III,29 | gemeenschappelijke opbouw en oriëntatie. Vanuit de ondervinding
262 III,30 | De heiligheid ~30. Eerst en vooral aarzel ik niet te
263 III,30 | de diepte zou gezuiverd en vernieuwd worden? ~Ik wens
264 III,30 | veeleer om een intrinsieke en eigen dynamiek in het daglicht
265 III,30 | eenheid van Vader, Zoon en de heilige Geest", (16)
266 III,30 | iedere gedoopte aangebod en. ~Maar de gave houdt op
267 III,30 | van het christelijk leven en de volmaaktheid van de liefde". (17) ~
268 III,31 | waarheid in herinnering brengen en er het fundament van de
269 III,31 | door de opname in Christus en de inwoning van zijn Geest,
270 III,31 | een minimalistische ethiek en een oppervlakkige godsdienstigheid.
271 III,31 | heiligheid zijn veelvuldig en op de maat van ieders roeping.
272 III,31 | talrijke christenen zalig en heilig te verklaren. Hierbij
273 III,31 | de kerkelijke gemeenschap en van christelijke families
274 III,31 | heiligheid persoonlijk is, en dat het een echte pedagogie
275 III,31 | vormen van persoonlijke - en groepszorg dienen samen
276 III,31 | aangereikt door verenigingen en bewegingen die door de Kerk
277 III,32 | meer intens persoonlijk en gemeenschappelijk gebed.
278 III,32 | Bidden moeten we leren en net als de eerste leerlingen
279 III,32 | verbonden blijven, jullie en Ik" (Joh 15,4). Deze wederkerigheid
280 III,32 | van het christelijk leven en zij is de voorwaarde van
281 III,32 | gebracht door de heilige Geest en opent ons, door en in Christus,
282 III,32 | Geest en opent ons, door en in Christus, voor de beschouwing
283 III,32 | volle te beleven, hoogtepunt en br on v an het kerkelijk
284 III,32 | voortdurend tot de bron terugkeert en er zich in vernieuwt. ~
285 III,33 | Openbaring van de Vader en Verlosser van de wereld,
286 III,33 | liefdesdialoog kan uitgroeien en de menselijke persoon totaal
287 III,33 | het contact met de Geest, en zich kinderlijk toevertrouwend
288 III,33 | de Vader hém liefheeft, en ook Ik zal hem liefhebben
289 III,33 | ook Ik zal hem liefhebben en Mij aan hem openbaren" (
290 III,33 | geestelijk engagement vereist en ook pijnlijke uitzuiveringen (
291 III,33 | van Sint Jan van het Kruis en van de Heilige Theresia
292 III,33 | Ja, geliefde broeders en zusters, onze christelijke
293 III,33 | vurige genegenheid tot en met een waarachtige 'dwaasheid'
294 III,33 | de liefde tot de broeders en stelt het in staat geschiedenis
295 III,34 | contemplatieve ervaring en het is belangrijk dat zij
296 III,34 | geloof geleidelijk verzwakt en dat ze zich laten verleiden
297 III,34 | allerlei religieuze surrogaten en zelfs extravagante vormen
298 III,34 | uitnodigt onze dag toe te wijden en te oriënteren. Hoe mooi
299 III,34 | gebedsvormen te herwaarderen en vooral tot liturgisch gebed
300 III,34 | vele vormen van pastoraal en getuigenis in de wereld
301 III,34 | eventueel het bidden van lauden en vespers, is wellicht meer
302 III,35 | al haar handelen streeft, en tevens de bron waaruit al
303 III,35 | richting moeten we verdergaan en vooral belang hechten aan
304 III,35 | de Eucharistie op zondag en aan de zondag zelf, als
305 III,35 | dag van de verrezen Heer en van de gave van de Geest,
306 III,35 | apostelen de gave van de Geest en de vrede schonk (cf. Joh
307 III,35 | mysterie van de tijd staa t en die een voorafbeelding is
308 III,35 | de "Koning der koningen en Heer der heren" (Apk 19,
