Part, Article
1 I,1 | van Dicasterieen en van Instituten die de Paus behulpzaam zijn
2 I,2 | onderling gelijk. ~§ 3. Tot de Instituten van de Romeinse Curie behoren
3 I,9 | Kerken, de Bestuurders van de Instituten van gewijd leven en van
4 I,33 | Romeinse Curie en bij de andere instituten van de Heilige Stoel werken,
5 I,35 | alle werkzaamheden van de Instituten van de Heilige Stoel een
6 II,41 | Romeinse Curie en van de Instituten van de Heilige Stoel ten
7 II,42 | Stoel bij Internationale Instituten aangaat, onverminderd het
8 II,42 | Internationale Katholieke Instituten aangaat. ~
9 II,43 | Heilige Stoel afhankelijke Instituten die door te Paus moeten
10 II,47 | 2? om bij Internationale Instituten en bij vergaderingen inzake
11 III,65 | particuliere Kerken en ook van Instituten, die dit recht genieten, §
12 III,66 | begunstigt Commissies en Instituten die ter bevordering van
13 III,84 | nationale en internationale instituten, die zich voor de Regio'
14 III,89 | de Seminaries en van de Instituten voor de Studies, wat betreft
15 III,89 | Universiteiten en de andere Instituten voor hogere studies. ~
16 III,90 | evangelisatie aan geschikte Instituten en Societeiten en ook aan
17 III,91 | Wat nu de leden van de Instituten van het gewijde leven, die
18 III,106| Congregatie voor de Instituten van gewijd leven en van
19 III,107| religieuze en seculiere Instituten en ook Societeiten van apostolisch
20 III,107| haar ook toe om dezelfde Instituten en Societeiten, als dat
21 III,107| unies of federaties van Instituten en van Societeiten op te
22 III,108| haar deel er voor, dat de Instituten van gewijd leven en de Societeiten
23 III,109| de werkzaamheden van de Instituten en van de Societeiten, vooral
24 III,112| nodige voorbereiding, tot Instituten van gewijd leven of tot
25 III,113| inrichting van de katholieke instituten. ~
26 III,117| kerkelijke Universiteiten en Instituten op of keurt ze goed, zij
27 IV,130| Bestuurders van de religieuze Instituten van pauselijk recht; ~3?
28 V,142| begeleidt hij de inzet van de instituten en van de verenigingen,
29 V,144| verenigingen en met andere instituten ook die buiten de katholieke
30 V,147| ondernemingen van katholieke instituten te bevorderen, die zich
31 V,147| verhoudingen van de katholieke instituten met de publieke internationale
32 V,148| er voor zorgt dat beide Instituten bij hun werzaamheden gemeenschappelijk
33 V,149| vrouwen, die de katholieke instituten van weldadigheid vertegenwoordigen,
34 V,154| Vereningen als ook andere instituten op dit domein op verschillende
35 V,167| gesprek met verscheidene Instituten van de huidige tijd voor
36 V,169| die door de verschillende Instituten van de Kerk ter hand worden
37 VI,175| aangaat; zij waakt over de instituten die onder haar beheersleiding
38 VI,176| goederen, die door de andere Instituten van de Heilige Stoel aan
39 VII | VII. ANDERE INSTITUTEN VAN DE ROMEINSE CURIE ~
40 IX | HEILIGE STOEL VERBONDEN INSTITUTEN ~
41 IX,187| 186 - Er bestaan zekere Instituten zowel van antieke oorsprong
42 IX,188| Art. 187 - Van deze Instituten is het Vaticaanse Geheime
43 IX,191| Art. 190 - Als deze Instituten van de Romeinse Kerk wordern
|