Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
echtgenote 1
echtgenotes 1
edelman 2
een 407
één 3
eenendertig 1
eenendertigen 1
Frequency    [«  »]
-----
-----
848 de
407 een
397 en
351 van
339 ze
Guy de Maupassant
Reuzelpotje

IntraText - Concordances

een

                                                bold = Main text
    Par.                                        grey = Comment text
1 1 | Een paar dagen achtereen waren 2 1 | vlag, zonder regiment in een futloos tempo voort. Ze 3 1 | staat tot denken of tot een besluit, ze liepen slechts 4 1 | vervolgens, tussen hen door, een paar rode broeken, flarden 5 1 | rode broeken, flarden van een divisie die bij een zwaar 6 1 | van een divisie die bij een zwaar treffen in de knel 7 1 | soms de glimmende helm van een cavalerist met zware pas, 8 5 | gevechtsklaar stond zodra een konijntje zich in het struikgewas 9 6 | de grote ontreddering van een volk dat gewend was te overwinnen 10 7 | Daarna was er een diepe rust, een geschrokken, 11 7 | Daarna was er een diepe rust, een geschrokken, stille verwachting 12 8 | het doodstil. Soms repte een inwoner, bang van die stilte, 13 10 | de Franse troepen, reden een paar ulanen, die zomaar 14 10 | Vervolgens, iets later, daalde een zwarte massa de Sainte-Catherinehelling 15 11 | Bevelen, door een onbekende stem vol keelklanken 16 11 | wordt aan de willekeur van een onbewuste en wrede meedogenloosheid. 17 11 | meedogenloosheid. De aardbeving die een heel volk onder instortende 18 11 | de naam van de Sabel en een God dankt met kanongebulder, 19 11 | plagen die alle geloof aan een eeuwige rechtvaardigheid 20 13 | Na een poosje, toen de eerste schrik 21 13 | was weggeëbd, ontstond er een nieuwe rust. In veel families 22 13 | verder konden ze ooit op een dag zijn bescherming wellicht 23 13 | ontzien konden ze misschien een paar mannen minder te onderhouden 24 13 | handelen zou niet zozeer een teken van moed alswel van 25 14(1)| 1419 veroverde Hendrik V na een beleg van een halfjaar de 26 14(1)| Hendrik V na een beleg van een halfjaar de stad.~ 27 17 | iets subtiels en onbekends, een vreemde, onverdraaglijke 28 17 | onverdraaglijke sfeer, als een overal hangende geur, de 29 17 | hangende geur, de geur van een invasie. Die vulde de woningen 30 18 | rijk. Maar hoe welgestelder een Normandische middenstander 31 18 | fortuin dat hij in handen van een ander ziet overgaan.~ 32 19 | schippers en vissers tot een mijl of drie buiten de stad, 33 19 | Biessart, vaak het lijk van een Duitser uit het diepe water, 34 19 | vermoord door messteken of met een eind hout, de schedel ingedeukt 35 19 | de schedel ingedeukt met een steen of van een brug af 36 19 | ingedeukt met een steen of van een brug af in het water geduwd. 37 20 | buitenlander voedt altijd wel een paar stoutmoedigen die bereid 38 20 | stoutmoedigen die bereid zijn voor een idee te sterven.~ 39 22 | ze hadden leren kennen en een uitreisvergunning werd verkregen 40 23 | Dus werd er een grote diligence met vier 41 23 | waarop besloten werd op een dinsdagochtend voor het 42 24 | verhard en maandag tegen een uur of drie voerden grote 43 26 | mannen herkenden elkaar, een derde sprak ze aan, ze begonnen 44 27 | mijn vrouw mee,' zei de een.