309 III,35 | mysterie van de oorsprong en dat van de uiteindelijke
310 III,36 | noodzakelijk is voor ieder bewust en consequent christelijk leven.
311 III,36 | vermenging van culturen en religies, zelfs in de landen
312 III,36 | beleven in de eenzaamheid en in moeilijke omstandigheden.
313 III,36 | rond de tafel van het Woord en het Brood des Levens. De
314 III,36 | communio wordt verkondigd en onderhouden. Precies door
315 III,37 | verzoening op een overtuigende en daadwerkelijke manier te
316 III,37 | God zijn medelijdend hart en worden wij met Hem verzoend.
317 III,37 | om vergiffenis te bekomen en kwijtschelding van de zware
318 III,37 | gaan. Als vele gelovigen, en in het bijzonder talrijke
319 III,37 | vertrouwen, creativiteit en volharding het opnieuw aanreiken
320 III,37 | volharding het opnieuw aanreiken en in zijn waarde herstellen.
321 III,37 | De gaven van de Heer - en de sacramenten zijn de meest
322 III,37 | van de mensen goed kent en die Heer van de geschiedenis
323 III,38 | geven aan het persoonlijk en gemeenschappelijk gebed,
324 III,38 | maken van onze bekwaamheid en programmering. Natuurlijk
325 III,38 | meewerken met zijn genade en nodigt Hij ons uit om alle
326 III,38 | hulpmiddelen van verstand en wil ten dienste te stellen
327 III,38 | van ons innerlijk leven en van de heiligheid. Als we
328 III,38 | pastorale projecten mislukken en dat ze ontmoediging en frustratie
329 III,38 | mislukken en dat ze ontmoediging en frustratie in ons hart achterlaten.
330 III,38 | opent voor de genadestroom en die het mogelijk maakt dat
331 III,39 | primaat van de heiligheid en het gebed slechts mogelijk
332 III,39 | onafgebroken beluisteren en aandachtig lezen van de
333 III,39 | van de Kerk. De gelovigen en de religieuze gemeenschappen
334 III,39 | gemeenschappen zijn meer en meer vertrouwd geraakt met
335 III,39 | geraakt met de Heilige Schrift en vele leken hebben er zich
336 III,39 | er zich door theologische en bijbelse studies op toegelegd.
337 III,39 | Vooral de evangelisatie en de catechese kreeg een nieuwe
338 III,39 | van God. Geliefde broeders en zusters, we dienen deze
339 III,39 | evolutie te verstevigen en te verdiepen en de Bijbel
340 III,39 | verstevigen en te verdiepen en de Bijbel meer te verspreiden
341 III,39 | tot een levende ontmoeting en dat de antieke en de altijd
342 III,39 | ontmoeting en dat de antieke en de altijd actuel e tr aditie
343 III,39 | ons oproept, oriënteert en ons bestaan vorm geeft. ~
344 III,40 | zouden zijn in zending en evangelisatie, is zeker
345 III,40 | steeds meer gediversifieerd en indringender wordt, en zich
346 III,40 | gediversifieerd en indringender wordt, en zich voltrekt in een context
347 III,40 | context van mondialisering en een wisselende mozaïek van
348 III,40 | wisselende mozaïek van volkeren en culturen. De voorbije jaren
349 III,40 | Vandaag herhaal ik deze oproep en nodig u uit om het elan
350 III,40 | eerste begin te versterken en u te laten doordringen van
351 III,40 | engagement van gemeenschappen en christelijke groepen. Dit
352 III,40 | persoon in het geloof gaat en met aandacht voor de verschillende
353 III,40 | ontkend maar uitgezuiverd en tot volheid worden gebracht. ~
354 III,40 | de evangelische boodschap en de kerkelijke traditie,
355 III,40 | de kerkelijke traditie, en het gelaat aannemen van
