1-500 | 501-848
bold = Main text
Par. grey = Comment text
1 1 | het ontredderde leger door de stad getrokken. Er was geen
2 1 | slechts van losse groepjes. De mannen hadden lange, vieze
3 1 | voor te porren, klaar voor de aanval zowel als voor de
4 1 | de aanval zowel als voor de vlucht; vervolgens, tussen
5 1 | bij een zwaar treffen in de knel was gekomen, sombere
6 1 | uiteenlopende infanteristen; en soms de glimmende helm van een cavalerist
7 1 | zware pas, die met moeite de lichtere mars van Jan Soldaat
8 2 | heroïsche benamingen als `de wrekers van de nederlaag', `
9 2 | benamingen als `de wrekers van de nederlaag', `de burgers
10 2 | wrekers van de nederlaag', `de burgers van het graf', `
11 2 | burgers van het graf', `de deelgenoten aan de dood',
12 2 | graf', `de deelgenoten aan de dood', kwamen op hun beurt
13 3 | benoemd om hun blazoenen of de lengte van hun snor, bedolven
14 4 | De Pruisen maakten zich op
15 5 | De nationale garde, die al
16 5 | voorzichtig verkenningen in de nabijgelegen bossen uitvoerde,
17 5 | moordtuig waarmee ze vroeger de palen langs de nationale
18 5 | ze vroeger de palen langs de nationale wegen tot drie
19 5 | nationale wegen tot drie mijl in de omtrek schrik aanjoeg, waren
20 6 | De laatste Franse soldaten
21 6 | soldaten waren ten slotte net de Seine overgestoken op weg
22 6 | Helemaal achteraan ging de generaal te voet tussen
23 6 | ondernemen, zelf ontsteld door de grote ontreddering van een
24 7 | stille verwachting over de stad gekomen. Veel dikbuikige
25 7 | burgers, uitgemergeld door de handel, wachtten in spanning
26 7 | wachtten in spanning op de overwinnaars, doodsbenauwd
27 8 | leven leek stil te staan, de winkels waren gesloten,
28 8 | van die stilte, zich langs de muren.~
29 9 | De beklemming van het wachten
30 9 | het wachten deed ze naar de komst van de vijand verlangen.~
31 9 | deed ze naar de komst van de vijand verlangen.~
32 10 | In de middag van de dag die volgde
33 10 | In de middag van de dag die volgde op het vertrek
34 10 | volgde op het vertrek van de Franse troepen, reden een
35 10 | gekomen, razendsnel door de stad. Vervolgens, iets later,
36 10 | daalde een zwarte massa de Sainte-Catherinehelling
37 10 | twee andere stromen van de bezettingsmacht op de wegen
38 10 | van de bezettingsmacht op de wegen naar Darnetal en Boisguillaume
39 10 | Boisguillaume verschenen. De voorhoedes van de drie korpsen
40 10 | verschenen. De voorhoedes van de drie korpsen troffen elkaar
41 10 | ontplooide zijn bataljons die de straatstenen onder hun harde,
42 11 | geroepen, klonken langs de huizen die dood en verlaten
43 11 | lotgevallen en levens. De inwoners leden in hun verduisterde
44 11 | verduisterde kamers leden onder de paniek die door rampen veroorzaakt
45 11 | veroorzaakt wordt, door de grote moorddadige veranderingen
46 11 | komt telkens weer boven als de gevestigde orde op haar
47 11 | veiligheid meer is, als alles wat de wetten van mensen en van
48 11 | wetten van mensen en van de natuur beschermden, overgeleverd
49 11 | overgeleverd wordt aan de willekeur van een onbewuste
50 11 | wrede meedogenloosheid. De aardbeving die een heel
51 11 | instortende huizen bedelft, de buiten haar oevers getreden
52 11 | kadavers van ossen en van de daken gerukte balken meevoert,
53 11 | gevangenschap wegvoert, plundert in de naam van de Sabel en een
54 11 | plundert in de naam van de Sabel en een God dankt met
55 11 | ons wordt bijgebracht in de bescherming van de hemel
56 11 | bijgebracht in de bescherming van de hemel en de redelijkheid
57 11 | bescherming van de hemel en de redelijkheid van de mensen.~
58 11 | hemel en de redelijkheid van de mensen.~
59 12 | detachementen, die vervolgens in de huizen verdwenen. Dat was
60 12 | huizen verdwenen. Dat was de bezetting, na de inval.