~ 45 32 | rijtuig niet bespannen. Een lantaarntje, in de hand 46 32 | lantaarntje, in de hand van een stalknecht, verscheen af 47 32 | verscheen af en toe uit een donkere deuropening om meteen 48 32 | deuropening om meteen weer door een andere te verdwijnen. Paardenvoeten 49 32 | tussen het strooisel, en een mannenstem die tegen de 50 32 | het gebouw worden gehoord. Een vaag gerinkel van belletjes 51 32 | Dat gerinkel werd al snel een helder en aanhoudend geruis, 52 32 | stilstond, dan weer met een plotselinge schok bewoog, 53 32 | met het doffe geluid van een beslagen hoef, stampend 54 33 | roerloos en verstijfd staan. Een ononderbroken gordijn van 55 33 | weg, bepoederde alles met een schuim van ijs, en je hoorde 56 33 | vallende sneeuw, eerder een gewaarwording dan een geluid, 57 33 | eerder een gewaarwording dan een geluid, een mengeling van 58 33 | gewaarwording dan een geluid, een mengeling van lichte atomen 59 34 | weer, met aan het eind van een touw een triest paard dat 60 34 | aan het eind van een touw een triest paard dat niet graag 61 34 | de strengen, draaide er een hele poos omheen om het 62 35 | laatste plaatsen in, zonder een woord te wisselen.~ 63 36 | die koperen stoofjes met een chemisch kooltje hadden 64 36 | ontstaken hun apparaten en een poosje somden ze met gedempte 65 37 | moeilijker trekken, toen een stem buiten vroeg: `Is iedereen 66 38 | Een stem van binnen antwoordde: ` 67 39 | knoop en ontrolde zich als een ragfijne slang, trof daarbij 68 39 | trof daarbij plotseling een gespannen kruis dat zich 69 39 | gespannen kruis dat zich dan in een nog heftiger poging schrap 70 40 | Die lichte vlokken die een reiziger, een geboren Rouaner, 71 40 | vlokken die een reiziger, een geboren Rouaner, had vergeleken 72 40 | Rouaner, had vergeleken met een regen van katoen, vielen 73 40 | katoen, vielen niet meer. Een grauw licht sijpelde door 74 40 | stralender maakten, waar nu eens een rij grote bomen verscheen, 75 40 | bedekt met ijzel, dan weer een huisje met een muts van 76 40 | dan weer een huisje met een muts van sneeuw.~ 77 43 | Loiseau, voormalig klerk van een patroon die failliet was 78 43 | kennissen en vrienden bekend als een gewiekste guit, een echte 79 43 | als een gewiekste guit, een echte Normandiër, een en 80 43 | guit, een echte Normandiër, een en al list en vrolijkheid.~ 81 44 | schrijver van fabels en liedjes, een scherpe en verfijnde geest, 82 44 | scherpe en verfijnde geest, een lokale glorie, die tijdens 83 44 | lokale glorie, die tijdens een soiree op de prefectuur 84 44 | die van de stad, en had een maand lang alle bekken in 85 45 | direct aan toe te voegen: `Een kostelijke vent, die Loiseau.'~ 86 46 | klein van gestalte, had een ronde buik met daarboven 87 46 | ronde buik met daarboven een rood gezicht tussen twee 88 47 | stevig, vastberaden, met een hoge stem en een grote besluitvaardigheid, 89 47 | vastberaden, met een hoge stem en een grote besluitvaardigheid, 90 48 | zat, waardiger, want uit een hogere kaste, de heer Carré-Lamadon, 91 48 | de heer Carré-Lamadon, een aanzienlijk man, naam gemaakt 92 48 | duurder te laten betalen aan een zaak die hij, om zijn eigen 93 49 | haar bont, en bekeek met een teleurgestelde blik het 94 50 | Hubert de Bréville, droegen een van de oudste en nobelste 95 50 | van Normandië. De graaf, een oude edelman met een deftig 96 50 | graaf, een oude edelman met een deftig uiterlijk, deed zijn 97 50 | benadrukken, die volgens een voor de familie roemrijke 98 50 | familie roemrijke legende een vrouwelijke De Bréville 99 51 | huwelijk met de dochter van een redertje uit Nantes was 100 51 | had te zijn bemind door een zoon van Lodewijk Filips3, 101 52 | leverde ze, naar men zei een inkomen van vijfhonderd 102 53 | nette mensen met gezag, die een religie en principes hebben.