356 III,40 | van de ontelbare culturen en volkeren waar het aangenomen
357 III,40 | volkeren waar het aangenomen en geworteld is. In dit Jubeljaar
358 III,40 | houden met de gevoeligheden en de taal van eenieder, naar
359 III,40 | getuigenis naar waarde schatten en hun enthousiasme ruimte
360 III,41 | hoopgevende, vernieuwde en creatieve missionaire geest
361 III,41 | missionaire geest gedragen en geleid worden door het lichtend
362 III,41 | geval zijn voor de eeuw en het millennium waar wij
363 III,41 | beleefden midden vijandigheid en vervolging, en heel vaak
364 III,41 | vijandigheid en vervolging, en heel vaak tot het hoogste
365 III,41 | naar de toekomst gewezen en "geëffend". Aan ons nu om,
366 IV,42 | Indien wij, geliefde broeders en zusters, werkelijk het gelaat
367 IV,42 | niveau van de universele Kerk en van de plaatselijke Kerken,
368 IV,42 | mysterie van de Kerk belichaamt en tot uitdrukking brengt.
369 IV,42 | gemeenschap is de vrucht en de uitdrukking van de liefde
370 IV,42 | om ons zo "één van hart en ziel" te maken (Hnd 4,32).
371 IV,42 | dit wil zeggen "het teken en het instrument van de intieme
372 IV,42 | intieme eenheid met God en van de eenheid van heel
373 IV,42 | als wij de taal van mensen en engelen spreken en een geloof
374 IV,42 | mensen en engelen spreken en een geloof bezitten "om
375 IV,42 | dat de Kerk een hart had en dat dit hart van liefde
376 IV,43 | 43. Van de Kerk het huis en de school van de communio
377 IV,43 | willen zijn aan Gods plan en als wij op de diepe verwachtingen
378 IV,43 | van de communio bevorderen en deze als opvoedkundig beginsel
379 IV,43 | gelden overal waar mensen en christenen worden gevormd,
380 IV,43 | opgeleid, waar families en gemeenschappen tot stand
381 IV,43 | Drie-eenheid die in ons woont en waarvan het licht ook straalt
382 IV,43 | gelaat van onze broeders en zusters. Een spiritualiteit
383 IV,43 | van de onzen", hun vreugde en hun lijden te delen, hun
384 IV,43 | verlangens aan te voelen en noden te beantwoorden, door
385 IV,43 | de ander te aanvaarden en te waarderen als een gave
386 IV,43 | lasten" (Gal 6,2) te dragen en door de bekoringen van het
387 IV,43 | voortdurend een valstrik spannen en naijver, carrièrezucht en
388 IV,43 | en naijver, carrièrezucht en wantrouwen veroorzaken.
389 IV,44 | meer dan ooit de ruimte en de middelen te ontwikkelen
390 IV,44 | namelijk het ambt van Petrus en, daarmee nauw verbonden,
391 IV,44 | werkelijkheden die hun grondslag en hun samenhang krijgen vanuit
392 IV,44 | organisatie van de Synodes en de werking van de Bisschoppenconferenties.
393 IV,44 | bijzonder noodzakelijk om snel en efficiënt te kunnen antwoorden
394 IV,45 | van communio moet behoed en verruimd worden, dag na
395 IV,45 | bisschoppen, de priesters en de diakens, tussen de herders
396 IV,45 | diakens, tussen de herders en heel het volk van God, tussen
397 IV,45 | volk van God, tussen clerus en religieuzen, tussen kerkelijke
398 IV,45 | kerkelijke verenigingen en bewegingen. Met dit doel
399 IV,45 | zijn, zoals priesterraden en pastorale raden, steeds
400 IV,45 | Het zijn consultatieve en geen beslissingsorganen; (30)
401 IV,45 | belangrijk. Want de theologie en de spiritualiteit van de
402 IV,45 | elkaar luisteren van herders en gelovigen, zodat zij één
403 IV,45 | alles wat essentieel is en zich uitgenodigd weten om