61 12 | Dat was de bezetting, na de inval. De plicht van de
62 12 | bezetting, na de inval. De plicht van de overwonnenen
63 12 | de inval. De plicht van de overwonnenen zich beleefd
64 13 | Na een poosje, toen de eerste schrik was weggeëbd,
65 13 | rust. In veel families at de Pruisische officier aan
66 14 | is geen tekortkoming van de Rouaanse burger meer, zoals
67 14(1) | een beleg van een halfjaar de stad.~
68 15 | vertrouwelijk werden met de buitenlandse militair. Op
69 15 | werd volgaarne gekletst en de Duitser bleef zich elke
70 15 | langer zitten warmen voor de gemeenschappelijke haard.~
71 16 | De stad kreeg langzamerhand
72 16 | haar normale uiterlijk. De Fransen kwamen nog amper
73 16 | buiten, maar het wemelde in de straten van de Pruisische
74 16 | wemelde in de straten van de Pruisische militairen. En
75 16 | militairen. En overigens leken de officieren van de blauwe
76 16 | leken de officieren van de blauwe huzaren, die arrogant
77 16 | veel meer minachting voor de gewone burger aan de dag
78 16 | voor de gewone burger aan de dag te leggen dan de officieren
79 16 | aan de dag te leggen dan de officieren van de jagers,
80 16 | leggen dan de officieren van de jagers, die het jaar daarvoor
81 17 | Toch hing er iets in de lucht, iets subtiels en
82 17 | een overal hangende geur, de geur van een invasie. Die
83 17 | van een invasie. Die vulde de woningen en de openbare
84 17 | Die vulde de woningen en de openbare ruimte, veranderde
85 17 | openbare ruimte, veranderde de smaak van het eten, veroorzaakte
86 17 | van het eten, veroorzaakte de indruk op reis te zijn,
87 18 | De overwinnaars eisten geld,
88 18 | eisten geld, veel geld. De inwoners betaalden steeds,
89 19 | een mijl of drie buiten de stad, bij het volgen van
90 19 | stad, bij het volgen van de loop van de rivier, in de
91 19 | het volgen van de loop van de rivier, in de buurt van
92 19 | de loop van de rivier, in de buurt van Croisset, Dieppedalle
93 19 | messteken of met een eind hout, de schedel ingedeukt met een
94 19 | af in het water geduwd. De modder van de rivier bedolf
95 19 | water geduwd. De modder van de rivier bedolf die vage wraakoefeningen,
96 19 | bij daglicht, en zonder de weerklank van de roem.~
97 19 | zonder de weerklank van de roem.~
98 20 | Want haat voor de buitenlander voedt altijd
99 21 | Toen de bezetters ten slotte, al
100 21 | al onderwierpen ze dan de stad aan hun ijzeren discipline,
101 21 | ijzeren discipline, geen van de gruweldaden hadden begaan
102 21 | werd er moed gevat en deed de noodzaak van negotie zich
103 21 | weer voelen in het hart van de kooplui uit de streek. Enkele
104 21 | hart van de kooplui uit de streek. Enkele waren grote
105 22 | Ze gebruikten de invloed van Duitse officieren
106 22 | uitreisvergunning werd verkregen van de bevelvoerend generaal.~
107 23 | mensen zich inschrijven bij de voerman, waarop besloten
108 24 | Al enige tijd had vorst de grond verhard en maandag
109 24 | noorden aan, die ononderbroken de hele avond en de hele nacht
110 24 | ononderbroken de hele avond en de hele nacht viel.~
111 25 | vijf 's ochtends kwamen de reizigers bij elkaar op
112 25 | reizigers bij elkaar op de binnenplaats van het Hôtel
113 25 | binnenplaats van het Hôtel de Normandie, waar ze zouden
114 26 | reisdekens te rillen van de kou. Ze konden elkaar in
115 26 | donker moeilijk zien en de grote hoeveelheid zware
116 27 | neem mijn vrouw mee,' zei de een.~
117 30 | Waarop de eerste weer: `We komen niet
118 30 | niet terug in Rouaan en als de Pruisen Le Havre naderen,
119 32 | bespannen. Een lantaarntje, in de hand van een stalknecht,
120 32 | Paardenvoeten stampten op de grond, gedempt door de mest
121 32 | op de grond, gedempt door de mest tussen het strooisel,
122 32 | een mannenstem die tegen de dieren sprak en vloekte,
123 32 | geruis, geritmeerd door de bewegingen van het dier,
124 32 | beslagen hoef, stampend op de grond.~
125 33 | Plotseling ging de deur dicht. Alle geluid
126 33 | Alle geluid verstomde. De verkleumde burgers hadden
127 33 | onophoudelijk bij het afdalen naar de aarde. Het veegde vormen
128 33 | je hoorde niets meer in de grote stilte van de rustige,
129 33 | meer in de grote stilte van de rustige, onder de winter
130 33 | stilte van de rustige, onder de winter bedolven stad, dan
131 33 | mengeling van lichte atomen die de ruimte leken te vullen,
132 33 | ruimte leken te vullen, de wereld te bedekken.~
133 34 | De man met de lantaarn verscheen
134 34 | De man met de lantaarn verscheen weer,
135 34 | meeging. Hij zette het tegen de disselboom, bevestigde de
136 34 | de disselboom, bevestigde de strengen, draaide er een
137 34 | één hand bedienen omdat de andere de lantaarn vasthield.