~ 103 54 | Door een vreemd toeval zaten alle 104 54 | weesgegroetjes mompelden. De een was oud, met een in haar 105 54 | mompelden. De een was oud, met een in haar jeugd door de witte 106 54 | gelaat, alsof ze van vlakbij een lading hagel recht in het 107 54 | ander, heel spichtig, had een leuk en ziekelijk kopje 108 54 | en ziekelijk kopje boven een borst vol tering, aangevreten 109 55 | de beide nonnen trokken een man en een vrouw aller blikken.~ 110 55 | nonnen trokken een man en een vrouw aller blikken.~ 111 56 | zijn broers en vrienden een aardig fortuin verteerd 112 56 | van zijn vader had geërfd, een oude suikerbakker, en hij 113 56 | september4, wellicht door een grap, meende hij tot prefect 114 56 | trekken. Overigens was hij een heel geschikte vent, ongevaarlijk 115 57 | kootjes ingesnoerd, met een glimmend strakke huid, een 116 57 | een glimmend strakke huid, een enorme hals die onder haar 117 57 | zien. Haar gezicht leek op een rode appel, een pioenroos 118 57 | leek op een rode appel, een pioenroos in de knop, op 119 57 | grote wenkbrauwen die er een schaduw over wierpen en 120 57 | wierpen en verder naar beneden een charmant, smal mondje, vochtig, 121 59 | brutale blik toe dat er prompt een diepe stilte viel. Iedereen 122 61 | En ook de drie heren, met een gemeenschappelijk instinct 123 61 | Cornudet, hadden het op een bepaalde toon over geld, 124 61 | die zulke rampen amper een jaar dwars kunnen zitten. 125 61 | Engeland over te maken, een appeltje voor de dorst, 126 61 | verkopen, zodat de staat hem een aanzienlijke som schuldig 127 63 | Iedereen zat te loeren naar een uitspanning langs de weg, 128 63 | weg, toen de diligence in een sneeuwhoop wegzakte en het 129 66 | Tegen een uur 's middags verklaarde 130 66 | Loiseau dat hij toch wel een aardig lege maag voelde. 131 67 | Af en toe gaapte er een. Dan volgde daar direct 132 67 | Dan volgde daar direct een ander op, en ieder om beurten, 133 68 | Reuzelpotje boog een paar keer alsof ze iets 134 68 | rokken zocht. Ze aarzelde een ogenblik, keek eens naar 135 68 | hij wel duizend frank voor een hammetje over had. Zijn 136 68 | over had. Zijn vrouw maakte een gebaar als om te protesteren, 137 71 | Toch had Cornudet een veldfles vol rum. Hij bood 138 71 | Alleen Loiseau wilde wel een slokje en toen hij de veldfles 139 72(5)| Il était un petit navire, een bekend Frans volksliedje 140 73 | drie uur, toen ze midden in een eindeloze vlakte stonden 141 73 | eindeloze vlakte stonden zonder een spoor van een dorp, bukte 142 73 | stonden zonder een spoor van een dorp, bukte Reuzelpotje 143 73 | en trok onder haar bank een grote mand uit met daaroverheen 144 73 | mand uit met daaroverheen een wit servet.