404 IV,45 | groeien om zo tot een wijze en door allen gedragen keuze
405 IV,45(30)| Congregatie voor de Clerus en andere, Instructie over
406 IV,45 | betere raadgeving". (31) En de Heilige Paulinus van
407 IV,45 | van de Kerk illustreert en de bekoring tot arbitrair
408 IV,45 | bekoring tot arbitrair handelen en niet gerechtvaardigde pretentie
409 IV,45 | uitnodiging om vertrouwvol en open de waardigheid en de
410 IV,45 | vertrouwvol en open de waardigheid en de verantwoordelijkheid
411 IV,46 | millennium allen die het doopsel en het vormsel ontvingen, aanspoort
412 IV,46 | roepingen tot het priesterschap en tot het Godgewijde leven
413 IV,46 | mutaties in de sociale context en door de religieuze dorheid
414 IV,46 | de comsumptiementaliteit en het secularisme voortvloeit.
415 IV,46 | parochies, opvoedingsmilieus en de families bereikt. Die
416 IV,46 | totale gave van zichzelf en tot de inzet met al zijn
417 IV,46 | tijdelijke realiteit te beheren en ze op God af te stemmen" (33)
418 IV,46 | God af te stemmen" (33) en ook "om door hun activiteit
419 IV,46 | nemen "(...) in de Kerk en in de wereld (...) met het
420 IV,46 | oog op de evangelisatie en de heiliging van de mensen". (34) ~
421 IV,46 | geven die gave is van God en teken van een authentieke "
422 IV,46 | nodig dat deze verenigingen en bewegingen, zowel op het
423 IV,46 | volledige harmonie met de Kerk en in gehoorzaamheid aan de
424 IV,46 | de apostel, zo veeleisend en beslist, is ook tot allen
425 IV,47 | nu men een onderhuidse en radicale crisis vaststelt
426 IV,47 | de relatie tussen een man en een vrouw - wederzijds en
427 IV,47 | en een vrouw - wederzijds en totaal, uniek en onontbindbaar -
428 IV,47 | wederzijds en totaal, uniek en onontbindbaar - aan het
429 IV,47 | al is die ruim verspreid en soms militant. We dienen
430 IV,47 | door een opvoeding die meer en meer van het evangelie doordrongen
431 IV,47 | vanuit het plan van God en als mogelijkheid om de echte
432 IV,47 | zelf van de echtgenoten en vooral om de kinderen die
433 IV,47 | verantwoordelijkheid jegens hun kinderen en dienen een actieve rol te
434 IV,47 | spelen om hun rechten in Kerk en samenleving te waarborgen. ~
435 IV,48 | zijn zoals U, Vader, in mij en Ik in U" (Joh 17,21) - is
436 IV,48 | is tegelijk openbaring en smeekgebed. Dit gebed openbaart
437 IV,48 | eenheid van de Kerk is, en tegelijk ook de voortdurende
438 IV,48 | elementen van heiliging en waarheid in de schoot van
439 IV,48 | schoot van andere Kerken en kerkelijke gemeenschappen;
440 IV,48 | is deze gave te ontvangen en ze op een steeds diepere
441 IV,48 | aanklacht van onze traagheid en onze bekrompenheid van hart.
442 IV,48 | op dit gebed van Jezus, en niet op onze eigen bekwaamheid,
443 IV,48 | geschiedenis ooit de volle en zichtbare communio van alle
444 IV,48 | de christenen van Oost en West aanzetten om samen
445 IV,48 | de eenheid van het geloof en in eerbied voor de gerechtvaardigde
446 IV,48 | elkaar ontvankelijk te zijn en elkaar wederzijds te steunen
447 IV,48 | dialoog met de broeders en zusters van de Anglicaanse
448 IV,48 | de Anglicaanse communio en met de kerkgemeenschappen
449 IV,48 | wezenlijke punten van het geloof en de moraal, de samenwerking
450 IV,48 | samenwerking in de liefde, en vooral de grote oecumene
451 IV,48 | heerlijk om als broeders en zusters eendrachtig samen