138 34 | bedienen omdat de andere de lantaarn vasthield. Toen
139 34 | reizigers staan, reeds wit van de sneeuw, en zei: `Waarom
140 35 | haastten zich het te doen. De drie mannen installeerden
141 35 | vervolgens zelf in. Daarop namen de andere vage, gesluierde
142 35 | gesluierde gestalten op hun beurt de laatste plaatsen in, zonder
143 36 | De vloer was bedekt met stro
144 36 | was bedekt met stro waar de voeten in verdwenen. De
145 36 | de voeten in verdwenen. De dames achterin, die koperen
146 36 | somden ze met gedempte stem de voordelen ervan op, herhaalden
147 37 | Eindelijk was de diligence bespannen met
148 39 | De koets kwam maar langzaam,
149 39 | met heel kleine stapjes. De wielen zakten weg in de
150 39 | De wielen zakten weg in de sneeuw, de hele kast kreunde
151 39 | zakten weg in de sneeuw, de hele kast kreunde van dof
152 39 | kreunde van dof gekraak, de dieren gleden uit, hijgden,
153 39 | uit, hijgden, dampten, en de enorme zweep van de koetsier
154 39 | en de enorme zweep van de koetsier klakte onophoudelijk,
155 39 | alle kanten uit, kwam in de knoop en ontrolde zich als
156 40 | grauw licht sijpelde door de grote donkere en zware wolken
157 41 | In de koets bekeken ze elkaar
158 41 | elkaar nieuwsgierig, in de trieste helderheid van die
159 42 | Helemaal achterin, op de beste plaatsen, zaten tegenover
160 42 | zaten tegenover elkaar de heer en mevrouw Loiseau
161 42 | wijnkooplui en gros uit de Rue Grand-Pont.~
162 43 | failliet was gegaan, had de voorraad gekocht en er fortuin
163 44 | was stevig gevestigd door de heer Tournel, schrijver
164 44 | die tijdens een soiree op de prefectuur de dames, die
165 44 | soiree op de prefectuur de dames, die hij wat zag wegdommelen,
166 44 | Dat werd doorverteld in de salons van de prefect, bereikte
167 44 | doorverteld in de salons van de prefect, bereikte vervolgens
168 44 | bereikte vervolgens die van de stad, en had een maand lang
169 44 | maand lang alle bekken in de provincie aan het lachen
170 47 | besluitvaardigheid, vormde de orde en de regelmaat in
171 47 | besluitvaardigheid, vormde de orde en de regelmaat in het handelshuis
172 48 | want uit een hogere kaste, de heer Carré-Lamadon, een
173 48 | Legioen van Eer en lid van de departementsraad. Hij was
174 48 | was onder het keizerrijk de hele tijd aanvoerder van
175 48 | hele tijd aanvoerder van de welwillende oppositie geweest,
176 48 | echtgenoot, was en bleef de troost van officieren van
177 49 | erbarmelijke interieur van de koets.~
178 50 | graaf en gravin Hubert de Bréville, droegen een van
179 50 | Bréville, droegen een van de oudste en nobelste namen
180 50 | nobelste namen van Normandië. De graaf, een oude edelman
181 50 | benadrukken, die volgens een voor de familie roemrijke legende
182 50 | legende een vrouwelijke De Bréville bezwangerd had,
183 50 | feit graaf en gouverneur in de provincie was geworden.~
184 51 | Graaf Hubert, collega van de heer Carré-Lamadon in de
185 51 | de heer Carré-Lamadon in de departementsraad, vertegenwoordigde
186 51 | departementsraad, vertegenwoordigde de orleanistische partij2 in
187 51 | verhaal van zijn huwelijk met de dochter van een redertje
188 51 | raadselachtig gebleven. Maar omdat de gravin deftig genoeg deed
189 51 | ontving dan wie ook, zelfs de reputatie had te zijn bemind
190 51(2) | De orleanisten vertegenwoordigden
191 51(2) | orleanisten vertegenwoordigden de gegoede burgerij en steunden
192 51 | Lodewijk Filips3, stond de hele adel welwillend tegenover
193 51 | haar en werd haar salon de eerste van de streek, de
194 51 | haar salon de eerste van de streek, de enige waarin
195 51 | de eerste van de streek, de enige waarin de oude hoffelijkheid
196 51 | streek, de enige waarin de oude hoffelijkheid nog werd
197 52 | Het fortuin van de Brévilles, geheel in onroerend
198 53 | Die zes personen vulden de achterkant van de koets,
199 53 | vulden de achterkant van de koets, de kant van de bemiddelde,
200 53 | achterkant van de koets, de kant van de bemiddelde,
201 53 | van de koets, de kant van de bemiddelde, gezeten en machtige