~ 145 74 | Eerst haalde ze er een porseleinen bordje uit, 146 74 | porseleinen bordje uit, een zilveren timbaaltje, vervolgens 147 74 | zilveren timbaaltje, vervolgens een grote terrine waarin twee 148 74 | lekkernijen, proviand voor een reis van drie dagen, zodat 149 74 | pakketjes voedsel uit. Ze nam een kippenvleugeltje en begon 150 74 | keurig op te peuzelen, met een van de broodjes die ze in 151 75 | vloeien, met onder de oren een pijnlijke kramp in de kaak. 152 75 | bereikte haar hoogtepunt, werd een soort zin haar te vermoorden, 153 79 | Hij had een krant, die hij uitspreidde 154 79 | bevlekken, en met de punt van een mes, dat hij altijd op zak 155 79 | op zak had, viste hij er een poot uit, geheel glanzend 156 79 | tevredenheid op, dat in de koets een diepe zucht van wanhoop 157 80 | Maar Reuzelpotje stelde met een nederig en lief stemmetje 158 80 | vormden ze met de nonnen een soort tafel door kranten 159 81 | weerstand, maar even later, na een kramp die haar door de darmen 160 81 | toestond mevrouw Loiseau een stukje aan te bieden. Waarop 161 81 | te bieden. Waarop zij met een allervriendelijkste glimlach 162 83 | vrouw van de industrieel een zucht waar iedereen van 163 83 | Reuzelpotjes kroes duwde om haar een paar druppels wijn te laten 164 83 | stem dat ze zich al weer een stuk beter voelde. Maar 165 83 | gebeuren, dwong de non haar een heel glas Bordeaux te drinken 166 85 | We weten niet eens of we een huis zullen vinden waar 167 86 | verantwoordelijkheid van een `ja' op zich te nemen. Maar 168 87 | gewoon aan. De mand was in een mum leeg. Ze bevatte nog 169 87 | mum leeg. Ze bevatte nog een paté van vette ganzenlever, 170 87 | paté van vette ganzenlever, een leeuwerikenpaté, een stuk 171 87 | ganzenlever, een leeuwerikenpaté, een stuk gerookte tong, Crassannes6, 172 87 | gerookte tong, Crassannes6, een stuk Pont-l'Évêque, petit-fours 173 87 | Pont-l'Évêque, petit-fours en een pot vol ingelegde augurken 174 87(6)| Een perenras.~ 175 88 | Loiseau, met de ziel van een politieagent, bleef stug, 176 90 | proviand en ik wilde liever een paar soldaten voeden dan 177 90 | van schaamte. O, als ik een man was geweest had ik het 178 90 | onderduiken. Ten slotte heb ik een gelegenheid gevonden en 179 91 | toen hij haar beluisterde een goedkeurende en welwillende 180 91 | apostolische glimlach, zoals een priester die een vrome God 181 91 | zoals een priester die een vrome God hoort loven, want 182 91 | proclamaties en rondde af met een staaltje van welsprekendheid 183 91 | waarin hij dat `stuk vuil van een Badinguet'7 meesterlijk 184 91(7)| Badinguet was een metselaar die in 1846 de 185 92 | bonapartiste. Ze werd roder dan een kriek en stamelend van verontwaardiging 186 94 | was. Het gesprek ging nog een poosje door, toch wel enigszins 187 95 | kooltje sinds die ochtend al een paar keer was vervangen, 188 96 | ontstoken. Ze beschenen met een helder licht een wolk van 189 96 | beschenen met een helder licht een wolk van damp boven de zwetende 190 97 | Maar plotseling ontstond er een beweging tussen Reuzelpotje 191 97 | zien schieten, alsof hij een flinke maar geluidloos uitgedeelde 192 99 | Het portier vloog open! Een overbekend geluid deed alle 193 99 | en dat was het stoten van een sabelschede tegen de grond. 194 99 | tegen de grond. Meteen riep een Duitse stem iets.~ 195 0 | conducteur met in de hand een van zijn lantaarns, die 196 1 | naast de koetsier stond een Duits officier, een grote 197 1 | stond een Duits officier, een grote jongeman, extreem 198 1 | zijn uniform geregen als een meisje in haar korset, met 199 1 | kleppet die hem deed lijken op een loopjongen uit een Engels 200 1 | lijken op een loopjongen uit een Engels hotel. Zijn bovenmaatse 201 1 | dunner werden en eindigden in een enkele blonde draad, zo 202 1 | en verleende zijn lippen een vallende plooi als hij aan 203 4 | rode rakker folterde als in een tragedie met ietwat trillende 204 7 | hadden nog honger. Er werd een souper besteld. Er was een 205 7 | een souper besteld. Er was een halfuur nodig om dat klaar 206 7 | Die lagen allemaal aan een lange gang, afgesloten door 207 7 | lange gang, afgesloten door een glazen deur met daarop een 208 7 | een glazen deur met daarop een veelzeggend nummer8.