452 IV,49 | engagement in een actieve en concrete liefde voor alle
453 IV,49 | de kerkelijke levensstijl en de pastorale programma's.
454 IV,49 | programma's. In deze eeuw en in het millennium dat nu
455 IV,49 | identificeren: "Want ik had honger en jullie hebben me te eten
456 IV,49 | eten gegeven, ik had dorst en jullie hebben me te drinken
457 IV,49 | gegeven, ik was vreemdeling en jullie hebben mij opgenomen,
458 IV,49 | opgenomen, ik was naakt en jullie hebben mij gekleed,
459 IV,49 | mij gekleed, ik was ziek en jullie hebben naar me omgezien,
460 IV,49 | ik was in de gevangenis en jullie kwamen naar me toe" (
461 IV,49 | deden voor hun geestelijke en materiële noden, tegemoet
462 IV,50 | de economische, culturele en technologische evolutie.
463 IV,50 | tegelijkertijd blijven miljoenen en miljoenen mensen verstoken
464 IV,50 | men vaak aan in sectoren en bij mensen die niet van
465 IV,50 | ziekte, gemarginaliseerd en sociaal gediscrimineerd.
466 IV,50 | levensstijl niet de beste en efficiëntste manier om de
467 IV,50 | evangelisatie, door de liefde en het getuigenis van de christelijke
468 IV,51 | de planeet onbewoonbaar en vijandig voor de mens zouden
469 IV,51 | mens dwingt ons om, bij tij en ontij, te verkondigen dat
470 IV,51 | schept tussen het ene leven en het andere, met misprijzen
471 IV,51 | vooral in deze delicate en controversiële domeinen,
472 IV,51 | van de Kerk uit te leggen en daarbij aan te tonen dat
473 IV,51 | van het menselijk wezen en van de beschaving afhangen. ~
474 IV,52 | een wijze die de autonomie en de bevoegdheid van deze
475 IV,52 | licht van het evangelie en om op een steeds nauwkeurigere
476 IV,52 | een steeds nauwkeurigere en meer organische wijze bij
477 IV,52 | vraagstuk is. ~Dit ethische en sociale luik is een absoluut
478 IV,52 | bekoring van een intimistische en individualistische spiritualiteit
479 IV,52 | met de eisen van de liefde en ook niet met de "logica"
480 IV,52 | logica" van de Menswording, en uiteindelijk niet met de
481 IV,52 | de uitbouw van de wereld en worden zij niet verleid
482 IV,53 | oriëntatie van de caritas en van de promotie van de mens,
483 IV,53 | talrijke armere broeders en zusters is geboden om hen
484 IV,53 | in zekere zin de vrucht en het waarmerk van de caritas
485 IV,53 | hun offergave ingebracht en samen met hen hebben ook
486 IV,53 | uitwisseling van gaven tot en met de gemeenschap van goederen
487 IV,53 | dit teken dat de vrucht en de levende herinnering wil
488 IV,54 | Dialoog en missie ~54. Een nieuwe eeuw
489 IV,54 | Wij hebben de prachtige en veeleisende taak van dit
490 IV,54 | van de wereld" (Joh 8, 12) en als Hij aan zijn leerlingen
491 IV,54 | van Christus gaan staan en ons openen voor zijn genade
492 IV,55 | een relatie voor openheid en dialoog met de verantwoordelijken
493 IV,55 | meer uitgesproken cultureel en religieus pluralisme zoals
494 IV,55 | voor de vrede te waarborgen en het schrikbeeld van godsdienstoorlogen
495 IV,55 | Hij is: een naam van vrede en een oproep tot vrede. ~
496 IV,56 | Christus, "de Weg, de Waarheid en het Leven" (Joh 14,6), het
497 IV,56 | oneindig rijke dimensies en implicaties voor het leven
498 IV,56 | implicaties voor het leven en de geschiedenis van de mens,
499 IV,56 | te verdiepen met de steun en de bijstand van de Trooster,
500 IV,56 | niet juist in deze nederige en vertrouwvolle houding van
1-500 | 501-528 |