202 54 | vrouwen op dezelfde bank, en de gravin had naast zich nog
203 54 | weesgegroetjes mompelden. De een was oud, met een in
204 54 | met een in haar jeugd door de witte pokken toegetakeld
205 54 | geschoten had gekregen. De ander, heel spichtig, had
206 55 | Tegenover de beide nonnen trokken een
207 56 | De man, goed bekend, was de
208 56 | De man, goed bekend, was de rode Cornudet, de schrik
209 56 | bekend, was de rode Cornudet, de schrik van het respectabele
210 56 | doopte hij zijn rode baard in de bierpullen van alle democratische
211 56 | vol ongeduld te wachten op de republiek om eindelijk de
212 56 | de republiek om eindelijk de plaats in te kunnen nemen
213 56 | wilde aanvaarden, weigerden de loopjongens, die het nog
214 56 | ijver beziggehouden met de organisatie van de verdediging.
215 56 | beziggehouden met de organisatie van de verdediging. Hij had gaten
216 56 | verdediging. Hij had gaten in de velden laten graven, alle
217 56 | graven, alle jonge bomen uit de omringende bossen laten
218 56 | laten aanleggen, en toen de vijand naderde had hij zich,
219 56 | voorbereidingen, bliksemsnel in de stad teruggetrokken. Hij
220 56(4) | september 1870 werd in Parijs de Derde Republiek uitgeroepen.~
221 57 | De vrouw, van het slag dat
222 57 | corpulentie, waardoor ze de bijnaam Reuzelpotje had
223 57 | strengen korte worstjes aan de kootjes ingesnoerd, met
224 57 | appel, een pioenroos in de knop, op het punt van ontluiken.
225 59 | ze herkend werd begonnen de nette vrouwen te mompelen
226 59 | nette vrouwen te mompelen en de woorden `prostituee', `publieke
227 59 | viel. Iedereen keek naar de vloer, behalve Loiseau die
228 60 | Maar al snel werd de conversatie tussen de drie
229 60 | werd de conversatie tussen de drie dames hervat, door
230 60 | drie dames hervat, door de aanwezigheid van die hoer
231 60 | echtgenotes bundelen, want de legale liefde kijkt altijd
232 61 | En ook de drie heren, met een gemeenschappelijk
233 61 | Graaf Hubert verhaalde van de schade die de Pruisen hem
234 61 | verhaalde van de schade die de Pruisen hem hadden berokkend,
235 61 | vee en verloren oogst, met de zelfverzekerdheid van de
236 61 | de zelfverzekerdheid van de grote heer, tienvoudig miljonair,
237 61 | jaar dwars kunnen zitten. De heer Carré-Lamadon, zwaar
238 61 | Carré-Lamadon, zwaar gedupeerd in de katoenindustrie, was zo
239 61 | maken, een appeltje voor de dorst, waarvoor hij al meer
240 61 | landwijnen die hij nog in de kelder had aan de Franse
241 61 | nog in de kelder had aan de Franse intendance-generaal
242 61 | intendance-generaal te verkopen, zodat de staat hem een aanzienlijke
243 62 | het geld verbroederd, van de grote vrijmetselarij van
244 63 | De koets reed zo langzaam dat
245 63 | langzaam dat ze om tien uur in de ochtend nog slechts vier
246 63 | vier mijl hadden afgelegd. De mannen stapten drie keer
247 63 | er thans aan dat nog voor de nacht te bereiken. Iedereen
248 63 | naar een uitspanning langs de weg, toen de diligence in
249 63 | uitspanning langs de weg, toen de diligence in een sneeuwhoop
250 64 | De eetlust nam toe, vertroebelde
251 64 | eetlust nam toe, vertroebelde de geesten en nog geen eettent,
252 64 | kroeg kwam in zicht, want de nadering van de Pruisen
253 64 | zicht, want de nadering van de Pruisen en de voorbijtrekkende,
254 64 | nadering van de Pruisen en de voorbijtrekkende, uitgehongerde
255 65 | De heren gingen bij boerderijen
256 65 | gingen bij boerderijen langs de weg op zoek naar eten, maar
257 65 | ze nog geen brood, want de boer, wantrouwig als hij
258 66 | leed allang net als hij en de dwingende behoefte te eten,
259 66 | alsmaar erger werd, had de gesprekken al doen verstommen.~
260 67 | zijn sociale status, opende de mond met geraas of bescheiden,
261 67 | bescheiden, waarbij hij of zij de hand snel voor het gapende
262 69 | inderdaad niet al te best,' zei de graaf, `waarom heb ik er
263 71 | wel een slokje en toen hij de veldfles teruggaf merkte
264 71 | verwarmt, en je vergeet de honger even.'~
265 72 | De alcohol verbeterde zijn
266 72 | het scheepje uit het lied: de dikste reiziger opeten5.
