Chapter, Paragraph
1 Inl,1 | opgenomen, is het Volk van God in Rome, in Jeruzalem en
2 Inl,2 | zwakheden vertrouwen we toe aan God. Toch kunnen we alleen maar
3 I,4 | 4. "We danken U, Heer, God, Albeheerser" (Apk 11,17).
4 I,4 | antwoord op de openbaring van God in Christus. Het christendom
5 I,4 | het is de verrassing dat God niet enkel de schepper van
6 I,4 | aan zijn schepsel "nadat God vroeger vele malen en op
7 I,5 | doorheen de geschiedenis dat God een verbond heeft willen
8 I,5 | en immer voort, Gij zijt God" (4). Met dit lied, duizend
9 I,8 | en de vertroostingen van God" (6). Alleen de buitenkant
10 I,8 | geheimvolle werking van God en zijn eindeloze liefde
11 I,8(6)| Aurelius Agustinus, De Stad van God, (vertaald en ingeleid door
12 I,10 | christelijke visie op het plan dat God vanaf de oorsprong met hen
13 I,15 | voor het koninkrijk van God" (Lc 9,62). Wanneer het
14 II,19 | plaatsen boven de mannen van God die de geschiedenis van
15 II,19 | de Zoon van de levende God" (Mt 16,16). ~
16 II,21 | vatten. Jezus is waarachtig God en waarachtig mens! Zoals
17 II,21 | herhaalt: "Mijn Heer! Mijn God!" (Joh 20,28). ~
18 II,22 | dezelfde lijn dat de Zoon van God, "naar het vlees, [..] geboren
19 II,22 | menswording van de Zoon van God een echte kenosis, een "
20 II,22 | ontlediging van de Zoon van God geen doel op zichzelf, ze
21 II,22 | toe: ~"Daarom ook heeft God Hem hoog verheven; en Hem
22 II,22 | zou belijden tot eer van God, de Vader: de Heer, dat
23 II,23 | van Christus. In Hem heeft God ons waarachtig gezegend
24 II,23 | waarachtig gezegend en laat God "zijn aanschijn over ons
25 II,23 | omdat Hij tezelfdertijd God en mens was heeft Hij ons
26 II,23 | contradicties kan overwinnen om tot God zelf te komen; meer nog,
27 II,23 | enkel omdat de Zoon van God waarachtig mens geworden
28 II,23 | door Hem werkelijk kind van God te worden (13). ~
29 II,24 | unieke relatie bevindt met God, dat Hij namelijk de 'Zoon'
30 II,24 | meer in de gunst kwam bij God en de mensen" (Lc 2,52),
31 II,24 | identiteit als Zoon van God. Johannes bevestigt en benadrukt
32 II,24 | aan, Hij noemde ook nog God zijn Vader en stelde zo
33 II,24 | en stelde zo zichzelf met God gelijk" (Joh 5,18). In Getsemane
34 II,25 | wacht en, heel alleen met God, roept Hij Hem aan op zijn
35 II,25 | zonde heeft gekend, heeft God voor ons tot zonde gemaakt,
36 II,25 | sabachtani?". Dat betekent: "Mijn God, mijn God, waarom hebt U
37 II,25 | betekent: "Mijn God, mijn God, waarom hebt U Mij in de
38 II,26 | ervaring die alleen Hij van God bezat, ziet Hij, zelfs in
39 II,27 | Goddelijke Voorzienigheid), toont God de Vader aan Catharina van
40 II,28 | gebeden en gesmeekt tot God, die Hem uit de dood kon
41 III,30 | want dit is de wil van God: dat u zich heiligt" (1
42 III,31 | binnenvoert in de heiligheid van God, door de opname in Christus
43 III,36 | elke week als familie van God samengebracht rond de tafel
44 III,37 | pietatis. Want in Hem toont God zijn medelijdend hart en
45 III,38 | programmering. Natuurlijk vraagt God dat we echt meewerken met
46 III,38 | van gebed, van dialoog met God, die het hart opent voor
47 III,39 | aandacht voor het Woord van God. Geliefde broeders en zusters,
48 IV,42 | van de intieme eenheid met God en van de eenheid van heel
49 IV,43 | waarderen als een gave van God. Het is niet alleen een
50 IV,45 | herders en heel het volk van God, tussen clerus en religieuzen,
51 IV,45 | mogelijk het hele volk van God te beluisteren. Betekenisvol
52 IV,45 | christenen ademt de Geest van God". (32) ~Wanneer de juridische
53 IV,46 | geroepen om "het koninkrijk van God te zoeken door de tijdelijke
54 IV,46 | realiteit te beheren en ze op God af te stemmen" (33) en ook "
55 IV,46 | vitaliteit geven die gave is van God en teken van een authentieke "
56 IV,47 | oorspronkelijke plan van God dat in de geschiedenis werd
57 IV,47 | door de openbaring van wat God sinds "het begin" (Mt 19,
58 IV,47 | geheel vanuit het plan van God en als mogelijkheid om de
59 IV,49 | worden sinds "de Zoon van God door zijn menswording zich
60 IV,55 | verdrijven. De naam van de enige God moet steeds meer worden
61 IV,56 | Vaak wekt de Geest van God die "waait waar Hij wil" (
62 IV,56 | tegenwoordigheid van het plan van God" (43) te zien, erkent de
63 Besl,58| van Christus. De Zoon van God die uit liefde voor de mensen
64 Besl,59| van de hemelse roeping die God in Christus Jezus tot mij
65 Besl,59| Jezus van Nazaret, Zoon van God en Verlosser van de mensen,
|