~ 209 8 | opwachting maakte. Hij was een oude paardenkoper, een grote, 210 8 | was een oude paardenkoper, een grote, astmatische man, 211 15 | haar toe en zei: `U maakt een vergissing, mevrouw, want 212 15 | het is vast en zeker om een formaliteit die ze over 213 19 | geprikkeld. Ze stamelde: `Wat een smeerlap! De smeerlap!'~ 214 21 | Dus zetten ze zich rond een hoge soepterrine waaruit 215 21 | hoge soepterrine waaruit een geur van kool opsteeg. Ondanks 216 21 | Ondanks die schrik was het een vrolijk souper. De cider 217 21 | duidelijk dat hij niet het een kon proeven zonder aan het 218 22 | hoofdeinde. De man, reutelend als een kapotte locomotief, had 219 22 | had in de eerste plaats een hekel aan hen omdat ze haar 220 22 | tot de gravin, gevleid met een hoogstaande dame te kunnen 221 24 | Staan ze met zijn allen in een wei, en voorwaarts, en achterwaarts, 222 24 | laten leren! Ik ben maar een oude vrouw zonder opleiding, 223 24 | Het is toch waarachtig een schande om mensen te vermoorden, 224 25 | stem en zei: `De oorlog is een onbeschaafdheid als er een 225 25 | een onbeschaafdheid als er een vreedzame buur bij wordt 226 25 | aangevallen, maar hij is een heilige plicht als het vaderland 227 28 | produceren worden onderhouden, een land zouden kunnen bezorgen 228 31 | sleutelgat te houden, in een poging te ontdekken wat 229 32 | Na ongeveer een uur hoorde hij geritsel, 230 32 | die nog gezetter leek in een blauwe kasjmir peignoir, 231 32 | afgezet met wit kant. Ze had een kandelaar in de hand en 232 32 | Maar op dat moment ging een deur aan de zijkant open 233 32 | zijkant open en toen ze na een paar minuten terugkwam liep 234 32 | wat verhieven, kon hij er een paar opvangen. Cornudet 235 33 | bovendien, hier zou het een schande zijn.'~ 236 35 | vaderlandslievende kuisheid van een slet die zich met de vijand 237 36 | van het sleutelgat, maakte een luchtsprongetje in de kamer, 238 36 | levensgezellin rustte, die hij met een kus wekte, mompelend: `Houd 239 37 | zolder had kunnen zijn, een krachtig, monotoon, regelmatig 240 37 | monotoon, regelmatig gesnurk, een diep en langgerekt geluid, 241 37 | geluid, met trillingen als een ketel onder druk. De heer 242 38 | koets, waarvan het dekzeil een dak van sneeuw droeg, stond 243 38 | waste de pui van de kapper. Een derde, bebaard tot zijn 244 38 | tot zijn ogen, troostte een kind dat huilde en wiegde 245 38 | wiegde het op zijn knieën in een poging het te kalmeren. 246 38 | aanlengen, koffie malen. Een van hen deed zelfs de was 247 38 | was van zijn gastvrouw, een sterk verzwakte oude dame.~ 248 39 | maar ze hebben allemaal een vrouw en kinderen in hun 249 41 | sinds die tijd heb ik weer een andere opdracht gekregen.'~ 250 55 | haard van de keuken, waarin een groot vuur brandde. Hij 251 55 | brandde. Hij liet zich daar een cafétafeltje bezorgen met 252 55 | cafétafeltje bezorgen met een fles bier en trok aan zijn 253 55 | Cornudet te dienen. Het was een prachtige pijp van meerschuim, 254 55 | glimmend, gewend aan zijn hand, een aanvulling op zijn uiterlijk. 