267 72 | op Reuzelpotje choqueerde de beter opgevoeden. Er kwam
268 72 | alleen Cornudet glimlachte. De beide zusters waren opgehouden
269 72 | te prevelen en bleven met de handen in hun grote mouwen
270 72 | mouwen roerloos zitten, de blikken koppig op de vloer,
271 72 | zitten, de blikken koppig op de vloer, waarbij ze ongetwijfeld
272 72 | waarbij ze ongetwijfeld de hemel het lijden opdroegen
273 72(5) | volksliedje waarin trouwens niet de dikste, maar de jongste
274 72(5) | trouwens niet de dikste, maar de jongste op het menu van
275 72(5) | jongste op het menu van de schipbreukelingen komt te
276 74 | in hun aspic lagen, en in de mand waren nog andere goede,
277 74 | flessenhalzen staken tussen de pakketjes voedsel uit. Ze
278 74 | te peuzelen, met een van de broodjes die ze in Normandië
279 75 | gericht. Daarop verspreidde de lucht zich, deed neusvleugels
280 75 | neusvleugels opensperren, in de monden volop speeksel vloeien,
281 75 | speeksel vloeien, met onder de oren een pijnlijke kramp
282 75 | oren een pijnlijke kramp in de kaak. De minachting van
283 75 | pijnlijke kramp in de kaak. De minachting van de dames
284 75 | kaak. De minachting van de dames voor die hoer bereikte
285 75 | vermoorden, of haar uit de koets te smijten, in de
286 75 | de koets te smijten, in de sneeuw, haar, haar timbaaltje,
287 76 | Maar Loiseau verslond de terrine met kip met zijn
288 79 | niet te bevlekken, en met de punt van een mes, dat hij
289 79 | van aspic, trok die met de tanden stuk en kauwde er
290 79 | tevredenheid op, dat in de koets een diepe zucht van
291 80 | nederig en lief stemmetje ook de beide zusters voor haar
292 80 | zodoende vormden ze met de nonnen een soort tafel door
293 81 | een kramp die haar door de darmen voer, zwichtte ze.
294 81 | natuurlijk, zeker meneer', en de terrine aanreikte.~
295 82 | ontstond wat verwarring toen de eerste fles Bordeaux was
296 82 | ongetwijfeld uit hoffelijkheid, op de plek die nog vochtig was
297 82 | die nog vochtig was van de lippen van zijn buurvrouw.~
298 83 | eten waren en stikkend in de lucht van al dat voedsel,
299 83 | ondergingen graaf en gravin De Bréville, evenals mijnheer
300 83 | vreselijke kwelling die de naam van Tantalus heeft
301 83 | meegekregen. Plotseling slaakte de jonge vrouw van de industrieel
302 83 | slaakte de jonge vrouw van de industrieel een zucht waar
303 83 | opkeek. Ze werd zo wit als de sneeuw buiten, haar ogen
304 83 | om hulp. Iedereen raakte de kluts kwijt, tot de oudste
305 83 | raakte de kluts kwijt, tot de oudste van de zusters het
306 83 | kwijt, tot de oudste van de zusters het hoofd van de
307 83 | de zusters het hoofd van de zieke ophief en tussen de
308 83 | de zieke ophief en tussen de lippen Reuzelpotjes kroes
309 83 | druppels wijn te laten proeven. De mooie dame verroerde zich,
310 83 | dame verroerde zich, opende de ogen, glimlachte en verklaarde
311 83 | te laten gebeuren, dwong de non haar een heel glas Bordeaux
312 83 | drinken en zei daarna: `Het is de honger, meer niet.'~
313 84 | beschaamd, met blikken naar de vier reizigers die nog niets
314 84 | Heremijntijd, ik durfde de heren en dames niets aan
315 85 | huis zullen vinden waar we de nacht zullen kunnen doorbrengen.
