Par.
1 3 | over krijgskunst en deden alsof zij als enigen het zieltogende
2 54| pokken toegetakeld gelaat, alsof ze van vlakbij een lading
3 68| Reuzelpotje boog een paar keer alsof ze iets onder haar rokken
4 97| opzij te zien schieten, alsof hij een flinke maar geluidloos
5 0 | stilstond, stapte niemand uit, alsof ze verwachtten bij die gelegenheid
6 19| verscheen ze weer, puffend, rood alsof ze stikte, uitermate geprikkeld.
7 21| te verliezen en zag eruit alsof hij de enige functie vervulde
8 39| geen kwaad en ze werken alsof ze bij die gezinnen horen.
9 55| aanzien stond als hijzelf, alsof ze het vaderland diende
10 76| eensgezindheid in verzet, alsof van ieder van hen een deel
11 2 | ze werd een beetje bleek, alsof ze zich al met geweld door
12 17| iemand eigenlijk wist waarom, alsof ze haar een graadje wilden
13 41| avond nog vaak. Hij deed dan alsof hij iemand op de etage boven
14 42| om eraan toe te voegen, alsof hij het tegen zichzelf had: `
15 65| bloc van haar afwendden, alsof ze haar niet hadden gezien.
16 66| bleven op afstand van haar, alsof ze een infectie tussen haar
17 77| vage gemompel verhaastten alsof ze een wedstrijd bidden
|