255 55 | gedronken, ging hij met een tevreden gebaar met zijn 256 55 | aan zijn snor rook, met een randje van schuim eraan.~ 257 56 | Orléans9, het ander aan een onbekende redder, een held 258 56 | aan een onbekende redder, een held die zich zou melden 259 56 | als alles wanhopig was: een Du Guesclin10, een Jeanne 260 56 | was: een Du Guesclin10, een Jeanne d'Arc misschien? 261 56 | d'Arc misschien? Of nog een Napoleon I? Ach, als de 262 57 | ondervraagd, maar hij kon slechts een keer of drie zonder variant 263 61 | schouw zitten en vroeg om een tweede fles.~ 264 62 | officier ze ontving, liggend in een fauteuil, zijn voeten op 265 62 | op de schoorsteenmantel, een lange porseleinen pijp rokend 266 62 | pijp rokend en gehuld in een opzichte kamerjas, ongetwijfeld 267 62 | in de verlaten woning van een of andere burger met slechte 268 62 | ze niet eens aan. Hij was een prachtig voorbeeld van natuurlijke 269 68 | uw opperbevelhebber ons een uitreisvergunning heeft 270 71 | De middag was een ellende. Niemand begreep 271 71 | wilden ze, waarschijnlijker, een flink losgeld vragen? Bij 272 71 | stelde mevrouw Loiseau een partijtje eenendertigen 273 76 | gemene rouwdouwer. Het was een explosie van woede, van 274 76 | alsof van ieder van hen een deel van het offer dat van 275 78 | organiseerden al rokend een partijtje écarté waartoe 276 79 | maar alleen, want ze was een ochtendmens, stond altijd 277 79 | zonsopgang op, terwijl haar man een avondmens was, altijd bereid 278 80 | ochtend vrij vroeg op, in een vage hoop, een nog groter 279 80 | vroeg op, in een vage hoop, een nog groter verlangen ervandoor 280 80 | ervandoor te gaan en angst voor een dag die weer in dat vreselijke 281 82 | triest. Bovendien was er een soort verkoeling jegens 282 82 | ontwaken haar reisgenoten een aangename verrassing te 283 84 | verveelde, stelde de graaf voor een wandeling rond het dorp 284 85 | zo pijnlijk dat elke stap een lijdensweg betekende. Toen 285 86 | de drie mannen volgden een eindje daarachter.~ 286 87 | beleefd, zei dat ze van een vrouw een dergelijk moeilijk 287 87 | zei dat ze van een vrouw een dergelijk moeilijk offer 288 87 | merkte op dat als de Fransen een offensieve tegenactie via 289 91 | hadden het over kleding, maar een zekere gedwongenheid leek 290 94 | getrouwde vrouwen voelden een grote vernedering zo te 291 95 | Fransman was, want hij zou een heel knappe huzaar zijn 292 98 | Er werd een klok geluid. Dat was voor 293 98 | klok geluid. Dat was voor een doopsel. De dikke hoer had 294 98 | doopsel. De dikke hoer had een kind dat bij boeren in Yvetot 295 98 | worden, deed in haar hart een plotselinge, heftige tederheid 296 99 | ondernemen. Loiseau kreeg een idee. Hij was van mening 297 1 | recht niet heeft dat aan de een te weigeren en aan de ander 298 1 | de voorkeur gegeven aan een van ons drieën. Maar nee, 299 2 | De beide dames voelden een rillinkje. De ogen van de 300 2 | begonnen te stralen en ze werd een beetje bleek, alsof ze zich 301 3 | De mannen, die een eindje verderop zaten te 302 3 | ambassadeurs en begiftigd met een diplomatiek uiterlijk, was 303 5 | schandelijkste dingen te verwoorden. Een vreemdeling zou er niets 304 5 | met de sensualiteit van een verfijnde kok die het souper 305 6 | maar zo mooi gezegd dat ze een glimlach tevoorschijn toverden. 