316 86 | aarzelden, want niemand durfde de verantwoordelijkheid van
317 86 | op zich te nemen. Maar de graaf hakte de knoop door.
318 86 | nemen. Maar de graaf hakte de knoop door. Hij wendde zich
319 86 | door. Hij wendde zich tot de grote verlegen hoer en met
320 87 | Alleen de eerste stap was nodig. Toen
321 87 | stap was nodig. Toen ze de Rubicon eenmaal over waren,
322 87 | waren, vielen ze gewoon aan. De mand was in een mum leeg.
323 88 | Ze konden natuurlijk de proviand van die hoer niet
324 88 | het al gauw informeler. De dames De Bréville en Carré-Lamadon,
325 88 | gauw informeler. De dames De Bréville en Carré-Lamadon,
326 88 | tactvol bevallig. Vooral de gravin toonde die vriendelijke
327 88 | worden, en was charmant. Maar de grote mevrouw Loiseau, met
328 88 | grote mevrouw Loiseau, met de ziel van een politieagent,
329 89 | hadden het natuurlijk over de oorlog. Ze verhaalden vreselijke
330 89 | Fransen. En al die mensen op de vlucht eerden de moed van
331 89 | mensen op de vlucht eerden de moed van anderen. De persoonlijke
332 89 | eerden de moed van anderen. De persoonlijke verhalen kwamen
333 90 | paar soldaten voeden dan op de bonnefooi de wijk nemen.
334 90 | voeden dan op de bonnefooi de wijk nemen. Maar toen ik
335 90 | beroerd van woede en ik heb de hele dag gehuild van schaamte.
336 90 | ik ze mijn meubels naar de kop had gesmeten. Toen kwamen
337 90 | er ook nog bij me wonen - de eerste de beste ben ik naar
338 90 | bij me wonen - de eerste de beste ben ik naar de keel
339 90 | eerste de beste ben ik naar de keel gevlogen. Ze zijn niet
340 90 | moeilijker te wurgen dan de rest! En ik zou hem afgemaakt
341 91 | gelukgewenst. Ze groeide in de achting van haar reisgenoten
342 91 | die niet zoveel moed aan de dag hadden gelegd. En Cornudet
343 91(7) | een metselaar die in 1846 de toekomstige keizer Napoleon
344 91(7) | leende waardoor deze uit de gevangenis kon ontsnappen.
345 91(7) | gevangenis kon ontsnappen. De keizer hield zijn naam als
346 93 | woorden zou uitlopen, toen de graaf tussenbeide kwam en
347 93 | kwam en niet zonder moeite de boze hoer kalmeerde, door
348 93 | moesten worden. Toch voelden de gravin en de vrouw van de
349 93 | Toch voelden de gravin en de vrouw van de industrieel
350 93 | de gravin en de vrouw van de industrieel zich haars ondanks
351 93 | wier gevoelens zozeer op de hunne leken, behept als
352 93 | van nette mensen jegens de republiek en die instinctieve
353 94 | De mand werd leeggegeten. Met
354 95 | De avond viel, de duisternis
355 95 | De avond viel, de duisternis verdiepte zich
356 95 | zich langzaam maar zeker en de kou, voelbaarder bij spijsvertering,
357 95 | vet. Daarop bood mevrouw De Bréville haar haar stoofje
358 95 | ze had ijskoude voeten. De dames Carré-Lamadon en Loiseau
359 95 | Carré-Lamadon en Loiseau gaven de hunne aan de nonnen.~
360 95 | Loiseau gaven de hunne aan de nonnen.~
361 96 | De koetsier had zijn lantaarns
362 96 | een wolk van damp boven de zwetende kruizen van de
363 96 | de zwetende kruizen van de achterpaarden en aan beide
364 96 | en aan beide zijden van de weg de sneeuw die zich onder
365 96 | beide zijden van de weg de sneeuw die zich onder de
366 96 | de sneeuw die zich onder de wisselende weerschijn van
367 96 | wisselende weerschijn van de lichten leek te ontrollen.~
368 97 | In de koets was niets meer te
369 97 | en Loiseau, wiens blik de duisternis doorboorde, meende
370 97 | duisternis doorboorde, meende de man met de grote baard snel
371 97 | doorboorde, meende de man met de grote baard snel opzij te
372 98 | Lichtpuntjes verschenen voor hen op de weg. Dat was Tôtes. Ze hadden
373 98 | gelopen, wat het totaal, met de twee uur rust die de paarden
374 98 | met de twee uur rust die de paarden in vier keer hadden
375 99 | van een sabelschede tegen de grond. Meteen riep een Duitse
376 0 | Hoewel de diligence stilstond, stapte
377 0 | uitgemoord. Kort daarop verscheen de conducteur met in de hand
378 0 | verscheen de conducteur met in de hand een van zijn lantaarns,
379 0 | lantaarns, die plotseling de beide rijen geschrokken
380 0 | geschrokken koppen tot achter in de koets verlichtte, met open
