|
VII. ANDERE INSTITUTEN VAN DE ROMEINSE CURIE
Prefectuur van het Pauselijk Huis
Art. 180 - De Prefectuur heeft betrekking op de interne orde
wat de zaken van het Pauselijke Huishouding betreft, en geeft aan hen allen
zowel de clerici als de leken leiding met het oog op de discipline en de
dienst, die de Pauselijke Kapel en de Pauselijke Familie vormen.
Art. 181 - § 1. Zij staat de Paus bij zowel
in het Apostolisch Paleis als wanneer Hij in de stad (Rome) of binnen Italie
een reis maakt.
§ 2. Zij ijvert voor de regeling en voor het verloop van de
Pauselijke Ceremonieen, buiten het strikt liturgisch deel, dat door aan het
hoofd gestelde Bureau van de Pauselijke Liturgische Vieringen wordt
afgehandeld; zij stelt de rang-volgorde vast.
§ 3. Zij regelt de publiek en de private toegang tot de
Paus, in gemeenschappelijk overleg, voor zover de aard van de zaak dit vraagt,
met het Staatssecretariaat; die besturend de zaken ordent, die in acht genomen
moeten worden, wanneer door de Paus zelf hoogste Bestuurders van de Volkeren,
Legaten van Nationale Staten, Beambten van Burgerlijke Overheden, Publieke
Gezagsdragers en andere personen en waardigheidsbekleders worden ontvangen.
Het Bureau van de liturgische vieringen van
de Paus
Art. 182 - § 1. Het komt hem toe om de zaken die nodig zijn
voor de liturgische en voor de andere heilige vieringen, die door de Paus of in
Zijn naam worden verricht, te schikken en deze volgens de geldende liturgische
voorschriften te leiden.
§ 2. De Meester van de pauselijke Liturgische Vieringen
wordt door de Paus voor vijf jaar benoemd; de pauselijke ceremoniemeesters, die
hem bij heilige vieringen bijstaan, worden door het Staatssecreatariaat ook
voor dezelfde tijd benoemd.
|