306 6 | beurt debiteerde Loiseau een paar straffere schunnigheden 307 6 | waarom zou ze dat dan aan de een weigeren en de ander niet?' 308 6 | minder zou weigeren dan een ander.~ 309 7 | uitgebreid voorbereid, als bij een belegerde vesting. Allemaal 310 9 | Een zo gespannen aandacht had 311 9 | Ze zwegen plotseling en een zekere gêne weerhield ze 312 12 | Vervolgens ontrolde zich een totaal verzonnen geschiedenis, 313 12 | revue, die van hun lichaam een slagveld hadden gemaakt, 314 12 | slagveld hadden gemaakt, een middel om te overheersen, 315 12 | middel om te overheersen, een wapen, die door hun heldhaftige 316 13 | goeden huize die expres een vreselijk besmettelijke 317 13 | fatale afspraak als door een wonder gered door plotseling 318 14 | En dat alles werd op een nette en ingetogen manier 319 15 | in het aardse bestond uit een eeuwig opofferen van haar 320 15 | opofferen van haar persoon, een voortdurende overgave aan 321 17 | wist waarom, alsof ze haar een graadje wilden laten zakken 322 20 | voorbedachten rade, omdat ze een vage behoefte voelde de 323 20 | welzijn van de naaste. Dat was een sterk argument, en de gravin 324 20 | oude non de samenzwering een geweldige steun, of het 325 20 | steun, of het nu kwam door een van die stilzwijgende overeenkomsten, 326 20 | versluierde welwillendheden waarin een ieder met een kerkelijk 327 20 | welwillendheden waarin een ieder met een kerkelijk gewaad aan uitmunt, 328 20 | gemodder, haar leer leek een ijzeren balk, haar geloof 329 20 | legde haar als het ware een stichtelijke omschrijving 330 22 | kunnen twijfelen, mevrouw? Een op zichzelf laakbare daad 331 24 | de non met haar kap sloeg een bres in de verontwaardigde 332 24 | Vervolgens ontspoorde het gesprek een beetje, begon de vrouw met 333 24 | tegengehouden, kon wel eens een groot aantal Fransen sterven, 334 24 | veldtochten bleek ze plotseling een van die nonnen met een broek 335 24 | plotseling een van die nonnen met een broek aan, die leken te 336 24 | te rapen en beter nog dan een commandant met één woord 337 24 | vechtjassen klein te krijgen. Een echte zuster Stavast, wier 338 24 | doorzeefd van talloze gaten, een toonbeeld van verwoesting 339 28 | gravin stelde voor 's middags een wandeling te maken. De graaf 340 29 | gevolg zouden kunnen zijn van een nederlaag van de Pruisische 341 29 | plaats van in te stemmen met een van de diensten die u zo 342 31 | zich erop kunnen beroemen een mooie jongedame te hebben 343 33 | Wat zou ze gaan doen? Wat een ellende als ze zou blijven 344 36 | reisgenoten, maar volstond met een licht hoofdknikje. Meteen 345 36 | hoofdknikje. Meteen ontsnapte er een diepe zucht van opluchting 346 36 | opluchting aan aller borsten en een feeststemming straalde van 347 36 | uit: `Sapperloot! Ik geef een rondje champagne als daar 348 36 | champagne als daar tenminste een fles van in voorraad is.'~ 349 37 | luidruchtig mededeelzaam geworden. Een libertijnse vreugde vulde 350 38 | Plotseling brulde Loiseau, met een benard gezicht en opgeheven 351 41 | Na een kwartier herhaalde hij de 352 41 | putte. Af en toe zette hij een triest gezicht en verzuchtte: ` 353 41 | Pas op, jij schooier van een Pruis!'