381 1 | In het felle licht naast de koetsier stond een Duits
382 2 | Frans verzocht hij stijfjes de reizigers uit te stappen: `
383 3 | De beide zusters gehoorzaamden
384 3 | gehoorzaamden als eersten, met de volgzaamheid van vrome nonnen,
385 3 | vormen van onderwerping. De graaf en de gravin verschenen
386 3 | onderwerping. De graaf en de gravin verschenen daarna,
387 3 | verschenen daarna, gevolgd door de industrieel met zijn vrouw,
388 3 | wederhelft voor zich uit schoof. De laatste zei toen ze op de
389 3 | De laatste zei toen ze op de grond stapte tegen de officier: `
390 3 | op de grond stapte tegen de officier: `Dag meneer',
391 3 | voorzichtigheid dan van beleefdheid. De ander, brutaal als alle
392 4 | waardig in het gezicht van de vijand. De dikke hoer probeerde
393 4 | het gezicht van de vijand. De dikke hoer probeerde zich
394 4 | beheersen en rustig te blijven, de rode rakker folterde als
395 4 | Net zo verontwaardigd door de meegaandheid van hun reisgenoten
396 4 | te tonen dan haar buren, de nette vrouwen, terwijl hij
397 5 | Ze betraden de grote herbergkeuken en de
398 5 | de grote herbergkeuken en de Duitser bekeek het gezelschap
399 5 | uitgebreid, nadat hij zich de uitreisvergunning ondertekend
400 5 | uitreisvergunning ondertekend door de bevelvoerend generaal, had
401 5 | had laten zien, waarin de namen, het signalement en
402 5 | stonden vermeld, en vergeleek de personen met de geschreven
403 5 | vergeleek de personen met de geschreven inlichtingen.~
404 7 | leken te gaan houden, werden de kamers opgezocht. Die lagen
405 7(8) | Namelijk 100, het nummer dat de wc aangaf.~
406 8 | konden ze aan tafel, toen de baas van de herberg zelf
407 8 | tafel, toen de baas van de herberg zelf zijn opwachting
408 8 | Van zijn vader had hij de naam Follenvie geërfd.~
409 11 | Juffrouw, de Pruisische officier wil
410 15 | begon te praten, probeerde de reden van dat bevel te raden.
411 15 | van dat bevel te raden. De graaf kwam naar haar toe
412 15 | weerstand bieden aan mensen die de overhand hebben. Er kan
413 16 | waren allemaal bang voor de gevolgen die koppigheid
414 17 | De gravin pakte haar hand en
415 19 | stamelde: `Wat een smeerlap! De smeerlap!'~
416 20 | maar ze zei niets. En toen de graaf aandrong, antwoordde
417 21 | het een vrolijk souper. De cider was goed, de familie
418 21 | souper. De cider was goed, de familie Loiseau en de nonnen
419 21 | goed, de familie Loiseau en de nonnen namen er wat van,
420 21 | wat van, uit zuinigheid. De anderen vroegen om wijn
421 21 | Hij had zo zijn manier om de fles te ontkurken, het nat
422 21 | dat hij vervolgens tussen de lamp en zijn oog hield om
423 21 | lamp en zijn oog hield om de kleur ervan goed te kunnen
424 21 | verliezen en zag eruit alsof hij de enige functie vervulde waarvoor
425 21 | Het leek wel of hij in de geest de twee grote passies
426 21 | leek wel of hij in de geest de twee grote passies die zijn
427 21 | onlosmakelijk verbond: pale ale en de revolutie, want het was
428 22 | De heer en mevrouw Follenvie
429 22 | beiden aan het hoofdeinde. De man, reutelend als een kapotte
430 22 | had te veel wrijving in de borst om al etend te kunnen
431 22 | over al haar indrukken bij de komst van de Pruisen, wat
432 22 | indrukken bij de komst van de Pruisen, wat ze deden, wat
433 22 | deden, wat ze zeiden, had in de eerste plaats een hekel
434 22 | haar geld kostten en in de tweede plaats omdat ze twee
435 22 | richtte vooral het woord tot de gravin, gevleid met een
436 24 | aardappelen en varkensvlees, en de volgende dag varkensvlees
437 24 | Als ze tenminste nog thuis de grond zouden bewerken of
438 24 | grond zouden bewerken of aan de wegen zouden werken! Maar
439 24 | ziet verpesten door van de vroege ochtend tot de late
440 24 | van de vroege ochtend tot de late avond te lopen stampvoeten,
441 24 | is dat dan goed omdat ze de vent die er het meeste neerschiet,
442 25 | verhief zijn stem en zei: `De oorlog is een onbeschaafdheid
443 26 | De oude vrouw boog het hoofd
444 28 | verstand van die boerin hem op de welvaart die zoveel werkeloze
445 29 | op en ging zachtjes met de herbergier zitten overleggen.
446 29 | herbergier zitten overleggen. De grote man begon te lachen,
447 29 | sprong op van plezier bij de grapjes van zijn buurman
448 29 | hem voor het voorjaar, als de Pruisen weg zouden zijn.~
449 31 | ontdekken wat hij noemde: `De mysteries van de gang.'~
450 31 | noemde: `De mysteries van de gang.'~
451 32 | Ze had een kandelaar in de hand en liep naar het hoge
452 32 | het hoge nummer achter in de gang. Maar op dat moment
453 32 | moment ging een deur aan de zijkant open en toen ze
454 32 | Reuzelpotje leek categorisch de toegang tot haar kamer te
455 32 | verdedigen. Helaas hoorde Loiseau de woorden niet maar toen ze
456 32 | maar toen ze ten slotte de stem wat verhieven, kon
457 34 | huis zijn, misschien wel in de kamer ernaast!'~
458 35 | Hij hield zijn mond. De vaderlandslievende kuisheid
459 35 | van een slet die zich met de vijand in de buurt niet
460 35 | die zich met de vijand in de buurt niet liet betasten,
461 36 | maakte een luchtsprongetje in de kamer, sloeg zijn nachtdas
462 37 | onbestemde richting die zowel de kelder als de zolder had
463 37 | die zowel de kelder als de zolder had kunnen zijn,
464 37 | als een ketel onder druk. De heer Follenvie sliep.~
465 38 | Omdat ze besloten hadden de volgende ochtend om acht
466 38 | vertrekken, was iedereen in de keuken. Maar de koets, waarvan
467 38 | iedereen in de keuken. Maar de koets, waarvan het dekzeil
468 38 | stond eenzaam midden op de binnenplaats, zonder paarden
469 38 | zochten hem vergeefs in de stallen, bij de foerage,
470 38 | vergeefs in de stallen, bij de foerage, in de schuren.
471 38 | stallen, bij de foerage, in de schuren. Toen besloten de
472 38 | de schuren. Toen besloten de mannen naar hem op zoek
473 38 | kwamen op het plein, met aan de overkant de kerk en aan
474 38 | plein, met aan de overkant de kerk en aan beide kanten
475 38 | soldaten te zien waren. De eerste die ze zagen, schilde
476 38 | zagen, schilde aardappelen. De tweede, verderop, waste
477 38 | tweede, verderop, waste de pui van de kapper. Een derde,
478 38 | verderop, waste de pui van de kapper. Een derde, bebaard
479 38 | poging het te kalmeren. En de dikke boerinnen wier mannen
480 38 | moest worden: hout splijten, de soep aanlengen, koffie malen.
481 38 | Een van hen deed zelfs de was van zijn gastvrouw,
482 39 | De graaf ondervroeg verbaasd
483 39 | graaf ondervroeg verbaasd de koster die uit de pastorie
484 39 | verbaasd de koster die uit de pastorie kwam zetten. De
485 39 | de pastorie kwam zetten. De oude kerkrat antwoordde
486 39 | eenmaal helpen... het zijn de hoge heren die oorlog maken.'~
487 40 | Cornudet, verontwaardigd door de hartelijke verhouding die
488 40 | sloot zich liever op in de herberg. Loiseau grapte: `
489 40 | ernstig: `Ze herstellen.' Maar de koetsier was niet te vinden.
490 40 | broederlijk aan tafel met de ordonnans van de officier.
491 40 | tafel met de ordonnans van de officier. De graaf riep
492 40 | ordonnans van de officier. De graaf riep hem: `Had u geen
493 45 | De Pruisische commandant, natuurlijk.'~
494 49 | Nee meneer, de herbergier heeft me namens
495 49 | herbergier heeft me namens hem de opdracht gegeven.'~
496 52 | De drie mannen gingen niet
497 53 | Ze vroegen naar de heer Follenvie, maar de
498 53 | de heer Follenvie, maar de serveerster antwoordde dat
499 54 | Ze wilden de officier opzoeken, maar
500 54 | onmogelijk, al was hij ook in de herberg gehuisvest. De heer
1-500 | 501-848 |