~ 354 42 | zei hij met trillende stem een paar keer: `Genoeg! Genoeg!', 355 44 | van ernst bewaarde, vond een goed vallende vergelijking 356 44 | vergelijking over het einde van een overwintering aan de pool 357 44 | van schipbreukelingen die een weg naar het zuiden zien 358 45 | hoogte had, stond op met een glas champagne in de hand 359 47 | want dan konden we nog even een quadrille tokkelen.'~ 360 48 | elkaar wilden gaan, tikte een wankele Loiseau hem plotseling 361 49 | Maar Cornudet keek met een ruk op, overzag met een 362 49 | een ruk op, overzag met een stralende doch vernietigende 363 50 | de deur en herhaalde nog een keer: `Dood zouden moeten 364 51 | aanvankelijk enige verkilling. Een stomverbaasde Loiseau bleef 365 51 | Daarop volgde opnieuw een enorme hilariteit. De dames 366 60 | Maar mevrouw Loiseau, die een geboren brandnetel was, 367 60 | man op, dat `die del' van een jongedame Carré-Lamadon 368 60 | avond had zitten lachen als een boer met kiespijn: `Weet 369 60 | je, vrouwen, als het om een uniform gaat, of het nu 370 60 | niets uitmaakt. Het is toch een schande, Here God!'~ 371 61 | het duister van de gang een soort van deining, zachte 372 62 | De volgende dag maakte een heldere, winterse zon de 373 62 | poort te wachten, terwijl een leger witte duiven, zelfingenomen 374 62 | het midden bevlekt door een donker puntje, statig tussen 375 63 | schapenvacht om zich heen, smoorde een pijp op de bok en alle stralende 376 66 | groette haar slechts met een onbeschoft hoofdknikje dat 377 66 | vergezeld deed gaan van een blik vol beledigde onschuld. 378 66 | afstand van haar, alsof ze een infectie tussen haar rokken 379 72 | Zeker, ze is een van mijn vriendinnen.'~ 380 73 | Wat een charmante vrouw!'~ 381 74 | Allerliefst! Een uitgelezen karakter, zeer 382 75 | de ruiten drong af en toe een woord door: `Coupon... vervaldag... 383 76 | afgeveegde tafels, begon een bésigue met zijn vrouw.~ 384 77 | lippen heftig te bewegen, in een steeds hoger tempo, waarbij 385 77 | gemompel verhaastten alsof ze een wedstrijd bidden hielden. 386 77 | hielden. Af en toe kusten ze een penning, om zich dan weer 387 80 | Waarop zijn vrouw een pakje met een touwtje eromheen 388 80 | zijn vrouw een pakje met een touwtje eromheen pakte, 389 80 | eromheen pakte, waar ze een stuk koud kalfsvlees uithaalde. 390 81 | klaargemaakt. Dat was, in een van die lange schalen waarvan 391 81 | schalen waarvan het deksel een haas van porselein voorstelt 392 81 | voorstelt om aan te geven dat er een haas in de vorm van paté 393 81 | fijngehakte vleessoorten. Een mooi stuk Gruyère, in een 394 81 | Een mooi stuk Gruyère, in een krant verpakt, hield `gemengde 395 82 | De beide zusters pakten een stuk worst uit dat naar 396 82 | jas en haalde er met de een vier hardgekookte eieren 397 82 | hardgekookte eieren en met de ander een korst brood uit. Hij pelde 398 83 | doodkalm zaten te eten. Een gewelddadige drift verkrampte 399 83 | ze hun vet te geven met een stroom scheldwoorden die 400 84 | woede week plotseling, als een te strak gespannen touw 401 84 | als druppels water die van een rots sijpelen en vielen 402 84 | strak voor zich uit, met een verstijfd bleek gelaat, 403 85 | waarschuwde haar man met een teken. Hij trok zijn schouders 404 88 | over elkaar, lachte als een man die net op een goede 405 88 | lachte als een man die net op een goede grap is gekomen en 406 89 | gaan janken als honden die een straatorgel horen.~ 407 92 | maar huilen. Af en toe kwam een snik op die ze niet had


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License